De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

1 VVSG-INFODAGEN OVERHEIDSOPDRACHTEN 18/1/2012 29/2 /2012 7/3/2012 OVERZICHT NIEUWE WET- EN REGELGEVING OVERHEIDSOPDRACHTEN [PERIODE DECEMBER 2010 – FEBRUARI.

Verwante presentaties


Presentatie over: "1 VVSG-INFODAGEN OVERHEIDSOPDRACHTEN 18/1/2012 29/2 /2012 7/3/2012 OVERZICHT NIEUWE WET- EN REGELGEVING OVERHEIDSOPDRACHTEN [PERIODE DECEMBER 2010 – FEBRUARI."— Transcript van de presentatie:

1 1 VVSG-INFODAGEN OVERHEIDSOPDRACHTEN 18/1/ /2 /2012 7/3/2012 OVERZICHT NIEUWE WET- EN REGELGEVING OVERHEIDSOPDRACHTEN [PERIODE DECEMBER 2010 – FEBRUARI 2012] CONSTANT DE KONINCK EERSTE AUDITEUR BIJ HET REKENHOF

2 2 NIEUWE EUROPESE AANBESTEDINGSDREMPELS PERIODE

3 VERORDENING 1251/2011/EU • Nieuwe aanbestedingsdrempels ingevoerd door Verordening 1251/2011/EU van de Europese Commissie van 30 november 2011 houdende de aanpassing van de aanbestedingsdrempels van richtlijnen 2004/17/EG, 2004/18/EG en 2009/81/EG • Publicatieblad van de Europese Unie (Pb.L. nr. 319) van 2 december 2011 • Omgezet in nationaal recht door ministerieel besluit van 19 december 2011 (BS 23 december 2011) 3

4 KLASSIEKE SECTOREN • WERKEN: • euro => euro • LEVERINGEN en DIENSTEN • euro => euro • euro => euro • (= drempel voor sommige federale aanbestedende overheden) 4

5 SPECIALE SECTOREN • Speciale sectoren • Water • Energie • Vervoer • posterijen • WERKEN: • euro => euro • LEVERINGEN en DIENSTEN • euro => euro 5

6 6 WETTEN

7 7 TWEE WETTEN VAN 5 AUGUSTUS 2011 TOT WIJZIGING VAN DE OO-WET VAN 15 JUNI 2006 BELGISCH STAATSBLAD VAN 29 AUGUSTUS 2011

8 WETTEN BRENGEN AANTAL WIJZIGINGEN AAN IN OVERHEIDSOPDRACHTENWET VAN 15 JUNI 2006 • Een reeks van wijzigingen is vereist met het oog op de omzetting van Richtlijn 2009/81/EG, inzake overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten op defensie- en veiligheidsgebied. • Richtlijn omgezet door wet van 13 augustus 2011 • Een andere reeks wijzigingen vloeit voort uit aanpassingen die inmiddels zijn doorgevoerd in de vigerende Overheidsopdrachtenwet van 24 december • Die wijzigingen moeten ook in de nieuwe overheidsopdrachtenwet van 15 juni 2006 worden opgenomen. 8

9 • Verder wordt de Koning bevoegd gemaakt om – in afwachting van een nieuwe rechtsbeschermings- wet – het Boek IIbis van de OO-Wet van 1993 toepasselijk te verklaren op overheidsopdrachten gegund onder het regime van: • de nieuwe overheidsopdrachtenwet van 15 juni 2006 • Bijv. concurrentiedialoog • de wet overheidsopdrachten op veiligheids- en defensiegebied van 13 augustus 2011 => Bedoeling juridisch vacuüm te voorkomen zolang geen nieuwe rechtsbeschermingsregeling (gebaseerd op wet van 15 juni 2006) bestaat. 9

10 • Verder worden aantal terminologische aanpassingen doorgevoerd in de Overheidsopdrachtenwet van 15 juni 2006 • Bijv. begrippen “plaatsing”, “gunning” en “sluiting” van een overheidsopdracht. • Er wordt verwezen naar de bespreking (en de slides) betrekking hebbende op het nieuwe KB Plaatsing van 15 juli

11 11 WET VAN 13 AUGUSTUS 2011 INZAKE OVERHEIDSOPDRACHTEN OP DEFENSIE- EN VEILIGHEIDSGEBIED BELGISCH STAATSBLAD VAN 1 FEBRUARI 2012

12 • Vormt omzetting van richtlijn 2009/81/EG in nationaal recht. • Betreft inzonderheid aankoop van • militair materiaal (wapens, munitie en oorlogsmateriaal) • gevoelig materiaal • Bijv. materiaal noodzakelijk om de Unie en/of de lidstaten op hun eigen grondgebied of daarbuiten tegen ernstige dreigingen van niet-militaire en/of niet-gouvernementele spelers te beveiligen. • Hierin kunnen bijvoorbeeld grensbewaking, politieactiviteiten en missies op het gebied van crisisbeheersing begrepen zijn 12

13 • Wet wordt uitgevoerd door twee KB’s: • Koninklijk besluit van 23 januari 2012 houdende plaatsing van overheidsopdrachten op defensie- en veiligheidsgebied (BS 1 februari 2012) • Koninklijk besluit van 24 januari 2012 tot vaststelling van de inwerkingtreding van de wet van 13 augustus 2011 inzake overheidsopdrachten op defensie- en veiligheidsgebied, alsook van de regels inzake motivering, informatie en rechtsmiddelen voor deze opdrachten (BS 1 februari 2012) • Inwerkingtreding Wet van 13 augustus 2011 vijf dagen na publicatie KB 24 januari 2012 => Wet in werking getreden op 6 februari

14 GUNNINGSWIJZEN • Principe van mededinging blijft gehandhaafd. • De overheidsopdrachten worden geplaatst: • bij beperkte procedure: • hetzij bij beperkte aanbesteding • hetzij bij beperkte offerteaanvraag, • of bij onderhandelingsprocedure met bekendmaking. • Enkel de overheidsopdrachten die de bedragen voor de Europese bekendmaking niet bereiken, mogen worden geplaatst bij open procedure • hetzij bij open aanbesteding • hetzij bij open offerteaanvraag • Onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking blijft uitzonderingsprocedure 14

15 KONINKLIJKE BESLUITEN

16 16 KONINKLIJK BESLUIT VAN 20 DECEMBER 2010 INZAKE DE BEVORDERING VAN SCHONE EN ENERGIEZUINIGE WEGVOERTUIGEN IN HET KADER VAN OVERHEIDSOPDRACHTEN BELGISCH STAATSBLAD VAN 24 DECEMBER 2010

17 WAT WORDT MET WEGVOERTUIG BEDOELD? Personenwagens Lichte bedrijfsvoertuigen Zware bedrijfsvoertuigen Bussen 17

18 BEDOELING KB 20 DECEMBER 2010? • Omzetting van de bepalingen van Richtlijn 2009/33/EG van 23 april 2009 inzake de bevordering van aankoop van schone en energiezuinige wegvoertuigen • Volgens overweging 11 van de richtlijn heeft deze "tot doel de markt voor schone en energiezuinige wegvoertuigen te stimuleren, door een dermate grote vraag naar schone en energiezuinige wegvoertuigen te bewerkstelligen dat fabrikanten en de industrie ertoe worden aangespoord te investeren in en meer werk te maken van de ontwikkeling van voertuigen met een gering energieverbruik en een lage uitstoot van CO 2 en verontreinigende stoffen." 18

