De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

ribwis1 Toegepaste wiskunde Lesweek 2

Verwante presentaties


Presentatie over: "ribwis1 Toegepaste wiskunde Lesweek 2"— Transcript van de presentatie:

1 ribwis1 Toegepaste wiskunde Lesweek 2
IBB ribwis1 Toegepaste wiskunde Lesweek 2 Opleiding: Bouwkunde / Civiele techniek Propadeuse, kernprogramma 2e kwartaal

2 Toets Gegeven: Er kan een keuze gemaakt worden uit 2 printers, A en B.
De printers worden in 3 jaar afgeschreven. Per jaar worden er 40 kleurafdrukken gemaakt. . Gevraagd: Bij welk aantal zwart/wit-afdrukken is A goedkoper dan B. Type prijs Zwart/wit afdruk kleurafdruk A 510 0,12 0,11 B 720 0,08 0,9

3 Oplossing A = 3(170 + 40 * 1.1 + 0,12z) B = 3(240 + 40 * 0,9 + 0,08z)
A = B ,36z = ,24z 0,12z = 186 z = 1550 Tot 1550 zwart/wit-afdrukken is printer A goedkoper dan printer B

4 Gebroken vergelijkingen
Dit zijn vergelijkingen met breuken Als in een vergelijking met breuken de onbekende ook in de noemer voorkomt, spreken we van een gebroken vergelijking Bij oplossen van gebroken vergelijkingen is kruislings vermenigvuldigen een handig hulpmiddel.

5 Kruislings vermeningvuldigen
Voorbeeld

6 Kruislings vermeningvuldigen
Hierbij is x ongelijk aan 1 , omdat men niet door nul kan delen.

7 Kruislings vermeningvuldigen
Oplossingsmethodiek Ontbind de noemers van de breuken, indien mogelijk, in factoren Vereenvoudig de breuken in linker- en/of rechterlid van de vergelijking zoveel mogelijk. Gebruik tenslotte de eigenschap A / B = C / D ↔ AD = BC (als B en D ≠ 0)

8 Kruislings vermeningvuldigen
Voorbeeld Ontbinden in factoren

9 Kruislings vermeningvuldigen
In het linkerlid kunnen we nu de term (x – 2) in de teller en de noemer tegen elkaar wegstrepen. In het rechterlid kunnen we de term x in de teller en de noemer tegen elkaar wegstrepen De vergelijking op nul herleiden geeft:

10 Kruislings vermeningvuldigen
Verder oplossen met de ABC-formule D = b2 – 4ac D < 0 Er zijn geen oplossingen voor x Geen snijpunten met de x – as

11 Kruislings vermeningvuldigen
Voorbeeld 2 De vergelijking op nul herleiden geeft: x2 – x - 2 = 0 P * Q = -2 P + Q = -1 P = -2 & Q = 1 (x - 2) ( x +1) = 0 x = 2 niet toegestaan (door nul delen) x = -1 is de enige oplossing.

12 Machten nemen n factoren a worden genoteerd als an = (a * a * a…..*a)
n termen a worden genoteerd als n * a = ( a + a + a ……+a)

13 Positieve gehele exponenten
Rekenregel 01 am * an = a m + n (gelijk grondtal) Voorbeeld = 28

14 Positieve gehele exponenten
Rekenregel 02 (am)n = am*n (gelijk grondtal) Voorbeeld (52)3= 56

15 Positieve gehele exponenten
Rekenregel 3 (ab)n = anbn (gelijk grondtal) Voorbeeld (3 * 5)7 = 37 * 57

16 Positieve gehele exponenten
Rekenregel 4 (a/b)n = an / bn (gelijk grondtal) Voorbeeld (2/3)5 = 25 / 35

17 Positieve gehele exponenten
Rekenregel 5 am / an = a m-n (gelijk grondtal) Voorbeeld 210 / 26 = 24 OF am / an = a m-n → 1 / a n – m

18 Positieve gehele exponenten
Rekenregel 6 a0 = 1 Voorbeeld 35 / 35 = 30 = 1

19 Positieve gehele exponenten
Rekenregel 7 (-a)n = an als n is even Voorbeeld (-2)4 = -2 * -2 * -2 * -2 = 16 = 24

20 Positieve gehele exponenten
Rekenregel 8 (-a)n = - an als n is oneven Voorbeeld (-2)3 = - 2 * - 2 * - 2 = - 8 = - 23

21 Machten met negatieve of gebroken exponent
Machten met een negatieve of gebroken exponent worden oneigenlijke machten genoemd. Rekenregel 9 a–m = 1 / am (gelijk grondtal) Voorbeeld a5 / a8 = a-3 a = 1 / a3

22 Machten met negatieve of gebroken exponent
Let op: Rekenen met oneigenlijke machten kan met een negatief grondtal tot tegenspraken leiden, daarom spreken we af dat we het grondtal bij oneigenlijke machten altijd positief nemen

23 Machten met negatieve of gebroken exponent
Rekenregel 10 Voorbeeld

24 Machten met negatieve of gebroken exponent
Rekenregel 11 Rekenregel 12

25 Machten met negatieve of gebroken exponent
Voorbeeld

26 Machten met negatieve of gebroken exponent
Voorbeeld

27 Wortel uit een getal Rekenregel 01 √a bestaat alleen als a ≥ 0
√a is altijd positief Rekenregel 3 √a2 = a als a ≥ 0 ; √a2 = -a als a < 0

28 Wortel uit een getal Rekenregel 4 Voorbeeld

29 Wortel uit een getal Rekenregel 5 Voorbeeld

30 Wortel uit een getal Rekenregel 6 Voorbeeld

31 Wortel uit een getal Rekenregel 7 Voorbeeld

32 Wortel uit een getal rekenregel 8 (let op: gelijke grondtallen)
voorbeeld

33 EINDE Docent: M.J.Roos


Download ppt "ribwis1 Toegepaste wiskunde Lesweek 2"

Verwante presentaties


Ads door Google