Vraagzinnen met vraagwoord

Slides:



Advertisements
Verwante presentaties
Het delend lidwoord Het delend lidwoord is een soort onbepaald lidwoord waarmee je een onbepaalde hoeveelheid aangeeft, bijvoorbeeld:
Advertisements

Herhaling van hoofdstuk
Het onderdeel grammatica begint op blz. 206
Persoonsvorm Saskia Hoekx.
Le subjonctif De aanvoegende wijs.
3 vwo+ Grammaire chapitre 2
De leerkrachten die deze PowerPoint gebruiken Meneer Maton Meneer soenens Meneer durnez Mevrouw Gamme Mevrouw LagrouMevrouw verfallie Mevrouw vanderheiden.
Zinsdelen zijn net puzzelstukken!
Stappenplan ontleden Enkelvoudige zinnen.
Grammatica Nederlands
Grammaire thème 5 4 vwo.
Grammaire thème 6 4 vwo.
Havo 3 Grammaire chapitre 6.
Franse Les Les 16 Anne chapitre 1 à 4 Aujourd’huis nous sommes vendredi le 13 février 2015 QUEL JOUR SOMMES-NOUS?
Franse Les Les 18 Vorige les & huiswerk Zinnen maken / herhalen
 Monsieur Ibrahim la fin  Trientsje - présentation  Voyages unité 7  Unité 7 p. 54/55  San Francisco Chanson Aujourd’hui nous sommes le 4 février.
Franse Les Les 17 Vorige week Anne chapitre 4/5 Voyages p. 26
Grammaire chapitre 3 3 havo.
Franse Les Les 17 Vorige les & huiswerk Voyages p. 62
Uitleg persoonsvorm (pv)
Franse Les Les 15 Vorige week Anne chapitre 3 Voyages p. 25/26
In en naar (à, au, aux, en) 2 VMBO - Frans.
Vergelijkingen 2HAVO-VWO - Frans.
Het lijdend voorwerp 3 VMBO - Frans.
Persoonlijk voornaamwoord met nadruk
Connaitre 3M – week 40 - Frans.
Franse Les Les 3 Vorige week Qu’est-ce qu’il y a Voyages p. 9/10/11
Franse Les Les 5 Vorige les & huiswerk Voyages p. 41/43/44
Franse Les Les 6 Vorige les & huiswerk Toets unité 5
Hallo! Goedendag! Bonjour!
Franse Les Les 4 Vorige week Voyages p. 12/13 Il y a une fille … Vorige week Voyages p. 12/13 Il y a une fille … Nous sommes mercredi le 8 avril 2015.
De ontkenning 2 VMBO - Frans.
Franse Les Les 7 Vorige week Voyages p. 18/19 Verbe : avoir + faire
HET VRAGEND VOORNAAMWOORD
Hoofdstuk 2 Grammatica zinsdelen
Hoofdstuk 1 Grammatica zinsdelen
Hoofdstuk 1 Grammatica zinsdelen
Venir 2 VMBO - Frans.
HET AANWIJZEND VOORNAAMWOORD
HET PERSOONLIJK VOORNAAMWOORD
Meewerkend voorwerp & Lijdend voorwerp
Lire 3 VMBO - Frans. Wat moet je weten om dit onderdeel te begrijpen?: Wat een onregelmatig werkwoord is De tegenwoordige tijd (présent) De verleden tijd.
Hoy es viernes el 30 de octubre Vandaag is het vrijdag 30 oktober
Module Grammatica K3 zinsontleding.
Module Grammatica K3 zinsontleding.
DAG VAN HET LEREN Hoe komt zo'n taal eigenlijk in je hoofd? door Henk Wolf.
Franse Les Les 20 Vorige les Voyages unité 7 p. 56/57 moi non, moi si vergelijkingen p maken Vorige les Voyages unité 7 p. 56/57 moi non, moi si.
Werkwoordsvormen, voorzetsels en voegwoorden
Grammatica zinsdelen H1 t/m H6
Briant College H2 het onderwerp. Briant College H1 De persoonsvorm vinden en zinsdeelstrepen zetten Hoe vind je de pv? -zin vragend maken -de zin van.
Hoofdstuk 5 Grammatica zinsdelen Meewerkend voorwerp.
TAALREGELS 33 DE VRAGENDE ZIN
Quel jour sommes-nous aujourd’hui ?
Les 4 havo Leesvaardigheistraining;
Quel jour sommes-nous aujourd’hui ?
Meest voorkomende vragen bij examenteksten.
Franse Les – 1e jaar Les 10 Aujourd’hui nous sommes …. Unité 2 page 25
Meest voorkomende vragen bij examenteksten.
Hoofdstuk 1 Grammatica zinsdelen
Franse Les – 1e jaar Les 9 Aujourd’hui nous sommes …. Unité 2 page 25
Quel jour sommes-nous aujourd’hui ?
voorzetselvoorwerpszin
Quel jour sommes-nous aujourd’hui ?
Quel jour sommes-nous aujourd’hui ?
Vraag stellen A. Zonder vraagwoord
Blok 2: Grammatica zinsdelen
Bijzin als zinsdeel Gezegdezin.
Bezittelijk voornaamwoord
Grammatica zinsdelen 2havo, periode 2a.
Het gezegde (vraagzin van maken, pv komt vooraan)
Transcript van de presentatie:

