De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Kantoorautomatisering Prof. dr. ir. W. Philips Didactisch materiaal bij de cursus Academiejaar 2010-2011

Verwante presentaties


Presentatie over: "Kantoorautomatisering Prof. dr. ir. W. Philips Didactisch materiaal bij de cursus Academiejaar 2010-2011"— Transcript van de presentatie:

1 Kantoorautomatisering Prof. dr. ir. W. Philips Didactisch materiaal bij de cursus Academiejaar

2 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 2 Copyright notice This powerpoint presentation was developed as an educational aid to the renewed course “Office automation” (Kantoorautomatisering), taught at the University of Gent, Belgium as of the year This presentation may be used, modified and copied free of charge for non-commercial purposes by individuals and non-for-profit organisations and distributed free of charge by individuals and non-for-profit organisations to individuals and non-for-profit organisations, either in electronic form on a physical storage medium such as a CD-rom, provided that the following conditions are observed: 1.If you use this presentation as a whole or in part either in original or modified form, you should include the copyright notice “© W. Philips, Universiteit Gent, ” in a font size of at least 10 point on each slide; 2.You should include this slide (with the copyright conditions) once in each document (by which is meant either a computer file or a reproduction derived from such a file); 3. If you modify the presentation, you should clearly state so in the presentation; 4.You may not charge a fee for presenting or distributing the presentation, except to cover your costs pertaining to distribution. In other words, you or your organisation should not intend to make or make a profit from the activity for which you use or distribute the presentation; 5. You may not distribute the presentations electronically through a network (e.g., an HTTP or FTP server) without express permission by the author. In case the presentation is modified these requirements apply to the modified work as a whole. If identifiable sections of that work are not derived from the presentation, and can be reasonably considered independent and separate works in themselves, then these requirements do not apply to those sections when you distribute them as separate works. But when you distribute the same sections as part of a whole which is a work based on the presentation, the distribution of the whole must be on the terms of this License, whose permissions for other licensees extend to the entire whole, and thus to each and every part regardless of who wrote it. In particular note that condition 4 also applies to the modified work (i.e., you may not charge for it). “Using and distributing the presentation” means using it for any purpose, including but not limited to viewing it, presenting it to an audience in a lecture, distributing it to students or employees for self-teaching purposes,... Use, modification, copying and distribution for commercial purposes or by commercial organisations is not covered by this licence and is not permitted without the author’s consent. A fee may be charged for such use. Disclaimer: Note that no warrantee is offered, neither for the correctness of the contents of this presentation, nor to the safety of its use. Electronic documents such as this one are inherently unsafe because they may become infected by macro viruses. The programs used to view and modify this software are also inherently unsafe and may contain bugs that might corrupt the data or the operating system on your computer. If you use this presentation, I would appreciate being notified of this by . I would also like to be informed of any errors or omissions that you discover. Finally, if you have developed similar presentations I would be grateful if you allow me to use these in my course lectures. Prof. dr. ir. W. Philips Department of Telecommunications and Information ProcessingFax: University of GentTel: St.-Pietersnieuwstraat 41, B9000 Gent, Belgium

3 Zelfstudie: Enkele begrippen uit de typografie

4 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 4 Overzicht Kort overzicht van de geschiedenis van typografie en boekdrukkunst Letters en hun vormgeving Paginaopmaak Zetspiegel, bladspiegel en stramien De regelval Het vullen van kolommen Enkele stijlregels Doelstelling: te kennen: definities, eigenschappen, … niet te kennen: datums en chronologie omtrent de geschiedenis van het schrift en het drukken

5 Zelfstudie: Enkele begrippen uit de typografie Inleiding

6 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 6 De evolutie van het schrift… Het schrift is ontstaan uit tekeningen Evolutie van b.v. rotstekeningen naar meer abstracte pictogrammen, hiërogliefen Papyrus uit vijfde dynastie (25e eeuw voor Christus)