19 TOEPASSINGSGEBIED KB 20 DECEMBER 2010 • Ratione materiae : aankoop van wegvoertuigen • Ratione personae : alle aanbestedende overheden onderworpen aan de Overheidsopdrachtenwet van 24 december • Ratione pecuniae: overheidsopdrachten waarvan het geraamd bedrag de drempel voor de Europese bekendmaking bereikt. • Ratione temporis : KB 20 december 2010 is in werking getreden op 15 januari • Overheidsopdrachten voor de aankoop van weg- voertuigen bekendgemaakt vanaf deze datum zijn onderworpen. 19

20 • Wanneer ze een overheidsopdracht gunt tot aankoop van wegvoertuigen, moet de aanbestedende instantie rekening houden met de energie- en milieueffecten van de voertuigen tijdens hun operationele levensduur. • 1° het energieverbruik, • 2° de uitstoot van CO 2, en • 3° de uitstoot van NOx, NMHC en fijne stofdeeltjes. • De aanbestedende instantie kan daarnaast ook andere milieueffecten in aanmerking nemen. 20

21 Aan de hiervoor bedoelde eisen wordt voldaan door het gebruik van één of elke van de volgende methodes: • door in de opdrachtdocumenten technische specificaties op te nemen inzake energie- en milieuprestaties met betrekking tot elk van de in aanmerking genomen effecten, alsmede eventuele bijkomende milieueffecten; • door operationele energie- en milieueffecten als gunningscriterium te gebruiken. Voor wat betreft het kwantificeren en berekenen van “operationele energie- en milieueffecten” zie het KB van 20 december

22 22 KONINKLIJK BESLUIT VAN 24 MEI 2011 TOT WIJZIGING VAN DE PROCEDURE VOOR DE AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VAN DE RAAD VAN STATE BETREFFENDE DE VERTROUWELIJKE STUKKEN BELGISCH STAATSBLAD 15 JUNI 2011

23 • Problematiek m.b.t. het respecteren van vertrouwelijkheid van stukken en zakengeheimen in kader procedure voor de Raad van State • Problematiek met betrekking tot de overheids- opdrachten tot uiting gekomen in de arresten Varec • Hof van Justitie, arrest C-450/06 van 14 februari 2008 • Grondwettelijk Hof, arrest nr. 118/2007 van 19 september 2007 • Problematiek nu geregeld in het procedurereglement van de Raad van State en dit middels het koninklijk besluit van 24 mei

24 • Principe: partijen en hun raadslieden kunnen ter griffie van het dossier van de zaak kennis nemen. • Wanneer een partij een stuk indient en vraagt het niet ter kennis te brengen van de overige partijen, moet ze dat afzonderlijk neerleggen. • Ze moet: • de vertrouwelijkheid ervan uitdrukkelijk aangeven, • de motieven van haar verzoek uiteenzetten in het processtuk waarbij het bewuste stuk wordt gevoegd en • een inventaris opmaken waarin het stuk wordt vermeld waarvoor vertrouwelijke behandeling wordt gevraagd. 24

25 • Wanneer een verzoek om vertrouwelijke behandeling wordt ingediend, wordt het stuk waarvoor om vertrouwelijke behandeling wordt verzocht, voorlopig afzonderlijk in het dossier van de zaak opgenomen en mag het niet worden ingezien door de partijen behalve door die welke de vertrouwelijke behandeling heeft gevraagd of het genoemde stuk heeft ingediend. • Als het verzoek om vertrouwelijke behandeling bij arrest wordt afgewezen, mogen de overige partijen van het stuk kennis nemen. 25

26 26 KONINKLIJK BESLUIT VAN 15 JULI 2011 M.B.T. DE PLAATSING VAN OVERHEIDSOPDRACHTEN IN DE KLASSIEKE SECTOREN BELGISCH STAATSBLAD VAN 9 AUGUSTUS 2011

27 EERSTE KB TER UITVOERING OO-WET 15 JUNI 2006: KB VAN 15 JULI 2011 • Het KB van 15 juli 2011 houdende de plaatsing van overheidsopdrachten in de klassieke sectoren (“KB Plaatsing 2011”) werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 9 augustus • KB Plaatsing 2011 bevat de specifieke voorschriften met betrekking tot het gunnen – nu ‘plaatsen’ – van overheidsopdrachten • De Overheidsopdrachtenwet 2006 bevat de algemene principes met betrekking tot zowel de plaatsing als de uitvoering van overheidsopdrachten • KB Plaatsing 2011 zal (op ‘redelijk’ korte termijn) het koninklijk besluit van 8 januari 1996 integraal vervangen. 27

28 STRUCTUUR VAN HET KB PLAATSING 2011 • Het KB Plaatsing 2011 beoogt een totale omvorming van het koninklijk besluit van 8 januari • In tegenstelling tot de gevolgde werkwijze bij dit laatste besluit, is het KB Plaatsing 2011 niet gestructureerd in functie van de aard van de overheidsopdracht (i.e. een onderdeel ‘werken’, resp. ‘leveringen’ en ‘diensten’). • In 1996 werd voor deze werkwijze geopteerd omdat de opdrachten voor werken, leveringen en diensten werden behandeld in afzonderlijke Europese richtlijnen. • De ‘nieuwe’ richtlijn 2004/18/EG – die inmiddels reeds 7 jaar oud is – heeft de vorige richtlijnen in één coherent geheel samengevoegd, zodat de Belgische regelgever kon afstappen van de werkwijze waarbij regelmatig identieke bepalingen dienden te worden herhaald 28

29 • Een zeker aantal bepalingen zijn overgenomen uit het KB van 26 september 1996 (algemene uitvoeringsregels) en uit de AAV (bijlage bij KB 26 september 1996) • Gaat om bepalingen gaat waarmee de aanbestedende overheid en de inschrijvers reeds rekening dienen te houden bij de plaatsing van de opdracht. • Vanzelfsprekend blijven deze bepalingen ook voor de uitvoering van de opdracht hun belang behouden. • Vb. 1: artikelen van KB 26 september 1996 gewijd aan promotieopdracht van werken en aan concessie voor openbare werken, en die eerder betrekking hebben op de gunningsfase dan op de uitvoering van de opdracht, opgenomen in KB Plaatsing • Vb. 2: voorschriften inzake de prijsherziening zijn in belangrijke mate gemigreerd zijn van KB 26 september 1996 en AAV naar het KB Plaatsing

30 BIJLAGEN • Bij het KB Plaatsing 2011 horen 16 bijlagen die voornamelijk modelformulieren voor opdrachtdocumenten bevatten • Bijlage 1 bevat niet-limitatieve lijst van publiekrechtelijke instellingen onderworpen aan OO-Wet van 15 juni 2006 en het KB Plaatsing • Nieuwe modellen gepubliceerd in Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011 van de Europese Commissie van 19 augustus 2011 tot vaststelling van standaardformulieren voor de aankondiging van overheidsopdrachten • Modelformulieren opgenomen in het KB Plaatsing 2011 zijn reeds achterhaald. 30

