De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Alcoholgebruik Onderdeel van hfdst 13. ‘Aanvaardbaar alcoholgebruik’ vanuit gezondheidsperspectief.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Alcoholgebruik Onderdeel van hfdst 13. ‘Aanvaardbaar alcoholgebruik’ vanuit gezondheidsperspectief."— Transcript van de presentatie:

1 Alcoholgebruik Onderdeel van hfdst 13

2 ‘Aanvaardbaar alcoholgebruik’ vanuit gezondheidsperspectief

3 Alcoholgebruik en mortaliteit: J-shaped curve

4 ‘Aanvaardbaar alcoholgebruik’ vanuit gezondheidsperspectief

5 Problematisch alcoholgebruik en alcohol gerelateerde stoornissen

6 Screening: CAGE of AUDIT (cf handboek) CAGE (acroniem): Cut Down, Annoyed, Guilty en Eye-opener. Heeft u weleens het gevoel gehad het alcoholgebruik te moeten minderen? (cut down) Heeft u zich ooit weleens vervelend of geïrriteerd gevoeld over opmerkingen van anderen over uw drankgebruik? (annoyed) Heeft u zich ooit schuldig gevoeld over iets wat u gedaan heeft toen u had gedronken? (guilty) Heeft u ooit 's ochtends alcohol gedronken om u rustiger te voelen of om minder last te hebben van trillende handen of misselijkheid? (eye-opener) ≥ 2: mogelijk alcoholprobleem Problematisch alcoholgebruik en alcohol gerelateerde stoornissen

7 Risico’s acute intoxicatie Brede range gezondheidsproblemen en ziektes: lever, hypertensie, beroerte, borst- en GI-kankers, VKO, CNS (alcohol dementie, Wernicke, Korsakoff,…), andere psychiatrische aandoeningen, pancreatitis, cardiomyopathie, polyneuropathie,… Toxine voor (oa) lever: hepatitis (acuut / chronisch) – steatose – cirrose Problematisch alcoholgebruik en alcohol gerelateerde stoornissen

8 Alcoholabusus / misbruik: hoeveelheid + herhaald gevaar of interferentie met verplichtingen / rol (werk) of legale, sociale, relationele problemen Alcoholafhankelijkheid (alcoholisme, verslaving): fysiek / psychisch /sociaal: tolerantie + ontwenning + craving + dominante rol van alcohol in leven (onvrijheid) + controleverlies (onvrijheid) + onvermogen verminderen / stoppen ondanks weten dat het probleem is Problematisch alcoholgebruik en alcohol gerelateerde stoornissen

9 Genetisch + psychologisch + sociaal / cultureel (cociale context, social cues) Familiaal: Genetisch + ontwikkeling Gevoeliger voor positieve effecten van alcohol en/of minder gevoelig voor negatieve effecten Leertheorie: positieve bekrachtiging (positieve emoties) en negatieve bekrachtiging (verminderen van negatieve emoties) + belang van timing Risicofactoren alcoholgebonden stoornissen

10 Farmacotherapie: toename negatieve effecten / afname positieve effecten (bv Antabuse); verminderen craving Psychologische interventies: Motiverende gespreksvoering Vaardigheidstraining CBT Zelfhulpgroepen Koppeltherapie ! Behandeling

11 Gedrag veranderen: motiverende gespreksvoering Gidsend in richting van gedragsverandering ipv directief Blaise Pascal: “Mensen raken over het algemeen meer overtuigd door de redenen die zij zelf ontdekken dan door dan door de argumenten die anderen aandragen” De menselijke natuur verzet zich tegen dwang en bevoogding

12 Gedrag veranderen: motiverende gespreksvoering Luister met empathie en zonder te oordelen ‘Empower’ de patiënt, d.w.z. geef hem/haar de controle over zijn eigen toekomst Niemand is volledig ongemotiveerd - iedereen is ambivalent Motivatie wordt beïnvloed door de arts / hulpverlener Open vragen (verandertaal oproepen), Reflectief luisteren, Bevestigen, Samenvatten Klemtoon op positieve – wat wel lukt

