De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

CONFLICTHANTERING Week 2. 

Verwante presentaties


Presentatie over: "CONFLICTHANTERING Week 2. "— Transcript van de presentatie:

1 CONFLICTHANTERING Week 2

2

3 Programma  Bespreken van thema’s van het toetsbemiddelingsgesprek  Thema “Macht”  Oefening “Ken je kracht”  Evt. hardop nadenkopdracht (bij tijd over)  Voorbereiding voor volgende week

4 7 I model  Conflict diagnose met 7 vragen:  1. Issues: Wat zijn de kwesties?  2. Individuen: Wie zijn de partijen?  3. Interdependentie: Welke relatie hebben de partijen?  4. Interactie: Hoe gedragen beide partijen zich en hoe reageren ze op elkaar?

5 7 I Model 2  5. Implicaties: Wat zijn de uitkomsten van de interactie in termen van (de) escalatie en concrete oplossingen?  Instituties: In welke context speelt dit conflict?  Interventies: Welke interventiemogelijkheden zijn aanwezig en al of niet benut?

6 casus  Rollen:  Bouwvakkers  Docenten  Manager iso  Manager facilitaire dienst

7 Bespreken van thema’s van het toetsbemiddelingsgesprek Casus bespreken voor eind gesprek Beoordelen van de casussen voor het toetsbemiddelingsgesprek: studenten leveren het in, en benoemen in 1 minuut: onderwerp en tussen wie het conflict zich afspeelt. Het is lastig concreet te zeggen wat wel / niet geschikt is. Niet geschikt: a) conflict tussen mensen met langdurige relatie (familie, vrienden) b) als de student er sterk bij betrokken is, en geen afstand kan nemen.

8 Introductie  Let op: Wie heeft de macht? Waar blijkt dat uit?

9  Conflicten vinden vaak een oorsprong in een ongelukje, oneerlijkheid, niet kunnen toegeven of miscommunicatie. Het interpreteren wat die ander wel bedoeld zal hebben zonder te checken, gaat een eigen leven leiden.  In conflicten spelen macht en afhankelijkheid. Er bestaan verschillende vormen van macht

10 Inleiding Macht: Oefening “samen tekenen”  Maak tweetallen en gebruik 1 pen/potlood.  Zorg dat jullie een leeg blaadje voor jullie hebben liggen.  Degene die de pen onderaan vasthoudt, gaat tekenen. De ander houdt de pen bovenaan vast. Vervolgens gaan jullie 1 minuut tekenen. Na de minuut wisselen jullie om…..

11 Vraag…..  Wat betekende het voor de tekenaar, dat er macht werd uitgeoefend?  Hoe was het voor de mensen die de pen/ potlood boven vasthielen om macht te hebben?

12 Gesprek over macht… wat denk jij?  Wat is macht?  Wie geeft macht?  Wie wil macht?  Hoe krijg je het ;hoe raak je het kwijt?

13 Macht in spreekwoorden/ gezegdes Macht bestaat niet uit hard of dikwijls slaan, maar uit raak slaan Kennis is macht Een druppel tederheid is meer dan geld en macht Wie zijn macht wil bewaren, moet haar niet tonen Laat uw wil niet bulderen, als uw macht slechts fluisteren kan

14 5 vormen macht  Formele macht; iemand anders bepaalt de regels;vaak afgesproken ; Zaken paus  Sanctiemacht; gebaseerd op straf hoger iemand kan een lager iemand straffen;leger  Beloningsmacht; bonus susteem, belonen;vb verzekeringen  modelmacht; rolmodel verering;verering  Expertmacht; kennis en kunde;ict

15 Referentiemacht  Macht op grond van normen, opvattingen, gewoonten, de gedragsregels van een bepaalde groep of de meerderheid.  Zo gaat het hier al jaren (dus…je moet je gewoon voegen naar de gewoonte),  Dat is onze cultuur nu eenmaal.

16 Macht….  Machtsongelijkheid  eature=related eature=related  Machtsgelijkheid  eature=related eature=related

17 Een indeling naar machtsbronnen Bronnen van machtUitleg Positiemacht LegitimiteitsmachtFormele autoriteit BeloningsmachtControle over beloningen SanctiemachtControle over straffen InformatiemachtControle over informatie Persoonlijke macht ExpertmachtVakmanschap ReferentiemachtVriendschap en loyaliteit naar anderen CharismaPersoonlijk overwicht en overtuigingskracht

18 Herkennen van macht - Welke macht wordt weleens ingezet in je werksituatie? - Wie gebruikt die macht tegenover wie? - Wat is je mening t.a.v. deze manier van machtsgebruik?

19 Afhankelijkheid  Waar afhankelijkheid is, is macht…. Of ????????  Waar zijn jullie afhankelijk van…?

20 “Ken je kracht”: conflictvaardigheden 7 aspecten van conflictvaardig-hanteren: 1. zelfcorrectie, 2. zelfbeheersing, 3. metacommunicatie, 4. durf, 5. zelfmanagement, 6. ontwikkelingsbereidheid, 7. resultaatgericht onderhandelen.

21 Opdracht ‘Ken je kracht’  Vul de uitgedeelde vragenlijst in.  Bespreek dit in een groepje van 4 studenten waar je mogelijk ook je toetsgesprek mee zou willen voeren  Bekijk antwoorden kritisch en kies 1 deelcompetentie waar je dit moduul aan wilt werken en waar je groepsgenoten je bij kunnen ondersteunen.  Welke kies je en waarom?

22 Eventueel oefening Macht: het rooster  Nodig: 3 teamleden die een bepaalde rol gaan vervullen voor deze hardop denkopdracht.  Evt. situatie uitspelen!

23 Afronding en huiswerk.  artikelen “Beren op de weg”, en (tegen-) overdracht. Zie  werken aan “Persoonlijke aspecten in een conflictsituatie (zie  Kiezen van een conflict / beginnen met de uitwerking van de analyse.  Lezen hoofdstuk 3.9: culturele verschillen in conflicthantering en 4.8 culturele verschillen in context.


Download ppt "CONFLICTHANTERING Week 2. "

Verwante presentaties


Ads door Google