De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

1 van 29 Hoofdstuk 13: Angst en angststoornissen De normale ontwikkeling van angst De angststoornissen Comorbiditeit Risicofactoren Behandeling van angststoornissen.

Verwante presentaties


Presentatie over: "1 van 29 Hoofdstuk 13: Angst en angststoornissen De normale ontwikkeling van angst De angststoornissen Comorbiditeit Risicofactoren Behandeling van angststoornissen."— Transcript van de presentatie:

1 1 van 29 Hoofdstuk 13: Angst en angststoornissen De normale ontwikkeling van angst De angststoornissen Comorbiditeit Risicofactoren Behandeling van angststoornissen

2 2 van 29

3 3 van 29 Vraag Wat voor soort emotie is angst? a) Angst is een basisemotie. b) Angst is een sociale emotie. c) Angst is een lichaamsgebonden emotie. Antwoord: a

4 4 van 29 Normale ontwikkeling van angst Angst is een emotie. Over de hele wereld komen bij mensen(kinderen) 6 basisemoties voor: deze zijn aangeboren. Angst is er één van: Angst Vreugde Verbazing Woede Verdriet Walging.

5 5 van 29 Basisemoties Over de hele wereld eenzelfde gelaatsuitdrukking. Kind hoeft die niet te leren. Kind leert de uitdrukkingen wel herkennen, maar dat gaat meestal spelenderwijs.

6 6 van 29 3 ingrediënten van een emotie Een emotie kent verschillende aspecten: Een stimulus of situatie kan ook een gedachte zijn De waardering van de stimulus cognitie, zoals: ‘dit is eng’ of ‘wat een enge herinnering roept dit op’ Het lichaam reageert: opwinding (arousal) zoals hogere hartslag, stokkende of opgejaagde ademhaling Iemands gedrag: weglopen, verstarren, enz.

7 7 van 29 Ontwikkeling van angst (1) Alleen goed te begrijpen als we de ontwikkeling van het kind als uitgangspunt nemen. Voorbeelden: Emotionele ontwikkeling Als er sociale emoties ontstaan (schaamte) ontstaan er ook sociale angsten. Cognitieve ontwikkeling Hoe meer het kind leert te begrijpen, des te minder angst. Ontwikkeling van de taal Woordjes kunnen geven aan iets dan eng is, maakt het minder eng. Lichamelijke ontwikkeling Wegkruipen of weglopen van iets dat eng is. Daarom meer angst bij kinderen met lichamelijke beperking.

8 8 van 29 Ontwikkeling van angst (2) Als het kind ouder wordt gaat de mate van angst meestal verminderen. Omdat het kind de wereld beter begrijpt. Oorzaken van angst worden ook anders. En 12-jarige is niet meer bang voor monsters. Kind leert steeds beter omgaan met angstverwekkende situaties of gedachten. Coping-mechanismen: bijv. afleidingsmanoeuvres of ontspanningsoefeningen waardoor je minder piekert.

9 9 van 29 Criteria van angststoornissen Gewone angst is normaal en functioneel: bevordert overlevingskans Elke angststoornis kent haar rijtje symptomen. Alle stoornissen komen voor bij kinderen en volwassenen … … op de separatieangststoornis en selectief mutisme na. Naast het rijtje symptomen is een essentieel criterium dat de angst significant lijden veroorzaakt bij het kind … en zijn ontwikkeling belemmert. Meestal belemmert angst het schoolse functioneren.

10 10 van 29 Separatieangst is normaal op jonge leeftijd Zorgt ervoor dat kind de beschermende ouder bij zich houdt. Volwassenen vinden het lastig om een huilend en troost zoekend kind te negeren. Ernstige separatieangst op latere leeftijd kan wel een stoornis zijn.

11 11 van 29 Vraag Bij het ontstaan van welke angststoornis spelen leerervaringen een grote rol? a) Obsessief-compulsieve stoornis b) Separatieangststoornis c) Specifieke fobie Antwoord: c

12 12 van 29 Indeling van de angststoornissen GroepAngststoornissen Piekerstoornissen Gegeneraliseerde angststoornis (overangstige stoornis; oud begrip uit eerdere edities van DSM) Ongeconditioneerde angststoornissen (leerprocessen spelen een geringe rol bij het ontstaan) Separatieangststoornis Paniekstoornis Obsessief-compulsieve stoornis Geconditioneerde angststoornissen (leerprocessen spelen een grote rol bij het ontstaan) Specifieke fobie Agorafobie Sociale fobie PTSS

13 13 van 29 Gegeneraliseerde angststoornis: piekeren over van alles

14 14 van 29 Piekeren

15 15 van 29 PTSS Posttraumatische stressstoornis kan zich bij kinderen anders uiten dan bij volwassenen: Meer uitleven in spel. Dromen hebben onduidelijke relatie met het trauma. Intrusieve herinneringen (vervelende, niet te stoppen herinneringen) komen minder vaak voor. In DSM-5: PTSS in eenzelfde categorie geplaatst als hechtingsstoornissen. Overeenkomst: beide trauma- gerelateerd.

