De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

SCHPA 2.416 Organisatie en beleid week 2.

Verwante presentaties


Presentatie over: "SCHPA 2.416 Organisatie en beleid week 2."— Transcript van de presentatie:

1 SCHPA Organisatie en beleid week 2

2 cultuur Onder cultuur verstaan we een collectieve mentale programmering (software of the mind) welke groep onderscheid van anderen door normen, waarden rituelen en opvattingen. Wat is een specifiek kenmerk van jouw cultuur

3 eature=related eature=related

4

5 Wat trekt jou aan in een bedrijf?? Criteria Voorkeur gevoel

6 Landen vakantie/wonen Top 10 vakantie wonen

7 vakantie wonen 1.Frankrijk 2. Duitsland 3.Spanje 4. Oostenrijk 5. België 6. Italië 7. Turkije 8.Griekenland 9. Tsjechië 10. Verenigde Staten 1. Noorwegen 2. Zweden 3. Nieuw-Zeeland en Ierland 5. Finland 6. Denemarken en Canada 8. Oostenrijk 9. IJsland 10. Duitsland landen

8 bedrijfscultuur Gedrag van mensen en groepen in een organisatie voor zover bepaald door gedeelde waarden en normen Geen beschreven kenmerken;onbewust proces Gaan deel uitmaken de persoonlijke cultuur playnext=1&list=PL80E8566A B&feature=re sults_video playnext=1&list=PL80E8566A B&feature=re sults_video

9 Zichtbare cultuur Gedrag gewenst/ongewenst Kleding Taalgebruik Bezoeken van kroeg Gebruik logo Extern; gericht naar de buitenwereld gebruik logo etc. Intern; gericht op medewerkers

10 4 type culturen 1 Machts(Zeus)cultuur- sterke leider, kleine Org. regels niet zo belangrijk; eenmanszaak 2 Rol(Apollo) cultuur – rol /positie erg belangrijk, bureaucratie sterk geregelmenteerd;zorg 3 Taak(Athene)cultuur - resultaat belangrijk vnl org die moeten overleven “getting things done!!” Gericht op klanten projecten 4 Persoonsgerichte cultuur Dionysos - professionele bureaucratie, geen echte leider, individu staat centraal. Medische specialisten

11 Zeus hoge graad van samenwerking + lage graad van machtsspreiding in het bedrijf staat de topmanager centraal (vaak de eigenaar-oprichter) hij is doorheen alle functies in het bedrijf aanwezig. Expliciete regels zijn quasi onbestaand omdat de topmanager bijgestaan door enkele vertrouwelingen de beslissingen neemt. Voordelen zijn de snelle besluitvorming, de sfeer van vertrouwen, de emotionele betrokkenheid en de allesbehalve bureaucratische structuur. (vooral kleine en/of jonge bedrijven maar ook in oudere/grotere familiebedrijven.)

12 Apollo lage graad van samenwerking + lage graad van machtspreiding regels en procedures zorgen voor een stabiele en voorspelbare omgeving. Elke werknemer heeft zijn eigen verantwoordelijkheden en zij worden op grond hiervan op een objectieve manier beoordeeld. De functie is belangrijk, niet zozeer het individu dat die ambt op dat moment toevallig bekleed. (vooral voor grote bureaucratische organisaties met strikte lijnstructuur)

13 Athene hoge graad van samenwerking + hoge graad van machtspreiding hoge mate van taakgerichtheid en professionaliteit, teamwerk wordt sterk aangemoedigd. Eerder van het matrix-type. Ze werken met projectgroepen die even snel ontbonden worden als opnieuw samengesteld en die hun bewust zijn van hun grote zelfstandigheid. Flexibiliteit staat hoog aangeschreven. (vooral in snelgroeiende kennisindustrieën waar accurate probleemoplossing in een dubbelzinnig en snel veranderende omgeving centraal staat/

