De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Hoofdstuk 3 De Goederenmarkt Blanchard: Macroeconomics.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Hoofdstuk 3 De Goederenmarkt Blanchard: Macroeconomics."— Transcript van de presentatie:

1 Hoofdstuk 3 De Goederenmarkt Blanchard: Macroeconomics

2 Interactie vraagzijde
Blanchard: Macroeconomics

3 Inleiding Wijziging in vraag naar goederen, met als gevolg ...
Wijziging in productie, is gelijk aan ... Wijziging in inkomen, met als gevolg … Blanchard: Macroeconomics

4 Inhoud vraagzijde goederenmarkt
3.1. Samenstelling BBP 3.2. Vraag naar goederen 3.3. Bepaling evenwichtsproductie 3.4. Alternatief: Investeren=Sparen (IS) 3.5. Rol van de overheid Blanchard: Macroeconomics

5 Exclusief sociale zekerheid en intresten
3.1. Samenstelling BBP Componenten BBP C – Consumptie (54 % BBP België in 2004) Goederen en diensten gekocht door consumenten I – Investeringen (20 %BBP 2004) Niet-residentieel en residentieel G – Overheidsbestedingen (23 % BBP 2004) Exclusief sociale zekerheid en intresten Blanchard: Macroeconomics

6 Productie - verkoop (1% BBP)
3.1. Samenstelling BBP C + I + G = besteding door Belgen Verschillend van besteding aan Belgische goederen en diensten: X - IM = Handelsbalans X > IM -- surplus (3 % BBP 2004), X < IM -- deficit OPM: X=84% BBP en IM=81%BBP IS -- Voorraadinvestering Productie - verkoop (1% BBP) Componenten BBP Blanchard: Macroeconomics

7 3.1. Samenstelling BBP C + I + G + X – IM = besteding (netto = na correctie buitenland) aan Belgische goederen en diensten C + I + G + X – IM + IS = productie van Belgische goederen en diensten Componenten BBP Blanchard: Macroeconomics

8 Tabel 3.1 Table 3.1 The Composition of U.S. GDP, 2003 Billions Percent
GDP (Y) 11,004 100 Consumption (C) 7,760 70.5 Investment (I) 1,667 15 Nonresidential 1,094 10 Residential 572 5 Government spending (G) 2,075 19 Net exports 498 5 Exports (X) 1,046 9.5 Imports (IM) 1,544 14 Inventory investment 1

9 3.2 Vraag naar goederen Assumpties
1. Eén goed, één markt (De Goederenmarkt) 2. Aanbod perfect elastisch tegen prijs P 3. Gesloten Economie (X = IM = 0) 4. Geen voorraad (IS = 0) Blanchard: Macroeconomics

10 3.2 Vraag naar goederen is een gedragsvergelijking Consumptie (C)
Belangrijkste determinant van C is beschibaar inkomen (YD) Consumptiefunctie C = C(YD) (+) is een gedragsvergelijking Blanchard: Macroeconomics

11 3.2 Vraag naar goederen Consumptie lineair verondersteld C = C0 + C1YD
C1 = marginale consumptiequote Wijziging in C na 1 EURO wijziging inkomen 0 < C1 < 1 C0 = autonome consumptie C = C0 als YD nul is Blanchard: Macroeconomics

12 Beschikbaar Inkomen,YD
Figuur 3.1 Consumptie, C Consumptie- functie C = C0 + c1YD Helling = c1 Beschikbaar Inkomen,YD Blanchard: Macroeconomics

13 3.2 Vraag naar goederen Consumptie (C) C = C0 + C1YD
T: inkomensbelasting en transferten sociale zekerheid T ondersteld exogeen, los van inkomen C = C0 + C1 (Y-T) Blanchard: Macroeconomics

14 3.2 Vraag naar goederen Consumptie is functie van Y & T
Consumptie Samengevat Consumptie is functie van Y & T Hoger Y verhoogt C, minder dan evenredig T hoger verlaagt C, minder dan evenredig Blanchard: Macroeconomics

15 3.2 Vraag naar goederen Investeringen (I) Investeringen exogeen (d.w.z.verondersteld gegeven en niet bepaald door model, reageert dus niet op wijzigingen in Y) Endogene variabele wel bepaald door andere variabelen in het model, bv C reageert wel op wijzigingen in Y Blanchard: Macroeconomics

16 3.2 Vraag naar goederen Overheidsbestedingen (G)
G & T = fiscaal beleid = de keuze van belastingen en uitgaven door overheid geen gedragsvergelijkingen voor G & T G & T worden bepaald buiten het model G en T exogeen Blanchard: Macroeconomics

17 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Model en soorten vergelijkingen Identiteiten Gedragsvergelijkingen Evenwichtsvergelijkingen Blanchard: Macroeconomics

18 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Vraag naar goederen (Z) Blanchard: Macroeconomics

19 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Evenwicht indien : Aanbod goederen (Y) = Vraag naar goederen (Z) Veronderstelling: geen voorraden Y = aanbod goederen = productie Blanchard: Macroeconomics

20 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Evenwichtsbepaling Y = Aanbod Z = Vraag = Y = Z  Evenwicht Vraag bepaalt productie (is gelijk aan inkomen) en inkomen bepaalt vraag Blanchard: Macroeconomics

21 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Algebraïsch C1Y van beide zijden aftrekken: Blanchard: Macroeconomics

22 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Beide zijden delen door (1 - C1) Algebraïsch Blanchard: Macroeconomics

23 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Algebraïsch: Y=Z Blanchard: Macroeconomics

24 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Multiplicator: Multiplicator >1  Wijziging in autonome bestedingen zal de productie MEER wijzigen dan de oorspronkelijke wijziging in de autonome bestedingen Hoe groter de marginale consumptiequote, C1, hoe groter de multiplicator Voorbeeld: C1 = 0.6, C0 stijgt met $1  Effect op Y ?? Blanchard: Macroeconomics

