De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Lever 10.5. Transport gifstoffen Gif in voet gespoten Komt in weefselvloeistof  haarvaten Via been ader in holle ader Via grote bloedsomloop in leverslagader.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Lever 10.5. Transport gifstoffen Gif in voet gespoten Komt in weefselvloeistof  haarvaten Via been ader in holle ader Via grote bloedsomloop in leverslagader."— Transcript van de presentatie:

1 Lever 10.5

2 Transport gifstoffen Gif in voet gespoten Komt in weefselvloeistof  haarvaten Via been ader in holle ader Via grote bloedsomloop in leverslagader in de lever Lever breekt het af, lever is gemiddeld 40 graden

3 Homeostase ( constant houden intern milieu) lever Lever= 1,5 kg Sterk doorbloed: 300 ml per minuut via leverslagader, 1000ml via poortader Poortader: voedingsstoffen Leverslagader: zuurstofrijkbloed Leverslagader en poortader komen samen tot sinusoiden( speciale haarvaten) Wand bestaat uit endotheelcellen en bevat Kupffercellen( speciale fagocyten)

4 Levercellen breken hormonen, nicotine, cafeine, alcohol, gifstoffen en geneesmiddelen af.  via leverader weg. Galkanalen lopen tussen de cellen door, om gal naar de galgang te brengen. Bron 20

5 Functies lever Koolhydraatstofwisseling Vetstofwisseling Eiwitstofwisseling Afbraak rode bloedcellen Galproductie Bloedopslag Ontgifting Bron 21

6 koolhydraatstofwisseling Insuline: opnemen van glucose in cellen Activeert in het celmembraan een transportmolecuul(GLUT1) oa lever heeft een andere. Voor lever: Omzetten glucose in glycogeen( opslag) Glucagon: glycogeen  glucose Glycogeen op: aminozuren en vetten maken glucose: glucogenese

7 Galproductie 0,5 L gal per dag Bitter, groen, stroperig Galzure zouten kunnen emulgeren zodat vetverterende enzymen beter kunnen werken. Gal via galgang naar 12vingerige darm/ galblaas Gal: bilirubine, cholesterol, andere vetten. Bevorderd ook transport in dikke darm, verhoging osmotische waarde, meer water wordt er afgegeven. Hergebruik zouten: komen via poortader weer terug. Bron 26

8 vetstofwisseling Ontvangt glycerol en vetzuren, soms cholesterol. Lever maakt ook cholesterol, nodig voor hormonen Vetten niet oplosbaar in bloed( hydrofoob) Cholesterol en fosfolipiden omzetten in lipoproteinen Verbinding vet en eiwit, kan wel worden vervoert in bloed. Overtallig vet uitscheiden in gal( cholesterol)

9 eiwitstofwisseling Bij afbraak ontstaan aminozuren Overtallige aminozuren afbreken en een deel gebruiken voor eiwitten Afbraak: 1.deaminering: verwijderen van aminogroep( NH2) 2.Van aminogroep ammoniak( NH3) maken 3.Ureum met ammoniak maken: CO2 aan koppelen 4.Dit gaat via bloed naar urine

10 De aminozuren die worden afgebroken: levert energie of vet of glucose Kan 11 van de 20 aminozuren maken door transaminering. Aminozuur ruilt de aminogroep tegen een ketogroep( dit wordt nieuw aminozuur) Essentiele aminozuren kan de lever niet maken. Moet uit voeding komen. Vegetarische maaltijden moet goed bij gekeken worden. Bron 23 en 24

11 Afbraak rode bloedcellen Lever + milt ruimen afgestorven rode bloedcellen op Ijzer van hemoglobine opslaan in eiwit ferritine/ aan bloed afgeven Biliverdine, omzetten naar bilirubine  uitscheiden via gal darmbacteriën zetten om  kleur poep Bron 25

12 bloedopslag Slaat het op, en kan in geval van nood weer afgeven aan bloedsomloop

13 Ontgiftiging Detoxificatie 90% van alcohol afbreken, rest door adem, urine, zweet. Enzym alcoholdehydrogenase  ethanal dan in azijnzuur of galzuur en vet. Bij te veel alcohol ophoping vet in lever Overmatig alcohol afsterven levercellen en ontstaan bindweefsel: cirrose Bron 27


Download ppt "Lever 10.5. Transport gifstoffen Gif in voet gespoten Komt in weefselvloeistof  haarvaten Via been ader in holle ader Via grote bloedsomloop in leverslagader."

Verwante presentaties


Ads door Google