De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Week 6 Outeachend werken in de GGZ ER OP AF.  Veranderingen per 1 januari 2015: transitie en transformatie  Stigmatisering  ACT/FACT  Casuïstiek en.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Week 6 Outeachend werken in de GGZ ER OP AF.  Veranderingen per 1 januari 2015: transitie en transformatie  Stigmatisering  ACT/FACT  Casuïstiek en."— Transcript van de presentatie:

1 Week 6 Outeachend werken in de GGZ ER OP AF

2  Veranderingen per 1 januari 2015: transitie en transformatie  Stigmatisering  ACT/FACT  Casuïstiek en toets VANDAAG

3  Majeure veranderingen in zorg en hulpverlening.  Wat gaat er allemaal op de schop?  Roep eens wat: jeugd, arbeid, langdurige zorg, thuiszorg, ggz? Wat hangt ons boven het hoofd? 1 JANUARI 2015: EEN CRUCIALE DATUM VOOR IEDEREEN IN HULPVERLENINGSLAND

4  Transitie: stelselwijziging, paradigma-switch, cultuuromslag, verandering van regime, nieuwe wet- en regelgeving als gevolg van veranderende opvattingen en omstandigheden;  De overgang van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving  Transformatie: de gevolgen van transitie voor burgers, voor overheden, voor organisaties en instellingen, voor professionals.  Wat houdt de transitie in voor werkers in de GGZ? TRANSITIE EN TRANSFORMATIE

5  Dan was er nog de opname, waardoor ik van mijzelf vervreemdde. Doordat het zo pijnlijk duidelijk was dat het verplegend personeel er zo leuk uitzag en de patiënten er zo sjofel bijliepen, werd ik onzeker over mijn smaak in kleding. Daarnaast werd ik dik door de medicatie, gecombineerd met het gebrek aan beweging en vond ik mijzelf lelijk. Mijn moeder kleedde me aan in die tijd. Ik wist niet meer welke kleding me leuk stond.  Doordat op de afdeling de radio de hele dag aanstond op Radio 3, verloor ik mijn smaak voor muziek. Ik wist echt niet meer welke muziek bij me hoorde.  De televisie stond de hele daag aan, dus ging ik televisiekijken. Mijn afkeer daarvan tijdens mijn puberteit leek nu ineens zelfingenomen. Wat had ik altijd gehad tegen de soaps van mijn moeder en mij zusje? Ik ging ook soaps kijken.  Door de opname zelf, door het onpersoonlijke, werd ik een grijze muis. Een typische patiënt. Als grijze muis is het lastig om sociale relaties aan te gaan, want waarover praat je met de ander? Je hebt geen identiteit los van die van psychiatrisch patiënt. EEN FRAGMENT:

6  Hoe werken dit soort gevoelens bij jezelf?  Wat doet een (gedwongen) opname met iemand?  Hoe zou jij je voelen en hoe zou je reageren? IS DIT EEN HERKENBAAR BEELD?

7  Stigmatisering: je bent patiënt, je bent gek, je kunt je niet aanpassen, je hoort, ziet of voelt dingen die er niet zijn.  Eens een gek, altijd een gek  Kun je dat wel aan?  Dat gaat je niet lukken, met jouw problemen!  Stigmatisering: labelings- en uitsluitingsproces  Wat verstaan jullie eronder?  Hoe werkt het? WAT IS ER MIS MET DE RESIDENTIËLE PSYCHIATRIE?

8  Doorheen de geschiedenis: We zijn er sterk in om mensen in groepen te stigmatiseren: joden, leprozen, teringlijders, negers, heksen, homo’s, epileptici, mongolen, schizofrenen, neuroten  Stigmatisering leidt tot uitsluiting, marginalisering, discriminatie en vooroordeel  Benoem een aantal voorbeelden van stigmatisering STIGMA: STEMPEL

9  Voorkomen en bestrijden van maatschappelijk isolement van mensen met Ernstige Psychiatrische Aandoeningen (EPA)  Actie ondernemen tegen armoede en marginalisering  Presenteren van theorieën over oorzaken van stoornissen, behandelingsmogelijkheden  Inclusiedenken: ieder mens telt mee!  Opvang, crisisinterventie, behandeling, begeleiding en ondersteuning binnen de eigen leefomgeving WAT KAN DE AGOOG IN DE GGZ DOEN OM STIGMATISERING TEGEN TE GAAN?

10  https://www.youtube.com/watch?v=a1K57zU8qLs INCLUSIEDENKEN

11 Outreachend: op zoek naar de cliënt Vindplaatsgericht werken: de straat, de ontmoetingsplek van dak- en thuislozen, alcoholisten, verslaafden, Signaleren: oren en ogen open Uit de comfortabele bureaustoel, de wijk in, het netwerk verkennen, de buurt leren kennen, partners zoeken (politie, huisarts, POH, kerken, buurthuizen) EROPAF!