25 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Wijziging Y = wijziging C0 x multiplicator = $1 x = $1 x 2.5 = $2.5 Blanchard: Macroeconomics

26 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Multiplicator intuïtief C0 (of G of I) stijgt = vraagstijging  aanbod (=productie) volgt  inkomen stijgt beschikbaar inkomen stijgt  via C1 stijgt C = vraagstijging  … (Omgekeerd verhaal voor stijging T, of daling G, I, C0 ) Blanchard: Macroeconomics

27 Evenwicht goederenmarkt (F. 3.2)
Horizontale As: Inkomen, (Y) Income,Y Blanchard: Macroeconomics

28 Evenwicht goederenmarkt (F. 3.2)
Verticale As: Vraag (Z) & productie (Y) als functie van inkomen Demand (Z), Production (Y) Income,Y Blanchard: Macroeconomics

29 Evenwicht goederenmarkt (F. 3.2)
Grafisch: Productie (Y) Inkomen (Y) 45o lijn Demand (Z), Production (Y) Income,Y Blanchard: Macroeconomics

30 Evenwicht goederenmarkt (F. 3.2)
45o line Productie=inkomen Demand (Z), Production (Y) Helling = 1 Y1 Y1 Income,Y Blanchard: Macroeconomics

31 Evenwicht goederenmarkt (F. 3.2)
45o line Production ZZ ZZ bepaald door 1) autonome bestedingen 2) inkomen Demand (Z), Production (Y) Demand Income,Y Blanchard: Macroeconomics

32 Evenwicht goederenmarkt (F. 3.2)
45o lijn Productie helling = 1 ZZ A Vraag (Z), Productie (Y) Vraag Evenwichtspunt: Y = Z Autonome besteding Inkomen,Y Blanchard: Macroeconomics

33 Werking multiplicator (F.3.3)
45o lijn B ZZ’ Y1 C D A’ Y ZZ A Vraag (Z), Productie (Y) Inkomen,Y Blanchard: Macroeconomics

34 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Dynamica Assumptie: Productie volgt de vraag… Maar kan niet onmiddellijk …Bijvoorbeeld aanpassing in kwartalen Realiteit : Aanpassingsproces (van A naar A’) vraagt tijd Blanchard: Macroeconomics

35 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Toepassing : consumentenvertrouwen p.56 Table 1 GDP, Consumption, and Forecast Errors, (1) Change Real GDP (2) Forecast Error for GDP (3) Forecast Error c0 (4) Consumer Confidence 1990:2 19 17 23 105 1990:3 29 57 1 90 1990:4 63 88 37 61 1991:1 31 27 30 65 1991:2 27 47 8 77 Blanchard: Macroeconomics

36 3.3 Bepaling evenwichtsproductie
Toepassing : consumentenvertrouwen p.56 1990:2 tot 1991:1 Reeël BBP < voorspeld 1990:3 tot 1991:1 wijziging Reeël BBP < 0 = Recessie Koeweit- en Golfcrisis : Verlies consumentenvertrouwen C0 Blanchard: Macroeconomics

37 3.4 Alternatieve evenwichtsbepaling
Vraag = Aanbod (Z = Y) Investeren = Sparen (I = S) S = YD - C = Y - T - C Y [- T - C ] = C + I + G [-T - C] = I + G - T => S = I + (G - T) zonder overheid : S = I Blanchard: Macroeconomics

38 3.4 Alternatieve evenwichtsbepaling
Overheidsdeficit S = I + (G - T) overheidsdeficit G > T => I < S Deel van sparen gaat naar overheidsdeficit ipv naar investeringen Blanchard: Macroeconomics

39 3.4 Alternatieve evenwichtsbepaling
Spaargedrag S = Y - T - C = Y - T - C0 - C1 (Y - T)  S = - C0 + (1-C1) (Y - T) 1-C1 = marginale spaarquote 0 < 1-C1 < 1 Blanchard: Macroeconomics

40 3.4 Alternatieve evenwichtsbepaling
Zelfde model, Anders bekeken S = I + (G - T) en S = - C0 + (1-C1) (Y - T) substitueer en los op voor Y  Blanchard: Macroeconomics

41 3.4 Alternatieve evenwichtsbepaling
Toepassing : Spaarparadox op KT =verklaring recessie korte termijn S = YD - C = YD - C0 - C1 YD Stel S stijgt bij YD constant !!  Enige mogelijkheid : C0 daalt (cfr / ook 2001) Maar… als C0 daalt, daalt ook Y, dus daalt S Conclusie: S constant, maar Y daalt = recessie Blanchard: Macroeconomics

42 3.4 Alternatieve evenwichtsbepaling
Toepassing : Spaarparadox op KT Conclusie: Toenemende spaarneiging bij gelijk inkomen heeft als gevolg dat S gelijk blijft (ook “technisch” omdat S = I, en I is onveranderd exogeen vast) Y daalt : recessie  Sparen aanmoedigen zal op KT niet lonen (wel op LT, zie later) Blanchard: Macroeconomics

43 3.5 Rol van de overheid  Stel G stijgt met (1-C1)Y stijgt met 1
Overheid is oppermachtig Stel G stijgt met (1-C1)Y stijgt met 1 Financier (1-C1) via T Y daalt met -C1 Netto-winst: Y stijgt met (1-C1) =>Overheid bepaalt output volledig Blanchard: Macroeconomics

44 Oefeningen HK 3 1 / 2 / 3 / 4 / 5 / 7


Download ppt "Hoofdstuk 3 De Goederenmarkt Blanchard: Macroeconomics."

Verwante presentaties


Ads door Google