De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Curriculumdifferentiatie Getuigschrift. Beslissen: Het getuigschrift §3. Voor het lager onderwijs bevat het schoolreglement ten minste de volgende elementen.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Curriculumdifferentiatie Getuigschrift. Beslissen: Het getuigschrift §3. Voor het lager onderwijs bevat het schoolreglement ten minste de volgende elementen."— Transcript van de presentatie:

1 Curriculumdifferentiatie Getuigschrift

2 Beslissen: Het getuigschrift §3. Voor het lager onderwijs bevat het schoolreglement ten minste de volgende elementen : 2° de procedure volgens dewelke getuigschriften basisonderwijs worden toegekend en de procedure volgens dewelke een beroep kan ingediend worden tegen een beslissing van de klassenraad met betrekking tot het getuigschrift basisonderwijs; Afdeling 6. - Het getuigschrift basisonderwijs Art. 53. Voor zover haar scho(o)l(en) voldoen aan de voorwaarden bepaald in de artikelen 45 en 62 kan ieder schoolbestuur, op voordracht en na beslissing van de klassenraad een getuigschrift basisonderwijs uitreiken aan de regelmatige leerlingen uit het gewoon lager onderwijs. De klassenraad oordeelt autonoom of een regelmatige leerling in voldoende mate de doelen die in het leerplan zijn opgenomen heeft bereikt om een getuigschrift basisonderwijs te bekomen. Art. 55. Iedere leerling die bij het voltooien van het lager onderwijs geen getuigschrift basisonderwijs krijgt, heeft recht op een verklaring met de vermelding van het aantal en de soort van gevolgde schooljaren lager onderwijs, afgeleverd door de directie. Decreet basisonderwijs

3 Beslissen: Het getuigschrift Kan mijn kind in het gewoon onderwijs vrijgesteld worden van bepaalde eindtermen omdat het die toch nooit zal bereiken? Voor kinderen met specifieke onderwijsbehoeften, bijvoorbeeld omwille van een motorische, mentale of zintuiglijke beperking of omwille van een ernstige leer- of gedragstoornis, gaat de gewone school steeds na wat het kind extra nodig heeft om zoveel mogelijk eindtermen te bereiken. Veel is mogelijk en veel eindtermen kunnen verworven worden indien de kinderen maar de kans krijgen het op hún manier te doen. Scholen kunnen hierbij het volgende in overweging nemen. Overweging 1: De school vraagt zich eerst af welke hulpmiddelen of voorzieningen kunnen helpen. Bijvoorbeeld: brailleteksten of een doventolk voorzien, een spellingcorrector laten gebruiken, een andere instructie of andere oefenmogelijkheden aanbieden of een meer gestructureerde leeromgeving creëren. Vaak gestelde vragen

4 Beslissen: Het getuigschrift Overweging 2: Soms zullen deze extra voorzieningen of hulpmiddelen niet volstaan en zal de leerkracht voor die kinderen zijn lesdoelen en zijn aanbod moeten aanpassen. Bijvoorbeeld: teksten aanbieden op een lager taalbeheersingsniveau, wiskundige problemen met eenvoudigere probleemstellingen aanbieden. Overweging 3: In uitzonderlijke gevallen, wanneer extra faciliteiten of aanpassingen niet voldoende zijn, kan men in het gewoon onderwijs voor een kind met een handicap het nastreven van bepaalde doelstellingen achterwege laten (bijvoorbeeld bepaalde motorische vaardigheden voor kinderen met een fysieke handicap). De klassenraad beslist over deze vrijstelling en legt de vervangende activiteiten vast. Het is belangrijk dat men daarbij activiteiten kiest die een brede en harmonische ontwikkeling blijven garanderen voor het kind. Vaak gestelde vragen

5 Beslissen: Het getuigschrift Op deze manier worden trajecten op maat van de kinderen uitgetekend, waarbij in het gewoon onderwijs de eindtermen een richtpunt blijven waar men naartoe werkt. De ontwikkeling van de kinderen goed opvolgen en bijhouden is hierbij een vereiste. Op basis daarvan kan men, samen met al wie in de school betrokken is bij de begeleiding van het kind, de verdere aanpak afspreken. In het buitengewoon onderwijs vormt dit trouwens de kern van de handelingsplanning. Vaak gestelde vragen

6 Moet een kind alle eindtermen hebben bereikt vooraleer het een getuigschrift basisonderwijs krijgt? Het is de klassenraad, dit wil zeggen de directeur, de leerkrachten en het personeel van de school die van dichtbij betrokken zijn bij de leerling, die beslist over het uitreiken van het getuigschrift basisonderwijs. En dat is maar goed ook want zij kennen de leerling het best. De klassenraad oordeelt daarbij of de leerling de leerplandoelen, dit wil zeggen de eindtermen en extra doelen die in het leerplan zijn opgenomen, in voldoende mate heeft bereikt. Het spreekt voor zich dat niet elke doelstelling in dezelfde mate zal verworven zijn. Het getuigschrift basisonderwijs opent de deuren voor een overstap naar het eerste leerjaar A van het secundair onderwijs. De kernvraag die de klassenraad moet beantwoorden, is of de leerling met zijn bagage aan eindtermen klaar is voor een start in het eerste leerjaar A, dan wel of hij het best gebaat is met een verder traject in het eerste leerjaar B. Het getuigschrift basisonderwijs heeft een kind nodig voor een instap in het eerste leerjaar A, niet voor het eerste leerjaar B. Maar mét een getuigschrift kan het uiteraard ook terecht in het eerste leerjaar B. Om meerdere redenen kan dit een verantwoorde stap zijn in de verdere schoolloopbaan van het kind. Vaak gestelde vragen