12 ACT & FACT Intensieve hulpverlening aan specifieke cliënten van de GGZ

13 REGULIERE AMBULANTE TEAMS:  Principe van casemanagement:  Een vaste caseload  Één hulpverlener heeft de regie over de gehele hulpverlening aan die specifieke cliënt  Regelmaat, vaste tijden, vaste afspraken Maar niet iedere cliënt is altijd even stabiel

14 ACT  Assertive Community Treatment  Assertive: niet wachten tot de cliënt komt, maar zelf actief contact leggen  Community: in de samenleving, bij de cliënt in huis, in het pension, op de straat  Treatment: niet alleen opvang maar vooral ook behandeling en werken aan structurele oplossingen

15 UITGANGSPUNTEN  Team is interdisciplinair samengesteld, bijv. Sociaal verpleegkundige, psychiatrisch verpleegkundige, pyschiater, arts, ggz-agoog, verslavingsdeskundige, maatschappelijk werker, ervaringsdeskundige, woonbegeleider  Elke week worden alle cliënten besproken  Elke ochtend korte cliëntbespreking en werkverdeling  Teamleden nemen taken van elkaar over  Twee tot drie keer per week cliëntcontact

16 FUNCTIE ACT (F)ACT  Voor cliënten die in sommige periodes intensieve hulp nodig hebben maar gewoonlijk met minder toekunnen.  (F)act: alleen Act aanbieden als dat functioneel is:  Reguliere contacten (eens per twee of drie weken)  Intensieve Act zorg als dat nodig is

17 FORENSISCHE DACT  Gebaseerd op Dartmouth Assertive Community Treatment Scale (Atlanta Ver. Staten)  Toegesneden op delinquenten met psychiatrische problematiek

18 ONTSTAAN  Jaren ‘70 vorige eeuw: Madison (Wisconsin VS)  De-institutionalisering: one flew over the cuckoo’s nest  Kritiek op het ‘medisch model’ (geen cliënt maar patiënt: de ziekte staat centraal  Volwaardig burgerschap staat centraal  Gericht op rehabilitatie

19 ONE FLEW OVER THE CUCKOO’S NEST

20 RIDJRJK

21 HERSTEL  Herstellen  Een persoonlijk proces dat mensen doormaken die meer greep op hun aandoening proberen te krijgen  en die ondanks hun aandoening hun eigen leven weer vorm proberen te geven  en daarbij gaandeweg een nieuw zelfgevoel ontwikkelen

22 REHABILITATIE  Clie ̈ nten helpen bij het kiezen, verkrijgen en behouden van gewenste sociale rollen op het gebied van wonen, werken, leren, dagbesteding en sociale relaties  Herstellen doen clie ̈ nten zelf; rehabilitatie kan hen daarin ondersteunen  Rehabilitatie is een manier om herstel te ondersteunen; goede behandeling, steun van familie en vrienden zijn andere manieren

23 REHABILITATIE: EERHERSTEL  Herstel van volwaardig burgerschap  Herwinnen van sociale rol  Herstellen van sociale netwerken en familiebanden

24 INCLUSIE

25 ACT MODEL IN NEDERLAND  ‘Illness Management & Recovery (IMR)  Individual Placement & Support (IPS) inclusief begeleid leren  Sociaal netwerk-benadering  Verbindingen met dagactiviteitencentra en clubhuizen  Benutten van lotgenotensteun en herstelgroepen  Maatschappelijk steunsysteem opbouwen  Maatschappelijke acceptatie bevorderen

26 KENMERKEN:  Kleine caseload  Teambenadering: ieder teamlid kent alle cliënten en werkt met alle cliënten  Teambijeenkomsten: cliënten worden regelmatig besproken  Teamleider werkt ook mee als hulpverlener  Teamverloop beperken  Personeelsbezetting altijd volledig

27 SAMENSTELLING  Psychiater  Psycholoog  Maatschappelijk of sociaal juridisch werker  Sociaal Pedagogisch Hulpverlener  Verpleegkundige  Verslavingsdeskundige  arbeidsdeskundige

28 MULTIDISCIPLINAIR ZORGAANBOD  Van alle markten thuis / praktisch gericht  Casemanagement  Psychiatrische hulp  Counseling/psychotherapie/psycho-educatie  Verslavingsbehandeling  Werkbegeleiding/rehabilitatiediensten  Maatschappelijk werk / sociaal juridische dienstverlening  (forensische DACTS: reclassering)

29 INTENSIEVE F-T-F CONTACTEN  Intensieve en regelmatige dienstverlening  Bindende en assertieve technieken  Inloop  Lunch-bijeenkomsten  Juridische dienstverlening (forensisch)  Budgetbeheer  Huisvesting

30 OOK:  Terugvalpreventie  Crisisinterventie  Doorlopende contacten bij opname  Begeleiding bij ontslag

31 ERVARINGSDESKUNDIGE  Ervaringswerker Voordelen:  Zinvol werk voor cliënten  Rolmodel en bron van hoop voor cliënten  Inspireren collega's tot rehabilitatie-aanpak  Gevoelig voor onvervulde zorgbehoeften  Meerwaarde bij casefinding en naar zorg toeleiden van sterk gemarginaliseerde personen  Komt in kwartaal 2 uitvoerig aan bod.

