De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

ELK KIND EEN LEZER! ELK KIND EEN LEZER? Dr. Kees Vernooij Lector Effectief taal- en leesonderwijs Delfgauw 17 februari 2015.

Verwante presentaties


Presentatie over: "ELK KIND EEN LEZER! ELK KIND EEN LEZER? Dr. Kees Vernooij Lector Effectief taal- en leesonderwijs Delfgauw 17 februari 2015."— Transcript van de presentatie:

1

2 ELK KIND EEN LEZER! ELK KIND EEN LEZER? Dr. Kees Vernooij Lector Effectief taal- en leesonderwijs Delfgauw 17 februari 2015

3 Catherine Snow (2014) De belangrijkste 21e eeuwse vaardigheid? Goed kunnen begrijpend lezen! Begrijpend lezen is de basis voor alle leren!

4 Ruth Rendell in Het Stenen Oordeel. De kunst van lezen en schrijven is een van de hoekstenen van onze beschaving. Analfabeet zijn betekent mismaakt zijn.

5 Korte opdracht Kunnen alle kinderen leren lezen? Hoeveel mensen in Nederland kunnen niet lezen?

6 Elk kind een lezer?

7 WAT ZEGT DE WETENSCHAP? Hempenstall (2005): “Er bestaat in toenemende mate consensus dat als een school de beste praktijken beklemtoont de leesproblemen teruggebracht kunnen worden tot 10%, sommige wetenschappers zeggen zelfs 5%”. In: “What teacher need to know about reading and writing difficulties.”

8 Elk kind een lezer? (Slavin 14 november 2011)

9 Bevindingen Leesverbeterplan Enschede leerlingen! november 2009: begin groep 8: 98% van de kinderen leest minimaal AVI-9! Landelijk: slechts 75% van de leerlingen haalt dit niveau van technisch lezen. Enschede kent een moeilijke leerlingpopulatie.

10 Elk kind een lezer? Een kwart tot een derde van de leerlingen is in groep 8 zwak (Van den Broek 2010); Maximaal 5% van de leerlingen is een dyslect; Blomert: 3,5%; Nederlandse kinderen zijn geen gemotiveerde lezers; bijna 50% van de kinderen leest thuis nooit (PISA 2009); 15% van de kinderen kan al lezen als ze naar groep 3 gaan. In Nederland kunnen 1,5 miljoen mensen boven de 16 jaar niet goed lezen en schrijven.

11 Twee zorgelijke aandachtspunten 15-25% van de leerlingen is een zeer zwakke lezer de demotivatie voor lezen Noodzakelijk dat beide gebieden aangepakt worden.

12 Het belang van goed leren lezen 1. Leesvaardigheid is nodig voor de schoolloopbaan, het zelfvertrouwen en het latere maatschappelijk functioneren van leerlingen. 2. Leesvaardigheid werkt op alle vakken door en is de belangrijkste basisvaardigheid; 3. Leesvaardigheid is een voorwaarde voor succesvol functioneren in de samenleving: - kenniseconomie - participeren

13 Maar ook …. de samenleving heeft haar ‘hogere’ eisen Mijn Toyotagarage: we testen eerst de leesvaardigheid voor we een nieuwe monteur aannemen! Verder: in 2020 zal 13% van het huidige werk voor laaggeletterden er niet meer zijn.

14 Een kerndoel Begrijpend lezen 9. De leerlingen krijgen in het lezen en schrijven van voor hen bestemde verhalen, gedichten en informatieve teksten. Praktijk: Nederlandse kinderen zijn de meest gedemotiveerde lezers in de wereld!

15 Leesplezier?Onderzoek Stoeldraijer bij kinderen Waardering rekenen %4%5%6%7%8 59,7954,0958,7454,6247,89 Waardering aardrijkskunde %4%5%6%7%8 82,6173,3554,1646,2848,86 %4%5%6%7%8 50,5447,9936,1428,5525,39 Waardering begrijpend lezen

16 Wat kenmerkt een goede lezer? Beschikt over een goede taalvaardigheid/woordenschat/kennis van de wereld (1.05) Kan vlot en vloeiend lezen (0.85) Denkt na over de inhoud en aanpak tekst (0.60)

17 Fonemisch bewustzijn Letter- klankkoppeling/ Decoderen Vlot en vloeiend lezen Woordenschat Begrijpend lezen De weg naar goed kunnen begrijpend lezen Bron: Richards & Leafstedt (2010)

18 Fasen van de leesontwikkeling Voorwaarden Begrijpend luisteren Fonemisch bewustzijn Letterkennis Beginnend lezen Fonologische proces Automatisering Begrijpend lezen Functioneel lezen Informatie vinden Aanwijzingen opvolgen Informatie bundelen Recreatief lezen Het juiste leesmateriaal kiezen

19 Hoe wordt een kind een goede lezer? (1) Goed doelgericht leesonderwijs Veel aandacht van thuis voor lezen Zelf voor lezen gemotiveerd te zijn De belangrijkste factor is echter de schoolfactor.