31 31 BELANGRIJKE NIEUWIGHEDEN VAN HET KB PLAATSING 2011

32 TERMINOLOGISCHE NIEUWIGHEDEN EN VERDUIDELIJKINGEN Door • Overheidsopdrachtenwet 2006 (zoals gewijzigd door wet van 5 augustus 2011) • Wet Rechtsbescherming 2009 (invoeging Boek IIbis in OO-Wet 1993) en • KB Plaatsing 2011 worden diverse terminologische nieuwigheden ingevoerd in de overheidsopdrachtenreglementering die in het KB Plaatsing 2011 regelmatig worden aangewend: 32

33 • het PLAATSEN van overheidsopdrachten: algemene term voor de volledige gunningsprocedure, vanaf het opstellen van het bestek tot het sluiten van de opdracht; • het GUNNEN van overheidsopdrachten: de beslissing van de aanbestedende overheid om de gekozen inschrijver aan te duiden; • het SLUITEN van overheidsopdrachten: de totstandkoming van de contractuele band tussen enerzijds de aanbestedende overheid en anderzijds de opdrachtnemer; • KANDIDAAT : de aannemer, leverancier of dienstverlener die een aanvraag tot deelneming indient met het oog op zijn selectie voor een opdracht; 33

34 • INSCHRIJVER : aannemer, leverancier, dienstverlener of geselecteerde die een offerte indient voor een opdracht; • OPDRACHTNEMER : de inschrijver met wie de opdracht is gesloten; • OPDRACHT : generieke benaming voor de overheidsopdracht voor aanneming van werken, leveringen of diensten en elke overeenkomst, raamovereenkomst en ontwerpenwedstrijd omschreven in artikel 3 van de OO-Wet 2006; 34

35 • OPDRACHTDOCUMENTEN : generieke benaming voor al de documenten die op de opdracht toepasselijk zijn, met inbegrip van alle aanvullende en andere documenten waarnaar deze verwijzen • Bekendmaking opdracht • Bestek • Typebestekken • Omzendbrieven • Bijzondere wetten en reglementen zoals het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming (ARAB) en het Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties (AREI). 35

36 • OPEN PROCEDURE : • de gunningsprocedure waarbij elke belangstellende aannemer, leverancier of dienstverlener een offerte mag indienen en waarbij de openingszitting van de offertes openbaar is. • De open aanbesteding – niet langer dus de openbare aanbesteding – en de open offerteaanvraag – niet langer dus de algemene offerteaanvraag – zijn open procedures; 36

37 • BEPERKTE PROCEDURE : • de gunningsprocedure waarbij elke aannemer, leverancier of dienstverlener een aanvraag tot deelneming mag indienen en waarbij alleen de door de aanbestedende overheid geselecteerde kandidaten een offerte mogen indienen en aanwezig mogen zijn op de openingszitting van de offertes. • De beperkte aanbesteding en de beperkte offerteaanvraag zijn beperkte procedures; • VERBINTENISTERMIJN : • Vervangt term “gestanddoeningstermijn” • de termijn gedurende dewelke een inschrijver gebonden is door zijn offerte. 37

38 • TOEGANGSRECHT tot een overheidsopdracht: • Tijdens de fase van de kwalitatieve selectie wordt in eerste instantie nagegaan of de kandidaten of inschrijvers zich niet in een uitsluitingspositie bevinden. Uitsluitingsgronden zijn o.a. de veroordeling voor welbepaalde misdrijven (zoals corruptie, witwassen van geld, …), het verkeren in een staat van faillissement, de niet-naleving van sociale en fiscale verplichtingen en het begaan hebben van een ernstige fout in zijn beroepsuitoefening. Het onderzoek naar de (afwezigheid van) uitsluitingsgronden maakt het onderzoek van het toegangsrecht uit, 38

39 NIEUWE PROCEDURES EN RECHTSFIGUREN • Daarnaast doen een aantal nieuwe procedures en rechtsfiguren hun intrede, zoals • de vereenvoudigde onderhandelings­proce­dure met bekendmaking • de concurrentiedialoog • het dynamisch aankoopsysteem • de elektronische veiling • de raamovereenkomst 39

40 MARKTVERKENNING • Artikel 5 van het KB Plaatsing 2011 laat marktverkenning toe in het Belgisch overheidsopdrachtenrecht en erkent de geldigheid van de praktijk waarbij de aanbestedende overheden de evolutie van de producten en technieken op de markt volgen. • Marktverkenning houdt ook de mogelijkheid in van een technische dialoog, waarbij aanbestedende overheden advies mogen vragen of aanvaarden dat bij het opstellen van het bestek kan worden gebruikt. 40

41 VOORWAARDEN • Deze marktverkenning: • moet plaatsvinden vóór het uitschrijven van de gunningsprocedure en • Mag niet leiden tot enige vorm van vooronderhandelingen met bepaalde ondernemingen. • Mag niet leiden niet tot uitschakeling van de mededinging • Noodzaak van level playing field • Kan worden gerealiseerd door het algemeen beschikbaar stellen van een synthesedocument met de resultaten van de marktverkenning. 41

42 • Een dergelijke marktverkenning mag bovendien niet tot een verhindering of vertekening van de mededinging leiden • Dit kan het geval zijn indien de technische specificaties van een overheidsopdracht een fabricaat of een techniek zouden vermelden welke specifiek betrekking heeft op een bepaalde onderneming. • Vb. Raad van State, arrest nr van 6 mei 2010, NV PRO- EVENTS - In casu waren volgens het bestek enkel originele HP- tonercartridges toelaatbaar. R.v.St.: expliciete verwijzing in het bestek naar toners van het merk HP begunstigt de producenten en verdelers van toners van het merk HP. Bovendien wordt hierdoor elk ander product uitgesloten. Deze onwettigheid van het bestek tast de uiteindelijke toewijzingsbeslissing aan. 42

43 INKORTING VAN TERMIJNEN BIJ AANWENDING VAN ELEKTRONISCHE MIDDELEN • Bij aanwending van elektronische middelen door de aanbestedende overheid in casu • het on line opstellen en met elektronische middelen verzen­ den van de aankondiging van de opdracht en • het vrij, rechtstreeks, onmiddellijk en volledig toegang bieden tot alle opdrachtdocumenten via een internet­adres kunnen bij Europese overheidsopdrachten de ontvangsttermijn van de aanvragen tot deelneming dan wel de termijn voor de ontvangst van de offertes worden ingekort. • Inkorting met in totaal (7+5 =)12 dagen is mogelijk. 43

44 • Ook beneden de Europese drempels zijn versnelde procedures mogelijk met inkorting van de normaal voorgeschreven termijnen voor zover – naast de vereiste van het spoedeisend karakter – de aankondiging van de opdracht via elektronische middelen online is opgesteld en verzonden. 44

45 BELANGRIJK: • In het algemeen past de waarschuwing – overigens ook uitdrukkelijk opgenomen in artikel 42, tweede lid van het KB Plaatsing 2011 – dat bij de vaststelling van de termijnen voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming en de offertes de aanbestedende overheid inzonderheid rekening dient te houden: • met de complexiteit van de opdracht en • met de nodige voorbereidingstijd vereist voor het opmaken van de offertes. 45