7 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 7 … Evolutie van het schrift… Eerste schriftsoorten (voorbeelden) -3700: “oud” spijkerschrift  pictogrammen (Soemeriërs) -2050: “modern” spijkerschrift (veel minder tekens) -1000: Ontwikkeling Grieks alfabet Vervollediging van het alfabet -700–100: 23 Romeinse hoofdletters en langzame ontwikkeling van het cursief (snel en vluchtig geschreven schrift) 300: onderkastletters (“kleine” letters, zeer gelijkend op huidige lettervormen) 800–1300: Karolingische en Gotische letters: algemeen gebruikt in geheel Europa 1465: in Italië: humanistisch schrift (terug naar de Romeinse lettervormen als verzet tegen de Gotiek) en humanistisch cursief (nieuwe lettervormen, cursieve en schreefloze letters)

8 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 8 Het ontstaan van het boek 8e eeuw: letters werden uit blokjes hout gesneden, met inkt bestreken en individueel afgedrukt (cfr. stempel) op papier het principe was al veel ouder Mesopotamië: afdrukken van in cilinders uitgesneden spijkerschrift en met figuurtjes China Wrijfprenten Eerst stempeldruk (zeer oud) rond 1430: een hele bladzijde tekst en figuren werd uit een blok hout gesneden, met inkt bestreken en afgedrukt (cfr. stempel)  de eerste boeken het principe werd al vroeger toegepast in Japan, en ook in Europa voor het vervaardigen van heiligenprentjes Nadien blokdruk (1400): Tenslotte (rond 1440) de boekdrukkkunst = het drukken met vormen die uit herbruikbare losse lettertekens zijn opgebouwd

9 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 9 Het ontstaan van de boekdrukkunst De boekdrukkkunst = het drukken met vormen die uit losse lettertekens zijn samengebouwd rond 1040 in China: uit klei gebakken karakters werden in een frame vast gezet en dan afgedrukt; nadien verschenen ook houten en tinnen letters rond 1200 in Korea werd het drukken met losse letters reeds op grote schaal toegepast rond 1440 in Europa: Gutenberg en anderen begonnen te drukken met losse Gotische letters (eerst gesneden uit hout, later gegoten in lood); Belangrijke bijdragen van Gutenberg de drukpers (werd in die vorm tot 1800 gebruikt) uitvinding van inkt die ook op metalen drukvormen hecht Individuele letters worden “gezet”, d.w.z. samengevoegd tot een blad tekst en vervolgens met b.v. een koordje vastgebonden of in een raam geklemd

10 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 10 De boekdrukkunst in 1471 Tekeningen waren van in het begin aanwezig; eerst hand- gemaakte tekeningen en nadien ingekleurd houtsnijwerk De bello Italico adversus Gothos Gesto van Leonardo Bruno Aretino (Venetië 1471)

11 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 11 De boekdrukkunst in de 17e eeuw… Een drukkerij in de 17e eeuw (gravure van A. Von Werdt) letterkast drukpers inkten van het zetsel

12 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 12 …De boekdrukkunst in de 17e eeuw Drukken was een zeer arbeidsintensief proces De drukpers was een echte pers De spiegel van het menselyk bedryf (Jan Luyken, Amsterdam 1694) Het drogen van drukwerk De pers

13 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 13 Het handzetten van tekst (tot ±1960) Veel terminologie stamt nog uit deze tijd het zetten van tekst onderkastletters = letters uit de onderste kast “leading” (spreek uit: ledding) = extra ruimte maken tussen letters door extra lood tussen te voegen broodtekst = de gemakkelijke standaard-tekst waarmee de drukker zijn brood verdiende zethaak zetsel letterkast galei