16 16 van 29 Gemiddelde leeftijd waarop een angststoornis voor het eerst wordt vastgesteld Selectief mutisme3,5 tot 5 Separatieangststoornis7 tot 9 Specifieke fobieca. 8 Obsessief-compulsieve stoornis10 Gegeneraliseerde angststoornis11 tot 13 Sociale fobie11,5 tot 12,5 Paniekstoornis14 tot 15 PTSS Depressie (ter vergelijking)14

17 17 van 29 Vuistregels Het thema bij angststoornissen die vroeg ontstaan (specifieke fobie en separatieangststoornis) is vaak (verlies van) geborgenheid en veiligheid. Het thema bij angststoornissen die later ontstaan (sociale fobie) is vaak angst over eigen optreden en evaluaties van anderen. Inhoud en vorm van angststoornissen veranderen met de leeftijd.

18 18 van 29 Samengaan van stoornissen (comorbiditeit) Het is eerder regel dan uitzondering dat een kind meer dan één angststoornis heeft. Depressiviteit wordt vaak voorafgegaan door een angststoornis. Andersom komt dat minder voor. Angststoornissen komen vaak samen voor met slaapstoornissen. Denk aan piekeren wat iemand wakker houdt. Ze komen ook veel voor met externaliserende stoornissen en met middelengebruik. ADHD en ODD

19 19 van 29 Angst en depressiviteit: ze versterken elkaar Gegeneraliseerde angststoornis lijkt sterk op depressiviteit. Overeenkomst: piekeren! Angst en depressiviteit gaan vaak samen. De volgorde is meestal: eerst angst en daarna depressiviteit.

20 20 van 29 Comorbiditeit bij autisme en angst (1) Angst is een symptoom van bijna alle psychische stoornissen extreem voorbeeld: autismespectrumstoornis Nederlands onderzoek: 84% van de kinderen met autisme heeft minimaal één angststoornis Angst vergroot stereotiep gedrag bij kinderen met ASS (bijv. fladderen) Lijkt de kinderen troost en rust te bieden.

21 21 van 29 Comorbiditeit bij autisme en angst (2) Kinderen met autisme kunnen niet goed uitleggen wat hen bang maakt. Advies: zoeken naar de communicatieve betekenis van de angst. Wat wil het kind ermee uitdrukken? Kinderen met autisme kunnen bang zijn voor ‘details’. Soms is de angst extreem: voor anderen ‘buitenproportioneel’. Soms komen ze ‘per ongeluk’ over hun angst heen.

22 22 van 29 Risicofactoren: er zijn er erg veel Erfelijkheid: temperament (gedragsinhibitie) Onveilige hechting Angstige cognitieve stijl Gezinskenmerken (angstige ouders) Leerervaringen (meemaken van angstige gebeurtenissen)

23 23 van 29 Behandeling van angststoornissen Voor oudere kinderen is een behandeling gebaseerd op cognitieve gedragstherapie verreweg het succesvolst. Belangrijk onderdeel is dat kinderen leren hun emoties te benoemen en onderscheid maken tussen gedachten, gevoel en gedrag. Het betrekken van ouders bij de behandeling van een kind vergroot het succes significant. Maar er zijn uitzonderingen: als de ouders zelf heel angstig zijn, blijven zij een negatief model dat het kind belemmert om minder angstig te worden.

24 24 van 29 Vraag Welke hulpverleningsmethode is de aangewezen aanpak bij jonge kinderen met angstproblemen? a) Cognitieve therapie b) Gedragstherapie c) Gezinstherapie Antwoord: b

25 25 van 29 Cognitieve gedragstherapie bij angst Inmiddels zijn er veel programma’s: Dappere kat Coping Koala Vrienden

26 26 van 29 Behandeling van jong kind Interventies gebaseerd op gedragstherapie zijn geïndiceerd De angst zal vaak plaatsvinden binnen de gezinscontext (vanwege de leeftijd) Functionele gedragsanalyse: Wat lokt het angstige gedrag uit en wat houdt het in stand? S-O-R-C Exposure-technieken en systematische desensitisatie Stap voor stap dat gaan doen waarvoor ze bang zijn.

27 27 van 29 Bij de stap-voor-stap-aanpak wordt een angstladder gebruikt

28 28 van 29 Ouders (1) Ouders van kinderen met angststoornissen hebben vaak ook problemen met angst Bij groep kinderen met een angststoornis bleek 65% van de moeders ook een angststoornis te hebben. Bij de vergelijkingsgroep (geen stoornis bij kind) was dat 25%. Ook vaders hebben vaker een angststoornis als het kind die heeft.

29 29 van 29 Ouders (2) Ouders willen graag hun kind beschermen en daarmee kunnen zij de angst vergroten of in stand houden. Ook gedrag en gedachten van ouders kunnen onderdeel zijn van een (systemische) behandeling van een angstig kind.


Download ppt "1 van 29 Hoofdstuk 13: Angst en angststoornissen De normale ontwikkeling van angst De angststoornissen Comorbiditeit Risicofactoren Behandeling van angststoornissen."

Verwante presentaties


Ads door Google