De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Hoofdstuk 1 Vermogensvorming Beleggingsleer Siem de Ruijter Jan Van Doorslaer.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Hoofdstuk 1 Vermogensvorming Beleggingsleer Siem de Ruijter Jan Van Doorslaer."— Transcript van de presentatie:

1 Hoofdstuk 1 Vermogensvorming Beleggingsleer Siem de Ruijter Jan Van Doorslaer

2 Sparen en beleggen Inkomen – Consumeren – Sparen Onder matras steken Beleggen Bedoeling van beleggen – Extra inkomen – Vermogensgroei Risico © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer2

3 Sparen en beleggen Oefening p. 17 Gaat het bij de onderstaande acties om beleggen of speculeren? Een aandeel kopen dat aangeraden is door een vriend. Hij heeft zelf net een pakket aandelen gekocht en zegt dat ze gaan stijgen. Aandelen kopen van een bedrijf, na uitvoerig de activiteiten en de cijfers van het bedrijf te hebben bestudeerd. Spelen met de lotto. Aandelen van een bedrijf kopen, omdat u denkt dat het overgenomen gaat worden. © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer3

4 Beoordelingscriteria van beleggingsvormen Veiligheid Liquiditeit Return Fiscaliteit Kosten van de beleggingsvorm © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer4

5 Beoordelingscriteria van beleggingsvormen Veiligheid Liquiditeit Return Fiscaliteit Kosten van de beleggingsvorm © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer5

6 Veiligheid Welk risico neemt belegger? Spaarrekening aandelen Risico – Onzekerheid – Wil daarvoor compensatie: risicopremie – Ik heb aandelen – onderneming gaat failliet © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer6

7 Veiligheid © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer7

8 Soorten risico’s Koersrisico Debiteurenrisico Renterisico Valutarisico Inflatierisico © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer8

9 Koersrisico Wat is toekomstige waarde? – Spaarrekening – Aandelen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer9

10 Debiteurenrisico Uitgever komt afspraken niet (tijdig) na – Rentebetaling – Terugbetaling kapitaal Obligaties – Bedrijven – Staat © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer10

11 Extra info (zie hoofdstuk obligaties) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer11 S & PMoody'sFitch Investment gradeAAAAaaAAA AA+Aa1AA+ AAAa2AA AA-Aa3AA- A+A1A+ AA2A A-A3A- BBB+Baa1BBB+ BBBBaa2BBB BBB-Baa3BBB- Speculate gradeBB+Ba1BB+ BBBa2BB BB-Ba3BB- B+B1B+ BB2B B-B3B- CCC+Caa1CCC+ CCCCaa2CCC CCC-Caa3CCC- CCCaCC CCC DN/AD

12 Extra info (zie hoofdstuk obligaties) AAAzeer sterke capaciteit om de financiële verbintenissen na te komen. Highest Rating. Hoogste waardering of uitzonderlijke kwaliteit AAzeer sterke capaciteit om aan de financiële verplichtingen te voldoen Asterke capaciteit om aan de financiële verplichtingen te voldoen, maar enigszins gevoelig voor ongunstige economische omstandigheden en veranderingen in de omstandigheden BBBvoldoende capaciteit om de financiële verplichtingen te voldoen, maar meer onderhevig aan ongunstige economische voorwaarden BBB-beschouwd als laagste investment grade door de marktdeelnemers BB+beschouwd als hoogste speculatief door de marktdeelnemers BBminder kwetsbaar op korte termijn, maar geconfronteerd met grote onzekerheden om aan negatief lopende zakelijke, financiële en economische omstandigheden te voldoen op lange termijn Bmeer kwetsbaar voor ongunstige zakelijke, financiële en economische omstandigheden, maar op dit moment is de capaciteit nog aanwezig om aan financiële verplichtingen te voldoen CCCkwetsbaar en afhankelijk van gunstige zakelijke, financiële en economische voorwaarden om aan de financiële verplichtingen te voldoen CCzeer kwetsbaar Cop dit moment zeer kwetsbaar voor omschreven verplichtingen en andere omstandigheden; er worden geen intresten meer betaald op lopende schulden Dwanbetalingen op financiële toezeggingen; alle betalingen zijn gestaakt © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer12

13 Extra info (zie hoofdstuk obligaties) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer13

14 Renterisico Vaste rente (bv. kasbon) – + bij dalende rente – - bij stijgende rente Variabele rente (bv. spaarrekening) – - bij dalende rente – + bij stijgende rente Rente heeft ook invloed op koersen obligaties – rente stijgt => koersen obligaties dalen – rente daalt => koersen obligaties stijgen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer14

