De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

2008 – 2C 10 juni 2009 Informatiemanagement. 2 Voorstel Agenda 10 juni 2009  Voorafgestelde vragen  Besturen van een ICT-organisatie  Sourcing  Software.

Verwante presentaties


Presentatie over: "2008 – 2C 10 juni 2009 Informatiemanagement. 2 Voorstel Agenda 10 juni 2009  Voorafgestelde vragen  Besturen van een ICT-organisatie  Sourcing  Software."— Transcript van de presentatie:

1 2008 – 2C 10 juni 2009 Informatiemanagement

2 2 Voorstel Agenda 10 juni 2009  Voorafgestelde vragen  Besturen van een ICT-organisatie  Sourcing  Software selectie  Future search  IT-projecten en migratie  SOA *)  Kwaliteit van IT *)

3 3 Vooraf gestelde vragen  Balanced scorecard voor kleine bedrijven  Persoonlijke gegevens van health care professionals en ICT in en relatie tot compliance regelgeving?  Afhankelijkheid van IT; hoe te voorkomen?  Is er een model dat je helpt bij het ontwerpen van informatiebehoefte.  Stelling: Een directeur van een bedrijf heeft er voordeel bij als zijn informatiesysteem niet goed werkt.

4 Besturen van een ICT- organisatie

5 5 De scope van de activiteiten  Informatiestrategieplanning en -verantwoording: –formuleren informatiebeleid –definiëren informatiearchitectuur  Systeemverwerving, -ontwikkeling en -invoering: –opstellen Programma’s van Eisen –maken of selecteren van software –testen en implementeren  Onderhouden en beheren van gegevens en systemen: –beheren, autoriseren van gegevens –functioneel en technisch beheren  Exploitatie: –verwerving en beheren van opslag-, verwerkings- en communicatiefaciliteiten –uitvoeren productie-activiteiten

6 6 Rollen van ICT-afdeling

7 7 Trend in verandering van rollen embedded in BU’s outsourced Supply- side Demand side embedded in BU’s Current situation Supply- side Demand side Next step

8 8 De plek en rol van Informatie Management  CIO  Staf of Lijn?  Is IM een onderdeel van de bedrijfsvoering net als control?  Wordt IM steeds meer een lijnfunctie i.p.v. een staffunctie?  Culture gap  Voorbeelden uit de praktijk  Governance en de kleine organisatie

9 Sourcing

10 10 Populariteit outsourcing  Hardware/rekencentrum  Netwerk  Exploitatie ICT-componenten  Technisch beheer  Werkplekondersteuning  Functioneel Beheer  BPO  Systeemontwikkeling  Datamanagement  Architectuur  Informatieplanning  Informatiestrategie

11 11 Onderscheid tussen sourcing en SSC Maatregel op taakniveau: Stopzetten investeringen of afbouwen lopende initiatieven Maatregel op procesniveau: Samenwerking en gemeenschappelijke investering Maatregel op functioneel niveau: Concentratie, integratie, fusie, overname of uitbesteding Besparingspotentieel Korte termijn (0,5-1 jaar) Middellange termijn (1-2 jaar) Lange termijn (2-5 jaar) Stoppen projecten Beperken opleidingen Beperken inhuur externen Systeemoptimalisatie Samenwerking op inkoop, support etc. Procesoptimalisatie en standaardisatie Integratie, fusie en concentratie Uitbesteding op deelgebieden Ingericht Shared Services Center Volledige uitbesteding Verzilvering effecten

12 12 Demand verbindt vraag en aanbod SSC 1 A SSC 2 B Opstellen van business cases Inrichten van processen Managen van projecten Governance RegieArchitectuur = SSC/sourcing functies = Business (vraagkant) = Regiefunctie Demand Vraagkant (business) Supply (SSC)

13 Besturen van een ICT- organisatie

14 14 De macht verschuift (1)  Managers verliezen een stuk autonomie en directe invloed; ‘delen’ in plaats van ‘beschikken’; aantal managementposities neemt af; hogere eisen aan managers  Medewerkers gaan van een taakgerichte naar een resultaatgerichte cultuur  Managers van de servicecentra krijgen autonomie en zeggenschap over resources, maar moeten wel serviceafspraken maken  Staffunctionarissen zien een nieuwe eenheid die haar eigen inrichting wil organiseren  Leveranciers zien dat onderhandelingsmacht geconcentreerd wordt; sommige externe leveranciers (service providers) hebben grote belangen en willen dat activiteiten aan hen worden uitbesteed

15 Software selectie

16 16 ICT-bouwstenen Beheer- tools Informatie- beveiliging Enterprise portal Middleware Netwerk Werkplek onder- steuning- Generieke services Specifieke services Platform