14 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 14 Het machinezetten In de 19de eeuw werd het zetten en drukken gemechaniseerd De linotype zetmachine een regel tekst werd getypt op een toetsenbord, waardoor een automatisch mechanisme matrijzen (dunne koperen plaatjes waarin aan de zijkant het letterbeeld verdiept is aangebracht) naast elkaar plaatst de matrijzen werden gevuld met vloeibaar lood, waardoor één gedrukte regel ontstond voor het eerst gebruikt door de New York Tribune in 1886 De monotype zetmachine hierbij werd de tekst via een ponsband overgebracht naar een gietmachine die letter per letter goot bood een zeer hoge kwaliteit en was daarom zeer populair Tegenwoordig worden totaal andere principes gebruikt (zie later)

15 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 15 Evolutie van de typografie Typografie = de vormgeving van letters en (veralgemenend) van teksten en documenten De moderne typografie is ontstaan in de drukkerswereld Later hadden schrijfmachines een belangrijke invloed hun typografische mogelijkheden zijn zeer beperkt vergeleken met drukwerk: b.v beperkt aantal lettertypes en -stijlen Speciale conventies om deze beperkingen op te vangen: -b.v. onderlijnen i.p.v. groter lettertype van titels -b.v. vet lettertype (door twee aanslagen) i.p.v. schuin lettertype voor nadruk De computer maakt complexe typografie bereikbaar voor iedereen wordt echter nog dikwijls gebruikt om een schrijfmachine na te bootsen: men onderlijnt ten onrechte titels

16 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 16 Eenheden uit de drukkerswereld… Een punt: 1 pt= 1/72 inch= 25.41/72 mm = mm  een 24 pt lettertype past in een strook met hoogte 8.5 mm Een picapunt (UK): 1 picapt = mm = 1/12 pica Sinds 1978 zou men eigenlijk het SI-systeem (mm) moeten gebruiken maar de drukkers trekken zich dat niet erg aan… Afstanden en lengtes in een tekst worden dikwijls gemeten relatief t.o.v. het gebruikte lettertype  logisch: regelafstanden, spaties e.d. moeten aangepast zijn aan de grootte van het lettertype

17 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 17 Eenheden uit de drukkerswereld Afstanden en lengtes in een tekst worden dikwijls gemeten relatief t.o.v. het gebruikte lettertype: Verticale afstanden (b.v. tussen twee regels) worden dikwijls uitgedrukt in “ix” (engels: “ex”): -1 ix =de hoogte van de letter “x” in een bepaald lettertype -dit is een exacte maat Horizontal afstanden (b.v. lengte van een spatie) worden dikwijls uitgedrukt in “em” en “en”: -1 em = de korpsgrootte; b.v. in 24 pt is 0.5 em = 12 pt -1 em = ruwweg de lengte van de breedste letter (n.l. “m”) -1 en = 0.5 em -cfr. in Word: “em dash” en “en dash”

18 Zelfstudie: Enkele begrippen uit de typografie Letters en hun vormgeving

19 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 19 Karakterisering letters Letters worden gekarakteriseerd door het lettertype (typeface): de typische vorm van een letter, aangeduid met namen zoals “Arial”, “Times”,... de letterstijl: b.v. “vet”, “schuin”, “cursief”, “kleinkapitaal” het letterkorps: geeft een indicatie van de afmetingen; uitgedrukt in pt: b.v. “12 pt” Een letterfamilie bevat letters van het zelfde type in een aantal verschillende stijlen en groottes (b.v. de “Arial familie”) De lettersoort (font): een specifieke keuze van een lettertype, -stijl en grootte: b.v. “Arial-Bold 12pt” Opmerking: in de literatuur komen ook licht verschillende definities voor; begrippen als font en lettertype worden door elkaar gebruikt (verwarrend!)

