Scheikunde H4 + structuurformules. Fossiele brandstoffen paragraaf 1 Fossiele brandstoffen: ontstaan uit resten van planten en dieren die miljarden jaren.

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Warmte Hoofdstuk 4 Nova Klas 2HV.
Advertisements

Paragraaf 2 van hoofdstuk 2: Warmtebronnen
Warmte Hoofdstuk 4 Nova Klas 2V.
Wijziging planning Vandaag korte uitleg over 3.6/3.7, Powerpoint staat bij downloads. Vandaag zelf practicum 3.10 uitvoeren na uitleg Woensdag SO reactievergelijkingen,
Paragraaf 2 van hoofdstuk 2: Warmtebronnen
Warmtebronnen Als je iets wil verwarmen heb je een warmtebron nodig.
Gemaakt door Noah en Siddhart
Scheikunde 3HV H5 chemische reacties SV
Moleculen en atomen Hoofdstuk 7.
Kenmerken van de aardse atmosfeer
Met deze dia en de volgende kan je laten zien dat lucht vuil of schoon kan zijn
De atmosfeer van de aarde
Energie Fossiele energie.
M.De Vrieze, F.Thomas, B.Teirlynck
Wat is de invloed van de lucht in ons milieu
Luchtvervuiling Emissie uitstoot van gassen in de lucht
5.6 Fotolyse Waterstof: belangrijk voor economie
Het kloppend maken van reactievergelijkingen
Paragraaf 2 van hoofdstuk 2: Warmtebronnen
Meesterproef Scheikunde Koolstofdioxide CO 2 ontstaat bij alle verbrandingen concentratie CO 2 sinds Industriële Revolutie toegenomen van 0,032%
Marskolonisatie Sociaal Groen Chemie Techniek
Hoofdstuk 4 en 5 Nova Scheikunde 3hv
4T Nask1 2.1 Brandstoffen verwarmen
Oh, grote wereldbol !.
3.2 Volledige en onvolledige verbranding
H 2 Bronnen van energie.
Thema 3 Ademhaling Nieuwe groepjes.
Verbranding Verbranding is een proces waarbij energie vrijkomt.
Fossiele brandstoffen
2 vmbo-T/havo 5 draagkracht, §2 en 3
Hoofdstuk 2 Aarde § 2 Planeet Aarde.
Zwijsen College Test jezelf Pulsar Chemie Hfdst 5. Hoofdstuk: Verbrandingen. Klik telkens op de driehoek om verder te gaan! Zet deze toetspresentatie.
Stofwisseling Thema 1.
Koolstofchemie AARDOLIE.
De lucht De lucht (een mengeling van vooral stikstof, kooldioxide en zuurstof) raakt vervuild door uitstoot van gassen.
Deel 2 Atmosfeer Deze Powerpoints wordt gebruikt als didactisch materiaal voor de navorming “Wegwijzers voor aardrijkskunde” – Eekhoutcentrum - Kulak en.
Leskaart fotosynthese en verbranding Leskaart broeikaseffect
Deel 2 Atmosfeer Deze Powerpoints wordt gebruikt als didactisch materiaal voor de navorming “Wegwijzers voor aardrijkskunde” – Eekhoutcentrum - Kulak en.
Deel 2 Atmosfeer Deze Powerpoints wordt gebruikt als didactisch materiaal voor de navorming “Wegwijzers voor aardrijkskunde” – Eekhoutcentrum - Kulak en.
AARDE 3/4 vmbo 4 Weer en klimaat § 2-4. Het weer Weer Atmosfeer Toestand van de atmosfeer op een bepaald moment op een bepaalde plaats Luchtlaag die om.
Thema Biosfeer Paragraaf 2 HET BROEIKASEFFECT.
Thema planten - Les Fotosynthese -
3.5 van reactieschema naar Reactievergelijking
8.8 Verbrandingsreacties
Thema 9 Milieu.
De koolstofkringloop is de bekendste
Trailer 'dansen op de vulkaan'
Bronnen van energie Hfd 1: Energie in Nederland
Koolstofkringloop CO2 → ↑ ↓ ←.
Thema 9 Milieu.
Bs. 1 stoffen worden omgezet (stofwisseling )
Materie Stof, stof of stof?.
Herhalingspowerpoint bs 2 t/m 4
Verbranding en ademhaling
Stofwisseling 4 VMBO KGT.
Voorbereiding op de biologie toets
Brandstoffen verbranden
Eiwitten op je bordje Context 2.
Brandstoffen verbranden
Paragraaf 1 Wat is verbranding?.
Hoofdstuk 2 Natuur en milieu
Duurzaamheid C en D Hoofdstuk 3 Planet.
Havo 5 Stofwisseling: Koolstofkringloop
Transcript van de presentatie:

Scheikunde H4 + structuurformules

Fossiele brandstoffen paragraaf 1 Fossiele brandstoffen: ontstaan uit resten van planten en dieren die miljarden jaren geleden leefden. Door de druk van de aardkorst zijn deze samengeperst. Fossiele brandstoffen: -Steenkool: voornamelijk C ook S -Aardolie: vloeibaar mengsel voornamelijk C x H y -Aardgas: alleen maar CH 4 + N 2 Probleem + O 2 SO 2 / SO 3 H 2 SO 4 + H 2 O Zwavelzuur

Steenkool Bij WOII een belangrijke brandstof voor huishoudens, industrie en vervoer. Afkomstig van afgestorven planten Reactieschema: koolstof + zuurstof  koolstofdioxide Reactievergelijking: C(s) + O 2 (g)  CO 2 (g) Gevaarlijke stoffen die vrij komen bij verbranding: zwavel en stikstofdioxide  zwaveldioxide, stikstofmono-oxide, stikstofdioxide, rook en as (veel vaste deeltjes)

Aardgas Meeste huishoudens in Nederland draaien op aardgas Bestaat voornamelijk uit methaangas (CH 4 ) en stikstofgas Methaan: -brandbare bestanddeel van dit mengsel -Kleurloos -Reukloos Ook stikstofgas is kleurloos en reukloos Gasbedrijf voegt reukstof toe, als je bijvoorbeeld bij een gaslek iets ruikt

Aardgas Reactieschema: methaangas + zuurstofgas  koolstofdioxide + waterdamp Reactievergelijking: CH 4 (g) + 2 O 2 (g)  CO 2 (g) + 2 H 2 O(g)

(On)volledige verbranding

Aardolie Paragraaf 2 Fossiele brandstof Mengsel van veel stoffen voornamelijk koolwaterstoffen Met aardolie kan je verschillende dingen maken, maar dat moet je eerst bewerken Hiervoor heb je de destillatietoren (bestaat uit 7 fracties (delen)) De vluchtige stoffen condenseren boven in de destillatietoren Gecondenseerde stoffen worden in schotels opgevangen Onder in de toren blijft het residu zitten

Zwaveldioxide Ontstaat als aardolie onvoldoende wordt gezuiverd  Ontstaat: water, koolstofdioxide en zwaveldioxidegas Zwaveldioxide: -Wordt gevormd als je zwavel verbrandt -Het is kleurloos -Reukloos -Giftig gas

Zwaveldioxide : Ontstaan zure regen SO 2 (g) komt in de lucht  reageert met O 2 en H 2 O tot zwavelzuur Dit komt in opgeloste vorm als neerslag op aarde Dit is zure regen: -Bodem en oppervlaktes verzuren door deze regen -Installaties worden door zure regen aangetast

Stikstofdioxide Uitlaatgassen van een auto: -Waterdamp en Koolstofdioxidegas -Koolstofmono-oxide (ontstaan door onvolledige verbranding) In de motor: -Stikstofdioxiden (uit zuurstofgas en stikstofgas) Vormen salpeterzuur als ze in de lucht komen  komt uiteindelijk weer als zure regen In de auto  naverbranders (grootste deel van schadelijke stoffen in niet- of minder schadelijke stoffen als CO 2, H 2 O en N 2 )  katalysators Auto’s blijven belangrijke luchtverontreinigers

Verbranden paragraaf 3 Verbrandingsreacties: -Ontstaan oxides (verbindingen van zuurstof en een andere atoomsoort) -Brandstof 1 atoomsoort  1 oxide Bijvoorbeeld: Waterstofgas + zuurstofgas  water H 2 O (g) + O 2 (g)  H 2 O(l) Hoe toon je verbrandingsproducten aan?: -Waterdamp  condenseren -Water aantonen  reagens  je voert een herkenningsreactie uit