17 17 Softwaresoorten Software Generiek In eigendom A Draait bij derden Draait bij derden BCE make buy lease/licentie D open sourceasp Maatwerk op eigen computers op eigen computers betalen voor gebruik betalen voor gebruik C geen gebruiks- vergoeding geen gebruiks- vergoeding

18 18 Make- of buy-vragen  Effectiviteit in welke mate wordt aan eisen en wensen voldaan?  Efficiency Hoe hoog zijn de aanschafkosten in vergelijking met de ontwikkelingskosten en wat zijn de operationele kosten?  Doorlooptijd hoeveel tijd zit er tussen beslissing en implementatie?  Flexibiliteit: hoe staat het met de aanpasbaarheid?  Onafhankelijkheid: in hoeverre worden wij afhankelijk van derden, cq van eigen IT-ers

19 19 Vuistregels maatwerk versus standaardsoftware

20 20 Fasering softwareselectie Initiatief (Ontwikkelen informatieplan) Opstellen plan van aanpak Definitie Bepalen eisen en wensen (functioneel, technisch, beheer, leverancier, beveiliging, kosten, implementatie, opleiding etc.) Opstellen Programma van Eisen Selectie Opstellen longlist Opstellen request for information Opstellen shortlist Beoordelen referenties Demonstraties Bepalen voorkeurpakket en leverancier Proeftuin (voorbereiden, maken case, uitvoeren en evalueren) Bepalen meerwerk, benodigde interfacing etc. Opstellen business case Voorbereiden besluitvorming Contract Voorbereiden contract Opstellen contract Implementatie Testen en implementeren Parameterisering Conversie en schoning bestanden Real;iseren meerwerk Installaties en productie-acceptatietesten Schaduwdraaien/gefaseerd invoeren/big bang/intensive care Beheer Uitvoeren functioneel en technisch beheer

21 21 Een top tien van missers bij de start van een softwareselectieproject (1) 1.Er geen project van maken, maar een proces 2.Het organiseren overslaan, en direct beginnen met automatiseren 3.De pakketselectie niet serieus nemen 4.Te vroeg naar de leverancier stappen: “eerst denken, dan doen” 5.Verzuimen om exact te definiëren wat men wil en juist niet wil (Geen goed programma van eisen af hebben) 6.Denken dat een pakket of dit zelfs pakket de enige optie is 13B.4

22 22 Een top tien van missers bij de start van een selectieproject (2) 7.Als ICT-ers niet fungeren als volwaardige gesprekspartners bij zowel leverancier als de eigen organisatie waar pakket geïmplementeerd wordt; “organisatie zit achter op de fiets en de leverancier zit aan het stuur”, in plaats van andersom 8.De gebruikersorganisatie amper in het selectietraject en implementatie betrekken 9.Geen goede contractering 10.Testen en accepteren van software onvoldoende regelen 13B.5

23 23 Niet bij het softwarepakket alleen

24 24 Tien vragen die een leverancier liever niet wil horen(1) 1.Wilt u zo vriendelijk zijn - voordat ik vandaag wegga - mij een lijst te geven van tien adressen waar het pakket draait? 2.Wilt u mij de documentatie laten zien die u bij de laatste drie aanpassingen van het pakket meestuurde? 3.Mag ik lezen wat uw beleid is ten aanzien van het testen van software en wat de concrete procedures zijn die u daarbij volgt om het testen te beheersen? 4.Wat is volgens u de belangrijkste verandering in onze sector en wat is de invloed daarvan geweest op uw software? Hoe ziet u dit voor de komende drie jaar? 5.Wilt u mij een Curriculum Vitae geven van alle personen die voor dit softwarepakket de klantenservice verzorgen? 13B.7

25 25 Tien vragen die een leverancier liever niet wil horen (2) 6.Hoeveel afnemers van dit pakket heeft u inmiddels en bij hoeveel ervan is het pakket nog niet operationeel? 7.Wat vindt u dat ik moet weten over uw sterkste concurrent? 8.Wat is uw filosofie met betrekking tot documenten? 9.Wilt u mij de volgende informatie geven: -de cursusplanning zoals die nu geldt -per aangeboden cursus een syllabus of samenvatting 10.Mag ik een lijst van de op dit moment bekende fouten in het systeem? 13B.8

26 Kennismanagement

27 27 Een huidige situatie van bijvoorbeeld personele en financiële kennis

28 28 Kennisvermogen = Codified * Tacit Codified knowledge: Taakset-informatie Encyclopedische kennis Gecodificeerde kennis Overdracht door onderwijs Verkrijgbaar door studeren Tacit knowledge: Ervaringen Vaardigheden Attitude Overdracht door demonstratie Verkrijgbaar door imiteren Expliciete kennisImpliciete kennis Nonaka, 1991