14 Dionysus lage graad van samenwerking + hoge graad van machtspreiding zij geven de voorrang aan het individu, elke leidinggevende is eerder een collega dan een superieur waardoor het erg moeilijk is om dionisische werknemers te motiveren of leidig te geven. (de mate waarin de leiding de ondergeschikte toch kan motiveren is gebaseerd op gezag en niet op macht) Binnen dit cultuurtype is het zeer moeilijk om tot teamwerk te komen, de kwaliteit van eigen prestatie domineert en wat de andere er over denken speelt geen rol. (vooral bedrijven met hoog opgeleide professionals zoals R&D afdelingen in grote bedrijven, artistieke sectoren, maar ook in een aantal kleine dienstverlenende bedrijven)

15 4 aspecten cultuur Mentaliteit Regels en routine Voorkeuren collegialiteit

16 Mentaliteit (waarden en normen) Gedrag wat gedragen wordt door een organisatie Mentaliteit, hard werken Kaizen, verweven van bedrijfs met persoonscultuur

17 Regels en routine Terugkerende handelingen op dezelfde manier laten verlopen, minder fouten Subcultuur per afdeling anders Flexibiliteit vereist

18 voorkeuren Prioriteitstelling;wat doen we eerst Officieel vastgelegd in beleid;onofficieel mentaliteit Bureaucratie vs. Klantgerichtheid Recht van de sterkste Vervreemding kans aanwezig

19 Collegialiteit Informele communicatie Sfeer gevoel van bij te horen officieel-informeel zakelijk-sociaal Koud-warm Hangt samen met doel organisatie Goede sfeer zorgt voor voortdurende verbetering

20 Opdracht Beschrijf cultuur van je organisatie en welk type erbij hoort (Zeus etc.) Hoe divers is je organisatie Wat voor invloed heeft de diversiteit op je organisatie

21 Cultuur zaken Man vrouw Autochtoon allochtoon Jong oud Stad dorp Religie atheist Middelbaar onderwijs hoger onderwijs Taalgebruik recreatie

22 Leiderschap,management Manager Beheert Kopie Onderhoudt Controle Doet wat opgedragen Vermijdt risicos Hoe en wanneer Leider Innoveert Orgineel Ontwikkelt Richt op mensen Volgelingen Innerlijke stem vertrouwen

23 Leiderschap en eigenschappen Sterke motivatie Verlangen om leiding te geven Eerlijkheid en oprechtheid Zelfvertrouwen Intelligentie Vakkennis Noem zo’n leider....

24

25 Verschillende leiderschap stijlen Charismatische leider;leider die enthousiast,zelfbewust, persoonlijkheid en acties beinvloed mensen Visionair leider;verwoorden een geloofwaardige realistische koers Teamleider;begeleiden van een team met verschillende rollen

26 Mintzberg over management: 10 rollen Management Classics 1. Boegbeeld 2. Leider 3. Liaison-functionaris 4. Waarnemer van informatie 5. Verspreider van informatie 6. Woordvoerder 7. Ondernemer 8. Oplosser van strubbelingen 9. Verdeler van middelen 10. Onderhandelaar } Interpersoonlijke contacten } Informatie } Besluitvorming

27 Managementstijlen&omgeving

28 macht Wat is macht Wie geeft macht Wie wil macht Hoe krijg je het ;hoe raak je het kwijt

29 macht Macht bestaat niet uit hard of dikwijls slaan, maar uit raak slaan Kennis is macht Een druppel tederheid is meer dan geld en macht Wie zijn macht wil bewaren, moet haar niet tonen Laat uw wil niet bulderen, als uw macht slechts fluisteren kan

30 5 vormen macht Formele macht;iemand anders bepaalt de regels;vaak afgesproken ; Zaken paus Sanctiemacht;gebaseerd op straf hoger iemand kan een lager iemand straffen;leger Beloningsmacht; bonus susteem, belonen;vb verzekeringen modelmacht;rolmodel verering;verering Expertmacht;kennis en kunde;ict


Download ppt "SCHPA 2.416 Organisatie en beleid week 2."

Verwante presentaties


Ads door Google