13 Motivational Interviewing (MI)

14 4-14 How Does Behavior Change? Behavior ABehavior B

15 4-15 ASSUMPTIONS Behavioral issues are common Change often takes a long time The pace of change is variable Knowledge is usually not sufficient to motivate change Relapse is the norm

16 4-16 Nn Transtheoretical Model Determination Relapse Pre-contemplation Contemplation Maintenance Action Termination Synonyms Determination = Preparation Termination = Exit 4-4

17 4-17 Prochaska & DiClemente: Stages of Readiness to Change Stage Description Objectives Pre-contemplation Not considering change Contemplation Ambivalent about change  Identify patient’s goals  Provide information  Bolster self-efficacy  Develop discrepancy between goal & behavior  Elicit self-motivational statements

18 4-18 Prochaska & DiClemente: Stages of Readiness to Change (continued) Stage Description Objectives Determination Committed to change Action Involved in change  Strengthen commitment to change  Plan strategies for change  Identify and manage new barriers  Recognize relapse or impending relapse

19 4-19 Prochaska & DiClemente: Stages of Readiness to Change (continued) Stage Description Objectives Maintenance Behavior change Relapse Undesired behaviors Termination Change is very stable  Assure stability of change  Foster personal development  Identify relapse when it occurs  Reestablish self-efficacy and commitment  Behavioral strategies  Assure stability of change

20 4-20 Principles of MI 1. Advice Give advice only when individuals will be receptive Target advice to stage of change

21 4-21 Principles of MI (continued) 2. Reduce Barriers  Bolster self-efficacy  Address logistical barriers

22 4-22 Principles of MI (continued) 3. Provide Choices It’s the individual’s choice:  Whether to change  How to change

23 4-23 Principles of MI (continued) 4. Decrease Desirability Help individuals:  Decrease their perceptions of the desirability of the behavior  Identify other behaviors to replace the positive aspects of alcohol use

24 4-24 Principles of MI (continued) 5. Empathy  Develop and communicate an understanding of the individual’s situation and feelings around the behavior  Explore pain around the behavior

25 4-25 Principles of MI (continued) 6. Feedback Help the individual identify and understand relevant:  Risks of the behavior  Negative consequences of the behavior

26 4-26 Interview Techniques Open-ended questions Reflective listening Affirmation Summarization Elicit self-motivational statements

27 4-27 Open-ended Questions Avoid closed and leading questions like: “Would you like to quit?” “Do you know that alcohol is bad for you?” Instead ask: “What do you think about your alcohol use?” “What do you know about the risks of drinking?”

28 4-28 Reflective Listening Mirrors what the patient says Creates a sense of safety for the patient Deepens the conversation Helps patients understand themselves Says: “I hear you” “This is important” “Please tell me more” “I’m not judging you”

29 4-29 Reflective Listening (continued) Patient: “To tell you the truth, I really enjoy drinking.” Response: “You like drinking alcohol?” Patient: “Yes. I like the taste, and it really relaxes me.”

30 4-30 Reflective Listening (continued) Example 1: “My girlfriend gets really angry when I get drunk and pass out.” “She gets mad when you do that.”

31 4-31 Affirmation Conveys support, respect, and encouragement Helps patients reveal less positive aspects about themselves “You’ve tried very hard to quit.”

32 4-32 Affirmation (continued) “You are very courageous to be so revealing about this.” “You’ve accomplished a lot in a short time.” “I can understand why drinking feels so good to you.”

33 4-33 Summarization “What you’ve said is important.” “I value what you say.” “Here are the salient points.” “Did I hear you correctly?” “We covered that well. Now let's talk about...”

34 4-34 Elicit Self-Motivational Statements Problem recognition “Has alcohol caused you any problems?” Concern “Do you ever worry about your alcohol use?”

