De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Energiebewustzijn en -gedrag van de Vlaamse huishoudens Vlaams Energieagentschap 28 april 2008 Grafisch rapport Ref.:E051\presentatie\ Energiebewustzijn.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Energiebewustzijn en -gedrag van de Vlaamse huishoudens Vlaams Energieagentschap 28 april 2008 Grafisch rapport Ref.:E051\presentatie\ Energiebewustzijn."— Transcript van de presentatie:

1 Energiebewustzijn en -gedrag van de Vlaamse huishoudens Vlaams Energieagentschap 28 april 2008 Grafisch rapport Ref.:E051\presentatie\ Energiebewustzijn en gedrag Vlaamse huishoudens.ppt O0591 Dimarso N.V., opererend onder de commerciële naam TNS Dimarso en hierna TNS Dimarso genoemd, beschikt exclusief over het auteursrecht van dit rapport. Niets uit dit rapport mag dan ook worden gebruikt en/of verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt, op welke wijze dan ook, zonder voorafgaandelijke toestemming van TNS Dimarso.

2 Energiebewustzijn en -gedrag van de Vlaamse huishoudens Vlaams Energieagentschap 28 april 2008

3 p.2 – E051 Inhoudstafel MANAGEMENT SUMMARY I. Beschrijving onderzoek II. RESULTATEN Attitude Kennis Gedrag Verband attitude, kennis, gedrag III. KEY FACTS IV. CONCLUSIES & AANBEVELINGEN BIJLAGE

4 Management Summary

5 p.4 – E051 Management Summary  Onderzoeksopzet en onderzoeksmethodologie  Meting van het energie-bewustzijn, energie-attitude en energiegedrag van de Vlaamse huishoudens  Weergave evolutie ten aanzien van vorige enquêtes (1998, 2001, 2003, 2005)  Methode: (CAPI) face-to- face interviews bij 1026 Vlamingen van 18 jaar en ouder in de periode 10 maart-7 april 2008  Weging: Om een maximale vergelijkbaarheid te realiseren met de vorige meting werd beslist om de steekproef te wegen naar type woning, statuut (eigenaar/huurders), leeftijd en netwerkbeheerder.

6 p.5 – E051 Management Summary  Conclusies: energie-attitude  Het energiebewustzijn is alomtegenwoordig en stijgende. 94% vindt energiebesparing belangrijk.  Niet iedereen die energiebesparing belangrijk vindt, gaat ook zuinig om met energie.  Gemakzucht of comfort liggen het vaakst aan de basis van minder zuinig gedrag.  De financiële kant van de zaak is de belangrijkste motivator. Milieu is slechts voor 12% de belangrijkste reden om zuinig om te gaan met energie.

7 p.6 – E051 Management Summary  Conclusies: energie-kennis  Naast de attitude is op de meeste vlakken ook de kennis over energiebesparing gestegen.  Enkel kennis (en gebruik) van spaardouchekoppen is stabiel gebleven.  Ook de kennis over de maatregelen vanwege de overheid stijgen in bekendheid.  De website geniet ook meer bekendheid dan in 2008.www.energiesparen.be

8 p.7 – E051 Management Summary  Conclusies: dagdagelijks energie-gedrag  Het dagdagelijks energie besparen gaat er op vooruit. Er zijn verschillende zaken die de Vlamingen beter ter harte nemen om op die manier energie te besparen. Maar... alles kan beter uiteraard.  Tegelijkertijd is er een evolutie naar meer toestellen in huis. Het komt er op aan de aankoop en het gebruik hiervan verstandig te houden  slechts 45% let steeds op het verbruikslabel bij het aankopen van een toestel.  Opvallend: tegenover een daling van het aantal gloeilampen en de stijging van spaarlampen staat een stijging van het aantal halogeenlampen.

9 p.8 – E051 Management Summary  Conclusies: energiegericht investeringsgedrag  Dubbelglas is de best ingeburgerde isolatievorm en behoudt zijn stijgende lijn. Van de andere isolatievormen toont enkel vloerisolatie een positieve trend.  Een vijfde is van plan om binnen de komende vijf jaar een energiezuinige verwarmingsketel te installeren. Ook het aanbrengen dubbelglas en dakisolatie staat voor ongeveer één tiende van de Vlamingen op het programma.  Aardgas blijft er op vooruit gaan als hoofdverwarmingsbron en dit ten nadele van stookolie.  Voorlopig denken nog niet te veel mensen aan airconditioning in huis.

10 p.9 – E051 Management Summary  Conclusies: energieverbruik  Eén Vlaming op drie is er van overtuigd dat zijn of haar gezin minder energie verbruikte in de voorbije 10 jaar. In 2005 had slechts een kwart dit gevoel.  De redenen die aangehaald worden hebben te maken met alledaagse handelingen en zuinigere toestellen en lampen.  Het gemiddeld verbruik dat de respondenten aangeven is inderdaad lager dan in 2005.

11 p.10 – E051 Management Summary  Conclusies: attitude x kennis x gedrag  De hoogste sociale groepen hebben meer kennis en investeren ook meer. Tegelijkertijd hebben net zij het hoogste elektriciteitsverbruik. Ook hun attitude ligt (iets) achter op de rest.  Meer isolatievormen betekent niet noodzakelijk het laagste verbruik. Het samenhang met sociale groep en inkomen is veel belangrijker als verklarende factor.

12 p.11 – E051 Management Summary  Conclusies en aanbevelingen  Kennis, attitude en dagdagelijks gedrag zijn flink gestegen de voorbije jaren.  Gelet op de plannen van de Vlamingen kan er best op korte termijn aandacht gaan naar kennis en gebruik van het energielabel bij de aankoop van nieuwe toestellen en de plaatsing van energiezuinige boilers.  Via de portefeuille kan men de harten winnen. De communicatie hoeft echter niet alleen over centen te gaan. Mensen moeten ook begrijpen dat dagdagelijks energie besparen weinig moeite kost. Dit kan bijvoorbeeld ook op een ludieke manier (cfr campagne BIVV: “wat is jouw excuus?”).

13 I. Beschrijving onderzoek

14 p.13 – E051 Beschrijving onderzoek: Doelstelling en methodologie  Beeld vormen van de energie-bewustzijn, energie-attitude en energiegedrag van de Vlaamse huishoudens  Peilen naar de kennis van energiebesparende maatregelen en vormen van rationeel energieverbruik  Evolutie ten opzichte van vorige enquêtes (2005,2003,2001,1998) Doelstelling Methodologie  n = 1026, Vlaanderen, 18 +  CAPI (Computer Assisted Personal Interviewing): Face-to-face interview met afname op laptop  Veldwerkperiode: 10 maart-7 april 2008  Incentive: 2 Win for Life loten ter waarde van 5 € in totaal Vragenlijst  Interview van gemiddeld 43 minuten  Ten opzichte van 2005 werden een tiental vragen gewijzigd. Enkele werden bijgevoegd, een aantal vragen verdwenen uit de vragenlijst.

15 p.14 – E051 Beschrijving onderzoek: steekproefbeschrijving  Belgische bevolking ouder dan 18 jaar  Bruto steekproeftrekking op basis van bestand alle inwoners van België, Orgassim  Tweetraps-steekproef waarbij eerst gemeenten worden getrokken en vervolgens individuen worden getrokken.  De verdeling van de gemeenten stemt verhoudingsgewijs overeen met de grootte van elke distributienetbeheerder in het Vlaams Gewest. Steekproef

16 p.15 – E051 Beschrijving onderzoek: steekproeftrekking  In een eerste fase trekt TNS Dimarso 168 clusters. Het aantal clusters per postcode is in verhouding tot het bevolkingsaantal. TNS Dimarso beschikt over populatiecijfers van bevolkingsaantallen per postcode. Bij de selectie van de postcodes zal rekening worden gehouden met een representatieve spreiding over de provincies, de urbanisatiegraad van de gemeenten en het type netwerkbeheerder (zuiver of gemengd).  In een 2de fase trekt TNS Dimarso uit de in fase 1 geselecteerde postcodes het aantal vooropgestelde adressen (20 adressen per cluster; adressen in totaal). Aan elk adres zal een uniek identificatienummer toegekend worden. De kans dat ene adres getrokken wordt staat in verhouding tot het aantal gezinsleden van 18 jaar of ouder die op het adres gedomicilieerd zijn.  De 3de fase dient door de interviewer op het terrein te gebeuren. De interviewer biedt zich aan op het in de 2de fase geselecteerde adres en selecteert een respondent op basis van een vooraf afgesproken procedure (vb. De persoon van 18 jaar of ouder die het eerst jarig zal zijn).  In de 4de fase wordt gescreend of de geselecteerde persoon wel behoort tot de doelgroep (vb. Voldoende Nederlands praten om de interviewer tewoord te staan). Indien dit niet het geval is, wordt het adres als niet-inzetbaar beschouwd. Steekproef

