De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Kruising tussen een ezel en een paard Altijd een muilezel Altijd een muildier Maakt niet uit: muilezel=muildier.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Kruising tussen een ezel en een paard Altijd een muilezel Altijd een muildier Maakt niet uit: muilezel=muildier."— Transcript van de presentatie:

1 Kruising tussen een ezel en een paard Altijd een muilezel Altijd een muildier Maakt niet uit: muilezel=muildier

2 Muildier en muilezel

3 de bouw van het geraamte wordt bepaald door de moeder (merrie) en de bijzondere lichaamskenmerken en de uiterlijke vorm worden bepaald door de vader (hengst).

4 EPIGENETICA: imprinting en imprinted genes De expressie van een “imprinted gene” wordt bepaald door de parentele origine. Voor sommige genen wordt enkel de paternele kopie tot expressie gebracht, voor andere genen enkel de maternele kopie. Er is dus geen Mendeliaanse erfelijkheid (recessief en dominant).

5 EPIGENETICA elke verandering in de genen die NIET gepaard gaat met DNA veranderingen bijv. toevoeging van een methyl groep verandert het voorkomen en de structuur van de DNA ruggegraat en verandert op die manier de interactie van genen met de andere moleculen in de kern van de cel.

6 EPIGENETICA

7

8 Epigenetica: methylatie

9 Ein Syndrom von Adipositas, Kleinwuchs, Kryptorchismus und Oligophrenie nach Myotonicartigem Zustand in Neugeborenalter Prader A., Labhart A., Willi H. Schweiz. Med. Wochenschr.86: ,1956

10 Diagnose van het Prader-Willi Syndrome voor1981:klinische diagnose 1981 : deletion 15q : paternele deletion 51q : maternele uniparentele disomie chromosoom : Imprinting defect op chrom 15

11

12 Etiologie: chromosoom 15q11-13

13 Fluorescence In Situ Hybridisation (FISH)

14 74% 24% 1%

15 Prader—Willi Syndroom deletie 15q % Maternele UPD24% Imprinting defect 1-3 %

16 The Prader-Willi Syndrome in Flanders Prevalence:1/ Birth Incidence:1/26.000

17 Mean age at diagnosis (n=54) <18 y (n=25): females: 0.07 (0-5) males: 0.03 (0-2) 18 y or older (n=29): females: 15.6 (1-46) males : 4.9 (0-16)

18 the different nutritional phases Phase 1: 1a: floppy infant 1b: length and weight are increasing at a normal rate Phase 2: weight gain 2a: without a significant change in appetite 2b: with an increased interest in food Phase 3: hyperphagia Phase 4: no longer an insatiable appetite and the person is able to feel full.

19 the different nutritional phases Phase 1: 1a: floppy infant 1b: length and weight are increasing at a normal rate Phase 2: weight gain 2a: without a significant change in appetite 2b: with an increased interest in food Phase 3: hyperphagia Phase 4: no longer an insatiable appetite and the person is able to feel full.

20 Informative sessions for the parents and parental guidance Informing parents as to what to expect with regard to these nutritional phases and behavioural phenotype Information from parents with older children is easily accepted (good habits can be introduced early) Emotional support from other parents Addressed topics: diet, behavior difficulties, effect on family life, health problems,….

21 the different nutritional phases Phase 1: 1a: floppy infant 1b: length and weight are increasing at a normal rate Phase 2: weight gain 2a: without a significant change in appetite 2b: with an increased interest in food Phase 3: hyperphagia Phase 4: no longer an insatiable appetite and the person is able to feel full.

