De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

TOPOI Taal Ordening Personen Organisatie Inzet.

Verwante presentaties


Presentatie over: "TOPOI Taal Ordening Personen Organisatie Inzet."— Transcript van de presentatie:

1 TOPOI Taal Ordening Personen Organisatie Inzet

2

3 Cultuur Wat is cultuur? Heterogeniteit en onbegrensdheid Inhoud en functie: taal, kennis, waarden en symbolen Waarneembare en niet-waarneembare laag

4 Cultuur Welke zijn de kernwaarden van jouw cultuur?

5 Cultuur Cultuur als model van en model voor de werkelijkheid zingevend kader Acculturatie, Integratie, Separatie, Assimilatie en Marginalisatie - basisaanpassing Domein- en situatiespecifiek Het multiculturele individu

6 Cultuur Dynamiek De mens als drager en producent van cultuur Duurzaamheid Vaste gedragspatronen Vastgelegd in het lichaam

7 Cultuur Persoon, cultuur en menselijke natuur Concretiseer voor jezelf Culturele bepaaldheid en wilsvrijheid Grenzen aan wilsvrijheid of zelfbeschikking? Cultuur en macht Rol vrouwen in bv. Pakistan, saudi arabie

8 Cultuur Zijn alle culturen gelijkwaardig? Kan je spreken van inferieure of superieure culturen? Welke argumenten vind jij belangrijk?

9 Botsende waarden Drie pijlers om en brug te kunnen slaan tussen mensen met verschillende culturele actergronden volgens Procee: 1.Elke samenleving: dezelfde opgaven 2.Mensen handelen rationeel en zinvol 3.Het is mogelijk iets van een andere cultuur te begrijpen

10 Botsende waarden Monisme of universalisme Relativisme Pluralisme Niet onderhandelbare waarden: welke zijn dat voor jou?

11 Botsende waarden De verklaring van de rechten van de mens Algemeen geldend? Exclusief Westers?

12 Botsende waarden Drie invalshoeken: noodzaak om tot interactie te gaan over discutabele culturele verschillen Menselijke waardigheid met niet uitsluiting en bevordering van interactie Universele rechten van de mens het typisch menselijke en vermogens die doen “floreren”

13 Unieke mensen ontmoeten elkaar in unieke situaties!

14 Ordening  Het gaat bij Ordening om de waarneming van de werkelijkheid: ◦ hoe kijken mensen naar concrete situaties en kwesties? ◦ welke betekenis geven ze er aan?  Subjectieve beleving van de werkelijkheid  Je kijkt vanuit je eigen referentiekader

15 Collectieve verschillen in ordening GLOBE studie  Bewust worden dat groepen de werkelijkheid op verschillende wijzen ordenen  Zonder kenmerken groep over te dragen op persoon Iedereen is lid van verschillende ‘groepen’. Groepslidmaatschap van persoon voorspelt weinig van diens persoonlijk referentiekader

16 Collectieve verschillen in ordening GLOBE studie blz dimensies Prestatiegerichtheid Toekomstoriëntatie Gelijke behandeling man/vrouw Assertiviteit Collectivisme Machtsafstand Oriëntatie op het humane Onzekerheidsvermijding

17 Topoi-analysekader ordening Wat is ieders zienswijze en ordening? Wat is ieders invalshoek, belang of loyaliteit? Wat is ieders referentiekader: waarden, normen en opvattingen? Wat zijn ieders vanzelfsprekendheden? Wat is er voor gemeenschappelijks? Welke verschillen zijn er? Wat is invloed van sociale representaties op ieders zienswijze en logica?

18 Topoi-interventiekader ordening Open vragen stellen naar zienswijze van de ander. Actief luisteren: inleven en invoelen. Herkaderen of herordenen. De eigen zienswijze toelichten. (Zich) bewust maken/worden van de eigen vanzelf- sprekendheden. Positie innemen van de neutrale getuige. Het gemeenschappelijke vooropstellen. Verschillen verhelderen en laten voor wat ze zijn. Stilstaan bij en open vragen stellen wat de invloed is van heersende sociale representaties.

19 Personen o Inhoudsniveau Communicatie o Betrekkingsniveau

20 Inhoudsniveau =mededelend informatief Betrekkingsniveau=persoonlijke beinvloeding

21 recursiviteit Mededelingen aan elkaar>commentaar op elkaar als persoon>mededeling aan elkaar>enz.

22 Interpersoonlijke perspectieven Zienswijze op zichzelf en op de ander 2 vormen rechtstreeks en niet rechtstreeks Rechtstreeks, uitspraken over hoe de persoon:  Zichzelf ziet  De ander ziet

23 Niet rechtstreekse persoonlijke perspectieven  Hoe denkt de ander over mij  Hoe denkt de ander over zichzelf  Hoe de ander denkt dat hij denkt over zichzelf  Hoe de ander denkt dat hij de ander ziet  Anderen over hem denken  Etc.

24 zelfpresentatie Hoe wil je overkomen Vertel maar hoe wil je overkomen..

25

26

27 Organisatie Context waarin het gesprek plaats vind Formeel informeel Soort instelling Bevoegdheden persoon

28 tijdsorientatie  Monochrone oftewel kloktijd Mensen die monochroon denken zijn meer taakgericht dan betrekkingsgericht tijd is geld  Polychrone tijd oftewel meerdere zaken tegelijkertijd Meer op betrekking, meer laidback tijd is goud

29 Inclusief denken en handelen 2 principes van belang Inclusief denken=verbinden samen o 2 principes Erkende gelijkheid, wat hebben mensen gemeenschappelijk, bv. Allemaal student Erkende diversiteit, erkennen van verschillen Bv. Relaties, eer, opleiding Geef een voorbeeld waarin jij wezenlijk verschilt van de ander dmv je afkomst

30 Inzet Circulaire beïnvloeding blz. 316 Wil communicatie zin hebben dan moeten mensen beseffen dat: Ze erbij horen (1) Hun inzet zin en betekenis heeft Dat ze begrepen worden Dat ze toekomst hebben (2)

31 1. Erbij horen Waar hoor je bij, val je uit de boot binnen de samenleving? Wat zegt een paspoort, een afkomst, een cultuur?

32 2. toekomst hebben Oftewel waardering voor je inzet in het verleden.. Vb. migranten ouders Molukkers 1 jarige contracten

33 Erkenning De ander het gevoel geven dat er notitie wordt genomen van zijn inzet (dat hij ergens zijn best voor doet). Zijn ordening heeft bestaansrecht. Het betekent niet dat je het er mee eens bent. Drie manieren: Inleven in het referentiekader van ander – Empathie – Vragen stellen vanuit betrokkenheid Invoegen van een eigen zienswijze – Die dezelfde is als de andeer. Op zoek naar gemeenschappelijke sociale identiteiten Inleven in kijk van ander – Invoegen van verschillende kijk

34 Verwerping Voorbij gaan aan de inzet van de ander. Notitie nemen van de boodschap, maar zonder enige erkenning aangeven dat je het niet eens bent met de boodschap Negeren

35 Miskenning Gebeurt onopzettelijk; het niet zien of horen van de boodschap van de ander Alleen de ander bepaalt of hij zich erkend of verworpen voelt

36 gespreksvoering.html?id=HjQ9lxA4QmMC&redir_esc =y gespreksvoering.html?id=HjQ9lxA4QmMC&redir_esc =y Opzoeken en hulp bij het studeren


Download ppt "TOPOI Taal Ordening Personen Organisatie Inzet."

Verwante presentaties


Ads door Google