32 PRINCIPES STRENGTH MODEL  Nadruk op sterke punten cliënten  Werkrelatie casemanager cliënt centraal  Interventies gericht op zelfbepaling  Samenleving oase van hulpbronnen i.p.v. obstakel  Contacten met cliënten in gemeenschap  Cliënten kunnen leren en veranderen

33  Noor (36) heeft last van ernstige depressies. Het zit in haar familie. Haar opa had het en haar vader had eveneens ernstige depressies. Voor de buitenwereld was hij een vrolijke frans die graag een biertje dronk. Maar thuis kon hij dagen op bed blijven liggen en was hij onbenaderbaar. Als gevolg van een motorongeluk (onder invloed van drank) kon hij niet goed meer lopen en toen Noor drie jaar was heeft hij met pillen in combinatie met alcohol een einde aan zijn leven gemaakt.  De depressies openbaarden zich bij Noor op haar zeventiende. Ze zat toen in het laatste jaar van het Gymnasium en ze had altijd gezegd dat ze rechten zou gaan studeren. Maar in het zicht van de haven, stopte ze, voor iedereen geheel onverwacht met haar opleiding en besloot om een reis naar haar tante in Nieuw Zeeland te gaan maken. CASUÏSTIEK

34 Haar moeder dacht dat de reis Noor zou kunnen helpen om op andere gedachten te komen en daarna alsnog haar gymnasium af te ronden. Maar eenmaal in Nieuw Zeeland ging het snel mis met Noor. Ze had geprobeerd een einde aan haar leven te maken en gelukkig werd ze op tijd gevonden door haar tante. Ze werd opgenomen in een psychiatrische afdeling van het Ziekenhuis in Wellington. Na een verblijf van acht maanden in het ziekenhuis, bleef ze nog een half jaar bij haar tante. Geleidelijk ging het beter met Noor en besloot ze naar Nederland terug te keren en het laatste jaar van haar Gymnasium over te doen en haar oude voornemen om rechten te studeren weer op te pikken. In het derde jaar van haar studie besloot ze op kamers te gaan in Utrecht. Aanvankelijk ging het goed maar na verloop van tijd kwamen de depressies en suïcidegedachten weer terug. Ze stopt met haar studie en blijft dagen achtereen in bed liggen en komt nauwelijks de deur uit. Vrienden, huisgenoten, medestudenten zijn niet welkom. Ze verwaarloost zich zelf en gaat steeds meer blowen.

35 Ze onderneemt een paar keer een zelfmoord poging, maar wordt telkens op tijd gevonden door medebewoners van het studentenhuis. Vrienden proberen haar te overreden om hulp in te roepen, maar dat slaat ze telkens af. Ze heeft nauwelijks contact met haar moeder en ook haar lievelingsbroer is niet meer welkom. Behalve haar depressies heeft ze de laatste tijd geregeld woedeaanvallen, meestal zonder dat er ook maar enige aanleiding voor is. Ze vertrekt zonder verdere mededelingen uit het studentenhuis en niemand weet waar ze naar toe gaat. Iedereen vreest het ergste. Af en toe wordt ze in de stad gesignaleerd. Ze loopt schichtig en weigert elke toenadering. Na een jaar waarin niemand eigenlijk wist hoe Noor er aan toe was, stond ze ineens op de stoep bij haar broer die inmiddels was gaan studeren in Maastricht. Ze zag er goed verzorgd uit en het leek haar heel goed te gaan. Ze zei dat ze de liefde van haar leven had gevonden en dat ze binnenkort ging trouwen. Ze voelde zich bezwaard om pardoes naar haar moeder te gaan, na alles wat er was gebeurd. Ze schaamde zich dat ze haar studie had laten lopen en niets van zich had laten horen, toen het zo slecht met haar ging.

36 De bruiloft was prachtig. Noor zag er stralend uit en de hele familie van Noor en van haar man was aanwezig. Haar man was net gestart als junior- advocaat in een maatschap. Noor wilde haar studie weer gaan oppakken en samen met haar man wilde ze een eigen advocatenpraktijk. Maar na de geboorte van haar kind kwamen de depressies weer terug en ditmaal zo hevig, dat ze echt niet meer verder wilde. De spanning liep zo hoog op dat haar man er niet meer tegenop gewassen was. Hij besloot te gaan scheiden en vond dat Noor niet in staat was om voor haar kind te zorgen. ………………………….

37 TOETSVRAGEN (VOORBEELD)  Bestudeer het dynamisch stress kwetsbaarheidsmodel en analyseer de casus met behulp van dit model

38


Download ppt "Week 6 Outeachend werken in de GGZ ER OP AF.  Veranderingen per 1 januari 2015: transitie en transformatie  Stigmatisering  ACT/FACT  Casuïstiek en."

Verwante presentaties


Ads door Google