15 Valutarisico Voorbeeld: USD – Koers kan stijgen – Koers kan dalen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer15

16 07/08/12 : 1 EUR = 1,24 USD © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer16

17 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer17

18 07/08/12 : 1 EUR = 1,24 USD © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer18

19 07/08/12 : 1 EUR = 1,24 USD © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer19

20 Het inflatierisico Inflatie = geldontwaarding – Producten en diensten worden duurder – Je kan met eenzelfde bedrag minder aankopen dan voordien Spaarrekening 3 % – Inflatie 2 % – Dan hou je nog 1 % rendement over EUR => EUR – 20 EUR gaat op aan inflatie – Reëel rendement: 10 EUR © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer20

21 Het inflatierisico Inflatie België - consumentenprijsindex (CPI) Grafiek CPI België laatste jaar (augustus 2011 – juli 2012) Grafiek CPI België lange termijn Bron: Datum: 07/08/12 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer21

22 Het inflatierisico Bron: - 13/09/11http://statbel.fgov.be/nl/statistieken/cijfers/economie/consumptieprijzen/inflatie/ © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer22

23 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer23

24 Het inflatierisico Inflatie Verenigde Staten - consumentenprijsindex (CPI) Grafiek CPI VS laatste jaar augustus 2011 – juli 2012) Grafiek CPI VS lange termijn Bron: Datum: 07/08/12 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer24

25 Marktrisico en specifiek risico Doet zich voor bij – aandelen – afgeleide producten (opties, futures enz.) Marktrisico – heel de markt Specifiek risico – 1 bedrijf © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer25

26 Marktrisico Voorbeelden – oorlog – wijziging rente – economische groei – algemeen beursklimaat – politieke invloed – werkloosheidsgraad – wisselkoers vreemde valuta Rente daalt – Spaarder loopt risico dat vergoeding op spaarrekening daalt Kredietcrisis – Alle aandelen daalden aanzienlijk in waarde © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer26

27 Specifiek risico 1 onderneming/aandeel Voorbeelden: – tegenvallende winstcijfers – verandering van directie – geruchten overnamen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer27

28 Marktrisico Wordt beïnvloed door verschillende factoren – Rente – Wijziging vennootschapsbelasting – Conjunctuurcyclus – Politiek – Inflatie – Gebeurtenissen in de wereld © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer28

29 Marktrisico - rente Lage rente – Om economie te stimuleren – Goedkoper om te lenen voor gezinnen en bedrijven – Economie reageert wel met vertraging – Beurskoersen zullen hierdoor stijgen Hoge rente – Om economie af te koelen – Anders te hoge inflatie (holt koopkracht uit voor consument) – Beurskoersen zullen hierdoor meestal dalen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer29

30 Marktrisico – rente Grafieken - historische rente ECB Grafiek Europese rente ECB rentetarieven laatste jaar Grafiek Europese rente ECB langetermijngrafiek Bron: Datum: 07/08/12 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer30

31 Grafieken - historische rente FED Grafiek FED rente rentetarieven laatste jaar Grafiek FED rente lange termijn grafiek Bron: Datum: 07/08/12 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer31 Marktrisico – rente

32 Bron: Datum: 07/08/12 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer32

33 Marktrisico – wijziging vennootschapsbelasting Hogere tarieven – Minder winst voor bedrijven – Daardoor lagere waardering – Daardoor lagere beurskoersen Lagere tarieven – Omgekeerde redenering © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer33

34 Marktrisico – wijziging vennootschapsbelasting Bron: Datum: 07/08/12 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer34

35 Marktrisico – conjunctuurcyclus Stippellijn = beurs Volle lijn = conjunctuur © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer35

36 Marktrisico – conjunctuurcyclus Beurs loopt doorgaans 6-9 maanden voor op de conjunctuur Voorbeeld: – Vanaf mei 2007: daling beurs – Maart 2009: dieptepunt – Pas sprake van verslechtering hele tijd na hoogtepunt op de beurs – Vanaf maart 2009: opnieuw stijging beurskoersen – Economische verbetering: pas tweede helft van 2009 – Opnieuw verslechtering sinds midden 2011 tot midden 2012 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer36

37 Marktrisico – conjunctuurcyclus Bron: Datum: 07/08/12 Ondernemersvertrouwen Persbericht NBB augustus © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer37

