De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Een kwestie van leven of dood.  Reanimeren is het kunstmatig overnemen van de ademhaling en de bloedsomloop,  indien er sprake is van een circulatiestilstand.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Een kwestie van leven of dood.  Reanimeren is het kunstmatig overnemen van de ademhaling en de bloedsomloop,  indien er sprake is van een circulatiestilstand."— Transcript van de presentatie:

1 Een kwestie van leven of dood

2  Reanimeren is het kunstmatig overnemen van de ademhaling en de bloedsomloop,  indien er sprake is van een circulatiestilstand

3  Om te kunnen leven, is de constante aanvoer van zuurstofrijk bloed van levensbelang.  Onze organen kunnen niet functioneren zonder zuurstof.  De hersenen zijn het kwetsbaarst:  na vier tot zes minuten zonder zuurstof raakt al een (groot) gedeelte zo beschadigd, dat normaal functioneren misschien niet meer mogelijk is

4  Het transport van zuurstof via ons bloed kan op twee manieren worden verstoord:  Bloed wordt niet meer rondgepompt omdat het hart niet (goed) functioneert. Het hart kan wel bewegen (fibrilleren) maar heeft geen effectieve pompwerking. We spreken dan van een circulatiestilstand.  Bij een hartstilstand is er geen of nihil beweging.  Er wordt geen zuurstof meer in het bloed opgenomen. Dit wordt een ademhalingsstilstand genoemd.

5  Als er sprake is van een ademhalings-, en circulatiestilstand wordt dit de kllinische dood genoemd.  Echter, door zo snel mogelijk te starten met de reanimatie kan de definitieve dood mogelijk worden voorkomen.

6  De actuele richtlijnen zijn als volgt:  Aanspreken / aanschudden slachtoffer  Een bewusteloos slachtoffer controleren op ademhaling (door middel van kinlift)  Inspecteer de mondholte en daarna gedurende 10 seconden kijken, luisteren en voelen of er een ademhaling aanwezig is.)

7  Bij aanwezige ademhaling :  alarmeren (112), eerste hulp verlenen en slachtoffer in stabiele zijligging leggen  Bij afwezige ademhaling :  (laten) alarmeren (112), een AED (Automatische Externe Defibrillator) (laten) halen.  Start met 30 borstcompressies (ca 18 seconden ofwel 100 per minuut) achtereen op de borstkas en beadem 2 keer  Sluit de AED zo snel mogelijk aan en volg altijd de gesproken aanwijzingen die het apparaat voorstelt.  Ga door met de cyclus van 30 borstcompressies en 2 beademingen totdat professionele hulp (ambulancemedewerkers) de medische zorg heeft overgenomen.

8  De overlevingskansen van het slachtoffer hangen sterk af van de snelheid waarmee de ambulance ter plaatse is. Alvorens te beademen instrueert men dus liefst een omstander om hulp te halen of 112 te bellen.  In principe gaat men door met de reanimatie totdat professionele hulp het overneemt, het slachtoffer bijkomt, of het slachtoffer door een arts is doodverklaard

9  een Zweeds onderzoek uit 2005 werd bij maar liefst patiënten bekeken hoeveel mensen na 1 maand nog in leven waren (dus nog zonder te vragen of dit b.v. in coma aan de beademing was of gezond buiten het ziekenhuis).  Na 1 maand was 2,2% van de niet door omstanders gereanimeerden nog in leven; 4,9% van degenen die door niet-professionals waren gereanimeerd, en 9,2% van de mensen die door (toevallig als omstander aanwezige) professionele hulpverleners waren gereanimeerd.  Volgens dit onderzoek is het aantal mensen dat zonder aanmerkelijke neurologische schade overleeft, nog aanzienlijk kleiner

10  Uit een Japans onderzoek (2006) blijkt echter dat in geval van hartstilstand na een hartaanval de overlevingskansen verdubbelen indien enkel en alleen hartmassage toegepast wordt. Beademing zou tijdverspilling zijn.  Bij hartstilstand door hartaanval krijgt de persoon automatisch extra zuurstof door de hyperventilatie waarmee de aanval begon, maar door de stilgevallen bloedcirculatie bereikt deze zuurstof de hersenen niet meer.  Indien snel ingegrepen wordt en enkel hartmassage toegepast wordt, zou de ademhaling vanzelf weer op gang moeten komen

11  Plotselinge hartstilstand buiten het  ziekenhuis overkomt 1 op de 1000 inwoners.  Voor Nederland betekent dit:  à slachtoffers per jaar  300 slachtoffers per week  43 slachtoffers per dag

12  De meeste slachtoffers krijgen thuis een hartstilstand (70 tot 80%). De overige hartstilstanden vinden plaats in openbare ruimten, op het werk (maximaal 10%), sportaccommodaties en dergelijke.  Leeftijd De gemiddelde leeftijd van een slachtoffer van een hartstilstand ligt rond de 66 jaar. Het risico neemt toe met de leeftijd. Verschil mannen en vrouwen Er worden 3 keer zoveel mannen als vrouwen getroffen door een hartstilstand.