17 p.16 – E051 Beschrijving onderzoek: weging  Om een maximale vergelijkbaarheid te realiseren met de vorige meting werd beslist om de steekproef te wegen naar type woning, statuut (eigenaar/huurders), leeftijd en netwerkbeheerder.  De hierna gepresenteerde resultaten voor 2005 zijn dus steeds gewogen. Weging

18 p.17 – E051 Beschrijving onderzoek: Vergelijkingen met vorige jaren  Met de vergelijkingen met de voorbije jaren dient omzichtig te worden omgesprongen aangezien er een aantal verschillen op zitten:  Grafieken zonder weging voor de jaren 1998, 2001 en 2003 t.o.v. wel een weging in 2005 en in 2008  Andere methodologie: PAPI tijdens de jaren 1998, 2001 en 2003 t.o.v. CAPI in 2005 en 2008 Vergelijkingen 56 87

19 p.18 – E051 Beschrijving onderzoek: steekproefbeschrijving Provincie

20 p.19 – E051 Beschrijving onderzoek: steekproefbeschrijving Geslacht Leeftijd Huurders /eigenaars

21 p.20 – E051 Beschrijving onderzoek: steekproefbeschrijving Aantal gezinsleden Netbeheerder

22 p.21 – E051 Beschrijving onderzoek: steekproefbeschrijving Opleidingsniveau

23 p.22 – E051 Beschrijving onderzoek: steekproefbeschrijving Type woning Enkel in 2005 en 2008 werd gewogen op op type woning, wat de representativiteit verhoogt. Daardoor ontstaat er echter een verschil met de jaren voordien voornamelijk bij de appartementen.

24 p.23 – E051 Beschrijving onderzoek: non respons  Gemiddeld vonden 1.7 contacten plaats per geslaagde enquëte.  De verschillende non respons categorieën vallen als volgt uit elkaar:  De bruto responsgraad bedraagt 41% (in 2003=35%). Indien men echter enkel de personen die tot het steekproefkader behoren, beschouwd dan stijgt de respons lichtjes tot een netto responsgraad van 43% (in 2003 = 37%) Non respons Geslaagde enquête 41% Onbestaand adres 1% Buiten doelgroep (niet ondervraagbaar) 3% Persoon afwezig tijdens veldwerkperiode 1% Niemand thuis 34% Weigering 19% Afspraak 0%

25 p.24 – E051 Stilstaan bij energie Q78 Sociale achtergrond: Eigenaar/huurder (Q7) Sociale groep, opleid,inkomen… - dagdagelijks - investering - verbruik Kennis Attitude Belang van energiebesparing Q3= energiebwz Persoonsgebonden kenmerken Type woning Q5, Q6, Q8, Q9 Objectieve externe elementen Geslacht en leeftijd Dagdagelijkse kennis van energie Mate van geïnformeerd zijn: Q87,Q93,Q111 Kennis van energiebeleid door overheid Q89, Q94 Conceptueel Model Gedrag

26 II. Resultaten

27 p.26 – E051 Attitude  Belang van energiebesparing  Kritisch kijken naar eigen energieverbruik

28 p.27 – E051 Stilstaan bij energie Q78 Sociale achtergrond: Eigenaar/huurder (Q7) Sociale groep, opleid,inkomen… - dagdagelijks - investering - verbruik Kennis Attitude Belang van energiebesparing Q3= energiebwz Persoonsgebonden kenmerken Type woning Q5, Q6, Q8, Q9 Objectieve externe elementen Geslacht en leeftijd Dagdagelijkse kennis van energie Mate van geïnformeerd zijn: Q87,Q93,Q111 Kennis van energiebeleid door overheid Q89, Q94 Attitude Gedrag

29 p.28 – E051 Attitude Belang van energiebesparing Q3: In hoeverre vindt u energiebesparing belangrijk? (basis: allen) De mate waarin men energiebesparing heel belangrijk vindt wordt steeds sterker.

30 p.29 – E051 Attitude Belang van energiebesparing Q3: In hoeverre vindt u energiebesparing belangrijk? (basis: allen) In West-Vlaanderen vindt men energiebesparing het belangrijkst. Maar geen vooruitgang tegenover In de andere provincies stijgt het aandeel “heel belangrijk” met circa 5 procentpunten. In West-Vlaanderen vindt men energiebesparing het belangrijkst. Maar geen vooruitgang tegenover In de andere provincies stijgt het aandeel “heel belangrijk” met circa 5 procentpunten.

31 p.30 – E051 Attitude Belang van energiebesparing Q3: In hoeverre vindt u energiebesparing belangrijk? (basis: allen) De jongste groepen zijn het minst overtuigd van het belang van energiebesparing. Bij is de score voor “heel belangrijk van 30% naar 39% gestegen. Bij de groepen en was de score voor “heel belangrijk” 10 procentpunten lager in De jongste groepen zijn het minst overtuigd van het belang van energiebesparing. Bij is de score voor “heel belangrijk van 30% naar 39% gestegen. Bij de groepen en was de score voor “heel belangrijk” 10 procentpunten lager in 2005.

32 p.31 – E051 Stilstaan bij energie Q78 Sociale achtergrond: Eigenaar/huurder (Q7) Sociale groep, opleid,inkomen… - dagdagelijks - investering - verbruik Kennis Attitude Belang van energiebesparing Q3= energiebwz Persoonsgebonden kenmerken Type woning Q5, Q6, Q8, Q9 Objectieve externe elementen Geslacht en leeftijd Dagdagelijkse kennis van energie Mate van geïnformeerd zijn: Q87,Q93,Q111 Kennis van energiebeleid door overheid Q89, Q94 Attitude Gedrag

33 p.32 – E051 Attitude Kritisch kijken naar eigen houding bij energieverbruik Q78: Kritisch kijken naar eigen houding bij energieverbruik (basis: allen) Q78: Kritisch kijken naar eigen houding bij energieverbruik (basis: allen) Terwijl 94% zegt dat energiebesparing belangrijk is, blijkt toch maar 65% zuinig of heel zuinig te werk gaat. De kritische houding over het energieverbruik is niet strenger geworden tegenover Terwijl 94% zegt dat energiebesparing belangrijk is, blijkt toch maar 65% zuinig of heel zuinig te werk gaat. De kritische houding over het energieverbruik is niet strenger geworden tegenover 2005.

34 p.33 – E051 Attitude Kritisch kijken naar eigen houding bij energieverbruik Q78: Kritisch kijken naar eigen houding bij energieverbruik (basis: allen) Q78: Kritisch kijken naar eigen houding bij energieverbruik (basis: allen) De laagste sociale groepen hebben een aanzienlijk grotere groep “heel zuinigen”. Sociale groep

35 p.34 – E051 Attitude Verbanden Q3: In hoeverre vindt u energiebesparing belangrijk? Gekruist met Q78: Kritisch kijken naar eigen energieverbruik (basis: allen) Q3: In hoeverre vindt u energiebesparing belangrijk? Gekruist met Q78: Kritisch kijken naar eigen energieverbruik (basis: allen) typering houding t.o.v. energie Stilstaan bij energie Q78 Attitude Belang van energiebesparing Q3 =energiebwz Van de groep die zegt niet stil te staan bij haar energieverbruik, zegt 42% toch nog dat energiebesparing heel belangrijk is.

36 p.35 – E051 Attitude Kritisch kijken naar eigen houding bij energieverbruik Q79: Waarom gaat u zuinig om met energie? (basis: diegenen die heel zuinig tot niet bijzonder zuinig omgaan met energie) Q79: Waarom gaat u zuinig om met energie? (basis: diegenen die heel zuinig tot niet bijzonder zuinig omgaan met energie) De belangrijkste drijfveer blijft geld besparen. De actualiteit zorgt voor extra aandacht voor de elektriciteitsprijzen. Het milieu wordt ook nog door een heel aantal mensen genoemd... maar pas in tweede instantie De belangrijkste drijfveer blijft geld besparen. De actualiteit zorgt voor extra aandacht voor de elektriciteitsprijzen. Het milieu wordt ook nog door een heel aantal mensen genoemd... maar pas in tweede instantie

37 p.36 – E051 Attitude Kritisch kijken naar eigen houding bij energieverbruik Q79: Waarom gaat u zuinig om met energie? (basis: diegenen die heel zuinig tot niet bijzonder zuinig omgaan met energie) Q79: Waarom gaat u zuinig om met energie? (basis: diegenen die heel zuinig tot niet bijzonder zuinig omgaan met energie) Het financiële is de eerstgenoemde reden voor 85%. Het mileu voor slechts 12%.

38 p.37 – E051 Attitude Kritisch kijken naar eigen houding bij energieverbruik Q80: Waarom gaat u soms niet zuinig om met energie? Men vindt het soms te veel moeite om zuinig om te gaan met energie. Cfr. “Wat is jouw excuus?” campagne BIVV. Men vindt het soms te veel moeite om zuinig om te gaan met energie. Cfr. “Wat is jouw excuus?” campagne BIVV.

