De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Toegepaste biologie O41 2014-2015 SOORTENKENNIS. LANTAARNTJE.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Toegepaste biologie O41 2014-2015 SOORTENKENNIS. LANTAARNTJE."— Transcript van de presentatie:

1 Toegepaste biologie O SOORTENKENNIS

2 LANTAARNTJE

3 SoortgroepGeleedpotige Hoofd-biotoopMoerassen en binnenwateren Uiterlijke kenmerkenHet achterlijf is zwart, op één blauw segment (het achtste) na, waarvan de naam Lantaarntje is afgeleid. De larve kan vrij goed tegen watervervuiling, daarom veelvoorkomend. 2 paar vleugels, niet opvouwbaar Extra foto’s KENMERKEN LANTAARNTJE

4 DAS

5 SoortgroepZoorgdieren Hoofd-biotoopBossen Uiterlijke kenmerkenleeft in een burcht, dat vele generaties meegaat. vooral 's nachts actief en heeft een omnivoor dieet. de bovenzijde is grijs van kleur, de onderzijde en poten zijn zwart. De kop, haren op de oren en de staartpunt zijn wit. Er lopen twee brede evenwijdige strepen over zijn kop De das komt voornamelijk voor in glooiend landschap, bestaande uit loofbossen, afgewisseld met grasvelden. Extra foto’s KENMERKEN DAS

6 GROTE BRANDNETEL

7 Soortgroep Hoofd-biotoopBossen en velden Uiterlijke kenmerkenGroter dan de gewone brandnetel, bloeit in juni t/m de herfst, kan tot 2,5 m hoog worden, bladrand is gezaagd en op de stengels en bladeren zitten haren die steken Een groot verschil met de kleine brandnetel is de wortel Deze heeft wortelstokken i.p.v. een penwortel De grote brandnetel is tweehuizig Extra foto’s KENMERKEN GROTE BRANDNETEL

8 HOP

9 Soortgroep Hoofd-biotoopGematigd klimaat Uiterlijke kenmerkenKomt wel in het wild voor maar wordt vooral verbouwt Overwintert als wortelstok die wel 100 jaar oud kan worden De vruchten worden gebruikt bij het maken van bier Is een van de snelste groeiers in het plantenrijk, kan wel tot 10cm per dag groeien Extra foto’s KENMERKEN HOP

10 CITROENVLINDER

11 Soortgroep Hoofd-biotoopBossen en velden Uiterlijke kenmerkenMannetjes geel, vrouwtjes meer wat groenig Bruine vlekjes op vleugels Ongeveer 55mm lang Kan meer als een jaar oud worden Geen schrikkleuren dus vouwt zijn vleugels op om op een blad te lijken Extra foto’s KENMERKEN CITROENVLINDER

12 VLIER

13 Soortgroep Hoofd-biotoopEuropa en Noord-Amerika, op open of lichtbeboste plekken Uiterlijke kenmerkenVlier (Sambucus) is een geslacht van snelgroeiende heesters of kleine bomen. In de lente dragen ze tuilen van witte of crèmekleurig bloemen, gevolgd door kleine rode, blauwachtige of zwarte vruchten. Ook komt er een vlier met paars blad en roze bloemen voor. De bloeiperiode is in juni en juli. Extra foto’s KENMERKEN VLIER

14 TJIFTJAF

15 Soortgroep Hoofd-biotoopBossen parken en tuinen Uiterlijke kenmerkenDe tjiftjaf is een kleine, onopvallend geelgroen gekleurde vogel. Hij kan bijna overal gehoord worden: 'tjif-tjaf-tjif-tjaf- tjif'. In het voorjaar en de vroege zomer althans, want tjiftjaffen zijn ondanks hun gewicht van enkele grammen trekvogels die in Noord-Afrika overwinteren. Tjiftjaffen zijn bosvogels die houden van een rijke ondergroei; veel struikgewas en lage bomen.'tjif-tjaf-tjif-tjaf- tjif Extra foto’s KENMERKEN SOORTNAAM