20 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 20 Het lettertype en de letterstijl Lettertypes onderscheiden zich door de structuur en de verhou- dingen van de letters: b.v. “Helvetica”, “ Times ”, “ Courier ” Er bestaan twee grote klassen lettertypes schreefletters (“serif”) zijn letters met “haakjes”; b.v. Times schreefloze letters (“sans serif”); b.v. Arial nT Onafhankelijke aspecten van de letterstijl: gewicht: vet, normaal (halfvet, licht) helling: verticaal (roman) of schuin (slanted, oblique) cursief (simulatie van “aan elkaar schrijven”) of niet-cursief Opmerking: cursieve tekst wordt meestal schuin gezet; cursief+schuin=italic; dikwijls bedoelt men met “italic” gewoon “schuin”

21 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 21 Letterkorps en typografisch vierkant Het korps oorspronkelijk was dit de naam van het blokje waarop de loden letter was aangebracht A P= 1 em P typografisch vierkant korpsgrootte nu is dit een afstandsmaat, n.l. de de hoogte van dit blokje de letter is minder hoog dan het korps Het typografisch vierkant is een vierkant met als breedte de korpsgrootte; het vormt een referentiesysteem waarbinnen de letters worden gespecificeerd d d het korps

22 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 22 A P= 1 em fmÉ fmÉ gç P = 1 em De basislijn en het letterkorps Alle letters hebben een andere hoogte (< P ) Vooral de breedte van de letters varieert sterk P Basislijn Alle letters worden gezet relatief t.o.v. een basislijn (voetlijn) Dit is niet de onderkant van de letter Sommige letters steken onder de basislijn uit typografisch vierkant

23 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 23 Letterafmetingen en letterklassen Classificate van letters stokletters: steken boven de “x” letters uit; b.v. “bdfhijklt” basislijn stoklijn stokletter klein- kapitaal 1 ex kapitaal-hoogte (kop-hoogte) kapitaal (hoofdletter) Accent staartletter staartlijn P= 1 em staartletters: duiken beneden de basislijn; b.v. “gjpqy” kapitalen (hoofdletters) blijven onder de kapitaalhoogte kleinkapitalen: een compacte vorm van hoofdletter Het korps = ruwweg de afstand tussen stok- en staartlijn Accenten (diacritische tekens) steken boven het korps uit!

24 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 24 Regelafstand en interlinie Regelafstand = afstand tussen basislijnen opeenvolgende regels Interlinie: afstand tussen de stroken waarin de letters staan = afstand van staartlijn 1e regel tot stoklijn 2e regel normale interlinie: 0-20% van de korpsgrootte bij “double spaced” tekst (MSWord) is de regelafstand dubbel zo groot als bij “single spaced” soms bedoelt men met interlinie verkeerdelijk regelafstand interlinie regelafstand

25 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 25 Opmerkingen De korpsgrootte geeft weinig houvast voor de “typische” lettergrootte; voorbeeld: 24pt korps: The quick brown fox jumps over the lazy dog In een gedrukte tekst kan men de korpsgrootte schatten door de afstand te meten tussen stoklijn en staartlijn Dit kan natuurlijk alleen als op een bepaalde regel zowel staart- als stokregels voorkomen kan men de regelafstand meten als de afstand tussen twee basislijnen en de interlinie schatten door de korpsgrootte af te trekken van de regelafstand

26 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 26 Spatiëring van letters in een familie De ruimte tussen de letters bepaalt de leesbaarheid van de tekst het esthetisch karakter ervan het aantal letters dat op 1 regel kan worden gezet 1 pt extra normaal 1 pt minder 2 pt minder De ruimte tussen letters hangt af van de letterfamilie kan vast of proportioneel (afhangend van breedte letter) zijn kan zelfs afhangen van de woorden op de regel: de spatiëring wordt binnen zekere grenzen aangepast om de tekst beter te doen passen op een regel of om hem uit te vullen

27 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 27 Proportionele vs. vaste spatiëring Vaste spatiëring: alle letters zijn even groot; de ruimte tussen 2 letters is even groot, onafhankelijk van de lettercombinatie vb: schrijfmachine vast (courier) proportioneel (Times-New Roman) (Arial) Kerning: sommige lettercombinaties worden “over elkaar geschoven” om esthetische reden De maximale en minimale ruimte tussen elke lettercombinatie is een onderdeel van de fontspecificatie Proportionele spatiëring: elke letter heeft een andere breedte; de ruimte tussen 2 letters hangt af van de lettercombinatie b.v.: Arial, Helvetica: ruime spatiering; optimaal leesbaar b.v.: Times: compacte spatiëring, maar minder leesbaar