20 Hoe word je een goede lezer? (2) De meeste kinderen: goede, expliciete leesinstructie; de leerkracht is de sleutel voor het leessucces van kinderen (Expert Panel on Early Reading, 2003). Veel lezen, waarbij volgens een meta-analyse van Guthrie en Humenick (2004) twee zaken van belang zijn: – De aanwezigheid van veel boeken voor leerlingen; – Zelf mogen kiezen wat je wilt lezen (Allington 2012).

21 Wat moeten leerlingen minimaal bereiken? Leesdoel functionele geletterdheid Het belang van minimaal AVI-E6 In …… hadden we …. We liepen daar met een …… vol ….. en een ……. Op een groot plein zagen we ………. ………… Ze rookten ….. …….. In het hotel gingen we gelijk ….. Over onze …. …. Dat was …….. In Barcelona hadden we vakantiepret. We liepen daar met een picknickmand vol sigaretten en een routeboek Op een groot plein zagen we tweehonderdentien verschrikkelijke militairen. Ze rookten geërgerd sigaretten. In het hotel gingen we gelijk en over onze vakan- tie. Dat was ideaal.

22 Wat doet er volgens de Inspectie van onderwijs (2007) bij technisch lezen wel of niet toe? Niet: etniciteit, milieu, cultuur of schoolgrootte Wel: goede programma’s/methoden, voldoende tijd voor lezen en instructie van hoge kwaliteit En: sterk schoolmanagement en eensgezindheid van opvattingen binnen het team

23 Kenmerken Effectief leesonderwijs het Wat en het Hoe Cluster leesinhoudelijke indicatoren (WAT) Goede leesstart 1. Mondelinge taalvaardigheid/spraak- /taalontwikkeling; 2. Ervaringen met geschreven taal, waaronder letterkennis; 3. Vaardigheden op het gebied van fonemisch bewustzijn; Technisch lezen 4. De letter- klankkoppeling; 5. De vaardigheid om vlot te lezen; Begrijpend lezen 6. De ontwikkeling van de woordenschat; 7. Het kunnen toepassen van begrijpend leesstrategieën; Schrijven/stellen Aandacht voor leesmotivatie Cluster indicatoren effectief onderwijs (HOE) 1. Doelen 2. Kwaliteit curricula en leerstof centraal 3. Voldoende tijd voor lezen en extra tijd voor zwakke lezers; 4. (Convergente) differentiatie 5. Directe instructie en omgaan met verschillen 6. Effectieve feedback 7. Leerlingen laten samenwerken 8. Een stilleesbeleid 9. Vroegtijdig signaleren en reageren 10. Actieve betrokkenheid ouders Verder: HOE weten we dat onze leerlingen goed leren lezen c.q. dat de leesopbrengsten goed zijn? Het analyseren en verklaren van data.

24 1. De rol van de school Scholen verschillen sterk van elkaar op het gebied van het leesonderwijs; De verschillen tussen scholen hebben vooral te maken – en daar is wetenschappelijke consensus over – met verschillen tussen leerkrachten; De leeswetenschappen vinden het van cruciaal belang dat kinderen goed starten; De rol van tijd is heel belangrijk.

