De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

18 maart 2014 – Romy Remijnse Heggemus – huismus - boompieper.

Verwante presentaties


Presentatie over: "18 maart 2014 – Romy Remijnse Heggemus – huismus - boompieper."— Transcript van de presentatie:

1

2 18 maart 2014 – Romy Remijnse Heggemus – huismus - boompieper

3  Kenmerken  14 tot 15 cm groot, spanwijdte 20 tot 21 cm.  Ze hebben een blauw-grijze kop en borst. En ze hebben bruine strepen en vlekken op hun rug.  Zwarte iris.  De dunne zwarte snavel onderscheidt ze van gorzen en mussen.  Opvallend: is dat de heggemus geen familie is van de mus.

4  Leefgewoonten  ‘S zomers eten ze voornamelijk insecten en in de winter eten ze vooral zaden en bessen.  Heggemussen zijn heel schuw en laten zich niet vaak zien.  2 tot 3 legsels per jaar, het legsel bestaat uit 4 tot 5 eieren.  Het nestje zit goed verstopt tussen lage, dichte struiken en is gemaakt van stukjes mos, gras, haar en takjes.  Opvallend is dat de eitjes een felle blauwe kleur hebben.

5  Leefomgeving & Verspreiding  Ze komen voor in bosrijke gebieden, maar ook in parken en tuinen als er maar voldoende beschutting is.  Vaak zitten ze in dichte struiken en heggen waar ze zo stil mogelijk opzoek gaan naar voedsel.  – broedparen in Nederland.  De heggemus komt in Nederland voor als een standvogel. ‘S winters overwinteren er veel heggemussen die vanuit het hoge noorden zijn kunnen overvliegen.

6  Kenmerken  Ze zijn cm groot  Mannetje: grijze wangen en gruis onderlichaam, zwarte bef en borst die per individu verschilt van grootte. En ze hebben en grijspetje met roodbruine zijden. Donker grijze kegelvormige snavel.  Vrouwtje: doffer uiterlijk dan het mannetje en een vrij egale koptekening. Lichtere en geligere kleur snavel dan die van het mannetje.  Allebei hebben ze een zwarte iris.

7  Leefgewoonten  Voeden zich met insecten, zaden, brood, bessen, pinda’s en vetbollen.  Ze zoeken hun voedsel vooral op de grond.  2 tot 3 legsels per jaar, het legsel bestaat uit 4 tot 6 eieren.  Het nestje maken ze in holtes van bomen, onder dakpannen of in gaten en kieren van gebouwen. Het nestje bestaat uit takjes, stro veertjes en hondenharen.  In Nederland komen de huismussen als een standvogel.

8  Leefomgeving & Verspreiding  Ze komen voor in akkers, parken en tuinen, weilanden en in steden.  De mussen houden van rommelige menselijke omgevingen omdat er vaak veel voedsel te vinden is.  Door dat het aantal mussen sterk is afgenomen in de jaren 80 is de huismus nu te vinden op de rode lijst.  broedparen in nederland (in )

9  Kenmerken  14 tot 16 cm lang, 25 tot 27 cm spanwijdte.  De zangvlucht van de boompieper is heel erg herkenbaar.  Zwarte iris  Roze poten met aan de achterkant een sterk gekromde nagel.  Olijfgroen- grijs getint bovenkleed met streepjes en vlekjes, en hebben een wit onderkleed. Ze hebben een dunne spitse snavel.

10  Leefgewoonten  Ze voeden zich met insecten die ze laag op de grond zoeken.  1 tot 2 legsel per jaar, met 4-6 eieren.  Nest is gemaakt uit takjes.  Vanuit een boom vliegt hij eerst omhoog om zich daarna als een parachute weer naar beneden te laten vallen en met stijve vleugels en hangende poten in de boom te landen.

11  Leefomgeving & Verspreiding  Ze komen voor in bossen, op de heide en in moerassen.  Broedt op de grond, waar het nestje goed verscholen is tussen de vegetatie.  Er zijn ongeveer tot broedparen in Nederland.  Langs rivieren en wateren zijn veel minder boompiepers te vinden van in andere gebieden.


Download ppt "18 maart 2014 – Romy Remijnse Heggemus – huismus - boompieper."

Verwante presentaties


Ads door Google