De samenstelling van lucht KEN DEZE AFBEELDING!!!! Lucht= stikstof (78%) + zuurstof (21%) + argon (1%) Aantoningsreactie: -CO 2  kalkwater  helder -troebel -H 2 O  custard  wit – geel wit kopersulfaat  wit – blauw - SO 2  joodwater  bruin – kleurloos

Luchtverontreiniging Door de aanwezigheid van vervuilde verbrandingsgassen in de lucht, zoals SO 2, NO x en koolwaterstoffen, kan smogvorming optreden Smog: Is een samenvoeging van de Engelse woorden smoke en fog, rook en mist. Treedt met name op bij warme en windstille dagen.

Fossiele brandstoffen en het broeikaseffect Natuurlijk broeikaseffect: 1.Er komt zonlicht op de aarde. De oppervlakte wordt opgewarmd en kaatst terug de atmosfeer in. 2. Dan komt er warmte die terugkaatst van de aarde. 3. CO 2 houdt warmte tegen en kaatst het terug naar de aarde. (Komt door de natuur ) Versterkt broeikaseffect: Door de mensen komt er een te grote hoeveelheid CO 2 in de atmosfeer. Er wordt dus meer warmte vastgehouden waardoor de temperatuur op aarde stijgt. (Komt dus door de mens) Licht atmosfeer warmte CO Nadelen versterkt broeikaseffect: Temperatuur stijgt op aarde Hierdoor smelt ijs op de zuidpool. Die zorgt voor stijging van de zeespiegel

Snelle verbranding (vuur). En hoe blus je het? Voor het maken van vuur heb je het volgende nodig: -Brandstof -Zuurstof -Ontbrandingstemperatuur (de laagste temperatuur waarbij een stof gaat branden) Voor het blussen van vuur doe je het volgende: -De brandstof weghalen -De aanvoer van lucht onmogelijk maken -De brandende ‘materialen’ afkoelen tot onder de ontbrandingstemperatuur

Schoorsteenbrand Brandstof : hout  verbranding is meestal onvolledig Doordat het een onvolledige verbranding is ontstaat: -Roet -Teer Die aanslag kan gaan branden bij de hoge temperatuur die in de schoorsteen heerst. Je schoorsteen brandt uit  schoorsteenbrand

Langzame verbranding paragraaf 4 Fotosynthese: planten maken van koolstofdioxidegas en water door middel van zonlicht zuurstof en glucose. Reactieschema: koolstofdioxide + water  glucose + zuurstof Reactievergelijking: 6 CO 2 (g) + 6 H 2 O(l)  C 6 H 12 O 6 (s) + 6 O 2 (g) Voor mensen geldt dit precies anders om: glucose + zuurstof  koolstofdioxide + water Al het leven is afhankelijk van dit fotosynthese-proces zonlicht

Langzame verbranding Ons lichaam: -Haalt energie uit voedsel (vetten, koolhydraten) -Zuurstof adem je heel de tijd in en wordt door hemoglobine via je bloed door je lichaamscellen getransporteerd -Je lichaam gebruikt geen hoge temperaturen voor verbranding -Er worden verschillende stappen gedaan -En dit noemt men nou langzame verbranding

Koolstof(dioxide)kringloop

Biobrandstoffen Biobrandstoffen: -zijn brandstoffen uit plantenresten -Bij verbranding komt ook CO 2 vrij in de lucht -Die CO 2 is echter tijdens het groeien van de planten uit de lucht opgenomen, dus ontstaat er geen extra koolstofdioxide Brandstoffen: -Zijn stoffen zoals fossiele brandstoffen -Maar nu komt er wel meer CO 2 in de lucht aangezien het niet kan compenseren met het groeien van planten. Biobrandstoffen zijn daarom dus beter, omdat er dus hetzelfde aantal CO 2 in de lucht is. Zowel voor als na de verbranding.

Structuurformules Niet metalen vormen bindingen Aantal bindingen= aantal stapjes dichtstbijzijnde edelgas. Bijvoorbeeld: -Molecuulformule: CH 4 C HH HH