39 p.38 – E051 Key Facts Attitude  Het energiebewustzijn is alomtegenwoordig en stijgende. 94% vindt energiebesparing belangrijk.  Niet iedereen die energiebesparing belangrijk vindt, gaat ook zuinig om met energie.  Gemakzucht of comfort liggen het vaakst aan de basis van minder zuinig gedrag.  De financiële kant van de zaak is de belangrijkste motivator. Milieu is slechts voor 12% de belangrijkste reden om zuinig om te gaan met energie.

40 p.39 – E051 Kennis  Dagdagelijkse kennis van energie  Mate van geïnformeerd zijn  Kennis van overheidsbeleid

41 p.40 – E051 Stilstaan bij energie Q78 Sociale achtergrond: Eigenaar/huurder (Q7) Sociale groep, opleid,inkomen… - dagdagelijks - investering - verbruik Kennis Attitude Belang van energiebesparing Q3= energiebwz Persoonsgebonden kenmerken Type woning Q5, Q6, Q8, Q9 Objectieve externe elementen Geslacht en leeftijd Dagdagelijkse kennis van energie Mate van geïnformeerd zijn: Q87,Q93,Q111 Kennis van energiebeleid door overheid Q89, Q94 Kennis Gedrag

42 p.41 – E051 Kennis Dagdagelijkse kennis van energie Vraag: Q74-Q75-Q76-Q93-Q94: Kent u de volgende zaken (% ja) De Vlamingen zijn beter dan in 2005 op de hoogte van verschillende tips & tricks om energie te besparen.

43 p.42 – E051 Kennis Dagdagelijkse kennis van energie Vraag: Q18-Q46-Q51-Q65-Q66: Kent u de volgende zaken (% ja) Ook de kennis van HR glas en energielabels is significant gestegen.

44 p.43 – E051 Q65: Kent u het energielabel dat op deze foto afgebeeld staat? (basis: allen) Kennis Dagdagelijkse kennis van energie: energielabel De groep tussen 25 en 44 herkent het label het meest. Hoe hoger opgeleid, hoe meer men het label kent. De groep tussen 25 en 44 herkent het label het meest. Hoe hoger opgeleid, hoe meer men het label kent.

45 p.44 – E051 Q66: Kent u het energielabel A+ en A++ dat op deze foto afgebeeld staat? (basis: allen) Kennis Dagdagelijkse kennis van energie: energielabel Mensen zonder secundair diploma herkennen het A++ label het minst. Bij de verdeling naar leeftijd is de groep de uitschieter. Mensen zonder secundair diploma herkennen het A++ label het minst. Bij de verdeling naar leeftijd is de groep de uitschieter.

46 p.45 – E051 Q67: Voor welke toestellen zijn deze A+ en A++ labels volgens u van toepassing? (basis: kennen A++ label) Kennis Dagdagelijkse kennis van energie: energielabel Drie kwart van diegenen die het A++ label kennen, weten dat het van toepassing is op zowel koelkasten als diepvriezers.

47 p.46 – E051 Q46: Kent u een douchekop die water bespaart? (N=1026, allen) Q47: Welk type douchekop heeft u? (N=1021, indien men een douche of een bad heeft) Q46: Kent u een douchekop die water bespaart? (N=1026, allen) Q47: Welk type douchekop heeft u? (N=1021, indien men een douche of een bad heeft) ratio's Kennis Dagdagelijkse kennis van energie: doucheknop Kennis en gebruik van de spaardouchekop stagneert.

48 p.47 – E051 Q18: Bent u op de hoogte van het bestaan van HR glas? (basis: allen) Kennis Dagdagelijkse kennis van energie: HR glas Mannen en Vlamingen tussen 35 en 54 jaar kennen HR glas het best.

49 p.48 – E051 Stilstaan bij energie Q78 Sociale achtergrond: Eigenaar/huurder (Q7) Sociale groep, opleid,inkomen… - dagdagelijks - investering - verbruik Kennis Attitude Belang van energiebesparing Q3= energiebwz Persoonsgebonden kenmerken Type woning Q5, Q6, Q8, Q9 Objectieve externe elementen Geslacht en leeftijd Dagdagelijkse kennis van energie Mate van geïnformeerd zijn: Q87,Q93,Q111 Kennis van energiebeleid door overheid Q89, Q94 Kennis Gedrag

50 p.49 – E051 Kennis Mate van geïnformeerd zijn: opleiding energie Q111: Heeft u of iemand anders in uw gezin in uw/zijn/haar opleiding of in een andere cursus onderricht gekregen inzake energie of inzake technische installaties ? (Basis: allen) Sociale groep 15% van de Vlamingen had zelf of via een gezinslid een opleiding inzake energie of technische installaties.

51 p.50 – E051 Kennis Mate van geïnformeerd zijn: premies Q87: Bent u op de hoogte dat uw elektriciteitsnetbeheerder premies geeft voor een aantal energiebesparende investeringen? (Basis: allen) Belang van energiebesparing Ook het feit dat de elektriciteitsnetbeheerders met premies werken is beter bekend dan in 2005.

52 p.51 – E051 Kennis Mate van geïnformeerd zijn: premies Q88: Heeft u reeds een premie aangevraagd bij uw elektriciteitsnetbeheerder? (Basis: weten dat dit bestaat) Belang van energiebesparing Van diegenen die op de hoogte zijn van de premies, vroeg reeds één vijfde een premie aan.

53 p.52 – E051 Kennis Mate van geïnformeerd zijn: website Q93: Kent u of heeft u al gehoord van de website ? (basis: allen)www.energiesparen.be Q93: Kent u of heeft u al gehoord van de website ? (basis: allen)www.energiesparen.be De bekendheid van de website is voor alle groepen, behalve de laagst opgeleiden gestegen.

54 p.53 – E051 Kennis Mate van geïnformeerd zijn: website Q99: Heeft u de website ooit bezocht? (basis: kennen website)www.energiesparen.be Q99: Heeft u de website ooit bezocht? (basis: kennen website)www.energiesparen.be Meer mensen die de site kennen, bezochten ook de site, in vergelijking met 2005.

55 p.54 – E051 Kennis Mate van geïnformeerd zijn: website Q100: Wat zoekt u gewoonlijk op (basis: bezochten reeds de website)

56 p.55 – E051 Stilstaan bij energie Q78 Sociale achtergrond: Eigenaar/huurder (Q7) Sociale groep, opleid,inkomen… - dagdagelijks - investering - verbruik Kennis Attitude Belang van energiebesparing Q3= energiebwz Persoonsgebonden kenmerken Type woning Q5, Q6, Q8, Q9 Objectieve externe elementen Geslacht en leeftijd Dagdagelijkse kennis van energie Mate van geïnformeerd zijn: Q87,Q93,Q111 Kennis van energiebeleid door overheid Q89, Q94 Kennis Gedrag

57 p.56 – E051 Kennis Kennis van overheidsbeleid Q89: Op de hoogte van fiscale maatregelen van de volgende energiebesparende acties? % ja, op de hoogte (Basis: allen) Q89: Op de hoogte van fiscale maatregelen van de volgende energiebesparende acties? % ja, op de hoogte (Basis: allen) Q90: Reeds gebruik gemaakt van fiscale maatregelen voor de volgende energiebesparende acties? (% ja, gebruik gemaakt bij hen die het kennen) Q90: Reeds gebruik gemaakt van fiscale maatregelen voor de volgende energiebesparende acties? (% ja, gebruik gemaakt bij hen die het kennen) De bekendheid van alle fiscale maatregelen is flink gestegen. Het gebruik ervan is echter een stuk lager zonnepanelen en zonneboiler. De bekendheid van alle fiscale maatregelen is flink gestegen. Het gebruik ervan is echter een stuk lager zonnepanelen en zonneboiler.

58 p.57 – E051 Kennis Kennis van overheidsbeleid Q94A: Kennis van brochures uitgegeven door Vlaamse Overheid? % ja, kent de brochure (basis: allen) Q94A: Kennis van brochures uitgegeven door Vlaamse Overheid? % ja, kent de brochure (basis: allen) Q94B: Brochure gelezen of geraadpleegd ? % ja, bij hen die de brochure kennen Q94B: Brochure gelezen of geraadpleegd ? % ja, bij hen die de brochure kennen Ook de bekendheid van de brochures van de Vlaamse Overheid is gestegen, soms zelfs verdubbeld. De stijging in bekenheid resulteert in een relatief lager gebruik.

59 p.58 – E051 Kennis Kennis van overheidsbeleid Q177: Kennis van energieprestatiecertificaat? (basis: allen) Q177: Kennis van energieprestatiecertificaat? (basis: allen) Q277: U vindt dit een... maatregel? (basis: allen) Q277: U vindt dit een... maatregel? (basis: allen) Een op vijf Vlamingen kent het energieprestatiecertificaat. 73% vindt dit een goede maatregel.

