De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

 Startopdracht  Uitleg paragraaf 3.4 ◦ Hoogbouw ◦ Samenstelling steden ◦ Gentrification ◦ Probleemwijk: Kanaleneiland  Verwerkingsopdracht.

Verwante presentaties


Presentatie over: " Startopdracht  Uitleg paragraaf 3.4 ◦ Hoogbouw ◦ Samenstelling steden ◦ Gentrification ◦ Probleemwijk: Kanaleneiland  Verwerkingsopdracht."— Transcript van de presentatie:

1  Startopdracht  Uitleg paragraaf 3.4 ◦ Hoogbouw ◦ Samenstelling steden ◦ Gentrification ◦ Probleemwijk: Kanaleneiland  Verwerkingsopdracht

2  Deze paragraaf is als volgt genoemd: ◦ Sociaal-culturele vraagstukken in de grote en middelgrote steden.  Maar wat betekent nu eigenlijk ‘sociaal-cultureel?’  Wat vind jij van hoogbouw?  Gentrification, wat is dat nu eigenlijk?  Deze paragraaf gaat het ook over ‘goede’ en ‘slechte’ woonwijken. Wat maakt iets een goede of slechte woonwijk?

3  Maar wat betekent nu eigenlijk ‘sociaal- cultureel?’

4  Sociaal-culturele vraagstukken (=dagelijkse leven).  Hoe kijken mensen aan tegen: ◦ Veranderingen in het centrum ◦ Integratie- en welvaartsverschillen ◦ Houding ten opzichte van hoogbouw ◦ Hoe kijken mensen aan tegen hoogbouw? Wat vind jij van hoogbouw?  Hoe kijkt de politiek hierna?

5

6

7

8 ZuidasDok  Circa 1200 meter van de Ringweg A10 en alle sporen zullen ondergronds verdwijnen.  Aanleg autotunnelsautotunnels aangelegd. Boven op de autotunnels komt geen bebouwing  explosiegevaar  Afgraven huidige A10  Aanleg metro - en treintunnels aangelegd.  De hoogste bebouwing – tot 105 meter vanwege het nabije Schiphol – komt te staan op de garagekelders.

9 ZuidasDok A 10 & spoorlijn Hoe kijkt de politiek tegen deze ontwikkelingen aan?

10 Zuidas: 'gouden mijl' of 'magic mile'  Ligging nabij Schiphol  ontwikkeling van kantoren en woningen aan de Zuidas  Investering van 15 miljard (veertig jaar) euro kosten. ◦ Overheid: 25% ◦ Privaat (bedrijven en beleggers): 75%

11 Zuidas wordt een stad in een stad, met als kenmerk: een compleetheid aan bebouwing en voorzieningen.  Woningen (ca , inwoners)  Werkgelegenheid: ◦ nu ◦ – straks  Kantoren  Onderwijs  Winkelvoorzieningen  Designmuseum  Ziekenhuis  Theater  Horeca  Groenvoorzieningen

12

13  Steden trekken bepaalde groepen mensen aan: ◦ Je ziet in de steden vaak veel jongeren en allochtonen. ◦ ‘Oudere’ autochtonen vertrekken vaak naar de suburbs of platteland. ◦ ‘Rijkere’ allochtonen doen dit ook.  Daardoor hebben niet alle steden eenzelfde bevolkingssamenstelling. Vaak zijn in de steden veel etniciteiten, dit noem je multiculturele steden.

14  Rotterdam  Den Haag

15  Verklaar waarom Marokkaanse en Turkse jongeren vaker in de bijstand terechtkomen dan autochtonen jongeren?  Spreken slecht de taal  Presteren daardoor vaak slechter op school  Gaan vaker het criminele pad op/ of halen minder hoog diploma  Waardoor hun kinderen weer minder kansen hebben (laag opgeleiden die zelf slecht de taal spreken, dragen dit vaak over).  Vaak speelt afwijzend gedrag ook een grote rol in de problematiek van allochtonen jongeren. (En uiteraard: omgeving)

16  Gentrification, wat is dat nu eigenlijk?

17  Na 1970 opnieuw belangstelling voor de stad. (goedkope huizen, dicht bij het werk, met hoog voorzieningenniveau).  Vooral aantrekkelijk voor alleenstaande, studenten en kunstenaars. Gentrification : “De invasie van oudere, centraal gelegen arbeiderswijken, door huishoudens met hogere inkomens die afkomen op het karakteristieke en aangename van de minder dure en goed gelegen woningen.” (Upgrading van de wijk zonder inmenging van de overheid)

18  Gentrification: “De invasie van oudere, centraal gelegen arbeiderswijken, door huishoudens met hogere inkomens die afkomen op het karakteristieke en aangename van de minder dure en goed gelegen woningen.”

