De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Ingangsdatum 01-01-2015 door Nicole Kamps Participatie Wet.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Ingangsdatum 01-01-2015 door Nicole Kamps Participatie Wet."— Transcript van de presentatie:

1 Ingangsdatum door Nicole Kamps Participatie Wet

2 Beoogd doel van de Participatie Wet Met de Participatiewet wil de overheid meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk krijgen. Gemeenten worden verantwoordelijk voor de re-integratie van mensen die nog kunnen werken maar daarbij wel ondersteuning nodig hebben.

3 De gevolgen van de Participatie Wet Wie krijgt ermee te maken: Uitkeringsgerichtigden met een WWB uitkering (Gemeenten) Uitkerringsgerechtigden met een Wajong uitkering (UWV) Belanghebbende Wet Sociale Werkvoorziening (WSW)

4 Gevolgen voor Wajongers Gevolgen voor nieuwe instroom in Wajong. Vanaf 1 januari 2015 hebben alleen jongeren die nooit meer kunnen werken nog recht op een Wajong-uitkering. Uitkeringsinstantie UWV beoordeelt dit.

5 Gevolgen voor Wajongers Wajongers die reeds een uitkering hebben, krijgen te maken met een herbeoordeling. Men behoudt wel een Wajong-uitkering van het UWV. Hoe hoog die is, hangt af van de herbeoordeling: Heeft men geen arbeidsvermogen, dan houdt men de huidige Wajong van 75% van het minimumloon. Deze wordt vanaf 2018 verlaagd naar 70% van het minimumloon Is er sprake van een deel arbeidsvermogen of geen arbeidsvermogen van tijdelijke aard, dan blijft men bij het UWV en krijgt nog steeds Wajong naar rato.

6 Gevolgen Sociale Werkvoorziening De Participatiewet vervangt de Wet sociale werkvoorziening (wsw) vanaf 1 januari Er kunnen dan geen nieuwe mensen meer instromen in de wsw. Voor mensen die reeds in een beschutte omgeving via de wsw werken veranderd er niets. Mensen die al op de wachtlijst voor een wsw-plek staan Daarvoor krijgt de gemeente vanaf 1 januari 2015 de verantwoordelijkheid om hen aan het werk te helpen. Dat kan gaan om werk bij een reguliere werkgever, zo nodig met wat extra hulp. Dat kan ook een beschutte baan zijn.

7 Wijzigingen Wet Werk en Bijstand Inkomensgrens 110% vervalt Het huidige artikel 36 lid 5 WWB ('Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder laag inkomen niet verstaan in aanmerking te nemen inkomen hoger dan 110 procent van de op de desbetreffende alleenstaande of gezin van toepassing zijnde bijstandsnorm.') komt niet terug in artikel 36 Participatiewet. De gemeenteraad mag dan ook in de verordening een inkomensgrens bepalen die hoger is dan 110% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm. Wel moet sprake zijn van inkomen dat redelijkerwijs als laag kan worden gezien.

8 Individuele Bijzondere Bijstand Beleidsvoorstel gemeente Maastricht is om de inkomensgrens per % te verlagen naar 100% minimum inkomen. Indien dit voorstel wordt aangenomen heeft dit vooral voor uitkeringsgerechtigden buiten de WWB gevolgen. Daarnaast kan de gemeente bij iedere regeling afzonderlijk de inkomensgrens bepalen. Bijvoorbeeld; Bijstand ter vergoeding van bewind voering verlagen naar 100% minimum inkomen en de declaratieregelingen verhogen naar 120% van het minimum inkomen.

9

10

11 Wijzigingen Wet Werk en Bijstand Langdurigheidstoeslag wordt vervangen door de individuele inkomenstoeslag. Voorwaarden individuele inkomenstoeslag. Na wijziging van artikel 36 WWB kan het college op verzoek een individuele inkomenstoeslag toekennen als de aanvrager: een langdurig laag inkomen heeft; en geen in aanmerking te nemen vermogen heeft; en gelet op zijn omstandigheden geen uitzicht heeft op inkomensverbetering. Of de aanvrager geen uitzicht heeft op inkomensverbetering beoordeelt het college aan de hand van de individuele omstandigheden van het geval. Hierbij moet het college in ieder geval de krachten en bekwaamheden van de aanvrager betrekken en de inspanningen die de aanvrager heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen.

12 Wijzigingen Wet Werk en Bijstand Discretionaire bevoegdheid Vanaf 1 januari 2015 wordt het toekennen van een individuele inkomenstoeslag een bevoegdheid. Dit is het gevolg van het woordje 'kan' in artikel 36 lid 1 Participatiewet. Dit betekent dat het college kan afzien van het toekennen van een individuele inkomenstoeslag, ook al voldoet de aanvrager wel aan de voorwaarden voor de toeslag. Onduidelijk is nog hoe e.e.a. in het gemeentebeleid zal worden vastgelegd De gemeente heeft niet de mogelijkheid om in beleid te bepalen dat nooit een individuele inkomenstoeslag wordt verstrekt. Dit blijkt uit de nadere regels die in de verordening moeten worden opgenomen met betrekking tot het verstrekken van individuele inkomenstoeslag. De gemeente kan wel besluiten om de wettelijke doelgroep in te perken door bijvoorbeeld een bepaalde groep (studenten) uit te sluiten.