60 p.59 – E051 Kennis Kennis van overheidsbeleid Q101: Wat vindt u van het energiebeleid van de overheid? De overheid... (basis: allen) Q101: Wat vindt u van het energiebeleid van de overheid? De overheid... (basis: allen) De evaluatie van het energiebeleid van de overheid is lichtjes positiever geworden.... stimuleert rationeel energiegebruik... voert een goed energiebesparend beleid... levert mij informatie die gericht is op energie besparing

61 p.60 – E051 Key Facts Kennis  Naast de attitude is op de meeste vlakken ook de kennis over energiebesparing gestegen.  Enkel kennis (en gebruik) van spaardouchekoppen is stabiel gebleven.  Ook de kennis over de maatregelen vanwege de overheid stijgen in bekendheid.  De website geniet ook meer bekendheid dan in 2008.www.energiesparen.be

62 p.61 – E051 Gedrag  Dagdagelijks gedrag  Investeringen  Verbruik

63 p.62 – E051 Stilstaan bij energie Q78 Sociale achtergrond: Eigenaar/huurder (Q7) Sociale groep, opleid,inkomen… DAGDAGELIJKS - investering - verbruik Kennis Attitude Belang van energiebesparing Q3= energiebwz Persoonsgebonden kenmerken Type woning Q5, Q6, Q8, Q9 Objectieve externe elementen Geslacht en leeftijd Dagdagelijkse kennis van energie Mate van geïnformeerd zijn: Q87,Q93,Q111 Kennis van energiebeleid door overheid Q89, Q94 Gedrag

64 p.63 – E051 Gedrag Dagdagelijks gedrag: verwarming Q23: verwarming lager zetten bij slapen gaan (% ja) Q24: Verwarming lager zetten wanneer er gedurende meer dan 4 uur niemand thuis is (% altijd+meestal) Wanneer niemand thuis is, wordt de verwarming door bijna drie kwart van de Vlamingen afgezet. Wanneer men de “niet van toepassing” antwoorden buiten beschouwing laat voor Q23, dan gaat het in 2005 en 2008 om 95% ja-antwoorden. Wanneer niemand thuis is, wordt de verwarming door bijna drie kwart van de Vlamingen afgezet. Wanneer men de “niet van toepassing” antwoorden buiten beschouwing laat voor Q23, dan gaat het in 2005 en 2008 om 95% ja-antwoorden.

65 p.64 – E051 Q25: Welke ruimtes worden er overdag verwarmd als er iemand thuis is? Niet het vorstvrij houden van verwarming. (basis: allen) % 100% 91% 88%86% 25%33%24%27% 68%79%70%62% 31%38%32%28% Basis:2005 (n=1001) 2008 (n=1026) Gedrag Dagdagelijks gedrag: verwarming Zowel de slaapkamers als de hal worden minder vaak overdag verwarmd.

66 p.65 – E051 Q42: Heeft u in uw woning een bad? (basis: allen) Q43: Heeft u in uw woning een afzonderlijke douche? (basis: allen) Gedrag Dagdagelijks gedrag: douche/bad Er is iets vaker dan in 2005 een afzonderlijke douche in huis.

67 p.66 – E051 Q52 ev: Soorten lampen ? (N= 1026, allen) % aanwezigtotaal aantal 89% % % % totaal aantal Gedrag Dagdagelijks gedrag: verlichting De aanwezigheid van gloeilampen blijft dalen (96% in 2003 naar 89% in 2005 tot 81% nu) terwijl de aanwezigheid en aantal halogeenlampen blijft stijgen (64% in 2003 naar 71% in 2005 tot 79% nu). Het percentage Vlamingen met spaarlampen in huis steeg van 50% naar 73%, maar stagneert nu. Het gemiddeld aantal spaarlampen in huis stijgt wel. De aanwezigheid van gloeilampen blijft dalen (96% in 2003 naar 89% in 2005 tot 81% nu) terwijl de aanwezigheid en aantal halogeenlampen blijft stijgen (64% in 2003 naar 71% in 2005 tot 79% nu). Het percentage Vlamingen met spaarlampen in huis steeg van 50% naar 73%, maar stagneert nu. Het gemiddeld aantal spaarlampen in huis stijgt wel.

68 p.67 – E051 Q60: Zou u in de toekomst kapotte spaarlampen vervangen door gewone gloeilampen ? (Basis: mensen die spaarlampen hebben) Gedrag Dagdagelijks gedrag: verlichting Steeds meer mensen zullen hun spaarlampen NIET vervangen door gloeilampen. Uit Q62 blijkt dat 73% van plan is om gloeilampen later door spaarlampen te vervangen (2005: 60%) Steeds meer mensen zullen hun spaarlampen NIET vervangen door gloeilampen. Uit Q62 blijkt dat 73% van plan is om gloeilampen later door spaarlampen te vervangen (2005: 60%)

69 p.68 – E051 Q61: Redenen om geen spaarlampen te gebruiken ? (Basis: mensen die geen spaarlampen hebben) Q61: Redenen om geen spaarlampen te gebruiken ? (Basis: mensen die geen spaarlampen hebben) Gedrag Dagdagelijks gedrag: verlichting Men is tevreden over de huidige lampen (cfr. “redenen om niet altijd zuinig met energie om te gaan”. Dat ze onpraktisch of niet estetisch (zouden) zijn, wordt door een heel aantal mensen vernoemd. Men is tevreden over de huidige lampen (cfr. “redenen om niet altijd zuinig met energie om te gaan”. Dat ze onpraktisch of niet estetisch (zouden) zijn, wordt door een heel aantal mensen vernoemd.

70 p.69 – E051 Q63: Toestellen in gebruik in de woning (N= 1026, allen) % aanwezigtotaal aantal 94%947 87%889 85%977 74%847 71%712 67%688 52%529 23% totaal aantal Totaal = 6.083Totaal = Gedrag Dagdagelijks gedrag: toestellen Het aantal huishoudelijke toestellen blijft stabiel ten opzichte van Er zijn iets meer microgolfovens in 2008.

71 p.70 – E051 Q63: Toestellen in gebruik in de woning (N= 1026, allen) % aanwezigtotaal aantal 99% % % % % % % % totaal aantal Totaal = Totaal = Gedrag Dagdagelijks gedrag: toestellen Wanneer men enkel kijkt naar het aantal mensen met een bepaald toestel in huis, valt vooral op dat videospelers gewisseld worden voor DVD spelers. Kijken naar het totaal aantal toestellen valt ook de stijging voor het aantal GSM laders en computers op. Wanneer men enkel kijkt naar het aantal mensen met een bepaald toestel in huis, valt vooral op dat videospelers gewisseld worden voor DVD spelers. Kijken naar het totaal aantal toestellen valt ook de stijging voor het aantal GSM laders en computers op.

72 p.71 – E051 Q64: Indien u een nieuw elektrisch apparaat gaat kopen, let u dan... op het elektriciteitsverbruik van dat toestel? (basis: allen) typering houding t.o.v. energie Gedrag Dagdagelijks gedrag: toestellen Er wordt wel steeds vaker gekeken naar het energielabel van nieuwe elektrische apparaten. Toch doet nog niet de helft dit altijd.

73 p.72 – E051 Q70: Hoe vaak zet u uw afwasmachine aan wanneer ze slechts half gevuld is? (basis: hebben afwasmachine) typering houding t.o.v. energie Q71: Hoe vaak zet u uw wasmachine aan wanneer ze slechts half gevuld is? (basis: hebben wasmachine) Gedrag Dagdagelijks gedrag: toestellen Ook in het gebruik van afwas- en wasmachine, zien we een zuiniger gedrag.

74 p.73 – E051 Q86: Welke van de volgende energiebesparende maatregelen bent u of is uw gezin van plan te nemen in de komende 5 jaar? (Basis= 2005:n=1001; 2008:n=1026) Q86: Welke van de volgende energiebesparende maatregelen bent u of is uw gezin van plan te nemen in de komende 5 jaar? (Basis= 2005:n=1001; 2008:n=1026) aankopen energiezuinige elektrische toestellen aanbrengen spaarlampen spaardouchekop plaatsen tochtstrips voor ramen minder stand-by apparaten laten aanstaan minder water gebruiken minder verwarmen Gedrag Dagdagelijks gedrag:algemeen Elk van de dagdagelijks energiebesparende maatregelen worden beter uitgevoerd als in Toch blijven er nog steeds een aanzienlijk aantal mensen niet van plan om deze acties te ondernemen. Elk van de dagdagelijks energiebesparende maatregelen worden beter uitgevoerd als in Toch blijven er nog steeds een aanzienlijk aantal mensen niet van plan om deze acties te ondernemen.

75 p.74 – E051 Minder stand-by apparaten laten staan Gedrag Dagdagelijks gedrag: toestellen Hoe ouder men is, hoe hoger de kans dat men apparaten niet op stand-by laat.