35 4-35 Elicit Self-Motivational Statements (continued) Intention to change “What might be some advantages of quitting or cutting down?” “On a scale of 0 to 10, how important do you think it is for you to quit? Why didn’t you say (1 or 2 points lower)?”

36 4-36 Elicit Self-Motivational Statements (continued) Intention to Change  “On a scale of 0 to 10, how important is it for you to change your (behavior)? ”  “Why didn't you say (1 or 2 points lower)?”

37 4-37 Elicit Self-Motivational Statements (continued) Optimism  “What difficult goals have you achieved in the past?”  “What might work for you if you did decide to change?”

38 4-38 For Ambivalence - DEARS D evelop discrepancy  Compare positives and negatives of behavior  Positives and negatives of changing in light of goals  Elicit self-motivational statements E mpathize  Ambivalence and pain of engaging in behavior that hinders goals

39 4-39 For Ambivalence - DEARS (continued) A void Arguments  Don’t push for change, avoid labeling R oll with resistance  Change strategies in response to resistance  Acknowledge reluctance and ambivalence as understandable  Reframe statements to create new momentum  Engage patient/client in problem-solving

40 4-40 For Ambivalence - DEARS (continued) Support self-efficacy Bolster responsibility and ability to succeed Foster hope with menus of options

41 Voortplanting en endocrinologie Hfdst 14

42 Voortplanting Menstruatie (menses) en menopauze Premenstrueel syndroom (PMS) Menopauze Zwangerschap en bevalling (partus) Psychologische problemen in post-partum Baby blues Post-partum depressie, angststoornissen en psychose Miskraam (spontane abortus) en doodgeboorte (stillbirth, >24w)

43 Menstruatie (menses) en menstruele cyclus Menarche (= leeftijd eerste menses): steeds jonger ~ voeding, gezondheid, gewicht Menstruele cyclus Folliculaire fase: toegenomen libido, grotere voorkeur voor ‘typisch mannelijke’ karakteristieken Luteale fase: slechtere subjectieve slaapkwaliteit, premenstrueel syndroom (PMS), zelfs gemiddeld iets hogere suïcidaliteit Veranderingen voedingsvoorkeur wrsch meer cultureel

44 PMS = premenstrueel syndroom Luteale fase, vnl dagen voor menstruatie, soms voortdurend ook eerste dagen van menses (≠ pijnlijke menses) Symptomen: prikkelbaarheid, slaapproblemen, neerslachtigheid, stemmingswisselingen, angst, eetlustverandering, abdominaal opgezet gevoel, concentratieproblemen, weinig energie,… Tot 30% van alle premenopauzale vrouwen, meest 25-35j

45 PMS en PMDD 1-2%: ernstige vorm van PMS: premenstruele dysfore stoornis (PMDD): significante weerslag op functioneren (on/off) ~ VG depressieve stoornis, slechte algemene gezondheid ~ hormonale veranderingen + psychologische + culturele factoren Behandeling: voor PMS en/of voor PMDD? Medicalisering? Pil(verandering), antidepressiva, specifieke CBT / narratieve therapie (cf case study 14.1)

46 Menopauze Laatste menstruatie: pre- en postmenopauzaal Nl tss 45-55j (Peri- en) postmenopauzaal: Toename osteoporose-risico Warmte-opwellingen (vapeurs, opvliegers), nachtzweten: mee bepaald door culturele factoren Huid / haar / vaginale droogte Psychologische klachten: geheugen en concentratie, libido, prikkelbaarheid, angst,…

47 Menopauze Toename risico depressie postmenopauzaal? Mixed evidence Ovariële hormonen (vooral E): modulatie van 5HT en NA transmissie Meta-analyse: HRT (hormone replacement therapy) minder depressie Complex en multifactorieel verband (B+P+S): Postmenopauzale depressie ~ VG depressie, VG PMS, negatieve attitude tov ouder worden en menopauze,… Culturen met positieve visie op menopauze / ouderdom: veel minder postmenopauzale klachten