7 Wat zijn de mogelijkheden voor kinderen die hun getuigschrift toch niet halen in het basisonderwijs? Het basisonderwijs wordt voor de meeste kinderen afgesloten op hun twaalfde, nadat ze zes jaren doorbrachten in het lager onderwijs. Er zijn hierop natuurlijk ook uitzonderingen. Er zijn kinderen die een jaar vroeger instapten of die geen zes jaren nodig hadden en dus vroeger de basisschool kunnen verlaten. Een regelmatige leerling die minimum vier jaar in het basisonderwijs doorbracht en aan wie de klassenraad een getuigschrift uitreikt, kan de overstap maken naar het eerste leerjaar A van het secundair onderwijs. Er zijn echter ook kinderen die al met een jaar vertraging in het lager onderwijs instappen of voor wie de zes jaren gewoon lager onderwijs niet voldoende blijken te zijn en die op hun twaalfde geen getuigschrift dreigen te behalen. Voor wie 12 jaar is, maar nog niet het volledige aanbod van het lager onderwijs volgde, kan de klassenraad samen met de ouders overwegen toch de overstap te maken naar het eerste leerjaar B van het secundair onderwijs in plaats van nog een jaar langer in het lager onderwijs door te brengen. Op die manier kunnen deze kinderen toch samen met leeftijdsgenoten meegroeien naar het secundair onderwijs en hun getuigschrift nog behalen na het eerste leerjaar B. Wie 13 jaar is, kan ook zonder getuigschrift instappen in het buitengewoon secundair onderwijs. Dit zijn de algemene principes, maar de toelatingsklassenraad van de secundaire school kan hierop nog afwijkingen toestaan. Dit gebeurt steeds in overleg met de ouders en na advies van het CLB. Op die manier zijn schoolloopbanen mogelijk op maat van de leerling. Vaak gestelde vragen

8 Kunnen scholen een bepaalde norm hanteren voor het uitreiken van het getuigschrift basisonderwijs? Er is geen norm in termen van een bepaald percentage dat men moet halen op een welbepaalde toets. Wel zijn de eindtermen het referentiepunt waartegen men wat de leerling al wel of nog niet kan, moet afwegen. Indien de klassenraad zou beslissen het getuigschrift niet uit te reiken, dan is het in het belang van het kind dat de klassenraad beschrijft wat de verworven competenties zijn. De ontvangende secundaire school kan hierop dan verder bouwen. Het getuigschrift basisonderwijs kunnen leerlingen ook verkrijgen via een traject in het buitengewoon onderwijs, wanneer de leerdoelen van het gevolgde handelingsplan door de onderwijsinspectie als gelijkwaardig worden beschouwd met die van het gewoon lager onderwijs en wanneer de klassenraad oordeelt dat de gelijkwaardig geachte leerdoelen door de leerling in voldoende mate werden bereikt. Vaak gestelde vragen

9 Mogen we ouders een school voor buitengewoon onderwijs adviseren indien we denken dat een kind toch nooit de eindtermen van het gewoon onderwijs zal halen? Van scholen mag men verwachten dat ze zich open stellen en inspanningen leveren voor alle kinderen. De afweging welke school of leeromgeving het meest geschikt is voor een kind, zal steeds individueel moeten gebeuren en finaal nemen de ouders de beslissing. Maar het vermoeden dat een kind toch nooit alle eindtermen zal halen, is op zich geen reden voor een verwijzing naar het buitengewoon onderwijs. Afhankelijk van de mogelijkheden van het schoolteam – sommigen noemen dit de draagkracht van de school - en van de specifieke onderwijsbehoefte van de leerling, zal een zorgzame school voor gewoon onderwijs steeds overwegen of zij zelf via een verantwoorde handelingsplanning voor die leerling, onderwijs op maat kan bieden. Bij deze afweging die samen met de ouders wordt gemaakt, staat het belang van het kind centraal. Interne en externe deskundigheid, bijvoorbeeld van de zorgcoördinator, de CLB- medewerker of de begeleider voor geïntegreerd onderwijs (GON), worden daarbij doelgericht ingezet. Vaak gestelde vragen

10 Uitspraak directeur Slechts in zeer uitzonderlijke omstandigheden (lees: lange perioden van ongewettigde afwezigheid) zie ik een reden om een getuigschrift basisonderwijs niet toe te kennen. Wat zijn jullie reacties op deze uitspraak? Praktijk


Download ppt "Curriculumdifferentiatie Getuigschrift. Beslissen: Het getuigschrift §3. Voor het lager onderwijs bevat het schoolreglement ten minste de volgende elementen."

Verwante presentaties


Ads door Google