De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Hoofdstuk 4 Grammatica zinsdelen Lijdend voorwerp.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Hoofdstuk 4 Grammatica zinsdelen Lijdend voorwerp."— Transcript van de presentatie:

1 Hoofdstuk 4 Grammatica zinsdelen Lijdend voorwerp

2 Wat is het lijdend voorwerp? Het lijdend voorwerp is een persoon die iets overkomt of een voorwerp dat iets ondergaat in een zin. Ik heb gisteren een koekje gegeten. Je kunt het lijdend voorwerp vervangen door iets of iemand. Ik heb gisteren iets gegeten Het lijdend voorwerp begint nooit met een voorzetsel (in, op, naast, boven, enz.).

3 Hoe vind je het lijdend voorwerp? Zoek eerst het werkwoordelijk gezegde en het onderwerp. Stel de vraag: Wat / Wie + werkwoordelijk gezegde + onderwerp? Het antwoord op deze vraag is het lijdend voorwerp. Niet in elke zin staat een lijdend voorwerp.

4 wg → ow → lv Voorbeeld: Joshua maakt trouw iedere dag zijn huiswerk. Joshua maakte trouw iedere dag zijn huiswerk. pv = maakt wg = maakt Zinsdelen: Joshua / maakt / trouw / iedere dag / zijn huiswerk.

5 wg → ow → lv Voorbeeld (vervolg): Joshua maakt trouw iedere dag zijn huiswerk. Wie / Wat maakt? onderwerp = Joshua Wie / Wat maakt Joshua? lijdend voorwerp = zijn huiswerk (hetgene dat gemaakt wordt) Controle: Joshua maakt trouw iedere dag iets.

6 Wat is het lijdend voorwerp? Carlo Boszhard presenteert verschillende tv-programma’s. Persoonsvorm Onderwerp Gezegde Wie of wat Lijdend voorwerp Carlo Boszhard presenteert presenteert Carlo Boszhard? verschillende tv-programma’s (hetgene dat gepresenteerd wordt) presenteert

7 Wat is het lijdend voorwerp? Veel Nederlanders kunnen Duits spreken. Persoonsvorm Onderwerp Gezegde Wie of wat Lijdend voorwerp Veel Nederlanders kunnen spreken kunnen veel Nederlanders spreken? Duits (hetgene dat veel Nederlanders kunnen spreken) kunnen

8 Benoem de zinsdelen Vanavond gaan wij feesten! pv = ow = gez = lv = Het zinsdeel ‘vanavond’ geeft antwoord op de vraag ‘wanneer’ en is dus een ander zinsdeel. gaan wij gaan feesten --

9 Benoem de zinsdelen De tennisbal is in de vijver gevallen. pv = ow = gez = lv = Het zinsdeel ‘in de vijver’ geeft antwoord op de vraag ‘waar’ en is dus een ander zinsdeel. Daarnaast begint het zinsdeel ‘in de vijver’ met een voorzetsel. is De tennisbal is gevallen --


Download ppt "Hoofdstuk 4 Grammatica zinsdelen Lijdend voorwerp."

Verwante presentaties


Ads door Google