76 p.75 – E051 Gedrag Dagdagelijks gedrag: groene stroom Q92: Heeft u een groene elektriciteitscontract? (basis: allen) Q92: Heeft u een groene elektriciteitscontract? (basis: allen) Q192: Waarom niet? (basis: hebben geen groen elektriciteitscontract) Q192: Waarom niet? (basis: hebben geen groen elektriciteitscontract) Respondenten geven aan dat ze niet genoeg weten in verband met groene stroom om er eventueel gebruik van te maken.

77 p.76 – E051 Key Facts Dagdagelijks Gedrag  Het dagdagelijks energie besparen gaat er op vooruit. Er zijn verschillende zaken die de Vlamingen beter ter harte nemen om op die manier energie te besparen. Maar... alles kan beter uiteraard.  Tegelijkertijd is er een evolutie naar meer toestellen in huis. Het komt er op aan de aankoop en het gebruik hiervan verstandig te houden  slechts 45% let steeds op het verbruikslabel bij het aankopen van een toestel.  Opvallend: tegenover een daling van het aantal gloeilampen en de stijging van spaarlampen staat een stijging van het aantal halogeenlampen.

78 p.77 – E051 Stilstaan bij energie Q78 Sociale achtergrond: Eigenaar/huurder (Q7) Sociale groep, opleid,inkomen… - Dagdagelijks INVESTERING - verbruik Kennis Attitude Belang van energiebesparing Q3= energiebwz Persoonsgebonden kenmerken Type woning Q5, Q6, Q8, Q9 Objectieve externe elementen Geslacht en leeftijd Dagdagelijkse kennis van energie Mate van geïnformeerd zijn: Q87,Q93,Q111 Kennis van energiebeleid door overheid Q89, Q94 Gedrag

79 p.78 – E051 Q12-Q13-Q14-Q15-Q16-Q17: Isolatievormen (% geheel of gedeeltelijk) Gedrag Investering: Isolatie Vloerisolatie en dubbelglas vertonen een significante stijging ten opzichte van 2005.

80 p.79 – E051 Q12-14: Is uw woning geheel of gedeeltelijk voorzien van …isolatie? Gedrag Investering: Isolatie

81 p.80 – E051 Q16: Is uw woning geheel of gedeeltelijk voorzien van muurisolatie? Gedrag Investering: Isolatie Er is een duidelijk verband tussen de leeftijd van het huis en de muurisolatie.

82 p.81 – E051 Q19: Wat voor soort dubbelglas werd er geplaatst? (basis: hebben dubbel glas) Gedrag Investering: Dubbel glas Meestal is er gewoon dubbelglas aanwezig. In de huizen ouder dan 30 werd al terug wat meer verbeterd dubbelglas geplaatst. Meestal is er gewoon dubbelglas aanwezig. In de huizen ouder dan 30 werd al terug wat meer verbeterd dubbelglas geplaatst.

83 p.82 – E051 Q20: Heeft u of één van u gezinsleden zelf beslist om dubbelglas te plaatsen of te plaatsen in uw huidige woning? (basis: hebben dubbel glas) Gedrag Investering: dubbel glas Driekwart van de eigenaars besliste zelf om dubbelglas te plaatsen.

84 p.83 – E051 Q21: In hoeverre waren de volgende redenen voor uw gezin belangrijk om dubbelglas aan te brengen ? (basis: enkel zij die zelf beslisten om dubbelglas in hun woning te laten plaatsen) Basis:2005 (n=567) 2008 (n=556) Gedrag Investering: dubbel glas Energiebesparing is de belangrijkste drijfveer voor het plaatsen van dubbelglas. Praktische omstandigheden (slijtage, lawaai) zijn van de tweede orde.

85 p.84 – E051 Aanbrengen dubbelglas Gedrag Investering: aanbrengen dubbel glas naar leeftijd en actie De 75-plussers zijn voor een groot deel niet van plan om dubbelglas te laten plaatsen.

86 p.85 – E051 Q86: Welke van de volgende energiebesparende maatregelen bent u of is uw gezin van plan te nemen in de komende 5 jaar? (Basis= 2005:n=1001; 2008:n=1026) Q86: Welke van de volgende energiebesparende maatregelen bent u of is uw gezin van plan te nemen in de komende 5 jaar? (Basis= 2005:n=1001; 2008:n=1026) energiezuinige verwarmingsketel aanbrengen dubbelglas aanbrengen dakisolatie aanbrengen muurisolatie aanbrengen vloerisolatie Gedrag Investering: energiebesparende maatregelen naar actie Een vijfde van de Vlamingen is van plan om een energiezuinige verwarmingsketel te (laten) plaatsen in de komende vijf jaar. Dé redenen om zo’n investering niet te plannen zijn vooral: “ik huur”, “te duur”, “te oud”. Een vijfde van de Vlamingen is van plan om een energiezuinige verwarmingsketel te (laten) plaatsen in de komende vijf jaar. Dé redenen om zo’n investering niet te plannen zijn vooral: “ik huur”, “te duur”, “te oud”.

87 p.86 – E051 Q26 Hoofdbrandstof voor verwarming Gedrag Investering: Verwarming Al sinds 2001 heeft aardgas stookolie voorbijgestoken als hoofdbrandstof voor verwarming. Deze trend houdt aan in % van de Vlamingen verwarmt voornamelijk met elektriciteit. Al sinds 2001 heeft aardgas stookolie voorbijgestoken als hoofdbrandstof voor verwarming. Deze trend houdt aan in % van de Vlamingen verwarmt voornamelijk met elektriciteit.

88 p.87 – E051 Q26 Hoofdbrandstof voor verwarming met type woning (basis: allen) Gedrag Investering: Verwarming Bijna één of vijf appartementen wordt met elektriciteit verwarmd.

89 p.88 – E051 Q26 Hoofdbrandstof voor verwarming met type woning (basis: allen) Gedrag Investering: Verwarming In woningen van 10 jaar of minder, wordt nog voor een aanzienlijk deel op elektriciteit verwarmd. De hoogdagen van nieuwe woningen die verwarmen op elektriciteit lijken nog niet helemaal voorbij.

90 p.89 – E051 Q26 Hoofdbrandstof voor verwarming met gemeentetype (basis: allen) Gedrag Investering: Verwarming In de steden wordt vaker op aardgas verwarmd. Merk op: het aandeel(tje) van hout en steenkook in de kleine lokaliteiten en landelijke gemeenten. In de steden wordt vaker op aardgas verwarmd. Merk op: het aandeel(tje) van hout en steenkook in de kleine lokaliteiten en landelijke gemeenten.

91 p.90 – E051 Q27: Bijverwarming (allen) Gedrag Investering: Verwarming Bijverwarming gebeurt even vaak op elektriciteit als op hout. Zes op de tien huizen wordt niet bijverwarmd. Bijverwarming gebeurt even vaak op elektriciteit als op hout. Zes op de tien huizen wordt niet bijverwarmd.

92 p.91 – E051 Q28: hoe vaak maakt uw gezin tijdens de wintermaanden gebruik van hout als verwarmingsbron? (Basis: zij die hout als hoofdverwarming of als bijverwarming gebruiken) Q28: hoe vaak maakt uw gezin tijdens de wintermaanden gebruik van hout als verwarmingsbron? (Basis: zij die hout als hoofdverwarming of als bijverwarming gebruiken) Gedrag Investering: Verwarming De mate waarin met hout wordt verwarmd is wel gestegen tegenover 2005.

93 p.92 – E051 Q29 Verwarmingssystemen. Op welke wijze verwarmt u hoofdzakelijk? (basis: allen) Q30: Werkt uw centrale verwarming in de eet-/zitkamer hoofdzakelijk via…? Gedrag Investering: Verwarming Geen verschillen tegenover 2005.

94 p.93 – E051 Q31: Welk type gasketel heeft u? (basis: verwarmen met gas met een individuele installatie) Gedrag Investering: Verwarming

95 p.94 – E051 Q32: Welk type stookolieketel heeft u? (basis: verwarmen met stookolie) Gedrag Investering: Verwarming Drie stookolie ketels op vier zijn gewone ketels.

96 p.95 – E051 Vraag: Q34 Thermostaat en/of buitenvoeler (basis: allen) Gedrag Investering: Verwarming Geen significante verschillen of trends voor de verschillende types thermostaten.

97 p.96 – E051 Q4: Gevoelsmatig verbruik voor verwarming (basis: aardgasverbruikers N=617) Q4: Gevoelsmatig verbruik voor verwarming (basis: aardgasverbruikers N=617) AardgasStookolie Gedrag Investering: Subj. verbruik voor verwarming naar feitelijk verbruik Q4: Gevoelsmatig verbruik voor verwarming (basis: stookolieverbruikers N=313) Q4: Gevoelsmatig verbruik voor verwarming (basis: stookolieverbruikers N=313)

98 p.97 – E051 Q39: Heeft u, wanneer de zon fel schijnt in de zomer, last van oververhitting in uw woning? (basis: allen) Gedrag Investering: Ventilatie en koeling Iets minder ventilatie of koeling in de Vlaamse woningen. Oververhitting blijft een probleem voor een kwart van de woningen. Iets minder ventilatie of koeling in de Vlaamse woningen. Oververhitting blijft een probleem voor een kwart van de woningen.

