De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De Maten.  220 hectaren groot  Temidden van een sterk verstedelijkt gebied tussen Genk en Hasselt, op de rand van het Kempische Plateau  Uitgestrekt.

Verwante presentaties


Presentatie over: "De Maten.  220 hectaren groot  Temidden van een sterk verstedelijkt gebied tussen Genk en Hasselt, op de rand van het Kempische Plateau  Uitgestrekt."— Transcript van de presentatie:

1 De Maten

2  220 hectaren groot  Temidden van een sterk verstedelijkt gebied tussen Genk en Hasselt, op de rand van het Kempische Plateau  Uitgestrekt heidegebied  In 1956 gestart met de uitbouw van dit natuurgebied

3 Ontstaan Vroeger was de streek bedekt met bossen jager-verzamelaars ruilden leven in voor bestaan als landbouwer → kappen en branden van bos → ontstaan van akkers → ontstaan van akkers

4 Voedselarme zandgrond raakte snel uitgeput nieuwe stukken bos ontgonnen nieuwe stukken bos ontgonnen Op de achtergelaten, uitgeputte akkers vestigden zich typische planten voor voedselarme zandgronden, zoals Heide. Op de achtergelaten, uitgeputte akkers vestigden zich typische planten voor voedselarme zandgronden, zoals Heide.

5  Veeteelt → akkers bemest → konden langere tijd gebruikt worden → konden langere tijd gebruikt worden  Schapen en koeien graasden op de heide → aten de jonge boompjes op → aten de jonge boompjes op geen spontane verbossing geen spontane verbossing

6 20ste eeuw Wegvallen van oude landbouwgebruiken  Bijna alle heidegebieden sterk verbost  Open karakter van het landschap ging verloren  Typische planten en dieren dreigden te verdwijnen verdwijnen

7 Heide  Halfnatuurlijk → fauna en flora ontstaan spontaan, maar successiestadium en structuur worden door de mens bepaald  Branden of plaggen om heide jong en productief te houden  Bedreiging: stikstofdepositie  Heide in stand houden door beheer

8 Hoogvenen Goed ontwikkelde actieve hoogvenen zijn niet meer te vinden in Vlaanderen. In enkele Kempense natuurgebieden - waaronder de Maten - zijn wel nog embryonale hoogveenstadia aanwezig kunnen evolueren tot volwaardige hoogvenen

9 Planten en dieren  Belangrijk voor de vogels die hier broeden  Trekvogels kunnen er op krachten komen  Boomkikkers (zeldzame amfibieën)  Veel zeldzame plantjes

10 Kleine zonnedauw (Drosera intermedia) Kleine zonnedauw (Drosera intermedia)  Door ontwatering en bemesting hebben de zonnedauwpopulaties sterk te leiden.  Voortplanting via zelfbestuiving

11 Winterrustknoppen Vroeg in de herfst begint de plant kleine, anders gevormde blaadjes te ontwikkelen Vroeg in de herfst begint de plant kleine, anders gevormde blaadjes te ontwikkelen embryonale zomerbladeren embryonale zomerbladeren (rustknoppen) (rustknoppen) het zijn er veel, dicht opeengepakt en over elkaar heen gevouwen het zijn er veel, dicht opeengepakt en over elkaar heen gevouwen → vormen een afgerond geheel → vormen een afgerond geheel

12 Zomerbladeren sterven geleidelijk af Zomerbladeren sterven geleidelijk af → rustknop blijft bestaan & hechten zich → rustknop blijft bestaan & hechten zich vast aan de nu dode wortels. vast aan de nu dode wortels. Volgend voorjaar → nieuwe wortels gevormd Volgend voorjaar → nieuwe wortels gevormd → de rustknop gaat open → de rustknop gaat open → vanuit het midden → vanuit het midden verschijnt de nieuwe zomergroei verschijnt de nieuwe zomergroei

13 Zonnedauw: een vleesetende plant Insecten worden vooral gelokt voor andere doeleinden dan bestuiving. Insecten worden vooral gelokt voor andere doeleinden dan bestuiving. laag stikstofgehalte laag stikstofgehalte ‘selectiedruk’ om zich naar een carnivore levenswijze te ontwikkelen. ‘selectiedruk’ om zich naar een carnivore levenswijze te ontwikkelen.

