De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

EERSTE HULP AAN KINDEREN. Het kind en zijn omgeving Wat zijn de verschillen? ZuigelingPeuter - Kleuter> 5 jaar Hoofd 18%Hoofd 14%Hoofd 9% - 14% < 6 maanden.

Verwante presentaties


Presentatie over: "EERSTE HULP AAN KINDEREN. Het kind en zijn omgeving Wat zijn de verschillen? ZuigelingPeuter - Kleuter> 5 jaar Hoofd 18%Hoofd 14%Hoofd 9% - 14% < 6 maanden."— Transcript van de presentatie:

1 EERSTE HULP AAN KINDEREN

2 Het kind en zijn omgeving Wat zijn de verschillen? ZuigelingPeuter - Kleuter> 5 jaar Hoofd 18%Hoofd 14%Hoofd 9% - 14% < 6 maanden neusademhaling Frequentie per minuut Buikademhaling Neus- en mondademhaling Frequentie per minuut Borst- en buikademhaling Neus- en mondademhaling Frequentie per minuut Borst- en buikademhaling Hartfrequentie is per minuut Hartfrequentie is per minuut Hartfrequentie per minuut Bloeddruk is laag (80/45)Bloeddruk wordt hogerNormale waarde voor een kind (105/60) Niet zindelijk-luierdragendGaat zindelijk wordenzindelijk Grove motoriek Fijne motoriek

3 Ongevallen waarmee de zuigeling te maken kan krijgen 5-6 maanden: -Val van tafel, bed, commode, uit Maxi Cosi -Verslikken 7-9 maanden: -omvallen, val van kinderstoel -Verbranden aan hete vloeistoffen of hete voorwerpen -Botsen of stoten tegen meubels en dergelijke maanden: -Inslikken van medicijnen, huishoudmiddelen, giftige planten -Verbranden aan hete vloeistoffen of hete voorwerpen -Snijden of prikken aan een scherp voorwerp -Verdrinking in bad

4 Ongevallen waarmee de peuter - kleuter te maken kan krijgen 18 maanden: -Inslikken gevaarlijke stoffen -Verbranden -Te water raken in sloot, vijver bij huis -Val van stoep, trap en dergelijke -Val uit raam 2 jaar: (alles wat hierboven staat) -Elektrische stroom -Snijden aan messen, gereedschap, speelgoed, glas en dergelijke -Vallen van fiets en dergelijke 4-5 jaar: (alles wat hierboven staat) -Vallen van grotere hoogte -Te water raken ook verder van huis -Verbranden aan vuur -Bekneld raken

5 Ongevallen waarmee het kind op schoolleeftijd te maken kan krijgen -Vallen met sport en spel -Vallen en bekneld raken met de fiets -Letsels bij imitatie van tv/video/games -Snijden, prikken -Verbranding aan vuur -Verkeersongevallen

6 Vijf belangrijke punten 1.Let op gevaar 2.Ga na wat er is gebeurd en daarna wat het kind mankeert vraag het kind (als dit mogelijk is) wat er is gebeurd kijk wat je kunt opmaken uit de situatie zelf, de krachten waaraan het kind blootgesteld is kijk eerst of de 3 vitale functies in orde zijn en of er geen ernstige bloedingen zijn. Onderzoek daarna pas of het kind plaatselijk letsel heeft 3.Stel het kind gerust en zorg voor beschutting spreek kalm, vriendelijk en rustig in een voor het kind begrijpelijke taal eerlijk zijn wil niet zeggen dat je alles moet vertellen, maar dat datgene wat je vertelt wel waar is geef het kind het gevoel dat het in goede handen is veel bloed is beangstigend, dek wonden snel af

7 Vijf belangrijke punten (vervolg) 4.Zorg voor professionele hulp Vergeet bij een melding aan 112 niet te vermelden dat het een kind betreft Bij verslechtering van de toestand van het kind altijd 112 terugbellen 5.Help het kind op de plaats waar hij ligt of zit - Noodvervoersgreep van Rautek - Verplaats het kind zo horizontaal mogelijk

8 Kinderziekten en verschijnselen ALGEMEEN Kinderziekten zijn het gevolg van een besmetting met een virus of een bacterie. Infecties met bacteriën kunnen worden behandeld met medicijnen. Tegen virussen bestaan geen geneesmiddelen, maar er kan wel worden ingeënt met een vaccin. Kinderziekten kunnen erg besmettelijk zijn. De besmetting vindt meestal plaats door de lucht, maar soms ook door aanraken. Kinderziekten kunnen soms ernstige problemen veroorzaken bij volwassenen, die de ziekte nog niet hebben gehad.

