Hoofdstuk 10 Procenten basis. Hoofdstuk 10 Procenten basis.

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Welkom bij de World Vision Quiz.
Advertisements

3 mavo Betekenis van dit percentage bespreken..
Sociale media op school
Hoe ontstaat bevolkingsontwikkeling?
De Olympische Spelen.
Haal meer uit de toetsen met ParnasSys
De tijd van Grieken en Romeinen
Gemiddelde Gewogen en Ongewogen
Wat te doen bij (vermoeden van ) dementie?
Rekenen.
Informatie voor cliëntondersteuners Wmo. Inhoud 1.Cijfers en feiten. 2.Wat is vergeetachtigheid en wat is dementie? 3.Hoe herken ik dementie? 4.Verschillende.
Procenten Cursusjaar Gecijferdheid 4 Les 2 Procenten Cursusjaar
verhoudingen – breuken – procenten - kommagetallen
verhoudingen – breuken – procenten - kommagetallen
verhoudingen – breuken – procenten - kommagetallen
Drill Getaldictee 2 234, ,07 549, , ,
© GfK 2014 | AFM Consumentenmonitor | Juni AFM Consumentenmonitor voorjaar 2014 Beleggers Juni 2014.
Kansverdelingen Kansverdelingen Inleiding In deze presentatie gaan we kijken naar hoe kansen zijn verdeeld. We gaan in op verschillende.
Presenstatie: Social Media Door: Broos, Reeve, Roos, Willem en Romy.
Les 6: Procenten combineren met gegevens uit grafieken en tabellen.
Les 4: SAMENGESTELDE GROOTHEDEN
Nakijken Opdracht 25.
Toepassingen 5L week 24: ‘Toneel en tentoonstelling’
Vandaag: Restant les 3 Verhoudingen
Herhalen schaal Schaal is een verhouding.
Hoofdstuk 2 De winstmarge VWO 3
Werken met de Digitale Toets Omgeving FaSMEd Bijeenkomst 1
Deze les nieuwe opzet Instructietafel links in de klas
Deze les hfdst 1 verbanden gegevens verwerken
Les 8 meten en meetkunde in huis
Verhoudingen Les 1 een deel van een gehele hoeveelheid In breuken
Herhalen schaal Schaal is een verhouding.
Welkom havo 3..
Lesbrief procenten.
Wijk Nieuw Gent en Steenakker in 7 cijfers
Rekenen.
Puntentelling Teams Geschat
Rekenen periode 2: Verhoudingen
Social media Door: Eloise Post Docent: E. Louisse
2 vmbo-t/havo Samenvatting Hoofdstuk 2
Mens & Maatschappij Leerjaar 2
Rekenen periode 2: Verhoudingen
Hoofdstuk 25 Procenten. Hoofdstuk 25 Procenten.
Hoofdstuk 26 Rekenen met procenten. Hoofdstuk 26 Rekenen met procenten.
Rekenen met verhoudingen
Basis 1 Getallen. Basis 1 Getallen Paragraaf B1.1 Groeperen per 10.
Breuken optellen en aftrekken
Breuken vermenigvuldigen
Rekenen Verhoudingen Les 1: Breuken en procenten 1
Rekenen met kommagetallen
Kommagetallen – De basis
Afronden en gemiddelde
Ik hou van social media Mediabegrip week 27.
Rekenen Les 5: rekenen met grafieken, diagrammen en tabellen
Hoofdstuk 17 Breuken basis. Hoofdstuk 17 Breuken basis.
De Radboud Kids: Meet the professor quiz
Hoofdstuk 1 Tellen. Hoofdstuk 1 Tellen Paragraaf 1.1 Tellen in groepjes.
Rekenen periode 4: Verbanden
Nederland en de rest van de wereld
Hoeveel weet jij van onderzoekers?
Hoofdstuk 4 Kommagetallen basis. Hoofdstuk 4 Kommagetallen basis.
Rekenen met verhoudingen
Breuken vermenigvuldigen
Hoofdstuk 13 Omtrek en oppervlakte. Hoofdstuk 13 Omtrek en oppervlakte.
Hoofdstuk 20 Grafieken en tabellen. Hoofdstuk 20 Grafieken en tabellen.
Breuken optellen en aftrekken
Afronden en gemiddelde
Transcript van de presentatie:

Hoofdstuk 10 Procenten basis

Paragraaf 10.1 Absoluut en relatief

Wat is het verschil tussen absoluut en relatief? Welke klas heeft het proefwerk het beste gemaakt?  Absoluut: een aantal, een hoeveelheid. Relatief: een verhouding, een deel van een geheel. 

Paragraaf 10.2 Per honderd

Vergelijken Onderzoek onder ondernemers naar gebruik social media: Facebook: 400 hebben een account 220 gebruiken account actief LinkedIn: 500 hebben een account 260 gebruiken account actief Worden de Facebook-account of de LinkedIn-accounts meer actief gebruikt?