22 De hyperphagische fase Tonus verbetert Toename van de eetlust: onverzadigbare eetlust Psychomotore retardatie Gedragsproblemen: woedebuien, doordrammen, rigiditeit, stelen van voedsel, automutilatie

23

24 Structuring food intake and handling behavior difficulties: a multidisciplinary approach: the pediatrician, the dietician and the educational psychologist

25

26

27 The contract and the rewards

28

29 Phase 3: is characterized by hyperphagia, typically accompanied by food-seeking and lack of satiety (median age of onset: 8 years; quartiles 5-13 years) and behaviour difficulties - Hyperphagia and food seeking behaviour - Behaviour problems

30 Excessive eating, stubborness, controlling and manipulative behaviour, lying and stealing, temper outbursts, repetitive and ritualistic behaviour, self- injurous behaviour (skin picking),…

31 Underlying causes of behavior difficulties related to: - food - disappointed expectations - anxieties - stress (high expectations) - fatigue - tension between the carers

32 Temper outbursts and repetitive questions related to disappointed expectations and/or anxieties Unpredictability and/or change from routine Insecurity Anxieties Temper tantrums and repetitive questions

33 Temper outbursts and repetitive questions related to disappointed expectations and/or anxieties Successful interventions to reduce anxieties and prevent these behaviour problems are: to warn in advance, to be consistent and to be alert, maintain predictability Taking these actions on an everyday basis is complicated and influences family life partly explaining why parental guidance is appreciated by most parents.

34 Gedragsaanpak: woedeaanvallen 1/hoe voorkomen 2/wat doen tijdens een woedeaanval? 3/wat doen nà de woedeaanval?

35 Aanpak van het gedrag het dieet en gedragsproblemen De omgeving is verantwoordelijk voor de externe controle - gebruik NOOIT voedsel als straf of beloning straf - ga niet in discussie - geef geen schuldgevoelens - geen geld - leg geen snacks opzij voor later

36 Aanpak van gedragsproblemen: SSSS Scholing en samenwerking Structuur Stressreductie Siësta

37 Gedragsaanpak: hoe woedeaanvallen voorkomen? I. Samenwerking van iedereen: informatie voor iedereen die betrokken is bij opvoeding of opvang (ouders, leerkrachten, opvoeders, verpleging,… )

38 Gedragproblemen: hoe woedeaanvallen voorkomen? II. Structuur: Duidelijke en gestructureerde regels, een stabiele en duidelijke organisatie dwz weekkalender, uurrooster per dag, een verandering pas vlak ervoor aankondigen, een ordelijk lokaal, duidelijke voorschriften, stabiele gewoontes, beloftes houden!

39 Gedragsproblemen hoe voorkomen? IV siësta, rust en stilte - niet overladen met woorden

40 Gedragsaanpak: woedeaanvallen 1/hoe voorkomen 2/wat doen tijdens een woedeaanval? 3/wat doen na de woedeaanval?

41 Gedragsproblemen: woedaanvallen elke verandering jaagt hen angst aan en maakt hen kwetsbaar dit geeft agressieve reacties, ze worden kwaad en onhandelbaar

42 Gedragsaanpak: wat doen tijdens een woedeaanval? De persoon is buiten zichzelf: een gesprek of onderhandeling is zal hem NIET helpen Elke verbale tussenkomst, elke straf zal de situatie verergeren en de woedeaanval verlengen Slechts één oplossing: afzondering in een rustige ruimte waar hij tot rust kan komen (opletten voor verwondingen!)

43 Gedragsaanpak: woedeaanvallen 1/hoe voorkomen 2/wat doen tijdens een woedeaanval? 3/wat doen nà de woedeaanval?

44 Aanpak van gedragsproblemen: wat nà de woedeaanval? nadien: reflecteer en praat over het probleem en over de mogelijks uitlokkende factoren en stel eventueel oplossingen voor (dieet, school, een spel,… ) Denk opnieuw na over de basisregels om woedaanvallen te voorkomen (I:scholing, II: structuur, III:stressreductie, IV: siësta)

45 the different nutritional phases Phase 1: 1a: floppy infant 1b: length and weight are increasing at a normal rate Phase 2: weight gain 2a: without a significant change in appetite 2b: with an increased interest in food Phase 3: hyperphagia Phase 4: no longer an insatiable appetite and the person is able to feel full.

