De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Immanuel Kant 1724-1804 Verlichtingsdenker: vertrouwen in de rede.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Immanuel Kant 1724-1804 Verlichtingsdenker: vertrouwen in de rede."— Transcript van de presentatie:

1 Immanuel Kant Verlichtingsdenker: vertrouwen in de rede

2 Plichtethiek  Of een handeling goed dan wel fout is kan beoordeeld worden door te kijken naar de plicht of het principe van de handeling, niet naar de gevolgen zoals bij het utilisme.  We komen tot een moreel oordeel door na te denken, niet door onze behoefte of een gevoel om het goede te doen. (vb oude vrouwtje)  Geluk speelt geen rol in de plichtethiek van Kant. Als je moreel handelt wordt je niet perse gelukkig. Een goed leven valt niet samen met een gelukkig leven.

3 De categorische imperatief 1 Men moet altijd handelen volgens een regel waarvan men zou willen dat het een algemene wet is. Oftewel, kan ik willen dat (de maxime van) mijn handeling tot algemene wet verheven wordt. 2 Men moet een mens nooit alleen als middel maar ook altijd als doel behandelen

4 Een voorbeeld van Kant:  Iemand ziet zich door nood gedwongen geld te lenen. Hij weet wel dat hij niet zal kunnen terugbetalen, maar realiseert zich ook dat hem niets geleend zal worden zonder zijn vaste belofte het op een bepaalde tijd terug te betalen. Hij heeft zin zo'n belofte te doen. Maar hij is nog zo gewetensvol zich af te vragen: is het niet ongeoorloofd en strijdig met de plicht zich op een dergelijke manier uit de nood te helpen?

5 De vraag van Kant 1 Kan ik willen dat mijn handeling, iets beloven terwijl ik weet dat ik niet in staat ben deze belofte na te komen, tot algemene wet verheven wordt? (Wat betekent het als deze handeling tot algemene wet verheven wordt?) Kant ziet de mens als een moreel, rationeel, autonoom en vrij wezen.

6 Punten van kritiek op de plichtethiek  Kun je alleen goed handelen als je goed kunt nadenken? Oftewel zijn domme mensen slechte mensen?  Zijn er ook uitzonderingen te bedenken op bijvoorbeeld het (kantiaanse) principe dat je niet mag liegen?  Heb je altijd de tijd om uitgebreid na te denken voordat je iets doet? Oftewel hoe bruikbaar is het categorisch imperatief?

7 De Grote Vragen  Hypothetisch imperatief Betreft een praktisch ‘behoren’, afhankelijk van de wensen van het individu. Wat zou moeten is afhankelijk van de situatie  Categorisch imperatief Betreft een moreel ‘behoren’, onafhankelijk van de wensen van het individu. Wat moreel zou moeten is absoluut geldig.


Download ppt "Immanuel Kant 1724-1804 Verlichtingsdenker: vertrouwen in de rede."

Verwante presentaties


Ads door Google