46 • Verder mag de inkorting van de minimumtermijnen om dringende redenen het normale verloop van de mededinging niet verhinderen. • De aanbestedende overheid zal dus voorzichtig moeten omspringen met deze mogelijkheid. 46

47 DE VEREENVOUDIGDE ONDERHANDELINGSPROCEDURE MET BEKENDMAKING (VOPMB) • Nieuwe vorm van onderhandelingsprocedure met be­kend­­making waarvoor elke belangstellende aannemer, leverancier of dienstverlener een offerte mag indienen. • Kenmerkend voor de VOPMB is dat het onderzoek van het toegangsrecht, de kwalitatieve selectie en het onderzoek van de inhoud van de offertes in één fase worden afgehandeld. 47

48 • Deze procedure is vergelijkbaar met de open procedure, in die zin dat de geïnteresseerden onmiddellijk een offerte indienen. • In tegen­stelling tot de open procedure is bij de VOPMB, zoals overigens bij alle andere vormen van onderhandelings­proce­dure: • geen zitting voor de opening van de offertes vereist en • mag er worden onderhandeld • Is het verplicht te onderhandelen in een onderhandelingsprocedure? => rechtspraak R.v.St. 48

49 TOEPASSINGSGEBIED RATIONE PECUNIAE VOPMB • VOPMB mag uitsluitend worden aangewend voor de opdrachten waarvan het geraamde opdrachtbedrag volgende drempels niet bereikt: • euro voor werken • het Europese drempelbedrag voor leveringen en diensten: resp euro voor sommige federale overheden en euro voor alle andere overheden (drempels ) • “Saucissoneren” niet toegelaten: opdrachten mogen niet mogen worden gesplitst om ze beneden voormelde bedragen te houden en zo – onwettig – onderhands te kunnen gunnen. 49

50 NIEUWE DREMPELBEDRAGEN ONDERHANDELINGSPROCEDURE ZONDER BEKENDMAKING (OPZB) Goed te keuren uitgave mag volgende – in artikel 105, § 1, KB Plaatsing 2011 vermelde – drempelbedragen niet bereiken (bedragen van toepassing voor periode ) : • euro voor de financiële diensten gegund door de federale aanbestedende overheden en euro wanneer deze financiële diensten worden gegund door de overige aanbestedende overheden; • euro voor de diensten voor onderzoek en ontwikkeling, alsook al de diensten opgenomen in bijlage II, B, van de wet (de zgn. niet-prioritaire diensten), ongeacht de aanbestedende overheid. 50

51 • euro voor alle andere opdrachten • Onder het regime van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 (artikel 120, eerste lid) was dit bedrag euro. • euro voor de opdrachten gesloten met een aanvaarde factuur • Onder het regime van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 (artikel 122, 1°) was dit bedrag euro. 51

52 VARIANTEN • Variante vormt een alternatieve conceptie- of uitvoerings­wijze die hetzij op verzoek van de aanbestedende overheid, hetzij op initiatief van de inschrijver, wordt ingediend. • Deze alternatieve conceptie- of uitvoerings­wijze heeft betrekking op het geheel of een deel van de opdracht, dat altijd noodzakelijk is voor de uitvoering ervan. • Bijvoorbeeld, voor een voertuig: een benzinemotor, met een variante die een dieselmotor aanbiedt; • Bijvoorbeeld, voor vensters: ramen in PVC met een variante voor ramen in aluminium. 52

53 SOORTEN VARIANTEN (I) 1) Verplichte varianten • Gaan uit van het initiatief van de aanbestedende overheid • aanbestedende overheid omschrijft in de opdrachtdocumenten het voorwerp, de aard en de draagwijdte van één of meerdere varianten • inschrijvers zijn verplicht – op straffe van de substantiële onregelmatigheid van hun offerte – om zowel voor het basisontwerp als voor elke variante een offerte in te dienen. • De verplichte varianten kunnen bij alle gunningsprocedures worden aangewend 53

54 SOORTEN VARIANTEN (II) 2) Facultatieve varianten • Gaan uit van het initiatief van de aanbestedende overheid • aanbestedende overheid omschrijft in de opdrachtdocumenten het voorwerp, de aard en de draagwijdte van één of meerdere varianten • Bij facultatieve varianten kan de inschrijver voortaan een offerte indienen voor één of meerdere varianten en is hij niet langer verplicht een offerte in te dienen voor een basisoplossing. • De facultatieve varianten kunnen bij alle gunningsprocedures worden aangewend 54

55 SOORTEN VARIANTEN (III) 3) Vrije varianten • De indiening van vrije varianten gebeurt op initiatief van de inschrijver • Waar de verplichte en de facultatieve varianten bij alle gunningprocedures kunnen worden gebruikt, blijft de vrije variante uitgesloten bij aanbesteding • Bij offerteaanvraag moet de inschrijver nauwkeurig aangeven welke zijn basisofferte is en welke zijn vrije variante(n). 55

56 1) Opdrachten die verplicht onderworpen zijn aan de Europese bekendmaking • aanbestedende overheid moet in de opdrachtdocumenten vermelden of zij de indiening van vrije varianten toelaat. Zo niet zijn ze niet toegelaten en moeten ze gewoon worden afgewezen. • aanbestedende overheid moet in de opdrachtdocumenten de minimum­eisen bepalen waaraan deze varianten moeten voldoen, 56

57 2) Opdrachten die niet verplicht onderworpen zijn aan de Europese bekendmaking • het indienen van vrije varianten, waarvoor de aanbestedende overheid geen voorafgaande eisen heeft bepaald, is steeds mogelijk, tenzij de opdrachtdocumenten die mogelijkheid uitsluiten. • Aanbestedende overheid kan beslissen een vrije variante niet in aanmerking te nemen. Ze zal deze beslissing wel moeten motiveren. 57

58 OPTIES • Een optie is een bijkomend element ten opzichte van het basisproject dat niet strikt noodzakelijk en bijkomstig is voor de uitvoering van de opdracht en dat wordt ingediend, hetzij op verzoek van de aanbestedende overheid, hetzij op initiatief van de inschrijver. • Bijv. bij de aankoop van een voertuig om de levering van een trekhaak of, bij een opdracht voor werken, om de constructie van een bijkomende kelder in een gebouw. 58

59 • KB Plaatsing 2011 maakt een onderscheid tussen de verplichte en vrije opties. • In het eerste geval dient de aanbestedende overheid, net zoals bij de verplichte varianten, het voorwerp, de aard en de draagwijdte ervan in de opdrachtdocumenten te omschrijven en zijn de inschrijvers verplicht een bod te doen voor deze opties. • Het tweede geval betreft de vrije opties. Deze kunnen op eigen initiatief door de inschrijvers worden ingediend, 59

60 PERCELEN • De aanbestedende overheid kan het minimale niveau bepalen van de kwalitatieve selectiecriteria vereist voor elk perceel afzonderlijk of in geval van gunning van meerdere percelen aan dezelfde inschrijver. • Het is immers mogelijk dat de financiële en economische draagkracht van de inschrijver of diens technische en beroepsbekwaamheid beperkt is tot de uitvoering van een gering aantal percelen ten opzichte van alle percelen die hem kunnen worden gegund. • Inschrijver die offertes voor meerdere percelen indient, kan zijn voorkeursvolgorde voor de gunning van deze percelen vermelden, voor zover hij het vereiste minimale niveau niet haalt. 60

