De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Hoe maak ik een gedicht een beknopte handleiding bij ‘toeters en bellen’ Frank Adam D. Vankersschaever D. Vankersschaever Sarah Vankersschaever Sarah Vankersschaever.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Hoe maak ik een gedicht een beknopte handleiding bij ‘toeters en bellen’ Frank Adam D. Vankersschaever D. Vankersschaever Sarah Vankersschaever Sarah Vankersschaever."— Transcript van de presentatie:

1 Hoe maak ik een gedicht een beknopte handleiding bij ‘toeters en bellen’ Frank Adam D. Vankersschaever D. Vankersschaever Sarah Vankersschaever Sarah Vankersschaever

2 Dichten is helemaal niet zo moeilijk als je denkt. Dichten is helemaal niet zo moeilijk als je denkt. Met een potlood, een blad papier en vooral heel veel fantasie heb je zo een fris en leuk gedicht voor je liggen. Met een potlood, een blad papier en vooral heel veel fantasie heb je zo een fris en leuk gedicht voor je liggen. Volg aandachtig deze twaalf stappen en binnen een halfuurtje mag je jezelf een dichter noemen. Volg aandachtig deze twaalf stappen en binnen een halfuurtje mag je jezelf een dichter noemen. Maak je alvast klaar om je poëzie te signeren! Maak je alvast klaar om je poëzie te signeren!

3 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

4 1. Zorg dat je iets te vertellen hebt: weet waar je naartoe wil Wanneer je na een lange schooldag thuiskomt, vertel je waarschijnlijk aan je ouders en je vrienden wat je allemaal meegemaakt hebt. In een gedicht doe je ongeveer hetzelfde, maar dan op een mooiere manier. Beslis dus wat je graag wil vertellen! Wanneer je na een lange schooldag thuiskomt, vertel je waarschijnlijk aan je ouders en je vrienden wat je allemaal meegemaakt hebt. In een gedicht doe je ongeveer hetzelfde, maar dan op een mooiere manier. Beslis dus wat je graag wil vertellen! Het thema waarrond je een gedicht schrijft, is ‘toeters en bellen’. Beeld je daarom een feestelijke situatie in. Het thema waarrond je een gedicht schrijft, is ‘toeters en bellen’. Beeld je daarom een feestelijke situatie in.

5 Daarbij stel je je best enkele vragen: Daarbij stel je je best enkele vragen: Wie of wat viert feest? Wie of wat viert feest? Waarom is het feestelijk? Waarom is het feestelijk? Belangrijk! Probeer niet iets feestelijks te beschrijven of te herinneren, maar te verzinnen. Belangrijk! Probeer niet iets feestelijks te beschrijven of te herinneren, maar te verzinnen. Voorbeeld: Voorbeeld: Herinneren: toen ik vorige week spaghetti at… Herinneren: toen ik vorige week spaghetti at… Verzonnen: er was eens een koning uit een groot paleis… Verzonnen: er was eens een koning uit een groot paleis…

6 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

7 2. Beschrijf geen gevoelens, roep ze op Een kus zegt zoveel meer dan ‘ik hou van jou!’ roepen. Zo gaat het ook in de wereld van de poëzie: zeg niet dat het feestelijk is maar laat de lezer voelen dat er gevierd wordt. Laat hem een gevoel van feesten hebben zonder dat je het woord ‘feest’ gebruikt! Een kus zegt zoveel meer dan ‘ik hou van jou!’ roepen. Zo gaat het ook in de wereld van de poëzie: zeg niet dat het feestelijk is maar laat de lezer voelen dat er gevierd wordt. Laat hem een gevoel van feesten hebben zonder dat je het woord ‘feest’ gebruikt!

8 Voorbeeld: ‘verlangen’ zeggen: ik verlang naar de herfst, naar al die kleurrijke blaadjes in het rond… voelen: als ik de wereld kon veranderen… Voorbeeld: ‘verlangen’ zeggen: ik verlang naar de herfst, naar al die kleurrijke blaadjes in het rond… voelen: als ik de wereld kon veranderen…

9 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

10 3. Rijmen mag, maar hoeft niet Door te rijmen kun je leuke klankspelletjes doen: Verlangen is een beetje dromen om zo dichter bij elkaar te komen Door te rijmen kun je leuke klankspelletjes doen: Verlangen is een beetje dromen om zo dichter bij elkaar te komen Maar door te rijmen ken je vaak al het einde van de volgende zin. Dat maakt je gedicht voorspelbaar en soms zelfs een beetje kinderachtig: Wat een kabaal en wat zegt de olifant tegen die aal? Maar door te rijmen ken je vaak al het einde van de volgende zin. Dat maakt je gedicht voorspelbaar en soms zelfs een beetje kinderachtig: Wat een kabaal en wat zegt de olifant tegen die aal?