16 PAARDENSTAART

17 Soortgroep Hoofd-biotoop Uiterlijke kenmerken Paardenstaarten zijn verwant aan varens; ze dragen sporen aan het uiteinde van de stengels. Ze behoren tot de groep van de hogere sporenplanten, waarvan het kenmerk is dat de sporendoosjes (sporangiën) in een aarvorm onder aan gesteelde schildjes zitten. Stengels zijn geleed en op elke knoop bevindt zich een krans met schubben, waaruit de bladen groeien. Merkwaardig genoeg is de bouw van bladen, zijstengels en schubben overal gelijk. Bladen vormen een schede om de stengel. Extra foto’s KENMERKEN SOORTNAAM

18  HOOFDFOTO “VLIEGEND HERT”

19 Soortgroep Hoofd-biotoopBosrijke gebieden Uiterlijke kenmerkenGrote roodbruine mandibels (kaken) Lichaamslengte variabel, maar makkelijk tien centimeter Extra foto’s KENMERKEN VLIEGEND HERT

20  HOOFDFOTO “VLAAMSE GAAI”

21 Soortgroep Hoofd-biotoopSteden & dorpen Uiterlijke kenmerkenhttps://www.youtube.com/watch?v=QrUIP2Jo__shttps://www.youtube.com/watch?v=QrUIP2Jo__s lokroep Stevige, donkere snavel. Leverkleurige poten. Lijf vooral bruin, vleugels verschillende kleuren. Extra foto’s KENMERKEN VLAAMSE GAAI

22  HOOFDFOTO “HULST”

23 Soortgroep Hoofd-biotoopBeuken- & eikenbossen Uiterlijke kenmerkenGetande bladeren met stekels Voor de mens giftige bessen Extra foto’s KENMERKEN HULST

24 ZWARTE SPECHT  Geluid van een zwarte specht  https://www.youtube.com/watch?v=XJYX0inHzYE https://www.youtube.com/watch?v=XJYX0inHzYE

25 SoortgroepVogels Hoofd-biotoopGemengd en naaldbos, maar nooit in zeer dichte bossen. Uiterlijke kenmerkenDe zwarte specht is helemaal zwart op de rode plek op zijn hoofd na. Het vrouwtje heeft een helder rood achterhoofd. Het zijn schuwe dieren want zodra ze een mens zien vliegen ze weg of als een mens rond een boom loopt, loopt de zwarte specht mee aan de achterzijde zodat hij niet gezien wordt. https://www.youtube.com/watch?v=XJYX0inHzYE Extra foto’s KENMERKEN SOORTNAAM

26 ZWARTE ELS

27 SoortgroepPlanten Hoofd-biotoopDe plant groeit op alle gronden, maar verkiest nattere plaatsen zoals waterkanten. Uiterlijke kenmerkenDe zwarte els kan wel 25 tot 30 m hoog worden al komt het zelden voor. De zwarte els vermeerderd door uitlopers. En de bladeren van zwarte els zijn grote omgekeerde eironde bladeren. Extra foto’s KENMERKEN SOORTNAAM

28 ADELAARSVAREN

29 SoortgroepPlanten Hoofd-biotoopDe adelaarsvaren wordt voornamelijk aangetroffen in bossen op zandgrond, maar de soort groeit ook op open plekken, waaronder in Nederland. Uiterlijke kenmerkenDe bladen van de adelaarsvaren staan alleen en zijn vertakt, dubbel geveerd, soms zelfs drievoudig geveerd. (geveerd betekent dat er bv. 2 bladeren of 3 tegenover elkaar staan aan de tak. De bladveren kunnen wel 1 meter hoog worden er zijn zelfs exemplaren van 3 meter hoog. Als men de bladsteel aan de voet schuin doorsnijdt, ziet men een figuur dat op twee adelaars lijkt. Extra foto’s KENMERKEN SOORTNAAM

30 KOEKOEK  Geluid van een koekoek.  https://www.youtube.com/watch?v=U6gb8vOXS_k https://www.youtube.com/watch?v=U6gb8vOXS_k