9 Bacteriële kinderziekten Kinkhoest -Loopneus -Hoesten -Lichte temperatuurverhoging -Na enige tijd: ‘s avonds hoestbuien -Na enige tijd: inademing is met een lang gierend geluid -Kind kan hevig benauwd zijn -Kind kan soms braken -Er kan taai wit slijm opgehoest worden -Het kind voelt zicht niet ziek tussen de aanvallen -Hoestdrankjes helpen niet

10 Bacteriële kinderziekten Roodvonk -Geeft snel koorts -Hevige keelpijn -Hoofdpijn -Pijnlijke keelamandelen en halsklieren -Soms: braken -Soms: stuipen -Soms: aardbeientong (donkerrode vlekjes op tong en gehemelte) -Uitslag breidt zicht uit over het lichaam, niet rond de mond -Klachten verdwijnen na één week, na enige tijd vervellen handpalmen en voetzolen

11 Bacteriële kinderziekten Hersenvliesontsteking -Acuut ziek met hoge koorts -Nekstijfheid -Slecht drinken -Klagelijk of schril huilen -Grauw zien -Sufheid -Stuipen en braken -Hoofdpijn -Lichtschuw -Later: puntvormige huidbloedingen die niet weg te drukken zijn

12 Virale kinderziekten Bof -Geen eetlust -Pijn bij het kauwen -Hoofdpijn -Buikpijn -Lichte koorts -Zwelling van één oorspeekselklier

13 Virale kinderziekten Rode hond -Licht verkouden -Mogelijk vergrote lymfeklieren achter de oren en in de nek -Soms: koorts -Soms: keel en gehemelte rood -Later: rode plekjes op het gezicht, die zich binnen een paar uur over het lichaam verspreiden. De vlekjes verdwijnen na enkele dagen

14 Virale kinderziekten Waterpokken -Vlekjes over het lichaam, soms in de mond -Na enkele dagen gaan de vlekjes over in blaasjes -Het kind kan koorts en jeuk hebben -Het kind voelt zich doorgaans niet ziek

15 Virale kinderziekten Mazelen -Hoge koorts -Pijnlijke hoest -Ontstoken ogen -Loopneus -Binnen enkele dagen zijn er witte vlekjes met een rode rand aan de binnenzijde van de wang en een uitslag met blaasjes over het hele lichaam -Middenoorontsteking, longontsteking en hersenvliesontsteking kunnen bij mazelen voorkomen. -Mazelen kunnen een dodelijke afloop hebben

16 Virale kinderziekten Vijfde ziekte -Felrode bultjes op de wangen -Breidt zich in kleine en grote vlekjes vervolgens uit over het lichaam -Meestal heeft het kind koorts -De roodheid kan wegtrekken en een paar uur later weer terugkomen

17 Virale kinderziekten Zesde ziekte -Koorts die enkele dagen kan duren -Een op mazelen lijkende, niet jeukende uitslag verspreidt zich op romp en gezicht -Vaak heeft het kind gezwollen klieren in de hals en op het achterhoofd

18 Ziekteverschijnselen Koorts We spreken van koorts bij een temperatuur > 38⁰C We spreken van hoge koorts bij een temperatuur > 40⁰C -Het kind voelt warm aan -Het kind zweet -Het kind klappertandt soms -Het kind klaagt vaak over pijn in het hoofd Doen: -Leg het kind in een comfortabele positie -Leg een koude, natte washand op het voorhoofd -Zorg voor voldoende drinken

19 Ziekteverschijnselen Misselijkheid, braken -Soms: buikpijn -Soms: lichte koorts Doen: -Leg het kind in een comfortabele positie en geef rust -Bij braken zet het kind met de knieën op de grond met een bakje binnen handbereik. Na het braken de mond laten spoelen. -Zorg voor voldoende drinken (LET OP UITDROGING) Als er bloed in het braaksel zit, of als het zwart en korrelig is, wijst dit op een bloeding vanuit de maag. Bel dan 112

