Energiesoorten bewegingsenergie elektrische energie

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Diagnostische toets Energie
Advertisements

Met energie kun je dingen doen.
Elektriciteit.
Snelheid Hoe kan ik rekenen.
Werkelijk en schijnbaar vermogen
Vermogen Veel vermogen Zelfde locomotief in model, weinig vermogen.
Diagnostische toets Energie
Lading Lading is een grootheid met symbool Q. De eenheid is de coulomb met symbool C.
3T Nask1 Hoofdstuk 1 Elektriciteit
havo: hoofdstuk 6 (stevin deel 1) vwo : hoofdstuk 6 (stevin deel 1)
Elektriciteit Begrippen die bij elektriciteit horen zijn:
Hoofdstuk 6 Elektriciteit
Elektriciteit.
Energie: Grootheden en eenheden
Ieder apparaat verbruikt energie ! JE MOET IN STAAT ZIJN OM DE
Oefenvragen Hst. 3 paragraaf 1 t/m 3.
3.1 Energie omzetten..
Energie Rendement 1.
Oefenen PW.
Energie.
Warmte herhaling hfd 2 (dl. na1-2)
Energieuitdaging vanuit maatschappelijk- economisch perspectief (deel 2): Nederlandse energievoorziening op weg naar 100% hernieuwbare energie? Erik Lysen.
Vraag 28 Verzamel eerst de gegevens: P = 80 W t = 8,5 minuut = 8,5 x 60 = 470 seconden m = 200 gram water c = 4,2 J/g.°C ∆T = 37 – 7 = 30 °C Maak eventueel.
Neem onderstaande tabel over en vul hem in:
5.1 Definitie van vermogen
Herhaling Energie berekeningen
Samenvatting H 5 Nova klas 2
Electrische stroom Stroomrichting De wet van Ohm.
Samenvatting Newton H5(brandstofverbruik)
Kilometer per uur.
Elektrische energie en vermogen
Energiestromen.
Warmte.
Gemaakt door: Josine Stremler & Simone ter Stege Klas: G2D
Bart van Wijngaarden Edwin Alblas
Hoofdstuk , Energie dus ook warmte
Lynsey Jordaans & Marie-Louise Alblas
3.4 Rekenen met energie 4T Nask1 H3 Energie.
Elektrische stroom 3T Nask1 1.1 Elektriciteit.
Marc Bremer Natuurkunde Marc Bremer
Elektrische arbeid en vermogen
havo: hoofdstuk 4 (stevin deel 3) vwo: hoofdstuk 2 (stevin deel 2)
Elektrische stroom? Gemaakt door J. Luijten.
Techniek Energie.
WAT IS ELEKTRICITEIT H 8 Elektriciteit De wet van Ohm.
Deel 2 Energie: bronnen en soorten
Energie: Grootheden en eenheden
Samenvatting.
Met energie kun je dingen doen.
Elektriciteit.
Milieu & Ruimte Artcadia By: Britney, Lynn, Aida, Pien & Ilonka Het licht gaat branden (‘s avonds) omdat ook overdag de windmolentjes draaien. De windmolen.
Ieder apparaat verbruikt energie ! JE MOET IN STAAT ZIJN OM DE
Ontdekken Begrijpen Beheersen
Hoofdstuk 2 - Elektriciteit
E = P × t.
H3 Energie Klas 3 mavo.
Deel 3 Energieomzetting
De elektrische stroomkring
Elektriciteit H 3 Elektriciteit De wet van Ohm Ing W.T.N.G. Tomassen.
De elektrische stroomkring
§4.1 LEERDOELEN Uitleggen van de begrippen: stroomkring, stroommeter/-sterkte, geleiders, spanningsbron, spanningsmeter, weerstand, wet van Ohm, elektrisch.
ONDERWERP 4 ENERGIEVERBRUIK
Energieomzettingen.
Mijn naam is Arie Vissers
Hoofdstuk Hoofdstuk 4 Elektriciteit Wat gaan we vandaag doen? Opening
Hoofdstuk 2 Wat gaan we vandaag doen? Opening Terugblik Doel
Hoofdstuk 4 - les 2 Elektrische energie.
Hoofdstuk 2 – les 2 Warmte en temperatuur.
Naturalis 5.
Transcript van de presentatie:

Energiesoorten bewegingsenergie elektrische energie stralingsenergie (waaronder: licht) thermische energie = warmte chemische energie …

Energie en vermogen Hoeveelheid energie (E) = aantal Joule (J) Bijvoorbeeld: E = 25 J

Energie-omzetting Boormachine Elektrische energie  bewegingsenergie + warmte Gloeilamp Elektrische energie  stralingsenergie + warmte Strijkijzer Elektrische energie  warmte Accu Chemische energie  elektrische energie

Elektrische energie  stralingsenergie + warmte Elke seconde wordt een hoeveelheid energie omgezet. 15 Watt 25 Watt 40 Watt 100 Watt = 15 Joule per seconde = 25 Joule per seconde = 40 Joule per seconde = 100 Joule per seconde Méér elektrische energie per seconde… dan ook meer licht en meer warmte!

Vermogen Hoeveelheid energie die per seconde wordt omgezet heet het vermogen. Het vermogen is een aantal Watt. 1 Watt = 1 Joule per seconde.

230 V 60 W

Elektrische energie  stralingsenergie + warmte Lamp van 60 W Elke seconde: 60 J  3 J (licht) + 57 J (warmte) En dus ook: 60 W  3 W (licht) + 57 W (warmte)

60 W  3 W (licht) + 57 W (warmte) Rendement is laag: x 100% = 5% 60 60 W  12 W (licht) + 48 W (warmte) Evenveel licht: 15 W  3 W (licht) + 12 W (warmte) Rendement is beter: 20%

Evenveel licht: 7,5 W  3 W (licht) + 4,5 W (warmte) Rendement is veel beter: 40%

Vermogen Meer spanning  lamp geeft meer licht  meer energieverbruik. Meer stroom  lamp geeft meer licht  meer energieverbruik. Het vermogen hangt af van: de spanning de stroomsterkte

Vermogen P U x I U = spanning . . . . . . . V = Volt U = I x R I = R = U R I U = I x R I = R = U R I P = U x I I = U = U = I x R I = R = U R I P U x I P U P I U = spanning . . . . . . . V = Volt I = stroomsterkte . . . . A = Ampère P = vermogen . . . . . . W = Watt

Vermogen Hoeveelheid energie die per seconde wordt omgezet heet het vermogen. Het vermogen is een aantal Watt. 1 Watt = 1 Joule per seconde.

is dus 60 Joule per seconde 230 V 60 W is dus 60 Joule per seconde

Energieverbruik 60 Watt = 60 Joule per seconde In 5 seconden dus 5 x 60 J = 300 J Het energieverbruik is dus: E = P x t E P x t = 60 W x 5 s = 300 J

Energieverbruik Wattuur 60 Watt = 60 Joule per seconde Hoeveel is dat in een uur? Dat kan simpeler: E = P x t = 60 W x 1 h = 60 Wh E = P x t = 60 W x 3600 s = 216000 J Wattuur

Energieverbruik kiloWattuur Lamp van 60 Watt brandt 50 uur E = P x t = 60 W x 50 h = 3000 Wh = 3 kWh kiloWattuur

Energieverbruik E = P x t tijd in seconden  E in Joule tijd in uren  E in Wh  kWh minuten??? omrekenen in seconden of in uren!!!