38 Marktrisico – conjunctuurcyclus © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer38

39 Marktrisico – conjunctuurcyclus Consumentenvertrouwen Bron: Datum: 07/08/12 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer39

40 Marktrisico – conjunctuurcyclus Consumentenvertrouwen Bron: Datum: 07/08/12 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer40

41 Marktrisico – politiek Politieke instabiliteit – Slecht voor economisch klimaat/beurs Politieke beslissingen – Voorbeeld: maximumtarieven gsm – Goed voor consument – Slecht voor telecombedrijven (winst onder druk) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer41

42 Marktrisico – inflatie Onder controle houden van inflatie – Goed signaal voor de beurs Eerste jaarhelft 2008 – Hoge inflatie (tijdelijk liep die op tot 5 %) – Reden: hoge olieprijzen Als overheden veel geld bijdrukken: inflatie Deflatie: daling prijspeil – Ook niet goed voor beurs – Reden: consumenten stellen aankoopbeslissing uit Beste scenario: lichte inflatie 2 % – Criterium ECB © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer42

43 Marktrisico – gebeurtenissen in de wereld Aanslag WTC New York 2001 – Beurs korte tijd gesloten geweest Mexicaanse griep (begin 2009) – Invloed bleek achteraf gezien beperkt Oorlogen VS en Afghanistan/Irak – Stijgende beurzen – Massale investeringen Leger, wapenindustrie, vliegtuigsector, producenten oorlogsschepen, toeleveranciers enz. © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer43

44 Aanslag WTC 11 september 2001 Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer44

45 Mexicaanse griep maart 2009: Mexico april 2009: VS en andere landen: : pandemie Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer45

46 Aardbeving Japan 11 maart 2011 Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer46

47 Specifiek risico 1 onderneming/aandeel Voorbeeld: – Staking bij warenhuisketen Carrefour begin 2009 – Sectorgenoten deden het in die periode beter op de beurs © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer47

48 Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer48

49 Specifiek risico Plannen of geruchten rond overnames of fusies – Koers overnemer Daalt vaak Moet vaak veel betalen Hiervoor gaan lenen of nieuwe aandelen uitgeven (verwatering winst per aandeel voor de bestaande) Gaat overname lukken (onzekerheid ) Gaat overname verhoopte resultaat geven (onzekerheid) – Koers prooi Stijgt meestal Overnemer zal immers prijs moeten betalen die hoger is dan de koers (anders zullen aandeelhouders niet willen verkopen) Geruchten kunnen vaak al genoeg zijn om koersen te doen oplopen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer49

50 Start overnamegeruchten Yahoo door Microsoft Overname gaat niet door Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer50

51 In april 2009 leiden geruchten dat Sun Microsystems zou worden overgenomen door IBM tot een stijging van de koers van Sun Microsystems met 75 % op 1 dag Uiteindelijk wordt het op 28 januari 2010 overgenomen door Oracle voor $ 7 miljard. © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer51

52 Marktrisico vs. specifiek risico Specifiek risico kan men verminderen door – te spreiden over verschillende beleggingsvormen aandelen, obligaties, vastgoed … = strategische diversificatie – binnen elke beleggingsvorm geld nog verder te verdelen Geld dat men investeert in aandelen verdelen over – verschillende aandelen – = detaildiversificatie – Verschillende sectoren – = tactische diversificatie  belegd vermogen wordt zo minder afhankelijk van prestaties van één aandeel © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer52

53 Marktrisico vs. specifiek risico Marktrisico – kan moeilijker vermeden worden – door specifieke diversificatie kan men dit toch inperken Voorbeeld – tussen november 2008 en begin december 2009 Goudmijnaandelen Sectoren telecom, voeding enz.  bleken minder last te hebben van beursdalingen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer53

54 Kredietcrisis Koers goud Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer54

55 Eurostoxx 50 versus Tracker op telecom Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer55

56 Eurostoxx 50 versus Tracker op voeding/drank Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer56

57 Holdings Diversificatie automatisch toegepast – daardoor minder last van specifieke risico’s – Als één onderneming het niet goed doet, kan dit worden gecompenseerd met resultaten andere ondernemingen Voorbeelden beurs Brussel – Ackermans & Van Haaren – GBL – Sofina © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer57

58 Bel 20 versus Ackermans & van Haaren Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer58

59 Eurostoxx 50 versus Ackermans & van Haaren Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer59

60 Bel20 versus holdings Bron: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer60

61 Beoordelingscriteria van beleggingsvormen Veiligheid Liquiditeit Return Fiscaliteit Kosten van de beleggingsvorm © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer61