11 Vraag je dus af of je rijm nodig hebt om een leuk gedicht te schrijven. Als je beslist om te rijmen, zoek dan naar minder voor de hand liggende rijmwoorden: ‘kabaal’ rijmt bijvoorbeeld op: aal, verhaal, staal, maal, kaal, taal, zaal maar ook op: andermaal, journaal,… Vraag je dus af of je rijm nodig hebt om een leuk gedicht te schrijven. Als je beslist om te rijmen, zoek dan naar minder voor de hand liggende rijmwoorden: ‘kabaal’ rijmt bijvoorbeeld op: aal, verhaal, staal, maal, kaal, taal, zaal maar ook op: andermaal, journaal,…

12 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

13 4. Zorg voor een ritme Een gedicht moet vlot klinken. Lees het gedicht daarom luidop voor: Een gedicht moet vlot klinken. Lees het gedicht daarom luidop voor: als je struikelt over de woorden dan pas je de zinnen best aan. Dat kun je door kleine woordjes toe te voegen (zo, dan, als, dus, en,…), door moeilijke woorden te vervangen of door overbodige woorden te schrappen. als je struikelt over de woorden dan pas je de zinnen best aan. Dat kun je door kleine woordjes toe te voegen (zo, dan, als, dus, en,…), door moeilijke woorden te vervangen of door overbodige woorden te schrappen. Je kunt het ook door te spelen met leestekens of door de lengte van je woorden en je zinnen aan te passen. Je kunt het ook door te spelen met leestekens of door de lengte van je woorden en je zinnen aan te passen.

14 Voorbeeld: Mijn verlangen is dat de dieren zouden kunnen praten eindelijk zouden de muizen ons kunnen vragen om die kaas met gaten eindelijk zouden de slangen ons kunnen vragen om een prooi zonder graten Voorbeeld: Mijn verlangen is dat de dieren zouden kunnen praten eindelijk zouden de muizen ons kunnen vragen om die kaas met gaten eindelijk zouden de slangen ons kunnen vragen om een prooi zonder graten Zo is het beter: Mijn verlangen is dat de dieren kunnen praten eindelijk zouden muizen kunnen vragen om kaas met gaten eindelijk zouden slangen kunnen vragen om prooien zonder graten Zo is het beter: Mijn verlangen is dat de dieren kunnen praten eindelijk zouden muizen kunnen vragen om kaas met gaten eindelijk zouden slangen kunnen vragen om prooien zonder graten

15 Deze woorden werden geschrapt: Mijn verlangen is dat de dieren zouden kunnen praten eindelijk zouden de muizen ons kunnen vragen om die kaas met gaten eindelijk zouden de slangen ons kunnen vragen om een prooi zonder graten Deze woorden werden geschrapt: Mijn verlangen is dat de dieren zouden kunnen praten eindelijk zouden de muizen ons kunnen vragen om die kaas met gaten eindelijk zouden de slangen ons kunnen vragen om een prooi zonder graten

16 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

17 5. Speel met klanken Door te spelen met klanken kan je gedicht speels en grappig klinken. Lees je gedicht daarom eens hardop voor: klinkt het leuk? Voorbeeld: Eindelijk zouden muizen kunnen vragen om kaas met gaten. Of: Verlangens naar daar. Waar? Door te spelen met klanken kan je gedicht speels en grappig klinken. Lees je gedicht daarom eens hardop voor: klinkt het leuk? Voorbeeld: Eindelijk zouden muizen kunnen vragen om kaas met gaten. Of: Verlangens naar daar. Waar?

18 Dat kan ook door woorden te herhalen en op het einde een ander woord te gebruiken dan je zou verwachten: Elke dag opnieuw hoop ik op wat drinken Elke dag opnieuw hoop ik op een beetje warmte Elke dag opnieuw hoop ik op wat liefde van vrienden Elke dag opnieuw verlang ik naar een thuis. Dat kan ook door woorden te herhalen en op het einde een ander woord te gebruiken dan je zou verwachten: Elke dag opnieuw hoop ik op wat drinken Elke dag opnieuw hoop ik op een beetje warmte Elke dag opnieuw hoop ik op wat liefde van vrienden Elke dag opnieuw verlang ik naar een thuis.