28 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 28 Vaste spatiëring Vaste horizontale afstand tussen de “linkerzijdes” van de letters Let op: de afstand is niet noodzakelijk 1 em Trip 1 em TTmp

29 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 29 Proportionele spatiëring Trip De horizontale afstand tussen de linkerzijdes van de letters hangt af van de breedtes van de letters TTTp 1 em

30 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 30 Kerning: voorbeeld Kerning: uitzwaaiende lettercombinaties worden dichter tegen elkaar geplaatst zodat hun omhullende rechthoeken overlappen zonder kerming met kerning: letters “overlappen” om plaats te winnen, b.v. om een iets te lange regel toch binnen te marges te doen passen maar ook om esthetische redenen Opmerking: omhullende rechthoek in de tekening = kleinste rechthoek die rond de letter past  typografisch vierkant

31 Zelfstudie: Enkele begrippen uit de typografie Zetspiegel, bladspiegel en stramien Paginaopmaak

32 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 32 Papierformaten: indeling Ostwald Verbanden: de lengte van formaat i is gelijk aan de breedte van formaat i- 1; aspect ratio= formaatbreedte (mm) hoogte (mm) A0 A1 A2 A3 A4 A5 A6 A7 A8 A9 A A0 A1 A2 A3 A4 A5

33 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 33 Zetspiegel en bladspiegel… De bladspiegel= het formaat van de pagina met zijn indeling in teksten en witruimte De zetspiegel= het deel van de bladspiegel waarbinnen de eigenlijke tekst (met figuren, …) wordt gezet rug wit snij wit kopwit staartwit verso(achter)-zijde linkerpagina recto(voor)-zijde rechterpagina zet- spiegel bladspiegel Documenten worden dikwijls gebonden, ingeringd, ingeplakt  aan de rugzijde moet de marge breder zijn

34 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 34 Opmerkingen… Klassieke keuze bladspiegel rugwit,kopwit snijwit en staartwit verhouden zich b.v. als 1, 1.5, 2 en 3 dus bovenaan minder ruimte dan onderaan en links (op recto zijde) minder ruimte dan rechts (tenzij bij dikke boeken die te moeilijk zouden openbuigen Papier bestaat in verschillende diktes en kwaliteiten glad of glanzend papier, kringlooppapier papierdiktes worden uitgedrukt in g/m 2 Bij recto-verso kan men de bladzijden die “samen openliggen” als een geheel beschouwen bij het definiëren van een geschikte vormgeving

35 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 35 tekening op achterkant …Opmerkingen Papier kan op verschillende manieren worden bedrukt: in landschap- of portretformaat enkelzijdig of dubbelzijdig (recto-verso) -short edge binding -long edge binding

36 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 36 Het paginastramien De layout van de zetspiegel gebeurt meestal a.d.h.v. een stramien: planmatige opdeling van de zetspiegel in aangrenzende rechthoeken die als kleinste fragment afzonderlijk mogen worden gebruikt tekst- kolom voetnoten paginakop paginavoet de kop en de voet kunnen verschillen naargelang ze op een even of oneven bladzijde staan, naargelang ze op de eerste bladzijde van een hoofdstuk staan,... Opmerking: grote figuren of tabellen worden soms over meerdere kolommen en dus buiten het stramien gespreid zetspiegel

37 © W. Philips, Universiteit Gent, versie: 4/10/ a. 37 Paginastramien: voorbeeld Het stramien omvat hier een kop een titel een “about”-vak 3 tekstkolommen een voet met enkel een grafisch element Dit stramien is al vrij complex


Download ppt "Kantoorautomatisering Prof. dr. ir. W. Philips Didactisch materiaal bij de cursus Academiejaar 2010-2011"

Verwante presentaties


Ads door Google