48 Menopauze Behandeling: HRT (hormone replacement therapy) Geïndividualiseerde afweging risico’s (toename risico borstkanker en thrombo-embolisme?) en voordelen (reductie klachten; bescherming osteoporose en cardiovasculair?) volgens recentste xetenschappelijke bevindingen Schrap p332 paragraaf bovenaan: gedateerd en onvoldoende genunanceerd Cf cursus gyneco

49 (In)fertiliteit Begrip ‘fertiliteit’ - vruchtbaarheid: gerealiseerde vruchtbaarheid of potentieel? Bv fertility rate 80% Toename vruchtbaarheidsproblemen Stijging gemiddelde leeftijd eerste kind (anticonceptie, educatie, professioneel, financieel,…) Infertiliteit: niet zwanger na 2 / 3j geregeld seksuele betrekkingen Minderheid zoekt hulp – fertiliteitsbehandelingen Psychologische (A en D), relationele en seksuele weerslag van fertiliteitsproblemen (en soms ook van behandelingen)

50 Zwangerschap Periode van enorme fysieke en psychologische transitie Positief + impact op fysieke functioneren, welzijn: ‘Morning sickness’: vaak hele dag, meestal beperkt tot eerste trimester, soms tot week 22 Reflux, bekkeninstabiliteit, slaapproblemen, urineverlies,… Angststoornissen en depressieve stoornis: cf zoals na bevalling – zwangerschap niet beschermend tegen psychopathologie Daarnaast stress en negatieve emoties tijdens zwangerschap (job, huiselijk geweld, zwangerschapsgerelateerd,…)

51 Gevolgen van overmatige stress / negatieve emoties tijdens zwangerschap Materneel: hypertensie Geboorte-outcomes: vroeggeboorte, laag geboortegewicht, geboortecomplicaties, meer keizersnedes Foetale ontwikkeling: minder foetale bewegingen Karakteristieken en ontwikkeling baby / kind: cognitieve, gedragsmatige en emotionele ontwikkeling, ook na correctie Cf Barker hypothese; bv oorlogsomstandigheden Klinische implicaties! Psychopathologie opsporen en behandelen, stress- A- en D-reductie, counselling, psychoeducatie,…

52 Gevolgen van overmatige stress / negatieve emoties tijdens zwangerschap: mechanisme Genetisch Moeilijke leefomstandigheden, mogelijk ook na geboorte Gedragsveranderingen bij moeder tgv stress: voeding, alcohol, roken,… Stresshormonen transplacentair + verminderde bloedvoorziening naar uterus / placenta + minder nutriënten: foetal programming hypothesis (gevoelige periodes: midden en einde zwangerschap) Zorgende vroege omgeving, positieve hechting: impact van prenatale stress lijkt omkeerbaar

53 Geboorte Toename keizersnedes: B 20%: patiëntvoorkeur of –vraag (?) + meer geboortecomplicaties (~ geboortegewicht) + meer tweelingen + belangrijke artsfactor (~ samenleving; risicomijding – medicolegaal – defensieve geneeskunde) Thuisbevalling ~ controlegevoel: lijkt geen verband te houden met risico postpartum depressie / PTSD 20-30%: ervaren geboorte als traumatisch; 2% PTSD (risicofactoren: VG psychologische problemen of seksueel trauma, keizersnede of technische interventies, gebrek aan steun tijdens arbeid en na geboorte, doodgeboorte): vaak + depressie PTSD: flashbacks, nachtmerries, hyperarousal, vermijding,…

54 Geboorte Belang van steun en begeleiding tijdens arbeid – bevalling: impact op geboorte-outcome (kortere arbeid, minder keizersnedes en technische interventies,…) en psychologisch welzijn (tevredenheid, minder trauma,…) B: vroedvrouwen, zowel in ZH als thuis Vroedvrouw ≠ ‘doula’ (leek)