62 Liquiditeit Verhandelbaarheid Omzetbaarheid in liquide middelen Liquide of niet – Spaarrekening? – Kasbon? – Aandelen? bekende aandelen onbekende aandelen free float let op: aandeel kan in waarde dalen, als men het wil verkopen moet men dus rekening houden met eventuele minderwaarde – Onroerend goed? © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer62

63 Beoordelingscriteria van beleggingsvormen Veiligheid Liquiditeit Return Fiscaliteit Kosten van de beleggingsvorm © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer63

64 Return Rendement – Rechtstreekse opbrengst uit belegging – = intrest op spaarrekening, intrest op obligatie, dividend op een aandeel Return – Rendement + eventuele meer-/minderwaarde Return – Kasbon: op voorhand gekend? – Spaarrekening? – Obligatie (in vreemde valuta)? – Aandelen? © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer64

65 Return - oefening Oefening p. 29 Een aandeel steeg over een periode van 4 maand van 38,00 EUR naar 52,00 EUR. In dezelfde periode werd een dividend toegekend van 1,20 EUR. Rendement? Return? © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer65

66 Rendement Op jaarbasis: om te kunnen vergelijken – Return 2 % op 2 weken – Return 2 % op 1 jaar Kan uit verschillende componenten bestaan – Voorbeeld: spaarrekening – Basisrente + getrouwheidspremie Inflatie – Voor inflatie: nominaal rendement – Na inflatie: reëel rendement Belastingen en kosten – Brutorendement: voor aftrek van belastingen en kosten – Nettorendement: na aftrek voor belastingen en kosten © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer66

67 Historische returns Periode 1900 – 2008 R = reële return (na aftrek van inflatie) N = nominale return (zonder rekening te houden met inflatie) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer67 LandAandelen (R)Obligaties (R)Sparen (R)Aandelen (N)Obligaties (N)Sparen (N) België1,9 %- 0,1 %- 0,3 %5,5 %7,4 %5,5 % Denemarken4,6 %3,0 %2,3 %8,7 %7,1 %6,3 % Duitsland3,0 %- 1,6 %- 0,1 %8,0 %3,1 %4,4 % Frankrijk3,2 %- 0,2 %- 2,8 %10,7 %7,1 %4,3 % Ierland3,5 %1,1 %0,7 %8,1 %5,5 %5,1 % Italië1,9 %- 1,7 %- 3,7 %10,6 %6,7 %4,6 % Nederland4,7 %1,4 %0,7 %7,7 %4,4 %3,7 % Spanje3,5 %1,4 %0,4 %9,6 %7,2 %6,3 % Verenigd Koninkrijk 5,1 %1,4 %1,1 %9,2 %5,4 %5,0 % Zweden7,2 %2,5 %1,9 %11,1 %6,2 %5,6 % Gemiddelde3,9 %0,72 %0,02 %8,92 %6,01 %5,08 %

68 Historische returns Periode 1900 – 2008 R = reële return (na aftrek van inflatie) N = nominale return (zonder rekening te houden met inflatie) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer68 LandAandelen (R)Obligaties (R)Sparen (R)Aandelen (N) Obligaties (N) Sparen (N) Australië7,3 %1,5 %0,7 %11,4 %5,5 %4,6 % Canada5,9 %2,1 %1,6 %9,1 %5,2 %4,8 % Japan3,8 %- 1,2 %- 2,0 %11,2 %5,9 %5,0 % Noorwegen3,8 %1,7 %1,2 %7,7 %5,5 %5,0 % Verenigde Staten 6,0 %2,1 %1,0 %9,2 %5,2 %4,0 % Zuid-Afrika7,1 %1,8 %1,0 %12,3 %6,8 %6,0 % Zwitserland4,1 %2,6 %0,8 %6,5 %5,0 %3,2 %

69 Historische returns Periode 1991 – 2011 (bron: overzicht historische returns KBC ) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer69

70 Indien je ouders bij je geboorte een bedrag zouden beleggen van EUR, en dit zouden beleggen tot je 20 ste verjaardag, dan zou dit op een spaarrekening een nominaal gemiddeld jaarlijks rendement geven van 5,08 %, op obligaties van 6,01 % op aandelen van 8,92 %. De EUR die ze belegd zouden hebben zou op een spaarrekening zijn aangegroeid tot EUR, bij obligaties tot EUR bij aandelen tot EUR. Indien we rekening houden met inflatie zou de spaarrekening een reëel gemiddeld jaarlijks rendement van 0,02 %, obligaties 0,72 % aandelen 3,90 %. We zien dus dat de spaarrekening en obligaties amper de inflatie dekken. Onze EUR zou na 20 jaar, rekening houdend met inflatie, immers gelijk staan met een spaarrekening van EUR een obligatieportefeuille van ,21 of een aandelenportefeuille van EUR. © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer70