61 KWALITATIEVE SELECTIE : PRECISERING EN OPLEGGEN MINIMAAL NIVEAU • Aanbestedende overheden moeten de kwalitatieve selectiecriteria preciseren evenals het vereiste niveau ervan, op zodanige wijze dat ze verband houden met en in verhouding staan tot het voorwerp van de opdracht. • Bij de open procedures en de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met bekendmaking is het opleggen van een minimaal niveau verplicht. 61

62 KWALITATIEVE SELECTIE: MOGELIJKHEID TOT HERZIENING VAN DE SELECTIE (I) • Eens over de selectie is beslist, worden de geselec­ teerden geacht zich niet in een toestand van uitsluiting te bevinden, en in staat te zijn de opdracht uit te voeren. • Dit vermoeden vervalt echter wanneer de aanbestedende overheid na de selectie, maar vóór de gunning vaststelt dat één van de geselecteerden of inschrijvers zich in een toestand van uitsluiting bevindt. 62

63 KWALITATIEVE SELECTIE: MOGELIJKHEID TOT HERZIENING VAN DE SELECTIE (II) • Tevens bestaat het risico dat wanneer de gunningsprocedure veel tijd in beslag neemt ondertussen de financiële en eco­nomische draag­ kracht van een geselecteerde ongunstig evolueert. • Dat is bijvoorbeeld het geval voor een beperkte procedure wanneer een vrij lange termijn verloopt tussen de indiening van de aanvragen tot deelneming en de verzending naar de geselecteerden van de uitnodiging tot het indienen van een offerte. • Hetzelfde geldt wanneer de opdracht voor akkoord moet worden voorgelegd aan toezichthoudende of subsidiërende overheden. • Dit kan eveneens het geval zijn voor offertes die betrekking hebben op technisch ingewikkelde opdrachten 63

64 KWALITATIEVE SELECTIE: MOGELIJKHEID TOT HERZIENING VAN DE SELECTIE (III) Art. 58, § 5 KB Plaatsing 2011: • aanbestedende overheid kan ten tijde van de gunningsbeslissing, op basis van nieuwe elementen, haar beoordeling inzake de selectie van de onderneming herzien. • Regel is immers dat een opdracht maar kan worden gegund aan een onderneming met voldoende draagkracht. 64

65 KWALITATIEVE SELECTIE: MOGELIJKHEID TOT HERZIENING VAN DE SELECTIE (IV) • Deze herziening mag in geen geval leiden tot de regularisering van kandidaat of inschrijver die zich wat betreft de voor de selectie in aanmerking te nemen referentieperiode niet in de voorwaarden voor selectie bevond. • Dit betekent ook dat een niet-geselecteerde in een later stadium niet meer kan worden opgevist om de plaats in te nemen van de weggevallen geselecteerde. 65

66 ONDERAANNEMING • Opdrachtdocumenten kunnen de inschrijver verplichten om in zijn offerte te vermelden welk gedeelte van de opdracht hij voornemens is aan derden in onderaanneming te geven en welke onderaannemers hij voorstelt. • Het is de aanbestedende overheden voortaan ook toegestaan om de identiteit van de onder- aannemers op te vragen bij opdrachten voor leveringen en diensten • Onder het regime van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 was dit enkel het geval voor de opdrachten voor werken. 66

67 • Bij een procedure in twee fasen, wanneer de inschrijver geselecteerd werd rekening houdend met de draagkracht van zijn onderaannemers, moet de offerte voortaan bevatten: • het in onderaanneming gegeven gedeelte van de opdracht • alsook de identiteit van de onderaannemers. 67

68 PRIJSHERZIENING • Voortaan moet niet enkel in een prijsherzieningsclausule worden voorzien voor de opdrachten voor werken, maar in principe ook voor de opdrachten voor leveringen en diensten. • De herziening moet de werkelijke kostprijsstructuur weerspiegelen • Indien dit niet mogelijk is mag gebruik worden gemaakt van • de gezondheidsindex, • de index van de consumptie­prijzen of • een andere passende indexformule 68

69 • De prijsherziening kan – en niet langer moet – een vaste, niet-herzienbare factor bevatten, die de aanbestedende overheid bepaalt in functie van de specificiteiten van de opdracht • De prijsherzieningsregeling is niet van toepassing: • op opdrachten waarvan het geraamde bedrag lager is dan euro, • op opdrachten, ongeacht het bedrag ervan, waarvan de initiële uitvoeringstermijn korter is dan • 120 werkdagen of • 180 kalenderdagen • Gemotiveerde afwijking (bijv. in geval van lening met vaste rentevoet) 69

70 INSTELLING VAN EEN KWALIFICATIESYSTEEM (I) • Kwalificatiesysteem (KS) = novum voor klassieke sectoren • Bij de aanwending van een beperkte procedure of een onderhandelingsprocedure met bekendmaking • Voor gelijkaardige opdrachten die niet onderworpen zijn aan een verplichte bekendmaking op Europees niveau • KS wordt beheerd op basis van criteria en voorschriften, welke aan de belangstellenden worden meege­deeld. • staat tijdens de duur ervan permanent open voor belangstellende onderne­mingen die een kwalificatie wensen te bekomen • In tegenstelling tot de opstelling van een lijst van geselecteerden, 70

71 INSTELLING VAN EEN KWALIFICATIESYSTEEM (II) • De aankondiging betreffende het kwalificatiesysteem wordt jaarlijks gepubliceerd, alsook na elke actualisering van de voorschriften en criteria betreffende het toegangsrecht en de kwalitatieve selectie. • Vóór het uitnodigen tot het indienen van een offerte en rekening houdend met het voorwerp en de specifieke kenmerken van een bepaalde opdracht en met het aantal gekwalificeerde kandidaten, kan de aanbestedende overheid overgaan tot een selectie onder de gekwalificeerde kandidaten • Dit in tegenstelling tot de lijst van geselecteerden, waar deze mogelijkheid niet is voorzien. 71

72 PRIJSONDERZOEK • Onder het regime van het KB Plaatsing 2011 is het doorvoeren van een prijzenonderzoek verplicht ongeacht de aangewende gunningswijze. • De inschrijvers moeten op verzoek van de aanbestedende overheid tijdens de procedure alle nodige inlichtingen verstrekken om dit prijzenonderzoek mogelijk te maken. 72

73 RAAMOVEREENKOMSTEN • Wat? Overeenkomst gesloten tussen één of meer aanbestedende overheden en één of meer aannemers, leveranciers of dienstverleners met het doel gedurende een bepaalde periode de voorwaarden inzake de te gunnen opdrachten vast te leggen. • Artikelen 3, 15° en 32 van de OO-Wet 2006 hebben deze rechtsfiguur nu ook formeel uitgewerkt voor overheidsopdrachten gegund in de klassieke sectoren. • Artikelen 136 tot 138 van KB Plaatsing 2011 geven uitvoering aan voormelde wettelijke bepalingen 73