29 29 Vier leerprocessen, oftewel het transformeren van kennis 1. Socialiseren: imiteren meester/gezel/leerling-relaties ervaren door trial & error (empirisch leren) 2. Externaliseren: expliciteren in concepten metaforen, analogieën, modellen (empirisch en rationeel leren) 4. Internaliseren: learning bij doing “uit een boekje” (rationeel en empirisch leren) 3. Combineren: studeren rubriceren Neue Kombinationen vinden datamining (rationeel leren) Nonaka, 1991 Naar impliciete kennis Naar expliciete kennis Van impliciete kennis Van expliciete kennis

30 30 TG-kennismanagementmodel (1)

31 31 TG-kennismanagementmodel (2)

32 32 Hoe kennisvriendelijk is onze afdeling? Strategie Structuur Systemen Personeel Cultuur Managementstijl Ontwikkelen van kennis Verspreiden van kennis Toepassen van kennis

33 33 Wat is het kennisniveau van onze afdeling? ExpertGoedOnvoldoende

34 34 Voorbeeld koppeling kennismanagement aan primair proces (massaproductie)

35 35 Vele instrumenten zijn beschikbaar voor het managen van uw kennis

36 36 Veranderende rol van ICT en KM

37 ICT projecten en migratie

38 38

39 39 Onzekerheid over eindresultaat en projectweg

40 40 Hoofdlijn in ontwikkelmethoden  Watervalmethode  Evolutionair/iteratief –Rapid Application Development –RUP –Agile  Slow IT, organic IT

41 41 Assessment van projecten 9.6

42 42 OTAP ontwikkelen, testen, accepteren en produceren: niet iedereen kijkt op dezelfde manier

43 43 Risicostaalkaart voor ICT-projecten

44 44 Van schets naar (projecten)plan

45 45 Voorbeeld uitdagingen rond migratiestrategieën

46 46 Migration choices  Top down or bottom up  Slow or fast  Big bang or incremental  Participating or hiërarchical  Integrated or partial  Scope IS or corporate scope  Pilots or not  Division by division or all at once

47 47 Strategieën voor migratie VerbeterenVernieuwen Scope op deelprocesScope op gehele proces Binnen de kadersBuiten de kaders Nadruk op formele organisatie Nadruk op informele organisatie Efficiency gerichtInnovatie gericht Compete betterCompete with the best Stroomlijnen: oplossendHerinrichten: vooruitziend Enkele procenten voordeelFactoren voordeel Duidelijk resultaatOnderhandelbaar resultaat

48 48 Strategieën voor migratie Verbeteren Vernieuwen Kleine stappen Grote brokken Plateau strategie Big-Bang Strategie Onderhoud strategie Verbouwing strategie

49 49 Onderhoudstrategie Met nieuwe releases naar een geleidelijke verbetering

50 50 Verbouwingstrategie Vanuit een programma, in afstemming met de lijn

51 51 Plateaustrategie Op een plateau bereik je evenwicht voor stap naar nieuw

52 52 Big-Bang strategie Vanuit 'greenfield' naar staande organisatie

53 53 Afwegingen bij migratiestrategie Wat is het verandervermogen van de organisatie? Operationele ruimte voor nieuw Ervaringen uit het verleden Leiderschap-, communicatie- en regiekwaliteiten mensen Verbinding vernieuwing versus operatie Business versus ICT (alignment),... Wat is de aard van de opgave waar de organisatie voor staat? Structurele vernieuwingslag Operationele verbetering Ongekende innovatie,... Wat is de 'drive' achter de verandering? Urgentie vanuit wetgeving, markt Ambities van mensen Draagvlak voor nieuw,...

54 SOA, Servicebus en SOAP

55 55 Ontwikkelingen in de structuur van applicaties Client Server Presentatie Logica Data Monolitische applicatie Gelaagde client/server applicatie Meerlaagse gedistribueerde applicatie

56 56 Ontwikkelingen in applicatie-integratie (1) Applicatie 1 Applicatie 2 Applicatie 3 Applicatie 4 Client Server Client Server Client Server Generieke voorziening veelal bulkverwerking Corporate database 1:1-Koppelingen Generieke Database-koppelingen

57 57 Ontwikkelingen in applicatie-integratie (2) Logica Generieke middleware Synchroon (services) Asynchroon (berichten) Bulkverwerking Presentatie Data Logica Presentatie Data Logica Presentatie Data Middleware (generieke servicebus) Logica middleware Presentatie Data Logica Presentatie Data Web services (technologie neutraal) middleware Berichtuitwisseling op basis van XML en SOAP organisatie- grens