71 Invloeden op return Hoogte van de rente Algemene stemming op de beurs Waarde van vreemde valuta Economische verwachtingen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer71

72 Invloeden op return Hoogte van de rente – Rentestijging Bestaande obligaties dalen in waarde – nieuw uitgegeven obligaties geven immers hogere rente Beleggers houden geld op spaarrekening – want rente wordt interessanter – en kopen daardoor geen aandelen Voor ondernemingen wordt het duurder om te lenen – = minder winst – = lagere beurskoersen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer72

73 Invloeden op return Algemene stemming op de beurs – positieve stemming: stierenmarkten – negatieve stemming: berenmarkten Beurs NY Beurs Frankfurt © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer73

74 Invloeden op return Waarde vreemde valuta – daling munt beleggingen in die munt worden minder waard ondernemingen die omzet realiseren in die munt zullen minder winst realiseren in lokale munt negatief effect op aandelenkoers © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer74

75 Invloeden op return Economische verwachtingen – Goed => stijgende aandelenkoersen – Slecht => dalende aandelenkoersen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer75

76 Risico en return Hebzucht - angst Hogere return: moet men meer risico nemen – Bediende - zelfstandige – Spaarrekening - aandelen – Spaarrekening bank A geeft hogere rente dan die van bank B © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer76

77 Risico en return Extra vergoeding voor risico: risicopremie 2 modellen: – Capital Asset Pricing Model (CAPM) – Sharpe ratio © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer77

78 Kracht van kapitalisatie Kapitalisatie – Jaarlijks rendement wordt bij het kapitaal gevoegd – Zodat rendement het jaar erop op een grotere kapitaalbasis wordt berekend Zie ook bespreking return kasbon p © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer78

79 Kracht van kapitalisatie Voorbeeld – Belegging 100 EUR – 3 jaar – 4 % Opbrengst jaar 1: 100 EUR x 4 % = 4,00 EUR Opbrengst jaar 2: (100 EUR + 4,00 EUR) x 4 % = 4,16 EUR Opbrengst jaar 3: (100 EUR + 4,00 EUR + 4,16 EUR) x 4 % = 4,33 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer79

80 Beoordelingscriteria van beleggingsvormen Veiligheid Liquiditeit Return Fiscaliteit Kosten van de beleggingsvorm © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer80

81 Fiscale gevolgen Bruto netto – Intresten: RV 21 % – Vrijstelling intresten spaarrekening (1 830 EUR – aanslagjaar 2012) – Dividenden: RV 25 % of 21 % – Meerwaarde: vrijgesteld van belasting Mogelijkheden – Afhouding aan de bron – Via belastingaangifte © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer81

82 Beoordelingscriteria van beleggingsvormen Veiligheid Liquiditeit Return Fiscaliteit Kosten van de beleggingsvorm © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer82

83 Kosten – Kosten spelen belangrijke rol op uiteindelijke return – 5 % return – 2 % kosten Bruto return: 5 % Netto return: 3 % Spaarrekening: doorgaans gratis Aandelen kopen en verkopen – Grootbank versus online bank Fondsen – Instap- en uitstapkosten – Beheerskosten, administratiekosten en bewaarkosten © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer83

84 MiFID Sinds 1/11/07 – Europese richtlijn – Moet zorgen voor betere evenredigheid tussen Voorgestelde producten Risicoprofiel klant © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer84

85 MiFID Know your customer – regels die de kennis over de cliënt moeten bevorderen Inform your customer – regels waardoor de financiële instellingen verplicht worden om hun cliënten te informeren over mogelijke risico’s in verband met het beleggingsproduct Organisation of the financial institution – regels waarbij financiële instelling hun interne organisatie en bedrijfsuitvoering moeten optimaliseren Best execution in markets – regels om orders in financiële instrumenten optimaal uit te voeren © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer85

86 MiFID Uit: MiFID in de praktijk, brochure van Febelfin uit 2007 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer86


Download ppt "Hoofdstuk 1 Vermogensvorming Beleggingsleer Siem de Ruijter Jan Van Doorslaer."

Verwante presentaties


Ads door Google