74 • Deze contractsvorm biedt de aanbestedende overheid de mogelijkheid de hoeveelheden aan te passen aan tijdsgebonden behoef­ten en producten te verkrijgen die beantwoorden aan de meest recente technologie. • raamovereenkomst met één deelnemer sinds lang ingeburgerd in Belgische rechtspraktijk middels bestellingsopdracht of stockaanbesteding • raamovereenkomst met meerdere deelnemers vormt een nieuwigheid 74

75 (1) INDIEN ALLE VOORWAARDEN IN DE RAAMOVEREEN­KOMST ZIJN BEPAALD • Indien alle voorwaarden in de raamovereen­komst bepaald zijn, wordt de raamovereen­komst uitgevoerd volgens die voorwaarden. • De keuze tussen de verschillende deelnemers voor de uitvoering van een specifieke bestelling wordt beschreven in de raamovereenkomst. • bijvoorbeeld trapsgewijze methode, waarbij men schriftelijk de deelnemer contacteert die de beste offerte heeft ingediend en vervolgens de tweede gerangschikte indien de eerste op dat ogenblik niet over de nodige draagkracht beschikt om de bestelling uit te voeren of er geen belangstelling voor heeft om een andere reden, 75

76 (2) INDIEN NIET ALLE VOORWAARDEN IN DE RAAMOVEREEN­KOMST ZIJN BEPAALD • Individuele opdrachten die gebaseerd zijn op de raamovereenkomst worden slechts gesloten nadat de mededinging opnieuw werd geraadpleegd • Nieuwe oproep tot mededinging is gebaseerd op dezelfde voorwaarden die, indien nodig, kunnen worden aangevuld of gepreciseerd. • De voorwaar­den die reeds bepaald zijn in de raamovereenkomst, mogen niet wezenlijk worden gewijzigd 76

77 VOORDELEN RAAMOVEREENKOMST MET MEERDERE DEELNEMERS? (I) • Mogelijkheid om deelnemers voor elke afzonderlijke opdracht opnieuw in mededinging te stellen (zogenaamde mini competition) en aldus een beter op de behoeften afgestemde offerte te bekomen, • Eenmaal een gunningprocedure organiseren vergt meestal minder tijd, kosten en organisatie dan verscheidene (al dan niet Europese) gunningprocedures lanceren. 77

78 VOORDELEN RAAMOVEREENKOMST MET MEERDERE DEELNEMERS? (II) • Grotere volumes leiden vaak tot meer competitieve prijzen, • Raamovereenkomsten bieden prijs- en contractuele zekerheid op langere termijn. • Bij een meerpartijen-raamovereenkomst loopt de aanbestedende dienst minder het risico onder druk gezet te worden door haar medecontractanten dan in een klassieke lange termijn-overeenkomst met één contractant. 78

79 VOORDELEN RAAMOVEREENKOMST MET MEERDERE DEELNEMERS? (III) • De aanbestedende overheid kan in sectoren met sterk evoluerende technologieën de "voordeligste" offerte kiezen op basis van de recentste "best beschikbare technologie" en per individuele bestelling de leverancier kiezen die de meest geavanceerde producten of beste voorwaarden biedt zonder een volledig nieuwe procedure te moeten doorlopen. • Door bestellingen in de tijd te spreiden en op te delen over verschillende ondernemers, wordt het aanbod van ondernemingen mogelijk groter omdat ook kleinere bedrijven (KMO’s) weerhouden kunnen worden. • Een raamovereenkomst gesloten met meerdere ondernemers biedt tenslotte meer garanties inzake "beschikbaarheid" (bijvoorbeeld in geval van faillissement van een leverancier). 79

80 CONCURRENTIEDIALOOG • In de artikelen 111 tot 114 van het KB Plaatsing 2011 worden de gunningsvoorschriften die bij de aanwending van de concurrentiedialoog moeten worden in acht genomen, nader uitgewerkt. • Aanbestedende overheden kunnen de concurrentiedialoog slechts aanwenden • in geval van een bijzonder ingewikkelde opdracht, • wanneer ze objectief niet in staat is de technische middelen te bepalen die aan haar behoeften kunnen voldoen of te beoordelen wat de markt te bieden heeft op het vlak van technische, financiële of juridische oplossingen • en van oordeel is dat de toepassing van de open of beperkte procedures het onmogelijk maken de opdracht te plaatsen 80

81 VERVROEGDE INWERKINGTREDING • Concurrentiedialoog op 28 september 2011 vervroegd in werking getreden middels KB van 12 september 2011 (BS 23 september 2011) • Ratio legis vervroegde inwerkingtreding? • Afblokken inbreukprocedure door Europese Commissie opgestart in een dossier van de Duitstalige Gemeenschap inzake scholenbouw 81

82 INVOERING ELEKTRONISCHE AANKOOPMECHANISMEN • Dynamisch aankoopsysteem (art.125 tot 129 KB Plaatsing 2011) en elektronische veiling (art. 130 tot 135 KB Plaatsing 2011) • Volledig elektronisch verlopende procedures • Voor leveringen en diensten voor courant gebruik 82

83 INRICHTINGSWERKEN IN EEN DOOR EEN AANBESTEDENDE OVERHEID GEHUURD GEBOUW (I) Nieuwe bepaling beoogt geval waarbij: • een bestaand bouwwerk wordt gehuurd door een aanbestedende overheid en • de verhuurder door de huurder- aanbestedende overheid belast werd met de uitvoering van werken aan dit bouwwerk met het oog op • hetzij de inrichtingswerken ervan; • hetzij het behoud in goede staat ervan; • hetzij de beperkte specifieke herinrichting ervan. 83

84 INRICHTINGSWERKEN IN EEN DOOR EEN AANBESTEDENDE OVERHEID GEHUURD GEBOUW (II) • Deze mogelijkheid is vanzelfsprekend niet van toepassing wanneer de verhuurder zelf een aanbestedende overheid is. • In die hypothese zal de gunning van de werken immers in ieder geval een overheidsopdracht uitmaken • De door de verhuurder aan een derde gegunde werken dienen niet als een overheidsopdracht voor werken, noch als een promotieopdracht van werken te worden beschouwd in de drie volgende gevallen: 84

85 1. Zogenaamde « gestandaardiseerde herinrichtingswerken » Inrichtingswerken aan het bouwwerk waarmee de verhuurder is belast en die bijvoorbeeld betrekking hebben op • herschil­deren van kantoren, • vernieuwen van de vloer­bekleding ervan, • aanpassingswerken om te voldoen aan de brand­ veiligheids­normen, • sanerings­werken inzake asbest, • … 85

86 2. Grote herstellingen aan het bouwwerk Betreft grote herstellingen aan het bouwwerk die niet voldoen aan de vastgestelde behoeften van de aanbestedende overheid, ongeacht of deze zich in het begin of op het einde van de huur voordoen. 86

87 3. Specifieke herinrichting die voldoet aan de vastgestelde behoeften van de aanbestedende overheid Voorwaarden: 1)specifieke herinrichting die voldoet aan de vastgestelde behoeften van de aanbestedende overheid 2)herinrichting mag slechts bijkomstige kosten veroorzaken in vergelijking met de huurprijs  bijvoorbeeld: een alarminstallatie, een specifiek loket, een bijkomende bekabeling voor de informatica, … 3)Werken moeten, over de hele huurperiode, lager zijn dan vijf procent van de totale huurwaarde zonder indexering. 87

88 88 EN VOOR WANNEER INWERKING- TREDING OVERHEIDSOPDRACHTENWET 15 JUNI 2006?