46 III. Volwassen leeftijd - Obesitas - Gezondheidsproblemen secundair aan de obesitas : hypertensie, diabetes mellitus, cardio- respiratoire problemen - Psychiatric problems: psychosis

47 Lichamelijke gezondheid Volwassenen - obesitas - hypertensie - diabetes - hypercholesterolemie - cardio-respiratoire problemen - cariës - osteoporose !

48 Psychotische episodes Aanvang : adolescentie (13-19 jaar) Hospitalisatie noodzakelijk

49 Fenomenologie van de psychotische episodes episodes Cyclisch verloop - fases van hyperactiviteit : wanen, hallucinaties, agitatie, insomnia, emotionele overrompeling, extreme angsten - fases van hypoactiviteit: bedlegerig,excessief slapen, apatie, gebrekkig contact, weigering van voedsel

50 Psychose bij Prader-Willi Acuut begin “ Polymorphous and shifting symptomatology” Cyclisch patroon

51 Psychotische episodes ptOnset leeft Onset mode Psych hosp stressor lich gezondheid 115Acuut/afscheid dieet Gastro-int pijn 213Acuut/afscheidGastro-int urinaire 319Abrupt10 mverliesGastro-int pijn 413Acuut 8 mverliesGastro-int koorts 516Acuut13 mafscheidGastro-int pijn 619abrupt 6 wverlies, dieeturinaire

52 DSM-IV diagnosis - Psychotische stoornis niet anders gespecifieerd (5/6) - Depressie met psychose (1/6)

53 74% 24% 1% PSYCHOSE GEEN PSYCHOSE

54 Preventie van psychotische episodes ? Reduceren van stress Medicatie : neuroleptica

55 Pathophysiology ?

56

57 PATHOPHYSIOLOGY Inductie van de arbeid verzadigingsgevoel drinken voortplanting periodiciteit temperatuurscontrole pijndrempel HYPOTHALAMUS

58 De hypothalamus en Prader-Willi Inductie van de arbeid : postmaturiteit Verzadigingsgevoel : onverzadigbare eetlust Drinken : drinken weinig Voortplanting : hypogonadisme en subfertiliteit Periodiciteit : gestoord dag-nacht ritme Temperatuurscontrole : gestoorde temperatuurscontrole Pijndrempel : verhoogde pijndrempel

59 Het voedingsprobleem is een biologisch probleem Een Prader-Willi persoon denkt 24 uur op 24 uur aan eten Medicamenteuze noch chirurgische interventies geven enig resultaat Enkel DIEET geeft goede resultaten

60

61 Angelman syndroom * Ernstige mentale retardatie * Microcefalie * Epilepsie * Spastisch looppatroon * Karakterisiek gelaat

62 Angelman syndroom * Voedingsproblemen * Slaapmoeilijkheden * Afwezigheid van taal * Lachbuien * Typische armbewegingen

63 Angelman syndroom Frequent (80%) *Vertraagde groei van schedel *Stuipen *Abnormaal EEG Geassocieerd (20-80%) *Strabisme, kwijlen,uithangende tong, afgevlakt achterhoofd, aangetrokken en gefascineerd door water.

64 Angelman syndroom Volwassenen Obesitas Minder mobiel Scoliose, kyfose Stuipen Keratoconus

65 Ouderdomsproblematiek bij Angelman syndroom Klinisch * Grof gelaat * Scoliose * Verminderde mobiliteit * Epilepsie * Verandering dag-nacht ritme Gedrag * Hyperactief  Passief * Interesse voor personen

66 Angelman Syndroom 70% 7% 3% 10%

67

68


Download ppt "Kruising tussen een ezel en een paard Altijd een muilezel Altijd een muildier Maakt niet uit: muilezel=muildier."

Verwante presentaties


Ads door Google