31 SoortgroepVogels Hoofd-biotoopZeer gevarieerd, geen speciale voorkeur maar vermijdt koude en warme plekken. Uiterlijke kenmerkenDe koekoek is een slanke vogel met spitse vleugels en een lange afgeronde staart. Jonge dieren hebben gele poten en is de snavel met uitzondering van de basis hoorn grijs. Volwassen mannetje en vrouwtjes zijn grijs maar het vrouwtje kan ook in een bruinen vorm voorkomen maar dat is nogal al zeldzaam. (ook wel de vogel parasiet genoemd). Extra foto’s KENMERKEN SOORTNAAM

32  HOOFDFOTO GEWONE LINDE

33 Soortgroep Hoofd-biotoopDe gewone linde komt van naturen vooral voor in Nederland, België en Luxenburg. (komt uit beekdal) Uiterlijke kenmerkenDe linde heeft een mooie vorm en word daarom vaak in parken geplaats, hij kan tot 500 jaar oud worden en is 25 tot 30 meter hoog, de zijkanten van de bladeren zijn niet gelijk. De witte, geelachtige bloempjes groeien in hangende trossen. De bloemen verschijnen in juni-juli en trekken veel bijen aan. De vruchten, een soort bolletjes die uit één tot drie zaden bestaat, worden verspreid door de wind Extra foto’s KENMERKEN SOORTNAAM

34  HOOFDFOTO VINK

35 Soortgroep Hoofd-biotoopBos, Park en Tuin Uiterlijke kenmerkenDe mannetjes en vrouwtjes zijn van de Vink makkelijk uit elkaar te houden. Het mannetje is op de rug bruin en het vrouwtje grijsgroen. De onderkant is van het mannetje rozebruin en van het vrouwtje vaalwit. De stuit van het mannetje is groenig en de kruin en het achterhoofd zijn blauwgrijs. Wel hebben het mannetje en vrouwtje beide twee witte vleugelstrepen. De Vink wordt zo een 14 tot 16 cm groot Extra foto’s KENMERKEN SOORTNAAM

36  HOOFDFOTO PISSEBED

37 Soortgroep Hoofd-biotoopVochtige, donkere plaatsen Uiterlijke kenmerken Een pissebed is een kreeftachtige met ovaalvormig afgeplat lichaam, dat bestaat uit harde platen die elkaar overlappende (segmenten). Op de kop zitten twee grote voelsprieten (antennen). Pissebedden hebben 7 paar poten. De poten bestaan uit verschillende deeltjes (leden). De kieuwen bevinden zich op de achterpoten. Pissebedden zijn grijs van kleur, ook wel geelachtig of paarsbruin, soms met lichtere of donkere vlekken. De landpissebedden hebben de zee verlaten, maar hun kieuwen behouden; deze zijn aanwezig in de vorm van aangepaste "poten" van het achterlijf waarmee de dieren in staat zijn zuurstof op te nemen uit hun omgeving. Dit is mede de reden dat de pissebedden in een droge omgeving niet lang zullen overleven. Extra foto’s KENMERKEN SOORTNAAM

38  HOOFDFOTO “PIMPELMEES”

39 SoortgroepZangvogels Hoofd-biotoopVooral bos en in nabijheid van mensen. Uiterlijke kenmerken -Circa 12cm groot met een spanwijdte van 17-20cm, -De rug is groen van kleur. -De onderzijde is geel van kleur. -De kruin, de stuit en de staart zijn blauw gekleurd. -De wangen en het voorhoofd zijn wit van kleur. -De roep van de pimpelmees klinkt als tsi tsi tsit, de zang is een hoog si si sirrr. Extra foto’s KENMERKEN PIMPELMEES

40  HOOFDFOTO “HAAGBEUK”

41 SoortgroepPlanten Hoofd-biotoop Bossen Uiterlijke kenmerken -De haagbeuk is eenhuizig; mannelijke en vrouwelijke bloemen komen op één plant voor. -Stuifmeel wordt door de wind verspreid. -Bladrand: Dubbelgezaagd. -De boom zelf is hoger dan 10m. -Erg geschikt als haagplant. -Kan goed tegen wisselende waterstanden. Mannelijke bloeiwijze. Haagbeuk met vruchten. Extra foto’s KENMERKEN HAAGBEUK