220 van de 400 gebruikers: dat is 220 400 deel Onderzoek onder ondernemers naar gebruik social media: Facebook: 400 hebben een account 220 gebruiken account actief LinkedIn: 500 hebben een account 260 gebruiken account actief 220 van de 400 gebruikers: dat is 220 400 deel 260 van de 500 gebruikers: dat is 260 500 deel

Facebook: 220 400 = 55 100 LinkedIn: 260 500 = 52 100

‘Per honderd’ = 100% 25% betekent dus 25 per 100

In dit plaatje staan 100 poppetjes In dit plaatje staan 100 poppetjes. Elk poppetje staat voor 1% van de twitteraars. Hiervan is 20% inactief.

Het is handig om de volgende breuken en procenten uit je hoofd te kennen:

Paragraaf 10.3 Percentage

12 van de 20. Hoeveel procent is dat?

En andersom… Hoeveel is 7% van 400?

Hoeveel % is 50 van de 500? 50 500 deel van 100% = 50 500 × 100% = 10%

Hoeveel is 15% van 40? 15% van 40 = 15 100 × 40 = 6

Hoofdstuk 10 opgaveN

Hoeveel blauwe knikkers zitten er in de rode bak? Vraag 1 De verhouding knikkers is in de rode bak dezelfde als in de blauwe bak. Hoeveel blauwe knikkers zitten er in de rode bak? blauwe knikkers

Vraag 2 De leraren Nederlands van klas A en klas B zijn benieuwd welke klas gemiddeld het beste presteert. In klas A scoren gemiddeld 18 van de 25 leerlingen een voldoende op hun toets. In klas B scoren gemiddeld 22 van de 30 leerlingen een voldoende op hun toets. In welke klas halen relatief gezien gemiddeld de meeste leerlingen een voldoende? Klas A Klas B

Hoeveel procent van de jongeren beschouwt tennis als favoriete sport? Vraag 3 Aan 100 jongeren is gevraagd naar hun favoriete sport. Hoeveel procent van de jongeren beschouwt tennis als favoriete sport? %

Hoeveel procent van deze oogst bestaat uit wortelen? Vraag 4 Hoeveel procent van deze oogst bestaat uit wortelen? %

Welk percentage is groen gekleurd? Welk percentage is groen gekleurd? Vraag 5 Welk percentage is groen gekleurd? Welk percentage is groen gekleurd? %

Hoeveel procent van de wandeling heeft hij al afgelegd? Vraag 6 Thomas maakt een wandeling. Hoeveel procent van de wandeling heeft hij al afgelegd? %

Hoeveel procent van de leerlingen draagt een bril? In klas 1E draagt 7 van de 25 leerlingen een bril. Hoeveel procent van de leerlingen draagt een bril? Vraag 7 %

Met welk percentage is het aantal achterstandsleerlingen afgenomen? Vraag 8 In het schooljaar 2015-2016 werden ongeveer 134 000 leerlingen in het regulier basisonderwijs als achterstandsleerlingen aangemerkt. Vier jaar eerder waren dit ruim 186 000 leerlingen. Met welk percentage is het aantal achterstandsleerlingen afgenomen? Rond je antwoord af op 2 decimalen.

Vraag 9 100% is 400. Hoeveel is dan 75%?

Vraag 10 In een land wonen 10 347 329 mensen. Ongeveer 5% van hen leeft onder de armoedegrens. Hoeveel mensen schat je dat er in dit land onder de armoedegrens leven? mensen

Vraag 11 Hoeveel is 0,75% van € 400?

Vraag 12 Hoeveel is 120% van 300 boeken?

Op hoeveel procent van de totale hoogte zit je dan? Vraag 13 Op de 2e etage van de Eiffeltoren zit je nog lang niet bij de top. Op hoeveel procent van de totale hoogte zit je dan? Rond je antwoord af op 1 decimaal.

Vraag 14 In 2005 werden 580 huwelijken tussen twee vrouwen gesloten en 570 huwelijken tussen twee mannen. In 2015 werden 765 huwelijken tussen twee vrouwen gesloten en 644 huwelijken tussen twee mannen. Is het aantal huwelijken tussen twee vrouwen of dat tussen twee mannen relatief gezien het meest gestegen? Tussen twee vrouwen Tussen twee mannen

Rond je antwoord af op 1 decimaal. Vraag 15 Guatemala is een van de belangrijkste koffieproducenten van de wereld. Toch is het maar een kleine producent vergeleken met Brazilië. Brazilië levert één derde van de wereldproductie van koffie. Hoeveel procent van de wereldproductie van koffie wordt in Guatemala geproduceerd? Rond je antwoord af op 1 decimaal. %