19

20

21  Oranienburg strasse BerlinBerlin

22

23

24

25

26

27

28  Deze paragraaf gaat het ook over ‘goede’ en ‘slechte’ woonwijken. Wat maakt iets een goede of slechte woonwijk?

29  Probleemgroep: ? ◦ Allochtonen en starters  Vaak in goedkope naoorlogse hoogbouw.

30 Leefbaarheid Casus: Kanaleneiland, Utrecht. Eén van de veertig ‘prachtwijken.

31 Kanaleneiland, Utrecht

32 Leefbaarheid Kanaleneiland  Fysieke woonomgeving  Sociale cohesie  Veiligheid

33 Kanaleneiland Utrecht Ligging Kanaleneiland in Utrecht: tussen het Amsterdam Rijnkanaal en het Merwedekanaal  afgescheiden van de rest van Utrecht

34 Kanaleneiland: fysieke woonomgeving Model van de Nederlandse stad toegepast op Utrecht

35 Kanaleneiland: fysieke woonomgeving  Jaren zestig van de vorige eeuw (start bouwwerkzaamheden in 1956)  Naoorlogse woningnood  goed en goedkoop bouwen  Meest intensief mogelijke bebouwingsvorm: flats.  Typering fysieke woonomgeving ◦ vier hoog flats zonder lift ◦ rechte straten en relatief veel groen ◦ ‘autowijk’ met brede verkeerswegen ◦ Voorzieningen: wijkwinkelcentrum en buurtcentra  Van oorsprong een wijk voor de meer welgestelde Utrechter  Bijnaam: ‘Rozeneiland’, een naam die de status van de wijk aangaf.

36 Kanaleneiland: fysieke woonomgeving

37

38

39 Gemiddelde woningwaarde

40 Kanaleneiland: fysieke woonomgeving

41 Tevredenheid met woning: % dat ontevreden is met woning(2007)

42 Kanaleneiland: sociale cohesie Sociaal-economische kenmerken van de bewoners

43 Kanaleneiland: sociale cohesie Het percentage van de bevolking in Kanaleneiland en Utrecht dat maatschappelijk participeert en waardering van sociale cohesie

44 Kanaleneiland: sociale cohesie

45 Verblijftijd als indicator voor sociale cohesie

46 Kanaleneiland: veiligheid Het percentage van de Utrechtse bevolking dat aangeeft zich onveilig te voelen in de wijk

47 Kanaleneiland: veiligheid Het aantal gemelde gevallen van vandalisme in Utrecht, 2007

48 Kanaleneiland: veiligheid Het percentage van de Utrechtse bevolking dat aangeeft overlast te ondervinden van jongeren, 2007

49 Kanaleneiland: veiligheid

50

51

52 (on)veiligheidsgevoelens in relatie tot  Openbare ruimte  Private ruimte  Semi openbare / Semi private ruimte “In sommige wijken kijken alle ramen je aan als je daar als niet-bewoner doorheen loopt”

53 Kanaleneiland: veiligheid

54 Leefbaarheid:oplossingen?

55 Leefbaarheid Kanaleneiland  Fysieke woonomgeving  Sociale cohesie  Veiligheid

56 Leefbaarheid: Wat maakt een wijk een goede of slechte wijk?

57 Leefbaarheid:oplossingen? Aanpassing fysieke woonomgeving  Stadsvernieuwing  Herstructurering  Aanpassing woonomgeving

58 Leefbaarheid: oplossingen?

59 Leefbaarheid:oplossingen? Verdergaande ruimtelijke segregatie?

60  De groeiende tegenstellingen tussen rijke en arme buurten word polarisatie genoemd

61  Waar in Breda kom je gentrification tegen?

62 Gentrification: “De invasie van oudere, centraal gelegen arbeiderswijken, door huishoudens met hogere inkomens die afkomen op het karakteristieke en aangename van de minder dure en goed gelegen woningen.”

63  2 a 3 opdrachten per paragraaf 3.1 t/m paragraaf 3.4 ◦ Zoek opdrachten uit met meerwaarde voor jezelf!!!

64 In zijn onderzoek naar slums en getto's citeert de Amerikaanse socioloog Allport een kind dat in een getto woont: “Today I’ve learned that I’m living in a slum. I always thought it was home.”


Download ppt " Startopdracht  Uitleg paragraaf 3.4 ◦ Hoogbouw ◦ Samenstelling steden ◦ Gentrification ◦ Probleemwijk: Kanaleneiland  Verwerkingsopdracht."

Verwante presentaties


Ads door Google