42  HOOFDFOTO “FIJNSPAR (KERSTDEN)”

43 SoortgroepPlanten Hoofd-biotoopNoord- en centraal Europa. Uiterlijke kenmerken -De kroon is smal en kegelvormig. -De takken zijn horizontaal, in het bovenste deel omhoog gericht. -De schors is glad en roodachtig van kleur. -De naalden zijn stijf en scherp gepunt. -Het is een eenhuizige boom. -Mannelijke kegels zijn cilindervormig. -Vrouwelijke kegels zijn rechtopstaand en eivormig. Vrouwelijke kegel Mannelijke kegel Extra foto’s KENMERKEN FIJNSPAR (KERSTDEN)

44  HOOFDFOTO LOOK-ZONDER-LOOK

45 SoortgroepKruisbloemen Hoofd-biotoop Uiterlijke kenmerkenAfmeting: 15 tot 90 cm Stengels: rechtopstaand. Zonder beharing Bladeren: de bladeren zijn hartvormig, getande gegolfde of gekartelde bladrand. Bij wrijven ruikt hij naar ui Bloemen: zijn tweeslachtig, de witte bloemen worden 3 tot 6 mm groot Extra foto’s KENMERKEN LOOK-ZONDER-LOOK

46 REUZE BALSEMIEN

47 SoortgroepBalsemien familie Hoofd-biotoopBossen en vlak bij water Uiterlijke kenmerkenAfmeting: 60 cm tot 2 meter Stengels: dik, geribd, kaal en hebben brede knopen Bladeren: in kransen van 3 tot 5 bladeren. Zijn langwerpig toegespiste. Scherp getand met rood paars achtige punten op de zaagtanden Bloemen: tweeslachtig. Roze/paarse bloemen in pluimen van 2 tot 15 bloemen op rechte stengels. Vrucht: vruchtjes springen open bij aanraking Extra foto’s KENMERKEN REUZENBALSEMIEN

48 TORMENTIL

49 Soortgroeprozenfamilie Hoofd-biotoopHeiden, bossen, duinen, waterkanten Uiterlijke kenmerkenAfmeting: 15 tot 50 cm Bladeren: zijn drie delig. De bladeren dicht bij de grond hebben lange stengels. De bovenste bladeren hebben een korte steel. De bladeren bestaan uit drie deelblaadjes die omgekeerd eivormig zijn. Bloemen: tweeslachtig. Bloemen groeien los van elkaar op een tak. Zijn 0,5 tot 1 cm groot. En geel oranje van kleur. Extra foto’s KENMERKEN TORMENTIL

50 Europese Lork

51 SoortgroepZaadplanten Hoofd-biotoopBossen Uiterlijke kenmerken De europese lork is een naaldboom die tot 40m hoogte kan groeien. Hij heeft zachte, groene naalden van ongeveer 5 cm lang. Mannelijke kegels zijn klein, rond en goudgeel en de vrouwlijke kegels zijn bleekrood tot rozerood Extra foto’s KENMERKEN SOORTNAAM

52 Nachtegaal

53 Soortgroep Hoofd-biotoopBosranden Uiterlijke kenmerken De nachtegaal heeft een roodbruine bovenkant met een lichte buik en een slanke snavel. De grote van een volwassen vogel is ongeveer 15 centimeter. Hij staat bekend om zijn geweldige zang kwaliteiten Extra foto’sFluitende nachtegaal KENMERKEN SOORTNAAM

54 REE

55 SoortgroepZoogdieren Hoofd-biotoopBosachtige streken met open plekken Uiterlijke kenmerkenZomer: Zandgeel tot roodbruin Winter: Grijsbruin tot zwart Jongen hebben witte vlekken Mannetjes hebben een simpel gewei Extra foto’s KENMERKEN REE

56 GROENE SPECHT

57 SoortgroepVogels Hoofd-biotoopLoofbomen met open stukken Uiterlijke kenmerkenOlijfgroen boven, lichtgrijs onder, zwart gezicht, rode kop Mannetjes rode wangvlek Vrouwtjes zwarte streep onder ogen Jongen licht bruine met zwart bruine spikkels op gezicht Extra foto’s KENMERKEN GROENE SPECHT


Download ppt "Toegepaste biologie O41 2014-2015 SOORTENKENNIS. LANTAARNTJE."

Verwante presentaties


Ads door Google