Rekenen groep 4.

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Tevredenheids onderzoek Door Lizanne Jespers HBO-V studente Maart 2014
Advertisements

Gecijferdheid Negatieve getallen.
Klik op het plaatje om verder te gaan
WELKOM BIJ DIT SPEL VOOR HET EERSTE!!! DIT GAAT OVER: + en – tot 20 KLIK OP DE MUIS OM DE SPELREGELS TE LEZEN!!!
Cirkels…omtrek en oppervlakte
Leer de namen van de noten 1
foto's door Casper görannsson
Rekenen Cito M5 oefenen.
Rekenen Cito M6 oefenen.
De Slippertjes.
Inkomen les 17 Begrippen & 81 t/ 84
Welk geld zie je hier? Klik op de goede antwoorden!
Leer de namen van de noten 2
inkoopprijs – verkoopprijs winst – verlies
Computerles over Formules en Grafieken
In dit vakje zie je hoeveel je moet betalen. Uit de volgende drie vakjes kan je dan kiezen. Er is er telkens maar eentje juist. Ken je het juiste antwoord,
Breuken-Vereenvoudigen
De tafel van:.
1x5= 2x5= 3x5= 4x5= 5x5= Om te controleren: Ga met je muiswijzer over de som tot het een handje wordt. Klik dan en je ziet het goede antwoord! 6x5= 7x5=
Vergelijkingen oplossen
Voorrangsregels bij rekenen (1)
ECHT ONGELOOFLIJK. Lees alle getallen. langzaam en rij voor rij
Blokkenbouwsels.
1.2 en 1.3 Kevin van Dorssen.
Hoofdstuk 9 havo KWADRATEN EN LETTERS
Hoofdstuk 9 havo KWADRATEN EN LETTERS
“Een dure GSM hebben ze wel, maar hun schoolrekening betalen…”
Danny Schalkwijk R3Ki ( Economie presentatie )
Wat kost 1 hamer?.
Bart en Lisa Oefenen rekenen E4.
Wij oefenen voor Cito Rekenen-Wiskunde E5 Deel 2
Wij oefenen voor Cito Rekenen-Wiskunde E5 Deel 1
Hoeveel ritjes in de botsauto’s
6,50 euro In dit vakje zie je hoeveel je moet betalen.
Familie Tupker Oefenen rekenen E5.
Rekenen groep 4.
Armoede in België Enkele armoedecijfers in het kader van de actie ‘Rode Centjes’.
Vraagstuk: korting ( type 1)
Vraagstukken: intrest
Pizza’s!!!. 16 x 9 of 9 x 16??? Ik heb 16 dozen pizza’s, Elke pizza bestaat uit 9 punten, hoeveel pizzapunten heb ik in totaal? Hoe reken ik dat uit???
§ 2.1 Hoe betaal jij? Als je naar het buitenland gaat, kun je soms met euro’s betalen, soms niet. Voor landen waar vreemde valuta gebruikt worden, moet.
Met gebruik van een verhoudingstabel
De tafel van 4.
Vraagstuk: ongelijke verdeling ( type 1)
Vraag 1: 5x6x9= Vraag 2: De meester koopt 5 schriften. 1 schrift kost 1,20 euro. Hoeveel moet de meester betalen? 6,00 euro 5,80 euro 6,20.
van het vierde leerjaar
Rekenen en wiskunde - Verhoudingen
Dit is een puzzel om uw hersens eens goed te laten werken
Wat kost dat?. Alles heeft zijn prijs... Wat kost dat? Heb jij een bijbaantje?
Rekenen met rente Jnw, september 2015.
J. de Lange ECONOMIE HOE KUN JE DAT NOU MAKEN?. Inventarisatie: Productiefactoren Afschrijving Winstberekening Belangrijk PROGRAMMA:
1. EVEN VOORSTELLEN… LEERDOELEN Je weet wat een bank is en doet. Je kent de (financiële) gevolgen van rood staan, kopen op afbetaling en een lening afsluiten.
Wenboekje Speelzaal De Speelmolen. 1. Welkom op speelzaal de Speelmolen!.
Hallo, ik ben Lina. Vandaag ga ik naar de speelzaal. Ga je met mij mee? Wenboekje Speelzaal Tierelier.
Quiz!. Voorbeeldvraag Hoeveel is 5 x 6? Vraag 1 Ik heb 20 euro. Ik koop stiften van 5 euro. Hoeveel krijg ik terug?
AA - BB.  Jan, Sofie en hun moeder zijn samen 52 jaar oud. De mama is vier keer zo oud als Sofie. En Sofie is 2 jaar ouder dan haar broertje Jan. Hoe.
Toets Introductie Made by: Jasper Luuk en lan. Opdracht 1 hoofdrekenen 1= 5 = 9 = 13 = 2= 6= 10 = 14 = 3= 7 = 11 = 15= 4 = 8 = 12 =
Er zijn 12 paarden. 4 paarden lopen buiten. De andere paarden zijn in het hok. Hoeveel paarden staan in het hok?
Budg€t Fun.
In een speeltuin zijn 44 kinderen aan het spelen.
Oefenen CITO rekenen M6.
twee kinderen maken n sneeuwpop. als er nu zes kinderen zijn?
Rekenen Les 5: vermenigvuldigen en delen Les 6: Afronden met breuken en kommagetallen.
Op sneeuwklas in Zwitserland
Rekenen Les 5: vermenigvuldigen en delen Les 6: Afronden met breuken en kommagetallen.
twee kinderen maken n sneeuwpop. als er nu zes kinderen zijn?
herhalen les 3 voorbeeld toets som camping
waar / niet waar HET IS BELANGRIJK OM VEEL GELD TE VERDIENEN
Transcript van de presentatie:

Rekenen groep 4

Geld

Ik koop het goedkoopste ijsje.

Hoeveel geld krijg ik terug? 32 Ik heb 32 euro. 15 euro 17 euro 7 euro 8 euro 15 euro Hoeveel geld krijg ik terug?

Gelukkig heb ik genoeg geld voor deze jas. 84 Gelukkig heb ik genoeg geld voor deze jas.

Hoeveel moet mama betalen? Entree 4 euro per persoon 8 euro 12 euro 10 euro 4 euro Hoeveel moet mama betalen?

Hoeveel geld kom ik tekort? 18 euro 10 euro 4 euro 6 euro 8 euro Hoeveel geld kom ik tekort?

Hoeveel betaal ik voor dit speelgoed samen? 15 euro 10 euro 20 euro 40 euro 35 euro 50 euro 45 euro Hoeveel betaal ik voor dit speelgoed samen?

Probeer het nog een keer!

Goed gedaan!

Meten

Hoeveel stukjes heeft deze puzzel? 10 12 14 Hoeveel stukjes heeft deze puzzel?

Hoeveel stukjes heeft deze puzzel? 12 14 10 Hoeveel stukjes heeft deze puzzel?

Hoeveel blokken heeft dit gebouw? 19 10 8 9 Hoeveel blokken heeft dit gebouw?

Klaar!

Probeer het nog een keer!

Goed gedaan!