55 Psychologische problemen in postpartum Baby blues (emotioneel, stemmingswisselingen,…): 70%, eerste week na geboorte, mogelijke rol hormonen Postpartum depressie: multifactorieel, hormonen vermoedelijk geen of ondergeschikte rol: VG psychologische problemen, A of D tijdens zwsch, weinig steun, socio-economische omstandigheden, slaap (bv huilbaby), rolverandering (aanpassen aan ouderschap), eigen ervaringen in ouder-kind dyade, afhankelijkheid, verantwoordelijkheid,… Ook beschreven bij man: couvade syndroom

56 Psychologische problemen in postpartum Angststoornissen: tot 20% tijdens zwsch en postpartum Postpartum psychose: 0,1% - hoog risico moeder en baby; opname! (moeder-baby eenheid) VG of familiaal voorkomen bipolaire stoornis, psychotische stoornissen verhoogt risico Trauma / PTSD: cf eerder

57 Miskraam Naar schatting 20% van zwsch eindigt in miskraam: vaak foetale of placentaire abnormaliteit Grote psychologische impact: Rouw vaak vergelijkbaar met doodgeboorte Risico depressieve stoornis (10-50%) Soms traumatisch - symptomen van PTSD (die verminderen naarmate tijd vordert; maar bij enkele % wel chronisch)

58 Doodgeboorte Def: > 24w 0,5% Meerderheid onverklaard  we weten reden niet. Zeer pijnlijk verlies: Rouw Risico depressie 20-30% Weerslag op relatie Stress, bezorgdheid en angst tijdens volgende zwangerschappen Belang afscheidsritueel; dood kindje zien en vasthouden Naar schatting 20% van zwsch eindigt in miskraam: vaak foetale of placentaire abnl Grote psychologische impact: Rouw vaak vergelijkbaar met doodgeboorte Risico depressieve stoornis (10-50%) Soms traumatisch - symptomen van PTSD (die verminderen naarmate tijd vordert; maar bij enkele % wel chronisch)

59 Voortplanting en endocrinologie: Deel endocrinologie Hfdst 14

60 Psychoneuro-endocrinologie Wederzijdse beïnvloeding van psychologische toestand en hormonale veranderingen -> zie oa stressysteem, HPA-as <- primaire endocriene aandoeningen ~ psychologische gevolgen en verhoogd risico psychiatrische aandoeningen % wel chronisch

61 Cushing’s syndroom: cortisol hypersecretie Psychologische symptomen: depressieve gevoelens ((3/4), prikkelbaarheid (90%), concentratie- en geheugenproblemen, slapeloosheid, vermoeidheid, verminderd libido Fysieke veranderingen: moon face, buffalo hump Sociaal teruggetrokken, isolement Sterk verhoogd voorkomen depressieve stoornis DD (differentieel diagnose): depressie - Cushing

62 Ziekte van Addison: cortisol hyposecretie Vaak auto-immuun schade bijnierschors Psychologische symptomen: lethargie, apathie, prikkelbaarheid, huilen, slaapproblemen, vermoeidheid, geheugen- en concentratieproblemen Niet-specifieke syptomen die komen en gaan en vaak toenemen bij stress DD CVS, angststoornissen,… Cortisol verandering – psychologische symptomen Normalisatie van cortisol – opklaren van psychol. symptomen

63 Schildklieraandoeingen Hyperthyroïdie: dysforie, rusteloosheid, hyperactiviteit, angst, nervositeit, stemmingsschommelingen, concentratie- en geheugenproblemen, slapeloosheid, vermoeidheid,… Hypothyroïdie: concentratie- en geheugenproblemen en cognitieve vertraging, stemmingsveranderingen (depressie, angst), prikkelbaarheid, slapeloosheid, verwardheid, soms psychose bij ernstige vormen Normalisatie schildklierhormonen (euthyroïdie) ~ opklaren psychol sympt