20 Ziekteverschijnselen Middenoorontsteking -Hevige oorpijn -Soms: etterige substantie en bloederig vocht uit een oor -Soms: koorts Doen: -Leg het kind in een comfortabele positie en geef rust -Een warm kussen kan de pijn verzachten -Neusdruppels kunnen de zwelling van het neusslijmvlies verminderen waardoor de buis van Eustachius het ontstekingsvocht kan laten wegvloeien Als er bloed in het braaksel zit, of als het zwart en korrelig is, wijst dit op een bloeding vanuit de maag. Bel dan 112

21 Ziekteverschijnselen Hoofdluis -Jeuk op het hoofd Doen: -Natkammethode met een netenkam (geen luizen- of stofkam) -Lotion of shampoo die het zenuwstelsel van de luist aantast -Gebruik geen gemeenschappelijke kleding, beddengoed etc. -Wees open over een besmetting en waarschuw bij schoolgaande kinderen direct de schoolleiding

22 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Flauwte: Jonge kinderen vallen bijna nooit flauw Dat komt eigenlijk pas voor bij kinderen vanaf 6 jaar Koortsstuipen: Ontstaat als reactie op een snelle stijging van de lichaamstemperatuur -Het kind maakt schokkende bewegingen met de armen en/of benen of met het gehele lichaam -Het kind kwijlt en rolt met de ogen -Het kind trekt wit weg en is niet aanspreekbaar Doen: -Zorg ervoor dat het kind zichzelf niet kan bezeren (evt. kussen onder het hoofd) -Observeer de ademhaling -Bel 112 -Leg het kind na de stuip in de stabiele zijligging

23 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Verslikking bij een zuigeling

24 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Verslikking bij een kind > 1 jaar Geef eerst 5 slagen tussen de schouderbladen (ondersteun daarbij met je ene hand de borstkas. Daarna Heimlich (zorg dat het kind iets voorovergebogen is).

25 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie baby -Schud voorzichtig aan de schouders -Roep om hulp

26 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie baby -Open luchtweg en controleer ademhaling -Laat 112 bellen (+ AED)

27 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie baby -Leg het hoofd in de neutrale stand -Plaats lippen rond mond en neus -Geef 5 beademingen

28 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie baby -Plaats de toppen van uw wijs- en middelvinger in het midden van het borstbeen -Druk de borstkas minstens een derde van de diepte van de borstkas naar beneden

29 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie baby -Geef 2 beademingen

30 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie baby -Wissel af 15 massages : 2 beademingen 152

31 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie kind > 1 jaar -Schud voorzichtig aan de schouders -Roep om hulp

32 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie kind > 1 jaar -Open luchtweg en controleer ademhaling -Laat 112 bellen (+ AED)

33 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie kind > 1 jaar -Kantel het hoofd licht -Plaats lippen rond de mond -Geef 5 beademingen

34 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie kind > 1 jaar -Plaats de hiel van de masserende hand in het midden van de borstkas -Druk de borstkas ongeveer een derde van de diepte van de borstkas naar beneden -Houd met de andere hand de vingers omhoog

35 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie kind > 1 jaar -Geef 2 beademingen

36 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Reanimatie kind > 1 jaar -Wissel af 15 massages : 2 beademingen 152

37 BEL 112 -Als u alleen bent, na 1 minuut reanimatie -Zeg dat het om een reanimatie bij een baby/kind gaat -Ga verder met reanimeren Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld

38 Milde luchtwegbelemmering (effectieve hoest) Beoordeel ernst Ernstige luchtwegbelemmering (Niet-effectieve hoest) Moedig aan tot hoesten Controleer regelmatig: -of de belemmering opgeheven is - of de belemmering ernstig wordt Bij bewustzijn 5 slagen op de rug < 1 jaar 5 borstcompressies > 1 jaar 5 buikstoten Bewusteloos Bel 112 Open luchtweg 5 beademingen Start Basale reanimatie