25 Het belang van vroegtijdig signaleren Uitgangspunt: hoe eerder, hoe beter. Probleem Preventie bij kleuters: -Kinderen met spraak- /taalproblemen -Kinderen met gehoorproblemen -Kinderen met beperkte woordenschat -Kinderen die geen letters kennen Aanpak Fonemisch bewustzijn Steeds aandacht voor hebben Veel voorlezen Leuke manier bijbrengen

26 Vervolg (groep 3 en 4) Probleem Letters niet eigen maken Moeite met de klank- tekenkoppelingen Moeite met woordjes lezen Moeite met zinnen lezen Verder: lees kinderen op toon en op tempo voor! Aanpak Voordoen en herhalen

27 HET BELANG VAN TIJD Scholen met risicokinderen die goede resultaten hebben, breiden op verschillende manieren de leertijd uit voor leerlingen die dat nodig hebben. Risicoleerlingen hebben meer tijd van de leerkracht nodig! Parrett & Budge (2009)

28 Illustratie: Een succesvol experiment met zeer zwakke lezers De klassieke studie van Torgesen e.a. (2001). Zwakke lezers uit de groepen 4 – 6 kregen aanvullend op 90 minuten groepsinstructie 8 weken lang elke dag in kleine groepjes tweemaal per dag 50 minuten intensieve instructie. Het effect na 8 weken? De leesproblemen waren verdwenen.

29 Maar … laat leerlingen ook samenwerken Leerlingen kunnen elkaar helpen en het is goed voor de motivatie. Heel veel onderzoek toont, dat tutoring met (jonge) kinderen heel effectief kan zijn (Berrill 2009, Egbertsen 2012). Peer tutoring heeft een effectgrootte van Tutors moeten getraind worden en vanuit goede inzichten en een goede structuur werken; bovendien moeten ze regelmatig feedback op hun werk krijgen.

30 De effecten van Peer Tutoring Tutors uit hogere klassen (d = 0.79) zijn effectiever dan tutors van dezelfde leeftijd (d = 0.52) of volwassen tutors (d = 0.54) De effecten van peer-tutoring waren er ook als kinderen met problemen als tutor functioneerden (Vernooy & Egbertsen 2012) Hattie, 2009/2012

31 2. De rol van thuis. Nieuwe inzichten Geletterdheid ontwikkelt zich zowel in als buiten school Door een stimulerende leesomgeving thuis leren kinderen vaak al eerder (enigszins) lezen en schrijven Hulp van ouders bij leesproblemen kan heel effectief zijn Veel leesdeskundigen zijn het unaniem met elkaar eens, dat het voor de (toekomstige) leesontwikkeling van een kind van belang is dat ouders met hun kind lezen.

32 Effect rol ouders Ouderlijke betrokkenheid bij het leren van kinderen heeft voor kinderen van alle leeftijden en culturen positieve effecten; Des te eerder de ouderlijke betrokkenheid begint, des te sterker het effect ervan is. Keith & Lichtman (1994, Smerekar e.a. (2001) en Cotton & Wikelund (2004).

33 LeesniveauAantal minuten per dag thuis lezen 90th 50th 10th 37 min. 11 min. 1 min. In één jaar lezen de beste lezers 2.25 miljoen meer woorden dan de zwakke lezers Trelease from Anderson, et al, “Growth in Reading and How Children Spend Their Time Outside of School.” Reading Research Quarterly, Summer Kijk wat er gebeurt als kinderen thuis lezen!

34 OECD (november 2011) Onderzoek in 14 landen toont: Kinderen die veel tijdens het leren lezen lazen met hun ouders, profiteerden daar op 15 jarige leeftijd zelfs nog van. Deze kinderen hadden op 15 jarige leeftijd een leesvoorsprong van een half jaar. Het onderzoek liet verder zien, dat het niet om hoogopgeleide ouders ging.

35 Ouders en preventie van leesproblemen Lees het kind veel voor Toon belangstelling voor lezen Voorschools: extra-aandacht voor uw kind als: -Er dyslexie in de familie zit -Uw kind een laag geboortegewicht had (onder de 2500 gram) -Uw kind laat leerde praten (gebruik de SNEL-test (http://kindentaal.logopedie.nl/site/testen) -Let op het gehoor!

36 Vernooy (2009): Wat maakt ouders effectief? * De meeste leesproblemen zijn technisch van aard * Wat helpt daarvoor? - Het bieden van meer tijd; kinderen verschillen in de tijd die ze nodig hebben om een goede lezer te worden; - Het bieden van meer herhaling; herhaling is effectief voor de automatisering van het lezen * Met name hulp in de groepen is gewenst

37 Het belang van herhaald lezen Eén van de oudste en meest onderzochte interventies; Heeft positieve effecten op de automatisering bij technisch lezen; Van belang vanwege beperkt werkgeheugen.

38 Thuis en de woordenschat Slechts 4000 woorden dragen bij voor 96% van de gesproken taal. Het aantal verschillende woorden in populaire hedendaagse artikelen is Bevinding: woordenschat ‘gesproken taal’ is onvoldoende om teksten na groep 5 te begrijpen.