14 Op de rand en bovenzijde van de bladeren staan rode uitgroeiingen (tentakels) die aan hun uiteinde overdag een druppel kleverige stof uitscheiden. Op de rand en bovenzijde van de bladeren staan rode uitgroeiingen (tentakels) die aan hun uiteinde overdag een druppel kleverige stof uitscheiden.

15 Dauwdruppels trekken muggen en andere insecten aan Dauwdruppels trekken muggen en andere insecten aan blijven aan de bladeren kleven als ze met de druppeltjes in aanraking komen blijven aan de bladeren kleven als ze met de druppeltjes in aanraking komen

16 Mierenzuur (afgescheiden door de bladeren) Mierenzuur (afgescheiden door de bladeren) lost een klein deel van de eiwitten van het insect op lost een klein deel van de eiwitten van het insect op dit eiwit prikkelt het blad waardoor het zich langzaam rond het insect rolt dit eiwit prikkelt het blad waardoor het zich langzaam rond het insect rolt

17 Vertering  Tentakels scheiden verteringsenzymen af breken eiwitten van het insect af breken eiwitten van het insect af  Aminozuren (gevormd bij deze afbraak) worden opgezogen en vullen de worden opgezogen en vullen de stikstofvoorraad van de plant stikstofvoorraad van de plant Daarna ontrolt het blad zich weer en lege huidje van insect wordt door de wind weggeblazen Daarna ontrolt het blad zich weer en lege huidje van insect wordt door de wind weggeblazen

18 Gebruik  Vroeger gebruikt voor in hoestdrank  Levert ook medicijnen tegen keelaandoeningen  Nu → als sierplant  Om de nageboorte van de te bevallen koe te stimuleren

19 Riet (Phragmites australis)  Kan zowel op voedselrijke als op voedselarme plaatsen voorkomen, evenals in brak water  Windbestuiving  Uitbreiding via boven-en ondergrondse uitlopers  Rhizomen dienen voor ondergronds transport van zuurstof

20 Gebruik  Dakbedekking  Muziekinstrumenten  Oeverbescherming  Waterzuivering

21 Waterzuiverende functie van Riet  Bacteriën gebruiken ondergronds netwerk van stengels als hechtingsplaats  Zuurstof lekt uit de wortels: vorming rhizosfeer → nitrificatie door aërobe bacteriën  Buiten rhizosfeer geen O 2 → denitrificatie door anaërobe bacteriën N uit bodem

22  Fosfaten komen in bodem via oppervlakte- en grondwater  Riet vermindert fosfaatconcentratie op 3 manieren  P wordt, i.t.t. N, niet uit het systeem getransporteerd, maar erin opgeslagen  Verhoogde aanvoer van P kan leiden tot verzadiging wanneer alle bindingsplaatsen bezet zijn

23 Ecologische relaties: insecten  Sigaargalvlieg : larve vreet rondom de voet van het groeipunt een ring weg → rotting → larve voedt zich met bacteriën die de groeipunt infecteren

24 Ecologische relaties: rietvogels in moerassen  Door het verdwijnen van het Riet zijn rietvogels tijdens de 2 de helft van de 20 ste eeuw achteruitgegaan in moerassen  Slechte waterkwaliteit, stopzetting van natuurlijke fluctuaties van de waterstand en verstruiking en verbossing verdwijning Riet

25 Ecologische relaties: rietvogels in de duinen  Aantal rietvogels gestegen als gevolg van toename van Riet  Infiltratie met rivierwater t.b.v. de waterwinning → meer open water in de duinen (in de vorm van infiltratiekanalen en kleine en grote plassen) → hierin groeit Riet → rietvogels zoals de Kleine karekiet en de Rietzanger zijn sterk toegenomen

26 Associatie met fungi Blaasvormige arbusculaire mycorrhizen associatie van jonge wortels met hyfen boomvormige vertakkingen van hyfen tussen en binnen cellen van wortelcortex (plant wordt zo vnl. voorzien van P) In oudere wortelsegmenten: terminale vesikels opslag vetten


Download ppt "De Maten.  220 hectaren groot  Temidden van een sterk verstedelijkt gebied tussen Genk en Hasselt, op de rand van het Kempische Plateau  Uitgestrekt."

Verwante presentaties


Ads door Google