13 Categorale Bijzondere Bijstand Categoriale Bijzondere Bijstand wordt afgeschaft voor Chronisch Zieken, gehandicapten en ouders met schoolgaande kinderen. Deze groepen kunnen voor aantoonbare kosten aanspraak maken op Individuele Bijzondere Bijstand op basis van groepskenmerken of via een declaratiefonds. Binnen de gemeente Maastricht kent men trouwens ook categoriale bijstand in de vorm van een tegemoetkoming in de kosten van de premie ziektekostenverzekering. En het jeugdsportfonds.

14 Categorale Bijzondere Bijstand oftewel generieke inkomensondersteuning De gemeentewet staat ook generieke inkomensondersteuning toe voor kosten van maatschappelijke, culturele of sportieve activiteiten. Bekend in dit verband zijn de stadspassen, maar het kunnen ook andere regelingen zijn, zoals bijvoorbeeld een sportfonds. In het kort geldt: alles wat geen - categoriale of individuele - bijstand is, is inkomensondersteuning op grond van de gemeentewet. Daarbij is van belang op welke wijze de gemeente het onderscheid tussen de regelingen heeft neergezet. Zodra het bijstand wordt, gelden immers de regels van de WWB. Is er sprake van inkomensondersteuning op basis van de gemeentewet geldt: De ondersteuning is niet slechts toegankelijk voor een van de hiervoor beschreven categorieën/doelgroepen, maar voor iedereen of althans een bredere groep; Het doel is het stimuleren van geld uitgeven en niet het vergoeden van kosten; In het kader van deze regelingen wordt ook wel vaker gevraagd om bonnetjes te overleggen (declareren).

15 De norm voor alleenstaande ouders vervalt. Het verschil tussen de norm voor alleenstaande ouders en alleenstaanden wordt grotendeel gecompenseerd door fiscale kindsregelingen via de belastingdienst. Afschaffing Alleenstaande ouder norm

16 Het kabinet gaat een aantal kindregelingen afschaffen. Vanaf 2015 zijn er nog maar 4 regelingen die ouders financieel ondersteunen. Nu zijn er nog 10. Dit is geregeld in de wet hervorming kindregelingen. Deze wet maakt de regelingen eenvoudiger en zorgt ervoor dat werken meer loont. Afschaffing Kindregelingen

17 Veranderingen kindregelingen 2015 Veranderingen kindregelingen Vanaf 2015 zijn er 4 regelingen die ouders financieel ondersteunen. Dit zijn de kinderbijslag, het kindgebonden budget, de combinatiekorting en de kinderopvangtoeslag. De overige regelingen verdwijnen. Of ze gaan op in andere regelingen. Daarnaast veranderen sommige regels rond de kinderbijslag en het kindgebonden budget. De combinatiekorting en de kinderopvangtoeslag wijzigen niet.

18 Kindgebonden budget Kindgebonden budget is een tegemoetkoming voor ouders in de kosten voor kinderen tot 18 jaar. De wet hervorming kindregelingen verandert het kindgebonden budget op een aantal punten: Alleenstaande ouders krijgen vanaf 1 januari 2015 extra kindgebonden budget. De aanvulling voor alleenstaande ouders met een minimumuitkering en de fiscale korting voor alleenstaande ouders verdwijnen. Voor alleenstaande ouders in de bijstand komt een overgangsregeling tot 1 januari Het budget van de tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en schoolkosten (WTOS) voor kinderen jonger dan 17 jaar gaat per 1 augustus 2015 op in het kindgebonden budget. Het bedrag voor alle kinderen van 16 en 17 jaar gaat omhoog. De inkomensgrens van het kindgebonden budget gaat per 1 januari 2015 naar beneden. Hierdoor krijgen mensen met een inkomen boven deze grens minder tegemoetkoming. De bedragen voor het 1e en 2e kind gaan per 1 januari 2015 omhoog. Voor het 1e kind is de stijging €15 per jaar. Voor het 2e kind €255 per jaar.

19 Kinderbijslag Kinderbijslag is een bijdrage in de kosten voor de opvoeding van kinderen tot 18 jaar. Ook deze regeling gaat veranderen: De hoogte van de kinderbijslag wordt in 2014 en 2015 niet aangepast aan de prijsindex. De eerste aanpassing is per 1 januari Sinds 1 juli 2014 gelden geen aanvullende voorwaarden meer voor kinderen van 16 en 17 jaar met een startkwalificatie.startkwalificatie Voor uitwonende kinderen tot 16 jaar vervalt de toets op hun inkomen. De tegemoetkoming voor ouders met thuiswonende gehandicapte kinderen (TOG) gaat per 1 januari 2015 op in de kinderbijslag. Ouders met thuiswonende gehandicapte kinderen krijgen recht op 2x kinderbijslag.