64 Groeihormoon Minder sterke en directe link met psychologische symptomen Wel secundair aan gevolgen (hyper: gigantisme, acromegalie; hypo: kleine gestalte)

65 Gonadotrope hormonen Testosteron: androgene + anabole effecten Anabole steroïden: cardiovasculaire toxiciteit, testiculaire atrofie, verminderde spermaproductie en –kwaliteit, acne,… en stemmingsstoornissen ((hypo)manie, dysforie), psychotische stoornissen, (andere) middelengeboden stoornissen, agressie en geweld (?, kip of ei) E-behandeling, bv groeiremming in adolescentie: ethische bedenkingen (van behandeling naar pharmaceutical psychosocial enhancement)

66 Urogenitale geneeskunde Hfdst 15 (15.3 prostaat- en teelbalkanker niet te kennen: halverwege p361 tem p366) ( nierfalen en dialyse: niet te kennen: p368 onderaan-p371)

67 Seksuele gezondheid ≠ reproductieve gezondheid Seks, seksuele betrekkingen: definitie? WHO: seksuele gezondheid: Fysiek, emotioneel, mentaal en sociaal welzijn mbt seksualiteit Meer dan afwezigheid van ziekte of dysfunctie Mogelijkheid seksuele plezierbeleving + seksuele veiligheid + seksuele vrijheid (geen dwang, discriminatie of geweld)

68 Seksuele dwang Seksuele dwang / misbruik komt vaak voor: 20% bij vrouwen, 5% bij mannen Gevolgen: verminderd psychologisch welzijn, verminderde fysieke gezondheid en angst mbt gezondheid, meer ‘ongezond’ gedrag, meer SOA, meer seksuele problemen Uitdaging voor hulpverlener: tact, communicatievaardigheden, duidelijkheid, respect, niet oordelen,…

69 Seksuele problemen Komt vaak voor, maar uiteenlopende cijfers: belang van vraagstelling, mtsch openheid en aandacht,… (bv viagra) Psychologische + fysieke + sociale (mtsch + relationeel) oorzaken: vaak samenspel Impact op QoL, relatie, seksuele tevredenheid en plezierbeleving Bv: premature ejaculatie en erectiele dysfunctie bij mannen Bv: pijn bij vrijen, vaginale droogte, anorgasmie bij vrouwen (?) Dysfuncties: situeer in seksuele respons cyclus (met dank aan prof Enzlin)

70 Seksuele responscyclus Menselijke seksueel reageren cyclus gekarakteriseerd door verschillende fases elke fase: verwijst naar niveaus van opwinding beschrijft typische veranderingen tijdens het sekseel functioneren  vasocongestie =  verhoogde bloeddoorstroming van genitaal weefsel  myotonie  verhoogde neuromusculaire tensie => relaxatie en contractie 70

71 Seksuele responscyclus fases zijn arbitrair gedefinieerd niet altijd duidelijk afgelijnd van elkaar intra-individuele verschillen op verschillende tijdstippen Inter-individuele verschillen 71

72 Fasen van de seksuele respons cyclus 72

73 Seksuele responscyclus Seksueel verlangen (libido) Seksuele opwinding Erectie en vaginale lubricatie Fysiologische en/of psychologische stimulatie Plateau- en orgasme Stijgende seksuele spanning met een hoogtepunt Resolutie Lichamelijke tekenen verdwijnen Bevrediging 73

74 Seksuele gevolgen van chronisch ziek zijn Interfereert met seksueel verlangen en opwindingsfase van de seksuele responscyclus (via lichaamsbeeld, percpetie van zichzelf als seksueel wezen; via sickness response; via physiological or anatomical changes, bv. microangiopathie, polyneuropathie) Behandeling kan ook interfereren met seksuele responscyclus

75 Seksuele gevolgen van chronisch ziek zijn “Although the physical demands of sexual activity are high, few (…) chronic illnesses require restriction of sexual activity. However, couples may have to alter their sexual activity to accommodate physiologic or mechanical limitations.” Cardiovasculair: 2 verdiepen trappen-regel Viagra (sildenafil) en andere fosfodiësterase- inhibitoren?