19 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

20 6. Maak gebruik van beelden Een dichter is zoals een schilder: hij maakt beelden. Daarvoor gebruikt hij geen verf, maar woorden. Deze beelden moeten je zintuigen prikkelen: je zicht, je gehoor, je reuk, je gevoel, je smaak. Voorbeeld: De wind brult door de bomen (hoor je de wind?) Het late zonlicht schildert de tuin rood (zie je de kleuren? Voel je de warmte?) Een dichter is zoals een schilder: hij maakt beelden. Daarvoor gebruikt hij geen verf, maar woorden. Deze beelden moeten je zintuigen prikkelen: je zicht, je gehoor, je reuk, je gevoel, je smaak. Voorbeeld: De wind brult door de bomen (hoor je de wind?) Het late zonlicht schildert de tuin rood (zie je de kleuren? Voel je de warmte?)

21 Je kunt beelden oproepen door de woorden die je gebruikt: ‘brullen’, ‘waggelen’, ‘fladderen’,… Je kunt beelden oproepen door de woorden die je gebruikt: ‘brullen’, ‘waggelen’, ‘fladderen’,… Of door vergelijkingen te gebruiken: Brullen: ik roep als een leeuw Waggelen: ik loop als een pinguïn Fladderen: ik vlieg als een vlinder Of door vergelijkingen te gebruiken: Brullen: ik roep als een leeuw Waggelen: ik loop als een pinguïn Fladderen: ik vlieg als een vlinder Door deze woorden te gebruiken, kan de lezer zich onmiddellijk heel wat voorstellen bij je gedicht! Door deze woorden te gebruiken, kan de lezer zich onmiddellijk heel wat voorstellen bij je gedicht!

22 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

23 7. Gebruik concrete in plaats van abstracte woorden Omdat je met woorden de fantasie van de lezer moet prikkelen, gebruik je best woorden waar je je iets bij kunt voorstellen. Zo’n woorden noemen we ‘concrete woorden’:  Concrete woorden kun je horen, zien, aanraken, ruiken en proeven. Voorbeeld: wolken, poes, kast,…  Abstracte woorden daarentegen verwijzen meer naar gevoelens en dingen die je niet kunt aanraken. Voorbeeld: mooi, lief, boos, vrijheid,… Omdat je met woorden de fantasie van de lezer moet prikkelen, gebruik je best woorden waar je je iets bij kunt voorstellen. Zo’n woorden noemen we ‘concrete woorden’:  Concrete woorden kun je horen, zien, aanraken, ruiken en proeven. Voorbeeld: wolken, poes, kast,…  Abstracte woorden daarentegen verwijzen meer naar gevoelens en dingen die je niet kunt aanraken. Voorbeeld: mooi, lief, boos, vrijheid,…

24 Doe de test! Bij welk gedicht kun je je het meeste voorstellen? Voorbeeld 1: Ik verlang naar iemand die luistert iemand die mij in zijn hartje kluistert Ik verlang naar iemand die ik kan vertrouwen iemand waarmee ik vriendschap kan opbouwen. Ik verlang gewoon naar een goede vriend iemand die mijn vriendschap verdient. Voorbeeld 2: Ik verlang naar buiten! Waar ik de vogels hoor fluiten. Ik wil spelen in de sneeuw en kunnen vliegen als een spreeuw. ‘Huil maar niet…’ zegt mama maar er rolt een traan over haar wang. Doe de test! Bij welk gedicht kun je je het meeste voorstellen? Voorbeeld 1: Ik verlang naar iemand die luistert iemand die mij in zijn hartje kluistert Ik verlang naar iemand die ik kan vertrouwen iemand waarmee ik vriendschap kan opbouwen. Ik verlang gewoon naar een goede vriend iemand die mijn vriendschap verdient. Voorbeeld 2: Ik verlang naar buiten! Waar ik de vogels hoor fluiten. Ik wil spelen in de sneeuw en kunnen vliegen als een spreeuw. ‘Huil maar niet…’ zegt mama maar er rolt een traan over haar wang.

25 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

26 8. Hoe maak je je gedicht mysterieus en verrassend Probeer nooit alles in je verhaal te verklappen want het moet mysterieus blijven! Vraag je daarom bij elk woord af of je het nodig hebt om te vertellen wat je wil vertellen. Probeer nooit alles in je verhaal te verklappen want het moet mysterieus blijven! Vraag je daarom bij elk woord af of je het nodig hebt om te vertellen wat je wil vertellen. Door informatie weg te laten (waar en wanneer speelt het zich af,…) maak je het gedicht spannend. Door minder te vertellen, vertel je dus meer: de lezer kan namelijk de eigen fantasie gebruiken om je gedicht aan te vullen. Door informatie weg te laten (waar en wanneer speelt het zich af,…) maak je het gedicht spannend. Door minder te vertellen, vertel je dus meer: de lezer kan namelijk de eigen fantasie gebruiken om je gedicht aan te vullen.