89 • Inwerkingtreding slechts mogelijk wanneer alle uitvoeringsbesluiten zijn gepubliceerd • Binnen de federale Commissie OO wordt nog steeds gewerkt aan de uitvoeringsbesluiten ter vervanging van: • (KB 8 januari 1996 => KB 15 juli 2011) • Momenteel wordt aan een KB gewerkt met diverse errata • KB 10 januari 1996 • KB 18 juni 1996 • KB 26 september 1996 (+ AAV) • KB 14 oktober

90 90 CAPITA SELECTA

91 91 BESLISSING VLAAMSE REGERING VAN 20 MEI 2011 M.B.T. E-TENDERING

92 TERMINOLOGIE • Het elektronisch publiceren/bekendmaking van overheidsopdrachten = e-notification • Het elektronisch indienen en openen van offertes = e-tendering • Overkoepelende benaming: e-procurement 92

93 VOORDELEN E-PROCUREMENT • Het elektronisch laten verlopen van overheidsopdrachten brengt heel wat voordelen met zich mee: • de grotere doeltreffendheid en efficiëntie van de aankoopprocedures; • de administratieve vereenvoudiging; • de vermindering van de aankoopkosten; • de transparantie van de procedures voor overheidsopdrachten; • de betere mededinging. 93

94 • Op 20 mei 2011 nam de Vlaamse Regering de beslissing om e-tendering vanaf 1 januari 2012 te verplicht voor de diensten van de Vlaamse overheid en de Vlaamse instellingen. • Dat betekent dat de indiening van kandidaatstellingen en offertes bij overheidsopdrachten van de Vlaamse overheid enkel nog digitaal kunnen verlopen via het online platform e-tendering. 94

95 TOEPASSINGSGEBIED • Alle overheidsopdrachten die moeten worden gepubliceerd! 95

96 VOOR LOKALE OVERHEDEN • ABB Binnenband, themanummer oktober • Bestaan van een Vlaamse stuurgroep e-tendering lokale en provinciale besturen o.l.v. Johan Van Steelandt, projectleider e-procurement Vlaamse Overheid 96

97 97 18 FEBRUARI 2011 – FEDERALE OVERHEIDSDIENST KANSELARIJ VAN DE EERSTE MINISTER - OMZENDBRIEF – OVERHEIDSOPDRACHTEN - INMEDEDINGINGSTELLING VAN POSTDIENSTEN – AANBEVELINGEN BELGISCH STAATSBLAD VAN 22 FEBRUARI 2011

98 • Vanaf 1 januari 2011 zijn de postdiensten in België volledig geliberaliseerd. • Deze liberalisering vloeit voort uit de omzetting van Richtlijn 2008/6/EG van 20 februari 2008 tot wijziging van Richtlijn 97/67/EG wat betreft de volledige voltooiing van de interne markt voor postdiensten in de Gemeenschap. • Concreet: vanaf die datum, naast pakjes en brievenpost boven de 50 gram, voortaan ook diensten met betrekking tot brievenpost tot en met 50 gram door andere aanbieders van postdiensten dan bpost kunnen worden aangeboden. • Brievenpost van minder dan vijftig gram maakt de overgrote meerderheid uit van de zendingen van de aanbestedende overheden. 98

99 • De federale omzendbrief van 18 februari 2011 bevat enkele praktische aanbevelingen die de aanbestedende overheden moeten helpen met de bedoelde liberalisering rekening te houden bij het plaatsen van hun overheidsopdrachten. • Zie ook de omzendbrief van 15 november 2010 m.b.t. de in mededingingstelling van postdiensten (Belgisch Staatsblad van 22 november 2010) • Zie website van het Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie (www.bipt.be), waar gegevens kunnen worden geraadpleegd betreffende de verschillende operatoren inzake postdiensten die naast bpost vandaag reeds actief zijn in België. • Zie ook Mededeling van het BIPT –lijst postale operatoren met een individuele vergunning voor brievenpost, in B.S • 2012 Ed 2 99

100 • voorbeelden van bestek voor postdiensten op website VVSG sopdrachten/Pages/Typebestekken.aspx 100

101 101 NIEUWE OVERHEIDSOPDRACHTEN- RICHTLIJNEN IN DE PIPELINE

102 • Europese Commissie heeft op 20 december 2011 voorstellen voor 3 nieuwe richtlijnen ter verdere behandeling overgemaakt aan Europees Parlement: 102

103 • COM (2011) 896: Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende het gunnen van overheidsopdrachten (klassieke sectoren). • COM (2011) 895: Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad over het gunnen van opdrachten door de aanbestedende diensten werkzaam in de sectoren water, energievoorziening, vervoer en post (speciale sectoren). • COM (2011) 897: Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de gunning van concessies 103

104 • Klassieke Sectoren • van 84 naar 96 artikelen • Speciale sectoren • van 75 naar 105 artikelen • De conceptrichtlijnen worden op dit moment besproken met de lidstaten. • Doelstelling: vaststellen richtlijnen in de loop van 2012 • Daarna hebben de lidstaten nog 1,5 tot 2 jaar de tijd om de richtlijnen in eigen regelgeving te implementeren. • Volgens de planning van de Commissie zal implementatie van de nieuwe richtlijnen in nationale regelgeving uiterlijk 30 juni 2014 moeten plaatsvinden. 104

105 BELANGRIJKSTE VOORGESTELDE WIJZIGINGEN (I) • Meer mogelijkheden om de onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking en de concurrentiegerichte dialoog te gebruiken bij werken • De onderhandelingsprocedure is uitgeschreven. • Opdeling in prioritaire en niet-prioritaire diensten verdwijnt. Niet-prioritaire diensten volgen het gewone aanbestedingsregime. 105

106 BELANGRIJKSTE VOORGESTELDE WIJZIGINGEN (II) • Er is een eenvoudige procedure voor het aanbesteden van sociale en andere specifieke diensten (bijvoorbeeld gezondheidszorg, maatschappelijke diensten en onderwijsvoorzieningen). • Nieuwe gunningsprocedure voor het ontwikkelen en ook de aankoop van innovatieve werken, leveringen en diensten: het innovatiepartnerschap 106

107 BELANGRIJKSTE VOORGESTELDE WIJZIGINGEN (III) • Gunningscriterium laagste prijs is vervangen door laagste kosten zodat de levenscycluskosten (inclusief interne kosten en externe milieukosten) kunnen worden meegewogen. • De doorlooptijd van een aanbesteding wordt beperkt door verkorting van termijnen voor selectie en gunning. • De richtlijnen bepalen welke wijzigingen in contracten tijdens de looptijd zijn toegestaan. 107