13  Verschillen mannen en vrouwen Veel mensen denken dat hart- en vaatziekten vooral voorkomen bij mannen. De cijfers bewijzen het tegendeel. Wist u bijvoorbeeld dat... hart- en vaatziekten niet alleen een mannenziekte zijn  bij vrouwen hart- en vaatziekten doodsoorzaak nummer 1 zijn  vrouwen vaker overlijden aan een beroerte en hartfalen dan mannen  31 op de 100 vrouwen en 29 op de 100 mannen overlijdt aan een hart- of vaatziekte

14  Bij ongeveer 75% van de slachtoffers van een hartstilstand is een omstander aanwezig. Dit is:  in 35% van de gevallen de levenspartner van het slachtoffer  in 58% van de gevallen (ook) een toevallige omstander of naaste

15  Bij een hartstilstand staat het hart stil. Dat is een logische gedachte. Toch is dit niet helemaal waar. Eigenlijk is een circulatiestilstand een betere naam.  Waarom? Het hart zelf staat meestal niet stil. De kamers van het hart fibrilleren: het hart trilt door een overmaat aan elektrische prikkels. Het hart stopt hierdoor wel met pompen en de bloedsomloop staat stil.  Hiermee stopt ook de toevoer van voedingsstoffen en zuurstof naar alle delen van het lichaam.

16  U raakt binnen enige seconden bewusteloos. Uw ademhaling valt uit en de normale huidskleur verdwijnt. Na 4 tot 6 minuten raken hersencellen onherstelbaar beschadigd.  Daarna lopen ook andere organen schade op. Er is acuut levensgevaar. De enige kans op overleven is een snelle actie met reanimatie en defibrillatie.

17  Hoe herkent u een hartstilstand?  Een slachtoffer van een hartstilstand is bewusteloos en reageert niet wanneer u hem aanspreekt of voorzichtig de schouders schudt. Ook ademt het slachtoffer niet of niet normaal. De ademhaling is te controleren door het hoofd van het slachtoffer naar achteren te bewegen en een kinlift uit te voeren: voel met je wang of het slachtoffer ademt, luister en kijk 10 seconden of er ademhaling is.  Is dit niet het geval? Start dan direct met reanimeren.

18  De meest voorkomende oorzaken van een hartstilstand zijn:  Hartinfarct waarbij ernstige hartritmestoornissen ontstaan  hartspierziekte(cardiomyopathie)  Ontsteking van het hart (myocarditis)  hartfalen  erfelijke afwijkingen in het hartritme

19

20  Een AED is een apparaat dat een schok toedient. Dat klinkt best eng. Hoe reageert bijvoorbeeld het apparaat als ik geen hartstilstand heb?  De AED is een belangrijk apparaat, maar vervangt niet de reanimatie.  Hartmassage en mond-op-mondbeademing blijft altijd de eerste stap bij de hulpverlening.

21  Een AED werkt via 2 plakelektroden die op de ontblote borstkas geplakt moeten worden. Hiermee registreert een AED de hartactie van een slachtoffer.  Het apparaat vertelt u precies wat u moet doen.  U krijgt bijvoorbeeld de opdracht om:  te reanimeren  een schok toe te dienen

22  De AED is veilig en betrouwbaar. Het apparaat dient alleen een schok toe, als de analyse van het hartritme uitwijst dat dit noodzakelijk is.  Bij een hartstilstand is er vaak sprake van ventrikelfibrilleren.  Dit is een zeer snelle en chaotische prikkeling van de kamers, waardoor deze niet meer samentrekken. De bloedsomloop ligt stil en het lichaam krijgt geen zuurstof meer.

23  Het fibrilleren moet gestopt worden. Dit heet defibrilleren.  Een AED herkent als er sprake is van ventrikelfibrillatie en geeft een schokopdracht als defibrillatie nodig is. Het geeft geen schokopdracht als:  er geen hartactie meer is en het hart helemaal stilstaat  u buiten bewustzijn bent, maar uw hart goed functioneert  Een schok toedienen aan iemand die geen hartstilstand heeft, is dan ook niet mogelijk.

24  Iedereen mag een AED gebruiken. Ook als u nog nooit een cursus heeft gevolgd.  In ons land zijn geen wettelijke bezwaren. Uit onderzoek blijkt dat ook ongetrainde mensen een AED succesvol in kunnen zetten.  Maar een training verhoogt de kans op succes aanzienlijk.

25

26  Verschillende AED’s Er zijn in Nederland verschillende typen en merken AED's verkrijgbaar. De prijzen liggen tussen de € 1.000,- en € 3.000,-.  Alle in Nederland verkrijgbare AED’s zijn veilig en betrouwbaar.  Ze voldoen aan nationale en internationale wettelijk gestelde eisen en bezitten tevens een CE-keurmerk

27 Nee, een AED helpt niet altijd. Een AED helpt alleen als er nog electrische activiteit in het hart is. Maar soms staat het hart écht helemaal stil. Dit noemen we een asystolie. Dan helpt een AED niet. Het apparaat geeft dan geen schok af, maar geeft als boodschap "ga door met reanimeren".

28  9Iko(AED) 9Iko(AED)  BDaInE6FE  UXUU(AED) UXUU  FD9w&feature=fvst(voor kinderen) FD9w&feature=fvst(voor  EPE(baywatch gasping) EPE(baywatch  CU6o&feature=fvsr(reanimatie kind) CU6o&feature=fvsr(reanimatie


Download ppt "Een kwestie van leven of dood.  Reanimeren is het kunstmatig overnemen van de ademhaling en de bloedsomloop,  indien er sprake is van een circulatiestilstand."

Verwante presentaties


Ads door Google