99 p.98 – E051 Q40: Heeft u in uw woning een airconditioningssysteem ? (Basis: allen) Q40: Heeft u in uw woning een airconditioningssysteem ? (Basis: allen) Q41: Bent u of is uw gezin van plan om in de komende vijf jaar in uw woning een airconditioningssysteem te plaatsen? (Base: zij die momenteel nog geen systeem hebben) Gedrag Investering: Koeling Nog geen opwaartse trend zichtbaar voor air conditioning in de Vlaamse woningen.

100 p.99 – E051 Q49: Op welke manier voorziet u uw badkamer van warm water? (allen) Gedrag Investering: Warm water Geen significante verschillen.

101 p.100 – E051 Q49: Op welke manier voorziet u uw badkamer van warm water? (basis: allen) Gedrag Investering: Warm water In Limburg en Vlaams Brabant wordt de badkamer vaker voorzien van warm water via de CV.

102 p.101 – E051 Q50: Op welke manier voorziet u uw keuken van warm water? (allen) Gedrag Investering: Warm water Geen significante verschillen.

103 p.102 – E051 Q50: Op welke manier voorziet u uw keuken van warm water? (basis: allen) Gedrag Investering: Warm water Ook voor de keuken is in Limburg en Vlaams Brabant warm water via de CV de belangrijkste optie.

104 p.103 – E051 Q68: Op welke energiebron werken uw kookplaten? Q69: Op welke energiebron werkt uw oven? Gedrag Investering: Energiebron koken Er is een stijgende trend voor het gebruik van elektriciteit voor kookplaten in de keuken. Zowel aardgas als butaan/propaan hebben een lager aandeel ten opzichte van 10 jaar geleden.

105 p.104 – E051 Q58: Verlichting in de tuin of gevel? (basis: allen) Gedrag Investering: Verlichting Geen duidelijke trend te zien in de mate waarin men tuin- of gevelverlichting heeft.

106 p.105 – E051 Key Facts Investeringsgedrag  Dubbelglas is de best ingeburgerde isolatievorm en behoudt zijn stijgende lijn. Van de andere isolatievormen toont enkel vloerisolatie een positieve trend.  Een vijfde is van plan om binnen de komende vijf jaar een energiezuinige verwarmingsketel te installeren. Ook het aanbrengen dubbelglas en dakisolatie staat voor ongeveer één tiende van de Vlamingen op het programma.  Aardgas blijft er op vooruit gaan als hoofdverwarmingsbron en dit ten nadele van stookolie.  Voorlopig denken nog niet te veel mensen aan airconditioning in huis.

107 p.106 – E051 Stilstaan bij energie Q78 Sociale achtergrond: Eigenaar/huurder (Q7) Sociale groep, opleid,inkomen… - dagelijks - investering VERBRUIK Kennis Attitude Belang van energiebesparing Q3= energiebwz Persoonsgebonden kenmerken Type woning Q5, Q6, Q8, Q9 Objectieve externe elementen Geslacht en leeftijd Dagdagelijkse kennis van energie Mate van geïnformeerd zijn: Q87,Q93,Q111 Kennis van energiebeleid door overheid Q89, Q94 Gedrag

108 p.107 – E051 Q2: Kan u aangeven wat in 2007 uw exact verbruik was van ….? Gedrag Verbruik: gemiddeld jaarlijks energieverbruik

109 p.108 – E051 Gedrag Verbruik: Subjectief energieverbruik naar visie op eigen verbruik Q81: Denkt u dat het energieverbruik van uw gezin de laatste 10 jaar gestegen, gedaald of gelijk is gebleven? (basis:allen) Hoe zuiniger men zich beschouwt, hoe sterker het gevoel van een dalend verbruik aanwezig is. Meer dan in 2005, heeft men het gevoel dat het energieverbruik in het gezin gedaald is. Hoe zuiniger men zich beschouwt, hoe sterker het gevoel van een dalend verbruik aanwezig is. Meer dan in 2005, heeft men het gevoel dat het energieverbruik in het gezin gedaald is.

110 p.109 – E051 Q81: Denkt u dat het energieverbruik van uw gezin de laatste 10 jaar gestegen, gedaald of gelijk is gebleven? (basis: allen) Gedrag Verbruik: Subjectief energieverbruik naar feitelijk verbruik Het gevoel van een stijgend energieverbruik komt overeen met een feitelijk hoger jaarlijks verbruik van elektriciteit en aardgas. Maareen lager stookolieverbruik. Elektriciteit Aardgas Stookolie

111 p.110 – E051 Q82: Waarom is energieverbruik gedaald ? (Basis: zij die menen dat hun energieverbruik gedaald is) Q82: Waarom is energieverbruik gedaald ? (Basis: zij die menen dat hun energieverbruik gedaald is) Verschillende energiebesparende maatregelen, aankopen en investeringen zijn belangrijker geworden als reden. Gedrag Verbruik: Subjectief energieverbruik, waarom gedaald

112 p.111 – E051 Q83: Waarom is energieverbruik gestegen? (Basis: zij die menen dat hun energieverbruik gestegen is) Q83: Waarom is energieverbruik gestegen? (Basis: zij die menen dat hun energieverbruik gestegen is) “Kinderen worden groter” stond in 2005 niet als antwoordmogelijkheid vermeld. Meer toestellen in het huis brengen meer verbruik met zich mee. Ook het aantal personen binnen het gezin heeft zijn invloed. Gedrag Verbruik: Subjectief energieverbruik, waarom gestegen

113 p.112 – E051 Attitude Subjectief energieverbruik Het subjectieve gevoel over verbruik is niet veranderd t.o.v Verwarming Verlichting Elektriciteit toestellen Met Q4: Ik heb het gevoel dat wij als gezin….verbruiken? (2005: N= : N=1026, allen) Met Q4: Ik heb het gevoel dat wij als gezin….verbruiken? (2005: N= : N=1026, allen)

114 p.113 – E051 Q5: Is uw woning…? (N= 1026) Gedrag Verbruik: verband met type woning 1000 kWh 1000 m³ 1000 liter

115 p.114 – E051 Q7: Statuut van de bewoner? (N= 1026) Gedrag Verbruik: verband met statuut bewoner (eigenaar/huurder) 1000 kWh 1000 m³ 1000 liter

116 p.115 – E051 Q78:Kritisch kijken naar eigen houding bij energieverbruik? (N= 1026) Gedrag Verbruik: verband met stilstaan bij energieverbruik 1000 kWh 1000 m³ 1000 liter

117 p.116 – E051 Key Facts Energieverbruik  Eén Vlaming op drie is er van overtuigd dat zijn of haar gezin minder energie verbruikte in de voorbije 10 jaar. In 2005 had slechts een kwart dit gevoel.  De redenen die aangehaald worden hebben te maken met alledaagse handelingen en zuinigere toestellen en lampen.  Het gemiddeld verbruik dat de respondenten aangeven is inderdaad lager dan in 2005.

118 p.117 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag  Statuut (eigenaar/huurder)  Leeftijd  Provincies  Gezinsgrootte  Type woning  Sociale groep  Groen contract  Inkomen  Opleiding  Netbeheerder  Isolatiescore  Attitudescore  Kennisscore  Gedragscore  Score voor dagdagelijks gedrag  Score voor investeringsgedrag  Score voor energieverbruik

119 p.118 – E051 Q3: In hoeverre vindt u energiebesparing belangrijk ? Is dat voor u.... (basis: allen) Q78: Als u kritisch naar uw eigen energiegebruik kijkt, bent u dan iemand die... ? (basis: allen) Elk antwoord krijgt een bepaalde score. Deze scores worden opgeteld en omgezet naar een score op 10, de attitudescore. Verband attitude, kennis en gedrag Attitudescore Attitudescore: de scores voor de populatie

120 p.119 – E051 Kent u de volgende zaken: -Vraag 46: spaardoucheknop (1/0) -Vraag 51: spaarlamp (1/0) -Vraag 65: energielabel AtotG (1/0) -Vraag 93: website energiesparen.be (1/0) Weet u het antwoord op de volgende vragen: -Vraag 74: Verbruiken TV en TV stroom na uitschakeling met afstandsbediening? (1 als ook Vraag 75 correct is / 0) -Vraag 75: Verbruiken TV en TV stroom na uitschakeling met knop op het toestel? (1 als ook Vraag 74 correct is / 0) -Vraag 76: Verbruikt de gsm lader stroom na loskoppeling gsm? (1/0) Kent u de volgende zaken: -Vraag 46: spaardoucheknop (1/0) -Vraag 51: spaarlamp (1/0) -Vraag 65: energielabel AtotG (1/0) -Vraag 93: website energiesparen.be (1/0) Weet u het antwoord op de volgende vragen: -Vraag 74: Verbruiken TV en TV stroom na uitschakeling met afstandsbediening? (1 als ook Vraag 75 correct is / 0) -Vraag 75: Verbruiken TV en TV stroom na uitschakeling met knop op het toestel? (1 als ook Vraag 74 correct is / 0) -Vraag 76: Verbruikt de gsm lader stroom na loskoppeling gsm? (1/0) Deze scores worden opgeteld en omgezet naar een score op 10, de kennisscore Verband attitude, kennis en gedrag Kennisscore Kennisscore voor de populatie Kennisscore voor de populatie