108 BELANGRIJKSTE VOORGESTELDE WIJZIGINGEN (IV) • Lidstaten zijn een onafhankelijke toezichtinstantie aan te wijzen die o.a.: • toeziet op toepassing van de aanbestedingsregels • overtredingen meldt bij audit-instanties en rechter, • juridisch advies geeft aan aanbestedende diensten over toepassing van de regels, • op eigen initiatief adviezen en richtsnoeren verstrekt over interpretatie en toepassing van de regels, • nationale instanties bewust maakt van specifieke schendingen en systeemgebonden problemen, • alle gegunde opdrachten boven de € 1 mln. bij leveringen en diensten en € 10 mln. bij werken controleert. 108

109 109 VZW’S EN DE OVERHEIDSOPDRACHTEN- REGELGEVING

110 GELEZEN IN DE STANDAARD VAN 9/12/2011 “BRUSSEL - Vanaf mei zullen veel vzw's de logge regels voor de aanbesteding van overheidsopdrachten moeten toepassen. Een ramp, vinden ze. Van onze redacteur De koepel van het Vlaamse verenigingsleven, de Verenigde Verenigingen, trekt aan de alarmbel. Een van de eerste zaken die de nieuwe federale regering zal doen, is een reeks klaarliggende besluiten (kb's) uitvaardigen die vzw's verplichten bij hun aankopen vanaf euro de regelgeving op de aanbesteding van overheidsopdrachten te volgen. Die regelgeving moet tegen juni van kracht zijn. Een grote meerderheid van de vzw's zou daaronder vallen. De meeste weten dat nog niet. Vooral de kleinere kunnen dat absoluut niet aan. Die besluiten voeren een Europese richtlijn uit van 2004 die al wel in Belgische wetten is vertaald (15 en 16 juni 2006), maar nog niet in uitvoeringsbesluiten met de praktische gegevens.” 110

111 ARTIKEL 4, § 2, 8° OO-WET 1993 • Artikel 4, § 2, 8° van de Overheidsopdrachtenwet van 24 december 1993 heeft een open categorie van rechtspersonen gecreëerd die (zelfs tijdelijk) onder het toepassingsgebied van de wetgeving overheidsopdrachten vallen. • Luidens dat artikel 4, § 2, 8° van de Overheidsopdrachtenwet 1993 zijn onderworpen aan de overheidsopdrachtenwet de organismen die op datum van de beslissing om tot een opdracht over te gaan: 111

112 • opgericht zijn met het specifieke doel te voorzien in behoeften van algemeen belang die niet van industriële of commerciële aard zijn, en • rechtspersoonlijkheid hebben, en • gekenmerkt worden door een bijzondere overheidsinvloed (zie volgende slides) 112

113 BIJZONDERE OVERHEIDSINVLOED (I) 1) hetzij dat de werkzaamheden in hoofdzaak (dit is meer dan 50%) gefinancierd worden door aanbestedende overheden of openbare instellingen • Het betreft de financiering door overheden en instellingen vermeld in § 1 en § 2, 1° tot 8° van de Overheidsopdrachtenwet • Bijvoorbeeld: de Staat, de Gemeenschappen, de Gewesten, de provincies, de gemeenten, organismen van openbaar nut, publiekrechtelijke verenigingen, OCMW’s, etc. • De financiering kan bijvoorbeeld de vorm aannemen van (Europese of Belgische) werkingssubsidies of projectsubsidies 113

114 BIJZONDERE OVERHEIDSINVLOED (II) 2) hetzij dat het beheer onderworpen is aan toezicht van die overheden of instellingen; 3) hetzij dat de leden van de directie, van de raad van bestuur of van de raad van toezicht voor meer dan de helft door die overheden of instellingen zijn aangewezen. De criteria onder 1), 2) dan wel 3) die bewijs leveren van een bijzondere overheidsinvloed zijn niet-cumulatief te verstaan. • Dat wil zeggen dat indien aan één van deze criteria voldaan is, de bijzondere overheidsinvloed bewezen is en aan het criterium van de bijzondere overheidsinvloed voldaan is. 114

115 CONCLUSIE Wanneer een VZW derhalve voldoet aan de voorwaarden van de “catch all”-bepaling van artikel 4, § 2, 8° OO-Wet 1993 is ze voor al de werken, leveringen en diensten waartoe ze de opdracht geeft, onderworpen aan de overheidsopdrachten- wet- en regelgeving. 115

116 OPMERKING – ART. 4, § 4 OO-WET 1993 Naast de rechtspersonen onderworpen op grond van artikel 4, § 2, 8° OO-Wet 1993 kan de Koning overeenkomstig artikel 4, § 4 de bepalingen van de wet van toepassing maken op de werken en diensten gegund door privaatrechtelijke rechtspersonen (bijvoorbeeld VZW’s) die niet voldoen aan de ‘catch all’-bepaling van artikel 4, § 2, 8° OO-Wet 1993, indien zij voor deze opdrachten subsidies ontvangen van overheden of instellingen die onderworpen zijn aan de OO- Wet. 116

117 VOORWAARDEN (I) • Werken en diensten die voor meer dan 50% rechtstreeks worden gesubsidieerd door de overheden en instellingen vermeld in § 1 en § 2, 1° tot 8° van de OO-Wet • “Rechtstreeks gesubsidieerd” houdt in bijvoorbeeld geen rekening moet gehouden worden met indirecte voordelen zoals gunsttarieven, belastingvoordelen (zie echter volgende slide), goedkope leningen, etc. 117

118 ARREST GERECHT EU VAN 16 DECEMBER 2011 (ZAAK T-488/10) • Arrest Gerecht EU van 16 december 2011, Frankrijk t/Europese Commissie, zaak T-488/10 • rénovation et extension du village de vacances Les Boucaniers du Club Méditerranée en Martinique • Défiscalisation et notion de ‘subvention directe’ • les allégements fiscaux sous forme d’une défiscalisation ont été accordés par la République française au projet de rénovation et d’extension du club Les Boucaniers spécifiquement pour la réalisation des travaux de rénovation et d’extension en cause • Les allégements fiscaux en cause, qui visent à réduire les coûts de financement du projet, étant directement liés aux investissements réalisés, ils constituent donc une subvention directe au sens de la directive. 118

119 VOORWAARDEN (II) • Werken moeten betrekking hebben op: • civieltechnische werkzaamheden • een opsomming van deze werkzaamheden kan worden aangetroffen in Bijlage 1 van de Overheidsopdrachtenwet 1993 • of op bouwwerken voor ziekenhuizen, inrichtingen voor sportbeoefening, recreatie en vrijetijdsbesteding, schoolgebouwen andere dan universiteitsgebouwen en op gebouwen met een administratieve bestemming. • De geraamde waarde van de werken moet bovendien een waarde hebben bereikt van euro • cfr. KB 8 januari 1996, artikel 11 • Dit betekent dat vanaf een subsidie van euro de overheidsopdrachtenregelgeving dus al in werking kan treden. 119

120 VOORWAARDEN (III) • De diensten moeten betrekking hebben op de gesubsidieerde werken en minimaal euro bedragen • cfr. KB 8 januari 1996, artikel 53, § 2 – bedrag van toepassing voor de periode


Download ppt "1 VVSG-INFODAGEN OVERHEIDSOPDRACHTEN 18/1/2012 29/2 /2012 7/3/2012 OVERZICHT NIEUWE WET- EN REGELGEVING OVERHEIDSOPDRACHTEN [PERIODE DECEMBER 2010 – FEBRUARI."

Verwante presentaties


Ads door Google