Uitwerkingen 9.F.7 Geg :V = 2,5 cmB = 350 cmS = 20 dpt Gevr:v (waar de dia komt) b (waar het scherm komt) Oplossing: N = b v = B V b v = 350 2,5 N = 140.

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Televisies: de beeldverhouding
Advertisements

Voorrangsregels bij rekenen (2)
Proefwerk H2 licht. Uitwerking.
Cirkels…omtrek en oppervlakte
Sterkte van een lens De sterkte van een lens hangt af van de mate waarin het licht gebroken wordt. Als de sterkte van een lens groot is dan breekt het.
havo A Samenvatting Hoofdstuk 10
Natuurkunde V6: M.Prickaerts
Uitwerkingen blok 4 hoofdstuk 3 versie 2
Lenzen Voor het beste resultaat: start de diavoorstelling.
Grote getallen Getallen groter dan vier cijfers schrijf je meestal in groepjes van drie. Je schrijft niet maar Dit spreek je.
Combinaties van formules
UITWERKINGEN TOEPASSINGEN
Vergroting.
Inlijsten van figuren Kees Vleeming [bew gk].
Uitwerkingen blok 4 hoofdstuk 3 versie 1
Sterkte brillenglazen
Evenwijdige lichtbundel
WISKUNDIGE FORMULES.
1. Nabijheidspunt en vertepunt
H51 12 resolutie H51 PHOTOSHOP 1 audiovisueel centrum meise.
Extra vragen voor Havo 3 WB
Lineaire functies Lineaire functie
De grafiek van een lineair verband is ALTIJD een rechte lijn.
Beslisbomen Robert de Hoog College Beslissingsondersteuning 26 september 2002.
Bouw van het oog.
Verband voorwerpafstand en beeldafstand
Hoofdstuk 11 Homothetie.
De schaal Hoe bereken je die?.
Inkomen les 7 27 t/m 37.
Verhoudingstabel Er is een voorraad laxeermiddel. Die oplossing bevat 15% natriumsulfaat. Dit betekent: 15 gram per 100 mL oplossing. Kinderen krijgen.
Opgave 1 b] sin i r = n Sin 20 0 sin r = 1,5 sin r = 0, glas lucht 4 cm a] zie tekening = 13,2 0 r.
Gecombineerde schakelingen
Als je een veer wilt uitrekken dan zul je daar een kracht op
Je wilt een 3 cm hoge dia, scherp en volledig, op een 4,5 m
vergrotingsformule F Er zijn in de tekening 2 Gelijkvormige driehoeken
b (waar het scherm komt)
Antwoorden oefenstof Opgave 1 a] 12 N/cm2 = N/dm2 b] 0,8 N/mm2 = N/m2
lenzenformule De lenzenformule geeft het verband aan tussen de
^ 1 x kan geschreven worden als x kan geschreven worden als 5-1
1 Omgekeerd vergroot reëel (projector)
Lenzenformule opgave 1 L O P U C
Lenzen vergroting opgave 1
Opdracht 1 De lengte van Fres is 5,00 cm ^ 4,00 cm = 80 N ^
Plaats en tijd opgave 1 25 s 26 s 27 s a) Baan 4. b) (De zwemmer is weer bij het Startpunt) c) Na 76 s is afgelegd:
Lenzen 1. Bolle lens. 2. Loep. 3. Camera.
Lesplanning Binnenkomst Intro Vragen huiswerk Uitleg docent 2.2
Lesplanning – paragraaf 7 blz. 38 Binnenkomst Intro Vragen huiswerk Uitleg docent Zelfstandig werken, met radio?? Afsluiting van de les. Lokaal verlaten.
Newton klas 4H H3 Lichtbeelden.
Opgave 47 a opp beeld = 8 · opp origineel dus k = √8. lengte vergroting = √8 · 15 ≈ 42,4 cm breedte vergroting = √8 · 10 ≈ 28,3 cm b opp beeld = 12 · opp.
Geometrische optica Enkele optische toestellen
Sectie natuurkunde – College Den Hulster - Venlo
Lenzen 1. Bolle lens. 2. Loep. 3. Camera.
De lens De lens beelden construeren..
Schaalberekeningen Hoofdstuk 1 Australië.
2.5 Gebruik van diagrammen
1 Zie ook identiteit.pdf willen denkenvoelen 5 Zie ook identiteit.pdf.
3FD na de vakantie !! Wiskunde deel B + Geodriehoek !!! + potlood !! + gum !! + rekenmachine !! Koop het als je het niet hebt !
Cv = F u  F = Cvu  F = Cv(el - bl) u = (el - bl)
Het oog.
Het oog Sciencmc2.nl.
Rekenen & Tekenen sciencmc2.nl.
Paragraaf 6.4 antwoorden.
De lens beelden construeren. De lens. Brandpunt Een lens heeft een brandpunt Het brandpunt (F). Het punt waarnaartoe evenwijdige lichtstralen (aan de.
Oogkwalen en oplossingen. Het oog Grootste deel van de breking vindt plaats bij het hoornvlies (ca. 60 dpt) Klein deel door de kristallens (10 dpt)
Bouw van het oog.
Consctructiestralen bij een positieve lens.
Verband voorwerpafstand en beeldafstand
Opgave 1 Je kijkt naar een letter A van 1,6 cm groot, welke op 40 cm van je ooglens afligt. Je oog accommodeert zodanig dat er een scherp omgekeerd beeld.
LICHT - spiegelbeeld Het spiegelbeeld.
Rekenen met verhoudingen
Transcript van de presentatie:

Uitwerkingen 9.F.7 Geg :V = 2,5 cmB = 350 cmS = 20 dpt Gevr:v (waar de dia komt) b (waar het scherm komt) Oplossing: N = b v = B V b v = 350 2,5 N = 140 b v = 140 S = 1 f f = 1 20 f = 0,05 m = 5 cm = 1 b + 1 v 1 f = 1 b + 1 v 1 5 Voorwaarde 1 Voorwaarde 2 uit 1 volgt: b = 140v = 1 140v + 1 v 1 5 Substitueren in voorwaarde 2 = 1 140v v 1 5 = v 1 5 = 5 x v v = 5,04 cm b = 140v b = 140 x 5,04 b = 705 cm Opgave 1 Je wilt een 2,5 cm hoge dia volledig op een 3,5 m groot scherm, scherp projecteren. Hiervoor gebruik een projector die een lens heeft met een sterkte van 20 dpt. Bereken waar de dia en het scherm moet komen te staan ten opzichte van de lens.

Uitwerkingen 9.F.7 Geg :N = 3,5S = 25 dpt Gevr:v (waar de lens t.o.v. het voorwerp komt) Oplossing: N = b v = B V 3,5 = b v S = 1 f f = 1 25 f = 0,04 m = 4 cm = 1 b + 1 v 1 f = 1 b + 1 v 1 4 Voorwaarde 1 Voorwaarde 2 b = 3,5v = 1 -3,5v + 1 v 1 4 Substitueren in voorwaarde 2 = 1 -3,5v + -3,5 -3,5v 1 4 = -2,5 -3,5v 1 4 = 4x -2,5 -3,5 v v = 2,86 cm Opgave 2 Je wilt een postzegel 3,5 x vergroot zien door een vergrootglas met een sterkte van 25 dpt. Op welke afstand moet je de lens houden? Maar er is bij een vergrootglas sprake van een virtueel beeld, dus komt het beeld aan dezelfde kant als het voorwerp en dus zal b = - 3,5 v moeten zijn b = - 3,5v uit 1 volgt:

Uitwerkingen 9.F.7 Geg :b = 9 x vS = 10 dpt Gevr:b + v (waar het scherm t.o.v. Het voorwerp komt) Oplossing: b = 9v S = 1 f f = 1 10 f = 0,10 m = 10 cm = 1 b + 1 v 1 10 = 1 b + 1 v 1 Voorwaarde 1 Voorwaarde 2 = 1 9v + 1 v 1 10 Substitueren in van voorwaarde 1 in 2 = 1 9v = 9v 1 10 = 10 x 10 9 v v = 11,11 cm Opgave 3 Een lichtgevende pijl staat voor een lens, deze pijl gaan we 10x zo ver op een scherm scherp afbeelden. De sterkte van deze lens is 10 dpt. Bereken waar het beeld, t.o.v. van de pijl, scherp afgebeeld wordt. v 10v 9v b = 9 x v b = 9 x 11,11 b = 100 cm b + v = 111,11 cm

Uitwerkingen 9.F.7 Geg :b + v = 1200 cm Een verkleining van 25 x betekent 1/25 x zo groot Gevr:S (Sterkte lens) Oplossing: Voorwaarde 2 Substitueren in voorwaarde 2 b + 25b = 1200 cm Opgave 4 Een boom staat op 12 m afstand van een lichtgevoelige chip. We willen een 25x zo kleine scherpe afbeelding op deze chip krijgen. Bereken de sterkte van de lens die je hiervoor nodig hebt. Verkleining 25 x N = b v = B V Voorwaarde 1 Dus N = 1/25 b + v = 1200 cm uit 1 volgt: v = 25b 1 25 = b v 26b = 1200 cm b = 46,15 cm v = 1153,75 cm v = 25b v = 25 x 46,15 = 1 b + 1 v 1 f = 1 46, ,75 1 f f = 44,38 cm S = 1 0,4438 S = 2,25 dpt