76 Chronische bekkenpijn = chronic pelvic pain (CPP) Tot 24% van de vrouwen Pijn in bekken of laag abdominaal, niet samenhangend met menses, zwangerschap of vrijen Heterogene groep: multiple oorzaken / contribuerende factoren: multifactorieel met psychosociale interferentie, oa via pijnpathways (VG seksueel misbruik, A, D, catastrofisch denken: oorzaak of gevolg?) Behandeling: multidisciplinair, luisteren – steunen – ernstig nemen, brede aanpak (symptoomgericht + counselling, emotioneel schrijven,…)

77 Seksuele veiligheid Ongewenste zwangerschap + SOA Tienerzwangerschappen: abortus / moederschap met impact op tewerkstellingskansen, pedagogische capaciteiten, socio- economisch,… Anticonceptie: alleen barrière-methode (condoom) beschermt ook (in grote mate) tegen SOA

78 SOA HIV / AIDS: internationale verschillen, niet alleen seksueel overdraagbaar, chronische ziekte geworden met vaak complexe behandelschema’s (therapietrouw!). Verspreiding tegengaan: gedragsverandering (seksueel + IV drug; geen vaccin) HBV, HCV HSV Chlamydia Gonorrhoea Papillomavirus

79 SOA Grote internationale verschillen (niet alleen door verschillen in seksueel gedrag; ook gezondheidszorg, culturele attitudes, patroon van preventie – seksuele veiligheid,…) 10-20% rapporteert dat hij/zij SOA heeft (gehad): onderschatting (asymptomatisch, niet gediagnosticeerd, geen hulp gezocht – schaamte,…) Jogvolwassenen & 45+ Vrouwen: orgaanschade (PID), infertiliteit

80 SOA preventie ABC AB: vraagt grotere verandering van seksueel gedrag, value-driven: interfereert in waarden - opvattingen, weinig effectief (geen aangetoonde effecten op beginleeftijd seks, aantal seksuele partners,…) en zelfs risico contraproductief als niet breder ingebed: comprehensive sexuality education programmes C: gebruik + juist gebruik + tijdig gebruik Campagne voor condoomgebruik: kennis (SOA, zwsch,..) en angst (afschrikwekkende campagne) weinig effect; wel als focus op attitudes / overtuigingen / vaardigheden / zelfvertrouwen + beschikbaarheid

81 SOA preventie Beschikbaarheid / inname pil (orale contraceptie), anticonceptie- implantaat, morning after pill: negatief effect op condoomgebruik ‘Vaste’ partner: veel minder geneigd tot condoomgebruik, niet gebaseerd op accurate kennis over SOA-status partner Pilvoorschrift als arts: SOA en condoom ter sprake brengen! Integratie van seksuele voorlichting + familieplanning + SOA + seksuele gezondheid?

82 Urine-incontinentie Frequent, stijgt met leeftijd Schaamte, impact op QoL, angst om van huis weg te gaan, isolement, vermijden van bepaalde activiteiten Urge incontinentie: gaat gepaard met urinenood: ‘overactieve blaas’, reflex incontinentie Stressincontinentie: falen sfincter / bekkenbodemspieren (Valsalva): meer bij vrouwen (anatomisch en hormonaal (E)), en meer tijdens zwsch, premenstrueel, postmenopauzaal. Mannen: vaak gevolg van prostatectomie R/ blaastraining en bekkenbodemspieroefeningen

83 Intiem onderzoek uitvoeren


Download ppt "Alcoholgebruik Onderdeel van hfdst 13. ‘Aanvaardbaar alcoholgebruik’ vanuit gezondheidsperspectief."

Verwante presentaties


Ads door Google