39 THUIS EN WOORDENSCHAT ONDERZOEK STAHL (1999) Kinderen uit taalrijke milieus beschikken op 3-jarige leeftijd over vijf keer zoveel woorden dan kinderen uit kansarme groepen. Kinderen uit taalrijke gezinnen horen veel meer woorden per uur!

40 De 30 miljoen woordenkloof Longitudinaal onderzoek van Betty Hart en Todd Risley (2003): “Op driejarige leeftijd hebben kinderen uit de voorhoede milieus 30 miljoen meer woorden gehoord dan kinderen uit kansarme gezinnen. In de kleutergroepen is de kloof zelfs nog groter. De gevolgen zijn catastrofaal.”

41 Het belang van thuis lezen voor de woordenschat Kinderen die buiten school minder dan 5 minuten per week lezen, lezen in een jaar slechts woorden Kinderen die dagelijks 10 minuten per dag lezen, lezen woorden per jaar Kinderen die 15 minuten per dag lezen, lezen woorden per jaar Die kinderen die meer dan een uur per dag lezen, lezen elk jaar meer dan woorden

42 Doe veel aan woordenschat en lees in de onderbouw veel voor Doet voorlezen ertoe? (Mol & Bus 2011)

43 Wat ouders dikwijls ook willen weten Waarom leest mijn kind niet goed? Wat kunnen we er zelf aan doen?

44 Waar hebben ouders ondersteuning bij nodig? De keuze van teksten/boeken De wijze van helpen

45 De ouder als model van een goede lezer Ik doe het voor Wij doen het samen Jij doet het

46 Partnerlezen: sterk! Zin voor zin lezen – Partners geven na het lezen van een zin de beurt door – De tweede lezer herleest eerst de door de eerste lezer gelezen zin en leest vervolgens de nieuwe zin. – Deze aanpak versterkt de aandacht (taakgerichte leestijd) en het corrigeren van fouten

47 Samen beter lezen Eerste stap: Samen hardop lezen - voor er met het lezen begonnen wordt, bespreekt de ouder met het kind de tekst - kind en ouder lezen tegelijkertijd hardop de tekst, waarbij de ouder zich aan het leestempo van het kind aanpast; -als het kind een woord niet correct leest, leest de ouder het, het kind zegt het woord vervolgens, waarna er weer gezamenlijk verder wordt gelezen. Tweede stap: Alleen lezen - als de tekst gezamenlijk gelezen is, leest het kind, als het over voldoende zelfvertrouwen beschikt, deze vervolgens alleen; - aarzelt het kind bij het lezen van een woord of maakt het kind tijdens het alleen lezen een fout (leest een ander woord, spreekt het woord niet goed uit), dan wacht de ouder 4 seconden om het kind in de gelegenheid te stellen zichzelf te corrigeren; - het kind herleest het fout gelezen fout; - ouder en kind lezen de tekst weer samen hardop als het kind dat wenst. Volgens Topping is het van belang, dat 'paired reading' vijf keer per week plaatsvindt.

48 Belang van leerkracht en ouders Regelmatig contact over de leesontwikkeling van het kind Positieve zaken melden

49 Wat doet er het meeste toe?

50 “In de afgelopen 10 jaar is er veel onderzoek gedaan naar wat het verschil voor leerlingen maakt m.b.t. leerlingresultaten en nu is het duidelijk: de meest belangrijke factor voor het leren van de leerlingen is wat hun leerkrachten weten!” Linda Darling-Hammond, Stanford University

51 De effecten van goed lesgeven ~5-10% ~50% ~5-10% > 30% Hattie (2003, 2005) (Bevindingen van een meta-analyse)

52 Kati Haycock, 2007 Als we echt iets willen en we maken daar werk van, dan gaan de kinderen vooruit!

53 Waar doen we het allemaal voor? “Een moreel doel van de hoogste orde is een school waar alle leerlingen leren en wat de leerlingen leren hen in staat stelt om succesvolle burgers in een kennissamenleving te worden.” Michael Fullan, 2003

54 Vragen?


Download ppt "ELK KIND EEN LEZER! ELK KIND EEN LEZER? Dr. Kees Vernooij Lector Effectief taal- en leesonderwijs Delfgauw 17 februari 2015."

Verwante presentaties


Ads door Google