39 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Oorzaken reanimatie zuigeling: Infecties, voornamelijk van de luchtwegen Wiegendood Oorzaken reanimatie kind: Infecties, voornamelijk van de luchtwegen Verdrinking Vreemd voorwerp in de keel/verslikking/verstikking Oorzaken reanimatie ouder kind: trauma

40 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld De prognoses bij een kinderreanimatie zijn erg slecht. 67% van de gevallen betreft het een a-systolie ten gevolge van een stoornis in de ademhaling (bij volwassenen is dit 10%) 24% van de gevallen betreft het een ander probleem (PEA = polsloze elektrische activiteit) 9% van de gevallen betreft het een ventrikelfibrilatie ten gevolg van een direct hartprobleem. Bij deze groep kan een AED effect hebben. (volwassenen 80%) Van alle reanimatie overleeft 10% (volwassenen 20%) van de kinderen dus 90% sterft Van deze 10% (20%) heeft 60% (volwassenen 89%) een goed vooruitzicht op een volwaardig leven 40% (volwassenen 11%) heeft een slecht vooruitzicht en zal in meer of mindere mate verstandelijk en/of lichamelijk beperkt zijn

41 Stoornissen in de vitale functies Alleen de verschillen worden behandeld Bij de volgende situaties is de eerste hulp gelijk aan die van volwassenen. Houd alleen rekening met de grootte van de verbandmaterialen!!!! Ernstige bloedingen Shock

42 Overige letsels Alleen de verschillen worden behandeld Bij de volgende situaties is de eerste hulp gelijk aan die van volwassenen. Houd alleen rekening met de grootte van de verbandmaterialen!!!! Uitwendige wonden -Kleine wonden -Grote wonden -Schaafwonden -Snijwonden -Bijt-, scheur- en krabwonden -Brandwonden (let op de regel van 9)

43 Overige letsels Alleen de verschillen worden behandeld (vervolg) Elektriciteitsletsels Kneuzing en verstuiking Botbreuken en ontwrichtingen -Wervelletsel -Botbreuk -Ontwrichting Letsels van oog, neus en oor Tandletsel Temperatuurletsels Vergiftiging Steken en beten

44 En nu……… De prakijk Maak kennis met onze lotuskinderen

45 Kindermishandeling Er worden 5 vormen van kindermishandeling onderscheiden: -Lichamelijke mishandeling -Psychische mishandeling -Lichamelijke verwaarlozing -Psychische verwaarlozing -Seksueel misbruik Enkele mogelijke gedragssignalen bij kinderen zijn: -Agressief gedrag -Zich terugtrekken -Concentratiestoornissen -Seksueel uitdagend gedrag -Angst voor (bepaalde) volwassenen Enkele mogelijke gedragssignalen bij de ouders zijn: -Vreemde verklaringen geven voor lichamelijk letsel -Nauwelijks belangstelling tonen voor de schoolprestaties -Kinderen regelmatig thuishouden van school, kinderdagverblijf of peuterspeelzaal

46 Kindermishandeling Je krijgt een aantal voorbeelden. Is dit kindermishandeling? a.een kind heeft een brandwond op de arm. Het is een 1 e en 2 e graads brandwond. De wond ziet er regelmatig uit. b.een kind heeft diverse blauwe plekken op onderarmen en onderbenen. c.een kind geeft aan honger te hebben en zegt dat hij/zij nooit ontbijt. d.een kind ziet er onverzorgd uit en stinkt. e.een kind geeft aan te moeten zorgen voor een ouder die ziek is f.een kind heeft thuis gezien dat zijn broer en zijn vader samen vechten g.een Marokkaans meisje is op vakantie in Marokko getrouwd met een man die ze alleen kende van foto’s maar voor haar voorbestemd is h.een kind is verlegen en kijkt je niet aan als je tegen hem/haar praat i.een kind laat merken thuis wel eens een pornofilm te hebben gezien j.een kind heeft blauwe plekken in het gezicht k.een kind heeft blauwe plekken op de romp

47 NOG VRAGEN???? EINDE


Download ppt "EERSTE HULP AAN KINDEREN. Het kind en zijn omgeving Wat zijn de verschillen? ZuigelingPeuter - Kleuter> 5 jaar Hoofd 18%Hoofd 14%Hoofd 9% - 14% < 6 maanden."

Verwante presentaties


Ads door Google