58 58 Ontwikkelingen in applicatie-integratie (3) Logica Presentatie Data Logica Presentatie Data Logica Presentatie Data Portal voor werkproces integratie Generieke services / look-and-feel Werkstroombesturing Logica Presentatie Data Logica Presentatie Data Logica Presentatie Data Portal voor centrale toegang/authenticatie Portal Authenticatie (single sign-on) Personalisatie Portal Authenticatie (single sign-on) Personalisatie

59 59 Enterprise Service Bus Een ESB “bemiddelt” tussen service aanvragers en service aanbieders Een ESB zorgt voor standaardisatie van de communicatie met service aanvragers Een ESB handelt de transformatie van gegevens tussen aanvrager en aanbieder af Een ESB orkestreert de afhandeling van aanvragen en het doorsturen naar aanbieders Een ESB monitoort de service aanvragen en rapporteert over het gebruik van aanvragen

60 60 Web services XML-bericht Ingepakt als SOAP-bericht Verzonden via Internet (HTTP)

61 61 XML-voorbeeld Don Box Essential XML 34,95 Linus Torvalds Gewoon voor de Fun 34,

62 62 Een SOAP-bericht van aan / / Beste Header Body Envelop

63 63 SOAP  Simple Object Access Protocol  Aanroep van een component door een XML-bericht te sturen  Volledig op basis van standaard-internet- technologie (HTTP)  Bij uitstek geschikt voor communicatie tussen heel verschillende systemen (vaak buiten de eigen onderneming)

64 64 Trends Naar asynchrone berichtuitwisseling loosely coupled (fire and forget, publish and subscribe) Naar technologie neutrale oplossingen op basis van internetstandaarden web services (XML, SOAP en HTTP) Naar portal technologie geïntegreerde werkomgeving voor eindgebruikers, zonder te streven naar een grote, centrale applicatie Elke leverancier levert/integreert deze technologieën Maar er blijven waterscheidingen, bijvoorbeeld : J2EE versus.NET Open source versus.NET

65 65 Wat betekent dit voor het management? Noodzakelijke modernisering/onderhoud Connectivity met buitenwereld Koppelen functionele verbeteringen aan de technische Migratiekosten en migratieaandacht

66 Kwaliteit van IT

67 67 Via een systematische aanpak, gezamenlijk zicht op belang en kwaliteit 9.1

68 68 9.2

69 69 Kwaliteitseigenschappen van het gebruik van informatiesystemen 9.3

70 70 Kwaliteitseigenschappen van het beheer van informatiesystemen 9.4

71 71 Clusters van kwaliteitseigenschappen en maatregelen 9.5 Modelleren Controleren Optimaliseren Vormgeven Traceren Versterken Doelgerichtheid Zekerheid Doelmatigheid Ergonomie Veranderbaarheid Degelijk SERC, 1992

72 72 Cluster doelgerichtheid Het cluster doelgerichtheid betreft de effectiviteit van het softwareproduct. Hierin hangen de volgende eigenschappen met elkaar samen:  compleetheid  herbruikbaarheid  instelbaarheid  koppelbaarheid 9.7

73 73 Cluster zekerheid Het cluster zekerheid betreft de logisch correcte werking van het softwareproduct. Hierin hangen de volgende eigenschappen met elkaar samen:  beveiligbaarheid  juistheid  traceerbaarheid 9.8

74 74 Cluster doelmatigheid Het cluster doelmatigheid betreft de efficiëntie van het softwareproduct. Hierin hangen de volgende eigenschappen met elkaar samen:  middelenbeslag  responsesnelheid  snelheid batchverwerking 9.9

75 75 Cluster ergonomie Het cluster ergonomie betreft het beter kunnen werken met Het softwareproduct. Hierin hangen de volgende eigenschappen met elkaar samen:  bedienbaarheid  behulpzaamheid  duidelijkheid  gebruiksgemak  inzichtelijkheid  leerbaarheid  transactiesnelheid  uitrustingsniveau 9.9

76 76 Cluster veranderbaarheid Het cluster veranderbaarheid betreft de mogelijkheden om inzicht in het sofwareproduct te krijgen en de werking ervan te kunnen bijstellen. Hierin hangen de volgende eigenschappen met elkaar samen:  beheerbaarheid  corrigeerbaarheid  installeerbaarheid  portabiliteit  testbaarheid  wijzigbaarheid 9.11

77 77 Cluster degelijkheid Het cluster degelijkheid betreft de technisch correcte werking van het softwareproduct. Hierin hangen de volgende eigenschappen met elkaar samen:  bedrijfszekerheid  beschikbaarheid  bestendigheid  degradatiemogelijkheid  herstelbaarheid  veerkracht 9.12


Download ppt "2008 – 2C 10 juni 2009 Informatiemanagement. 2 Voorstel Agenda 10 juni 2009  Voorafgestelde vragen  Besturen van een ICT-organisatie  Sourcing  Software."

Verwante presentaties


Ads door Google