De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Uitleg meewerkend voorwerp (mv) Je vindt het meewerkend voorwerp (mv) door te vragen: Wie/wat + wg + on + lv Je kunt er aan, voor of bij voor zetten, maar.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Uitleg meewerkend voorwerp (mv) Je vindt het meewerkend voorwerp (mv) door te vragen: Wie/wat + wg + on + lv Je kunt er aan, voor of bij voor zetten, maar."— Transcript van de presentatie:

1 Uitleg meewerkend voorwerp (mv) Je vindt het meewerkend voorwerp (mv) door te vragen: Wie/wat + wg + on + lv Je kunt er aan, voor of bij voor zetten, maar dat moet je ook weg kunnen laten. Vaak staat er bij een mv een van de werkwoorden geven (overhandigen enz.), zeggen (vertellen enz.) of laten zien (tonen enz).

2 voorbeelden Hij heeft haar dat toen gegeven. haar is het mv, want je kunt er aan voor zetten en weglaten. Zij heeft hem dat in zijn oor gefluisterd. hem is het mv, want je kunt er bij voor zetten en weglaten. Dat is hem net iets te moeilijk. hem is het mv, want je kunt er voor voor zetten en weglaten.

3 Al na een kwartier had zij het eerste hoofdstuk helemaal gelezen. uitleg antwoord geen mv

4 Al na een kwartier had zij het eerste hoofdstuk helemaal gelezen. Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

5 Staat in een vragende zin de persoonsvorm altijd vooraan? uitleg antwoord geen mv

6 Staat in een vragende zin de persoonsvorm altijd vooraan? Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

7 Doe die deur eens even achter je dicht! uitleg antwoord geen mv

8 Doe die deur eens even achter je dicht! Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

9 Had jij dit antwoord van haar verwacht? uitleg antwoord geen mv

10 Had jij dit antwoord van haar verwacht? Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

11 Daar wordt op de deur geklopt! uitleg antwoord geen mv

12 Daar wordt op de deur geklopt! Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

13 Hadden ze me dat maar iets eerder verteld! uitleg antwoord mv = me

14 Hadden ze me dat maar iets eerder verteld! me is mv, want je kunt er aan voor zetten en weglaten.

15 Als je het mij vraagt, bedoelen ze precies hetzelfde. uitleg antwoord mv = mij en -

16 Als je het mij vraagt, bedoelen ze precies hetzelfde. mij is mv in de eerste zin, want je kunt er aan voor zetten en weglaten. Er is geen mv in de tweede zin, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

17 Toen ze die boom hadden omgezaagd, zagen ze pas, dat er een schat onder lag. uitleg antwoord geen mv

18 Toen ze die boom hadden omgezaagd, zagen ze pas, dat er een schat onder lag. Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

19 Het is gemeen, als je zonder bewijs zegt, dat zij het heeft gedaan. uitleg antwoord geen mv

20 Het is gemeen, als je zonder bewijs zegt, dat zij het heeft gedaan. Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

21 In de vakantie zie je vaak, dat mensen naar het buitenland gaan, omdat het weer daar warmer is. uitleg antwoord geen mv

22 In de vakantie zie je vaak, dat mensen naar het buitenland gaan, omdat het weer daar warmer is. Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

23 Zij blijven de hele vakantie in Nederland, omdat volgens het KNMI het hier ook warm wordt. uitleg antwoord geen mv

24 Zij blijven de hele vakantie in Nederland, omdat volgens het KNMI het hier ook warm wordt. Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

25 Als je daar je rijbewijs wilt verliezen, hoef je alleen maar dronken achter het stuur te gaan zitten. uitleg antwoord geen mv

26 Als je daar je rijbewijs wilt verliezen, hoef je alleen maar dronken achter het stuur te gaan zitten. Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

27 Er wordt blindelings van uitgegaan, dat het waar is, wat ze ons daarover verteld hebben. uitleg antwoord mv = -, - en ons

28 Er wordt blindelings van uitgegaan, dat het waar is, wat ze ons daarover verteld hebben. ons is mv in de derde zin, want je kunt er aan voor zetten en weglaten. Er is geen mv in de tweede zin, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten. Er is geen mv in de eerste zin, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

29 Wie dat heeft gezegd, is niet bekend, maar je kunt het wel raden. uitleg antwoord geen mv

30 Wie dat heeft gezegd, is niet bekend, maar je kunt het wel raden. Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

31 Wie je vertrouwt, vertel je het, maar dat lijkt me logisch. uitleg antwoord mv = wie je vertrouwt, - en me

32 Wie je vertrouwt, vertel je het, maar dat lijkt me logisch. Er is geen mv in de eerste zin, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten. Wie je vertrouwt is mv in de tweede zin, want je kunt er aan voor zetten en weglaten. me is mv in de derde zin, want je kunt er voor voor zetten en weglaten.

33 Wil je het meisje van wie je dit hebt gehoord, mijn hartelijke groeten doen? uitleg antwoord mv = het meisje en -

34 Wil je het meisje van wie je dit hebt gehoord, mijn hartelijke groeten doen? het meisje is mv in de eerste zin, want je kunt er aan voor zetten en weglaten. Er is geen mv in de tweede zin, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

35 Ik wou dat ik twee hondjes was, dan kon ik samen spelen. uitleg antwoord geen mv

36 Ik wou dat ik twee hondjes was, dan kon ik samen spelen. Er is geen mv, want je kunt nergens aan, voor of bij voor zetten en weglaten.

37 einde


Download ppt "Uitleg meewerkend voorwerp (mv) Je vindt het meewerkend voorwerp (mv) door te vragen: Wie/wat + wg + on + lv Je kunt er aan, voor of bij voor zetten, maar."

Verwante presentaties


Ads door Google