121 p.120 – E051 Kennis Kennisscore Kent u de volgende zaken (% ja) Indien “ja”= men kent het product = 1 punt* Indien “nee”= men kent het product niet = 0 punten Deze score wordt omgezet naar een score op 10, de kennisscore *1 uitzondering Q74 + Q75 =1 (1+1=1) (1+0=1) (0+1=1) Q74 & Q75 ivm kennis stroomverbruik video/TV naargelang uitschakeling aftandsbediening/knop

122 p.121 – E051 Specifiek gedrag: -Vraag 22: verwarmt overdag lager dan 21° (1/0) -Vraag 23: verwarming wordt ‘s nachts lager gezet (1/0) -Vraag 24: bij afwezigheid wordt temp verlaagd (1/0) -Vraag 54: spaarlampen aanwezig in de woning (1/0) -Vraag 56: TL lampen aanwezig in de woning (1/0) -Vraag 57: LED lampen aanwezig in de woning (1/0) -Vraag 64: bij aankoop elect. apparaat wordt altijd gelet op het energieverbruik van het toestel (1/0) -Vraag 70: wasmachine draait nooit halfvol (1 als ook Vraag 71 correct is / 0) -Vraag 71: afwasmachine draait nooit halfvol (1 als ook Vraag 71 correct is / 0) -Vraag 73: TV niet met afstandsbediening uitschakelen (1/0) -Vraag 77: PC nooit aan laten staan bij niet gebruik (1/0) -Vraag 86.11: reeds zuinig met water omspringen (1/0) -Vraag 86.12: reeds beheerst verwarmen (1/0) -Vraag 92: Groen elektriciteitscontract (1/0) Specifiek gedrag: -Vraag 22: verwarmt overdag lager dan 21° (1/0) -Vraag 23: verwarming wordt ‘s nachts lager gezet (1/0) -Vraag 24: bij afwezigheid wordt temp verlaagd (1/0) -Vraag 54: spaarlampen aanwezig in de woning (1/0) -Vraag 56: TL lampen aanwezig in de woning (1/0) -Vraag 57: LED lampen aanwezig in de woning (1/0) -Vraag 64: bij aankoop elect. apparaat wordt altijd gelet op het energieverbruik van het toestel (1/0) -Vraag 70: wasmachine draait nooit halfvol (1 als ook Vraag 71 correct is / 0) -Vraag 71: afwasmachine draait nooit halfvol (1 als ook Vraag 71 correct is / 0) -Vraag 73: TV niet met afstandsbediening uitschakelen (1/0) -Vraag 77: PC nooit aan laten staan bij niet gebruik (1/0) -Vraag 86.11: reeds zuinig met water omspringen (1/0) -Vraag 86.12: reeds beheerst verwarmen (1/0) -Vraag 92: Groen elektriciteitscontract (1/0) Deze scores worden opgeteld en omgezet naar een score op 10, de score voor dagdagelijks gedrag Verband attitude, kennis en gedrag Gedragscore: score dagdagelijks gedrag Score dagdagelijks gedrag voor de populatie Score dagdagelijks gedrag voor de populatie

123 p.122 – E051 Volgende zaken zijn aanwezig in de woning: -Vraag 12: dakisolatie (1/0) (als ook vraag 13 correct is: geen tweede extra punt) -Vraag 13: isolatie tss onverwarmde zolder en eronder (1/0) (als ook vraag 12 correct is: geen tweede extra punt) -Vraag 14: vloerisolatie (1/0) -Vraag 15: isolatie kelder of kruipkelder (1/0) -Vraag 16: buitenmuur isolatie (1/0) -Vraag 19: verbeterd dubbel glas (1/0) -Vraag 31: laagtemperatuur-, hoogrendement- of condensatiegasketel (1/0) (als ook vraag 32 correct is: geen tweede extra punt) -Vraag 32: hoogrendement- of condensatiestookolieketel (1/0) (als ook vraag 31 correct is: geen tweede extra punt) -Vraag 33: radiatoren met thermostatische kranen (1/0) -Vraag 34: thermostaat of buitenvoeler (1/0) -Vraag 40: geen airconditioningssysteem (1/0) -Vraag 47: spaardouchekop of kop met spaarstand (1/0) Specifiek gedrag: -Vraag 88: premie electriciteitsnetbeheerder aangevraagd (1/0) -Vraag 90: gebruik gemaakt fiscale maatregelen ‘04-’07 (1/0) Volgende zaken zijn aanwezig in de woning: -Vraag 12: dakisolatie (1/0) (als ook vraag 13 correct is: geen tweede extra punt) -Vraag 13: isolatie tss onverwarmde zolder en eronder (1/0) (als ook vraag 12 correct is: geen tweede extra punt) -Vraag 14: vloerisolatie (1/0) -Vraag 15: isolatie kelder of kruipkelder (1/0) -Vraag 16: buitenmuur isolatie (1/0) -Vraag 19: verbeterd dubbel glas (1/0) -Vraag 31: laagtemperatuur-, hoogrendement- of condensatiegasketel (1/0) (als ook vraag 32 correct is: geen tweede extra punt) -Vraag 32: hoogrendement- of condensatiestookolieketel (1/0) (als ook vraag 31 correct is: geen tweede extra punt) -Vraag 33: radiatoren met thermostatische kranen (1/0) -Vraag 34: thermostaat of buitenvoeler (1/0) -Vraag 40: geen airconditioningssysteem (1/0) -Vraag 47: spaardouchekop of kop met spaarstand (1/0) Specifiek gedrag: -Vraag 88: premie electriciteitsnetbeheerder aangevraagd (1/0) -Vraag 90: gebruik gemaakt fiscale maatregelen ‘04-’07 (1/0) Deze scores worden opgeteld en omgezet naar een score op 10, de score voor investeringsgedrag Verband attitude, kennis en gedrag Gedragscore: score investeringsgedrag Score investerings gedrag voor de populatie Score investerings gedrag voor de populatie

124 p.123 – E051 De gemiddelde score voor elektriciteitsverbruik vormt de score voor energieverbruik Verband attitude, kennis en gedrag Gedragscore: score energieverbruik Score voor energieverbruik bedraagt 4040 kWh voor de populatie Score voor energieverbruik bedraagt 4040 kWh voor de populatie Q2: Kan u aangeven wat in 2007 uw exact verbruik was van elektriciteit?

125 p.124 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Eigenaar vs Huurder x Dagelijks gedrag

126 p.125 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Eigenaar vs Huurder x Investeringsgedrag

127 p.126 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Eigenaar vs Huurder x Elektriciteitsverbruik Eigenaars hebben een licht zuiniger dagdagelijks dan huurders, ze investeren meer dan huurders, maar verbruiken tegelijk jaarlijks heel wat meer elektriciteit dan huurders. (Opp huis, grootte huishouden). Naar attitude en kennis verschillen beide groepen niet.

128 p.127 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Provincie x Dagelijks gedrag

129 p.128 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Provincie x Investeringsgedrag

130 p.129 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Provincie x Elektriciteitsverbruik Weinig verschillen tussen de Vlaamse provincies naar energieattitude, -kennis, dagdagelijks gedrag en investeringsgedrag. Maar in Vlaams- Brabant en Limburg verbruikt men jaarlijks gemiddeld meer elektriciteit dan in de Antwerpen.

131 p.130 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Gezinsgrootte x Dagelijks gedrag Weinig verschillen tussen de verschillende huishoudgroottes naar energieattitude, -kennis en dagdagelijks energiezuinig gedrag.

132 p.131 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Gezinsgrootte x Investeringsgedrag Grote huishoudens investeren meer dan kleine huishoudens (ouderen = alleenwonenden = huurders; jongere koppels = huurders)

133 p.132 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Gezinsgrootte x Elektriciteitsverbruik Elektriciteitsverbruik hangt samen met gezinsgrootte.

134 p.133 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Type woning x Dagelijks gedrag

135 p.134 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Type woning x Investeringsgedrag

136 p.135 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Type woning x Elektriciteitsverbruik Appartementsbewoners en huisbewoners verschillen weinig naar energieattitude en –kennis. Maar appartementsbewoners scoren minder goed wat dagdagelijks energiegedrag en investeringsgedrag betreft. Appartementsbewoners verbruiken jaarlijks minder elektriciteit

137 p.136 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Sociale groep x Dagelijks gedrag

138 p.137 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Sociale groep x Investeringsgedrag

139 p.138 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Sociale groep x Elektriciteitsverbruik De laagste sociale groep scoren laag qua energiekennis en investeren weinig. Maar de laagste sociale groep houdt er wel een gelijkaardige attitude en dagdagelijks energiegedrag op na en verbruiken jaarlijks veel minder elektriciteit dan de hogere sociale groepen.

