De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

ZENUWEN EN HERSENEN.  Je weet hoe een spier wordt aangestuurd.  Je kent de bouw van een zenuwcel.  Je kent de type zenuwstelsels en hun verschillen.

Verwante presentaties


Presentatie over: "ZENUWEN EN HERSENEN.  Je weet hoe een spier wordt aangestuurd.  Je kent de bouw van een zenuwcel.  Je kent de type zenuwstelsels en hun verschillen."— Transcript van de presentatie:

1 ZENUWEN EN HERSENEN

2  Je weet hoe een spier wordt aangestuurd.  Je kent de bouw van een zenuwcel.  Je kent de type zenuwstelsels en hun verschillen.  Je weet wat een motorische eenheid is en hoe deze werkt. DOELEN

3  Motorische eenheid  Impulsen  Axonen en dendrieten  Animaal zenuwstelsel  Autonoom zenuwstelsel  Parasympatisch ZS  (ortho)sympatisch ZS VOCABULAIRE

4  Impuls motiveert een motorische eenheid.  Impuls is een klein stroom stootje.  Het impuls wordt vervoerd door een zenuwcel. AANSTURING Zenuwcel: A xon gaan van de cel A f. Dendriet gaat naar een cel toe.

5 MOTORISCHE →EENHEID←

6  De spanning is exact te regelen.  Het is alles-of-niets voor een spiervezel.  “Spieren waarmee je vrij grove bewegingen maken, zoals je beenspieren, hebben per motorische eenheid wel honderden spiervezels. In spieren waarmee je hele precieze bewegingen kan maken, zoals de spieren in je gezicht en die van je vingers, bevatten de motorische eenheden maar weinig zenuwvezels. Daar kun je de spiervezels heel precies aansturen.”Leg dit eens uit! HOE STERK SPANT DE SPIER

7 1.Wat is kramp? 2.Waarom stopt kramp als je de spier stevig rekt? VRAAG UIT HET BOEKJE

8  Centraal zenuwstelsel  Hersenen en ruggenmerg  Zenuwstelsel  Centraal zenuwstelsel + (waarnemings en respons) zenuwen ZENUWEN VAN GROOT NAAR KLEIN

9  Animaal  bewust  Welke type spier?  Autonoom  Beide stelsels hebben dezelfde doelorganen.  Stofwisselingsorganen.  (Ortho-)sympathisch  Actief als jij actief bent.  parasympatisch  Inactief als jij inactief bent. ZENUWSTELSELS

10 ANIMALE ZENUWSTELSEL

11 Verklaar de naam autonoom. AUTONOME ZENUWSTELSEL

12  Je weet hoe een spier wordt aangestuurd.  Je kent de bouw van een zenuwcel.  Je kent de type zenuwstelsels en hun verschillen.  Je weet wat een motorische eenheid is en hoe deze werkt. DOELEN GEHAALD?

13  Lezen t/m blz. 17  Opgaven maken t/m blz. 13  Volgende week controle (HUIS)WERK

14  Er was eens… het zenuwcellen.  Bio-bits zenuwstelsel FILMPJES VOOR GOED WERK


Download ppt "ZENUWEN EN HERSENEN.  Je weet hoe een spier wordt aangestuurd.  Je kent de bouw van een zenuwcel.  Je kent de type zenuwstelsels en hun verschillen."

Verwante presentaties


Ads door Google