Vraagzinnen met vraagwoord 3HAVO – Frans

Wat moet je weten om dit onderdeel te begrijpen?: Zinsvolgorde in het Frans Vraagwoorden in het Frans

Pierre est allé au cinéma avec Sophie Franse zinsvolgorde De volgorde van een Franse zin is een beetje anders dan die van zinnen in het Nederlands. In het Frans begint een zin altijd met het onderwerp, vervolgens staan alle werkwoorden in de zin bij elkaar en tot slot de rest. Pierre est allé au cinéma avec Sophie Ond alle ww. rest

2. Est-ce que + gewone zin + ? Est-ce que vous aimez le café? De zinsvolgorde heeft ook te maken met de opbouw van vraagzinnen. In het Frans kun je op 3 manieren zinnen vragend maken: Gewone zin + ? Vous aimez le café? 2. Est-ce que + gewone zin + ? Est-ce que vous aimez le café? 3. Omkering van de ond. en persoonsvorm + ? Aimez –vous le café?

1. Vraagwoord + est-ce que + gewone zin + ? Als je een vraagzin wil maken met behulp van een vraagwoord dan gaat dat een beetje anders dan een vraagzin maken zonder een vraagwoord: 1. Vraagwoord + est-ce que + gewone zin + ? Où est-ce que vous habitez? 2. Vraagwoord + Omkering van de ond. En pv + ? Où habitez-vous? 3. Gewone zin + vraagwoord +? Vous habitez où? Bij het gebruik van qu’est-ce que kan alleen manier 1 en 2. Qu’est –ce que kan alleen voorkomen aan het begin van de zin.

Wie Qui Wat Qu’est-ce que Wanneer Quand Waarom Pourquoi Hoe Comment Dit zijn de vraagwoorden met de vertaling in het Frans. Deze moet je uit je hoofd leren! Wie Qui Wat Qu’est-ce que Wanneer Quand Waarom Pourquoi Hoe Comment Waar Où Welke, wat Quel(le)(s) Hoeveel Combien

Zoals je op de vorige dia al zag kan quel (welke, wat) een andere vorm aannemen. Hij past zich aan het geslacht van het zelfstandig naamwoord (le/la-woord) aan. Mannelijk vrouwelikk Enkelvoud Quel Quelle meervoud Quels Quelles

Quel est ton numéro de téléphone? Quelle est la date d’aujourd’hui? Als het vraagwoord quel in combinatie met het werkwoord être wordt gebruikt betekent het wat: Quel est ton numéro de téléphone? Wat is jouw telefoonnummer? Quelle est la date d’aujourd’hui? Wat is de datum van vandaag? In alle andere combinaties betekent het welke: Tu lis quel magazine? Welk tijdschrift lees je? Quelles boissons tu prends? Welke drankjes neem jij?