27 Je gedicht kun je ook verrassend maken door nieuwe woorden te zoeken voor wat je al hebt: Voorbeeld: Wat zegt die oude olifant tegen de glibberige aal? Wat zegt die knorrige olifant tegen de listige aal? Je gedicht kun je ook verrassend maken door nieuwe woorden te zoeken voor wat je al hebt: Voorbeeld: Wat zegt die oude olifant tegen de glibberige aal? Wat zegt die knorrige olifant tegen de listige aal?

28 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

29 9. Denk ook eens aan een grappige of verrassende wending aan het einde van je gedicht: een pointe. Een pointe is een laatste zin waardoor het gedicht nog even blijft nazinderen: het maakt je verdrietig of laat je glimlachen.

30 Voorbeeld: Vierkant met bruine rand bovenkant en onderkant goudgeel van binnen geel en roze beminnen. Ik verlang ernaar. Hij is daar. Mijn croque-monsieur is klaar.

31 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

32 10. Liever te kort dan te lang: schrap het overbodige Een gedicht is vaak krachtiger als het korter is. Hoe meer je zegt met hoe minder woorden, hoe sterker je gedicht. Een gedicht is vaak krachtiger als het korter is. Hoe meer je zegt met hoe minder woorden, hoe sterker je gedicht. Ga na waar je woorden kunt schrappen of waar je iets met minder woorden kunt zeggen. Ga na waar je woorden kunt schrappen of waar je iets met minder woorden kunt zeggen.

33 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

34 11. lay-out: zorg dat je gedicht er mooi uitziet Je gedicht moet niet alleen mooi klinken, het moet er ook mooi uitzien. Er zijn verschillende manieren om je gedicht mooi op je blad te schikken: Je gedicht moet niet alleen mooi klinken, het moet er ook mooi uitzien. Er zijn verschillende manieren om je gedicht mooi op je blad te schikken:

35 gebruik witregels tussen je strofen Voorbeeld: De tijd nemen om alles te verkennen zonder haast, zonder rennen Geen school, geen spel, geen sport als ik niet oplet, kom ik nog tijd te kort! Verlangen om te genieten van elk moment gebruik witregels tussen je strofen Voorbeeld: De tijd nemen om alles te verkennen zonder haast, zonder rennen Geen school, geen spel, geen sport als ik niet oplet, kom ik nog tijd te kort! Verlangen om te genieten van elk moment

36 maak je zinnen ofwel kort, ofwel lang. Voorbeeld: Zo ver weg. Pech. jij en ik. Snik. Ik wil jou. WAUW! maak je zinnen ofwel kort, ofwel lang. Voorbeeld: Zo ver weg. Pech. jij en ik. Snik. Ik wil jou. WAUW!

37 De twaalf stappen 1. Weet waar je naartoe wil 2. Roep gevoelens op 3. Rijmen mag, maar hoeft niet 4. Ritme 5. Speel met klanken 6. Beelden 7. Concrete woorden 8. Mysterieus en verrassend 9. De pointe 10. Schrappen 11. Lay-out 12. Herlees

38 12. Herlees je gedicht: gaat het over toeters en bellen? Controleer wat je geschreven hebt voor je je gedicht aan de anderen laat lezen. Klinkt het vlot en struikel je nergens? Klinkt het feestelijk? Controleer wat je geschreven hebt voor je je gedicht aan de anderen laat lezen. Klinkt het vlot en struikel je nergens? Klinkt het feestelijk? Knik je ‘ja’ bij al deze vragen, signeer dan -zoals een echte dichter- je gedicht en laat het door je klasgenoten lezen Knik je ‘ja’ bij al deze vragen, signeer dan -zoals een echte dichter- je gedicht en laat het door je klasgenoten lezen

39 LEES LEES LEES !!! Hoe meer gedichten je leest, hoe beter dichter je wordt!

40 Bronnen: (hiskemarjolein)


Download ppt "Hoe maak ik een gedicht een beknopte handleiding bij ‘toeters en bellen’ Frank Adam D. Vankersschaever D. Vankersschaever Sarah Vankersschaever Sarah Vankersschaever."

Verwante presentaties


Ads door Google