140 p.139 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Groen contract x Dagelijks gedrag

141 p.140 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Groen contract x Investeringsgedrag

142 p.141 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Groen contract x Elektriciteitsverbruik Mensen met een groen energiecontract houden er een meer energiezuinig dagdagelijks gedrag op na. Maar qua energieattitude en –kennis, investeringsgedrag en elektriciteitsverbruik geen verschil tot de groep zonder groen energiecontract

143 p.142 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Inkomen x Dagelijks gedrag

144 p.143 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Inkomen x Investeringsgedrag

145 p.144 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Inkomen x Elektriciteitsverbruik De laagste inkomens hebben een lagere kennisscore en een gelijkaardige attitudescore als de hoogste inkomens. Maar verschillen niet wat dagdagelijks energiegedrag betreft. De laagste inkomens investeren duidelijk minder maar verbruiken ook minder elektriciteit in vergelijking tot de hoogste inkomens.

146 p.145 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Opleidingsniveau OP x Dagelijks gedrag

147 p.146 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Opleidingsniveau OP x Investeringsgedrag

148 p.147 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Opleidingsniveau OP x Elektriciteitsverbruik Mensen met een diploma lager onderwijs hebben een lagere kennisscore maar een gelijkaardige attitudescore als universitairen. Maar verschillen niet wat dagdagelijks energiegedrag betreft. Ze investeren duidelijk minder maar verbruiken ook minder elektriciteit in vergelijking tot de universitairen.

149 p.148 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Netbeheerder x Dagelijks gedrag

150 p.149 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Netbeheerder x Investeringsgedrag

151 p.150 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Netbeheerder x Elektriciteitsverbruik Er vallen erg weinig verschillen op te tekenen naar netbeheerder. Wel valt het op dat mensen met een zuivere netbeheerder gemiddeld jaarlijs meer elektriciteit verbruiken.

152 p.151 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Isolatiescore x Dagelijks gedrag Isolatiescore: Q12 of Q13=1 (dak- of onder zolderisolatie) Q14 of Q15 =1 (vloer- of kelderisolatie) Q16 =1 (muurisolatie) Q17 =1 (dubbelglas in gans de woning) Isolatiescore: Q12 of Q13=1 (dak- of onder zolderisolatie) Q14 of Q15 =1 (vloer- of kelderisolatie) Q16 =1 (muurisolatie) Q17 =1 (dubbelglas in gans de woning)

153 p.152 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Isolatiescore x Investeringsgedrag Isolatiescore: Q12 of Q13=1 (dak- of onder zolderisolatie) Q14 of Q15 =1 (vloer- of kelderisolatie) Q16 =1 (muurisolatie) Q17 =1 (dubbelglas in gans de woning) Isolatiescore: Q12 of Q13=1 (dak- of onder zolderisolatie) Q14 of Q15 =1 (vloer- of kelderisolatie) Q16 =1 (muurisolatie) Q17 =1 (dubbelglas in gans de woning)

154 p.153 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Isolatiescore x Elektriciteitsverbruik Isolatiescore: Q12 of Q13=1 (dak- of onder zolderisolatie) Q14 of Q15 =1 (vloer- of kelderisolatie) Q16 =1 (muurisolatie) Q17 =1 (dubbelglas in gans de woning) Isolatiescore: Q12 of Q13=1 (dak- of onder zolderisolatie) Q14 of Q15 =1 (vloer- of kelderisolatie) Q16 =1 (muurisolatie) Q17 =1 (dubbelglas in gans de woning) Weinig isolatie staat voor minder kennis, lagere investering en minder elektriciteitsverbruik, maar weinig verschil in dagdagelijks energiegedrag en -attitude.

155 p.154 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Leeftijd x Dagelijks gedrag

156 p.155 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Leeftijd x Investeringsgedrag

157 p.156 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Leeftijd x Elektriciteitsverbruik 75-plussers hebben duidelijk een beperktere kennis van energiezuinig leven, maar hun score voor dagdagelijks energiegedrag verschilt niet of nauwelijks van de overige leeftijdsgroepen. Ze investeren minder maar hun gemiddeld jaarlijks elektriciteitsverbruik is ook relatief laag. De jarigen scoren het laagste op energieattitude en verbruiken jaarlijks relatief veel elektriciteit.

158 p.157 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Leeftijd x Dagelijks gedrag

159 p.158 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Leeftijd x Investeringsgedrag

160 p.159 – E051 Verband attitude, kennis en gedrag Leeftijd x Elektriciteitsverbruik Ouderen hebben beperktere energiekennis. Maar alle leeftijden hebben eenzelfde soort energiezuinig dagdagelijks gedrag. Ouderen investeren minder maar verbruiken jaarlijks ook minder elektriciteit.

161 III. Key facts

162 p.161 – E051 Key Facts Attitude  Het energiebewustzijn is alomtegenwoordig en stijgende. 94% vindt energiebesparing belangrijk.  Niet iedereen die energiebesparing belangrijk vindt, gaat ook zuinig om met energie.  Gemakzucht of comfort liggen het vaakst aan de basis van minder zuinig gedrag.  De financiële kant van de zaak is de belangrijkste motivator. Milieu is slechts voor 12% de belangrijkste reden om zuinig om te gaan met energie.

163 p.162 – E051 Key Facts Kennis  Naast de attitude is op de meeste vlakken ook de kennis over energiebesparing gestegen.  Enkel kennis (en gebruik) van spaardouchekoppen is stabiel gebleven.  Ook de kennis over de maatregelen vanwege de overheid stijgen in bekendheid.  De website geniet ook meer bekendheid dan in 2008.www.energiesparen.be

164 p.163 – E051 Key Facts Dagdagelijks Gedrag  Het dagdagelijks energie besparen gaat er op vooruit. Er zijn verschillende zaken die de Vlamingen beter ter harte nemen om op die manier energie te besparen. Maar... alles kan beter uiteraard.  Tegelijkertijd is er een evolutie naar meer toestellen in huis. Het komt er op aan de aankoop en het gebruik hiervan verstandig te houden  slechts 45% let steeds op het verbruikslabel bij het aankopen van een toestel.  Opvallend: tegenover een daling van het aantal gloeilampen en de stijging van spaarlampen staat een stijging van het aantal halogeenlampen.

165 p.164 – E051 Key Facts Investeringsgedrag  Dubbelglas is de best ingeburgerde isolatievorm en behoudt zijn stijgende lijn. Van de andere isolatievormen toont enkel vloerisolatie een positieve trend.  Een vijfde is van plan om binnen de komende vijf jaar een energiezuinige verwarmingsketel te installeren. Ook het aanbrengen dubbelglas en dakisolatie staat voor ongeveer één tiende van de Vlamingen op het programma.  Aardgas blijft er op vooruit gaan als hoofdverwarmingsbron en dit ten nadele van stookolie.  Voorlopig denken nog niet te veel mensen aan airconditioning in huis.

166 p.165 – E051 Key Facts Energieverbruik  Eén Vlaming op drie is er van overtuigd dat zijn of haar gezin minder energie verbruikte in de voorbije 10 jaar. In 2005 had slechts een kwart dit gevoel.  De redenen die aangehaald worden hebben te maken met alledaagse handelingen en zuinigere toestellen en lampen.  Het gemiddeld verbruik dat de respondenten aangeven is inderdaad lager dan in 2005.

167 p.166 – E051 Key Facts attitudexkennisxgedrag  De hoogste sociale groepen hebben meer kennis en investeren ook meer. Tegelijkertijd hebben net zij het hoogste elektriciteitsverbruik. Ook hun attitude ligt (iets) achter op de rest.  Meer isolatievormen betekent niet noodzakelijk het laagste verbruik. Het samenhang met sociale groep en inkomen is veel belangrijker als verklarende factor.

168 IV. Conclusies & aanbevelingen

169 p.168 – E051 Conclusies en aanbevelingen  Kennis, attitude en dagdagelijks gedrag zijn flink gestegen de voorbije jaren.  Gelet op de plannen van de Vlamingen kan er best op korte termijn aandacht gaan naar kennis en gebruik van het energielabel bij de aankoop van nieuwe toestellen en de plaatsing van energiezuinige boilers.  Via de portefeuille kan men de harten winnen. De communicatie hoeft echter niet alleen over centen te gaan. Mensen moeten ook begrijpen dat dagdagelijks energie besparen weinig moeite kost. Dit kan bijvoorbeeld ook op een ludieke manier (cfr campagne BIVV: “wat is jouw excuus?”).


Download ppt "Energiebewustzijn en -gedrag van de Vlaamse huishoudens Vlaams Energieagentschap 28 april 2008 Grafisch rapport Ref.:E051\presentatie\ Energiebewustzijn."

Verwante presentaties


Ads door Google