Tijdvak 2 De tijd van Grieken en Romeinen

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Kenmerk 16 De expansie van de christelijke wereld naar buiten toe, onder andere in de vorm van de Kruistochten Les 3: Het Grote Schisma van 1054.
Advertisements

Karel en grote problemen
SlagTeuterburgerwoud
De ondergang van het West-Romeinse rijk
H.4 – Steden en Staten Paus en keizer De kruistochten Ontstaan steden
Het West Romeinse rijk valt uiteen
Romeinen, Germanen en Kelten
Romeinen in Noord-West Europa
2.5 Goden en heiligen Kenmerk:
Uit: Trouw 16 september 2009.
Kenmerk 7: De confrontatie tussen de Romeinse en Germaanse cultuur van Noordwest-Europa Les 18: De Germaanse cultuur.
Kenmerk 6: (a) De groei van het Romeinse imperium, (b) waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde Les 6: De Romeinen en hun bestuur.
Kenmerk 6: (a) De groei van het Romeinse imperium, (b) waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde Les 2: De Romeinen en hun bestuur.
Kenmerk 7: 07 b De confrontatie tussen de Romeinse en Germaanse cultuur van Noordwest-Europa Les 1: Het Romeinse Rijk valt uiteen.
Ontstaan Byzantium In 330 nc koos Constantijn de Grote het plaatsje Byzantium als nieuwe hoofdstad voor zijn keizerrijk Onmiddellijk startte hij een gigantisch.
Kenmerk 5: (a) De groei van het Romeinse imperium, (b) waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde Les 16: Ontwikkelingen in het Imperium.
Kenmerk 5: 07 b De confrontatie tussen de Romeinse en Germaanse cultuur van Noordwest-Europa Les 17: Het Romeinse Rijk valt uiteen.
Hoofdstuk V: Rome Les 7: Neergang van het Westen.
Paragraaf 2.4 Vorige les: Romeinen en Germanen Deze les:
Romeinen en Germanen.
Echt klassiek! Tijd van Grieken en Romeinen
Hoofdstuk 3 De Romeinen.
Kenmerk 6: (a) De groei van het Romeinse imperium, (b) waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde Les 7: De Romeinen, Romanisering.
Tijd van steden en staten ( n. Chr.)
Tijd van Grieken en Romeinen
Bij welk kenmerkend aspect hoort de bron?
Tijdvak 5 Ontdekkers en hervormers
DE KLASSIEKE OUDHEID De groei van het romeinse imperium, waardoor de grieks- romeinse cultuur zich door europa verspreidde.
DE VROEGE MIDDELEEUWEN
500 v. Chr. Rome komt in handen van de Senaat. Begin expansie: -264 v
Voorbeeldvragen examen geschiedenis
Pabo instroom geschiedenis
Romeinen, Germanen en Kelten
Een nieuw geloof: het christendom
Monniken en Ridders Hoofdstuk 3.
Wat moet je weten aan het einde van de les?
Goed voorbereid naar de Pabo
Paragraaf 5.3 en 5.5.  Aan het eind van de les kun je…  Herhaling  Centralisatie  Kruistochten  Reactie moslims  Opdracht  Afsluiting.
Van polis tot keizerrijk
Het Romeinse rijk verdwijnt in West-Europa
Tijd van Monniken en Ridders
§4 Christendom in Europa
H2.2 Het Romeinse Rijk Grieken en Romeinen.
Romeinen, Germanen en Kelten. Wat gaan we doen? Aan de grens van het rijk Romeins-Nederland Romanisering Het einde van Rome De Bataafse opstand Volksverhuizingen.
Op naar feodaal Europa (een strijd om macht) (feodaal stelsel = Leenstelsel, adel regeert)
Grieken en Romeinen H2.4 HET EINDE VAN HET ROMEINSE RIJK.
Tijdvak 2 De tijd van Grieken en Romeinen Paragraaf 2.2 Het Romeinse Rijk.
Tijd van Grieken en Romeinen v.Chr. – 500 na Chr.
Goed voorbereid naar de Pabo
De Europese eenwording
Paragraaf 3.3 Het feodale stelsel
Paragraaf 13.6 Globalisering.
Hoofdstuk 3 De tijd van monniken en ridders
Paragraaf 4.3 De strijd tussen paus en keizer
Ondergang van het Romeinse rijk
De vroege middeleeuwen
Tijd van Grieken en Romeinen v.Chr. – 500 na Chr.
Praktische opdracht: het bouwen van een website
Europa wordt christelijk
Hoofdstuk 4 De Romeinen.
OPKOMST VAN HET CHRISTENDOM
Kenmerk 16 De expansie van de christelijke wereld naar buiten toe, onder andere in de vorm van de Kruistochten Les 32: Het Grote Schisma van 1054.
Kenmerk 6 & 7 De confrontatie tussen de Romeinse en Germaanse cultuur van Noordwest-Europa Les 17: Het Romeinse Rijk valt uiteen.
Kenmerk 5: (a) De groei van het Romeinse imperium, (b) waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde Les 16: Ontwikkelingen in het Imperium.
Kenmerk 7: De confrontatie tussen de Romeinse en Germaanse cultuur van Noordwest-Europa Les 18: De Germaanse cultuur.
Kenmerk 5: De groei van het Romeinse imperium, waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde Les 13: Octavianus a.k.a. Augustus.
Ontstaan Byzantium In 330 nc koos Constantijn de Grote het plaatsje Byzantium als nieuwe hoofdstad voor zijn keizerrijk Onmiddellijk startte hij een gigantisch.
KA 12 - Het ontstaan van feodale verhoudingen in het bestuur KA 09 - De verspreiding van het christendom in geheel Europa Les 22: Karel de Grote.
§2.1 Van stad tot wereldrijk
Romulus sticht Rome in 754 v. Chr.
Transcript van de presentatie:

Tijdvak 2 De tijd van Grieken en Romeinen Paragraaf 2.4 Het einde van het Romeinse rijk

Kenmerkende aspecten De groei van het Romeinse imperium, waardoor de Grieks-Romeinse cultuur zich in Europa verspreidde. De confrontatie tussen de Grieks-Romeinse cultuur en de Germaanse cultuur van Noordwest-Europa.

395 Romeinse keizer Theodosius I sterft Zoon 1 = keizer West-Romeinse rijk Zoon 2 = keizer Oost-Romeinse rijk

Waarom is aan het Romeinse rijk in Europa een einde gekomen? Omdat het in Europa niet goed ging met de Romeinen: Mogelijke dieperliggende oorzaken: Interne verdeeldheid aan de top (ruziënde bestuurders)  Grote druk op de buitengrenzen in Europa Volksverhuizingen  ontstaan van ‘nieuwe’ koninkrijkjes  Verlies van belastinginkomsten  Verbrokkeling van bestuur (politiek) en economie (handel)  West-Romeinse rijk wankelt Directe oorzaak van het einde van het West-Romeinse rijk: Germaan Odoaker zet in 476 de laatste West-Romeinse keizer af en kroont zichzelf tot koning.

Volksverhuizingen Invallende stammen zorgen voor onrust / conflict / oorlog  bijgedragen aan einde Romeinse rijk.

examenvraag Vraag 1 Gebruik bron in de volgende dia. Stel: je wilt deze bron gebruiken voor een onderzoek naar het vertrek van Attila uit het Romeinse Rijk. 2p Leg uit waarom je twijfelt aan de bruikbaarheid van deze bron voor dit onderzoek. Vraag 2 Gebruik bron 4. Een interpretatie: Uit deze beschrijving blijkt de verwevenheid tussen het laat-Romeinse bestuur en de christelijke kerk. 2p Ondersteun deze interpretatie met de bron

BRON bron 4 In 452 trok Attila, de koning der Hunnen (een nomadenstam uit Oost-Azië) met zijn krijgers op naar Rome om het te plunderen. Na enkele maanden van belegering trekt Attila zijn legers terug. De kroniekschrijver Prosper geeft in circa 455 een verklaring voor het wegtrekken van de Hunnen: Attila verzamelde zijn in Gallië (Frankrijk) verspreide troepen om op te rukken naar Italië. (…) Voor de keizer en de Senaat en het Romeinse volk leek er geen beter voorstel dan een delegatie naar deze zeer barbaarse koning te sturen om bij hem om vrede te smeken. Onze hoogst gezegende paus Leo, vertrouwend op de hulp van God, die de rechtvaardigen nooit is afgevallen tijdens hun beproevingen, nam deze taak op zijn schouders, vergezeld van twee Romeinse bestuurders, consul Avienus en prefect Trygetius. De uitkomst was wat zijn geloof hem had ingegeven, want toen de koning het gezelschap had ontvangen, was hij zo onder de indruk van de aanwezigheid van de hogepriester, dat hij zijn leger het bevel gaf de oorlog op te geven. Nadat hij vrede had beloofd, trok Attila zich terug tot achter de Donau.

Antwoord examenvraag maximumscore 2 Voorbeeld van een juist antwoord is: Je kunt twijfelen aan de bruikbaarheid van deze bron voor een onderzoek naar het vertrek van Attila, omdat de oorzaak van het vertrek van Attila eenzijdig wordt verklaard vanuit de christelijke visie / uitsluitend wordt toegeschreven aan de aanwezigheid van de paus (wat de bron niet betrouwbaar lijkt te maken). Kern van een juist antwoord is: Uit de beschrijving blijkt, dat de paus samen met twee hoge Romeinse bestuurders naar Attila gaat / dat de paus leiding geeft aan een gezamenlijk bezoek aan Attila om Rome te redden.

Oost-Romeinse* rijk: tot 1453 een eenheid Waarom blijft het Oost-Romeinse rijk wel bij elkaar? Constantijn (330 n Chr)  verplaatsing hoofdstad naar het oosten = Constantinopel (nu Istanbul) Handels- en bestuurscentrum  grote welvaart + uitgebreide bureaucratie Hoofdkerk (Hagia Sophia) met goede organisatie Goed verdedigbare stad (ommuurd) + goed functionerend leger * Het Oost-Romeinse rijk wordt ook het Byzantijnse rijk genoemd

Kun je de klassieke vormentaal herkennen in de Hagia Sophia?

TV TIP Welkom bij de Romeinen, de ondergang van het West- Romeinse rijk http://www.schooltv.nl/video/welkom-bij-de-romeinen/#q=einde%20van%20het%20romeinse%20rijk