20 Heffingskortingen Per 1 januari 2015 worden de (aanvullende) alleenstaande ouderkorting en ouderschapsverlofkorting afgeschaft. Dit geldt ook voor de aftrek voor het levensonderhoud van kinderen. De inkomens afhankelijk combinatiekorting bedoeld voor ouders met inkomen uit werk blijft wel bestaan

21 Kinderopvangtoeslag De kinderopvangtoeslag blijft bestaan. De voorwaarden zullen ter zijner tijd door de belastingdienst gepubliceerd worden.

22 Kinderopvang De positie van ouders met kinderen op de kinderopvang wordt versterkt. Alle kinderopvanginstellingen moeten zich per 1 juli 2015 verplicht aansluiten bij de Stichting Geschillencommissie. Ouders kunnen een klacht indienen bij deze commissie als ze er met hun kinderopvangorganisatie niet uitkomen. De stichting doet vervolgens een bindende uitspraak. Verder worden de uurprijzen in de kinderopvang waarvoor de overheid toeslag betaalt geïndexeerd voor de loon- en prijsontwikkeling. Hierdoor krijgen ouders in 2015 kinderopvangtoeslag over een hogere uurprijs. De ministerraad heeft dit besloten op voorstel van minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Om de positie van ouders verder te versterken wordt hun adviesrecht uitgebreid. Tot nu toe spraken oudercommissies zich vooral uit over de uurprijzen van de opvang. In de toekomst zullen zij zich vooral richten op de pedagogische kwaliteit en hierover twee keer per jaar in gesprek gaan met de kinderopvangorganisatie. De kwaliteit van de opvang wordt daarnaast inzichtelijker door de resultaten van de handhaving te publiceren op Op dit moment zijn de bevindingen van de GGD al op deze site te vinden. Voor ouders is het alleen nog niet zichtbaar wat de gemeente met de bevindingen van de GGD heeft gedaan. De nieuwe maximum uurprijs in 2015 voor de dagopvang wordt € 6,84, voor de buitenschoolse opvang € 6,38 en voor de gastouderopvang € 5,48.

23 De algemene tegemoetkoming Wtcg is afgeschaft. Eind 2014 betaalt het CAK de Wtcg over 2013 uit. Dit is de laatste uitbetaling van de Wtcg. In plaats van de Wtcg gaat de gemeente ondersteuning op maat bieden. De gemeente kan u ondersteunen via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) of de bijzondere bijstand. WTCG

24 Welke tegemoetkomingen voor chronisch zieken en gehandicapten blijven bestaan? De fiscale aftrek voor uitgaven aan specifieke zorgkosten blijft in aangepaste vorm bestaan. Net als de bijbehorende tegemoetkoming voor specifieke zorgkosten. De tegemoetkoming voor arbeidsongeschikten blijft bestaan. De tegemoetkoming die nu is vastgelegd in de wet Wtcg wordt overgebracht naar de WAO, WIA en Wajong. Het UWV voert de tegemoetkoming voor arbeidsongeschikten uit.

25 Fiscale aftrek specifieke zorgkosten Regeling specifieke zorgkosten Op de website van de Belastingdienst staat een overzicht van de ziektekosten die aftrekbaar zijn. De regeling specifieke zorgkosten geldt voor alle personen binnen uw huishouden. Alleen kosten boven drempelinkomen Men mag alleen het deel van de uitgaven aftrekken dat uitkomt boven een bepaalde drempel. De hoogte van deze drempel hangt af van uw drempelinkomen. Dit is het totaal van de inkomsten en aftrekposten in box 1, 2 en 3. De persoonsgebonden aftrek telt niet mee. De hoogte van het drempelbedrag verschilt als men een fiscale partner heeft. Alleen kosten die Wmo niet vergoedt Vanaf 1 januari 2014 kunt u sommige vergoedingen niet meer van de inkomstenbelasting aftrekken. Het gaat om vergoedingen die u via de Wmo kunt aanvragen, zoals aanpassingen aan uw woning.

26 Wtcg bij (gedeeltelijke) arbeidsongeschikten De arbeidsongeschiktheidstegemoetkoming staat los van de algemene tegemoetkoming uit de Wtcg voor chronisch zieken en gehandicapten. De algemene tegemoetkoming Wtcg is afgeschaft. De tegemoetkoming voor arbeidsongeschikten blijft bestaan. De tegemoetkoming die nu is vastgelegd in de wet Wtcg wordt overgebracht naar de WAO, WIA en Wajong. Voorwaarden tegemoetkoming arbeidsongeschikten

27 Wtcg bij (gedeeltelijke) arbeidsongeschikten U komt in aanmerking voor de tegemoetkoming als u op 1 juli van het betreffende jaar: minstens 35% arbeidsongeschikt was; AWBZ-verzekerd was; recht had op een arbeidsongeschiktheidsuitkering van UWV (WAO-uitkering, WIA-uitkering, Wajong-uitkering of WAZ-uitkering).


Download ppt "Ingangsdatum 01-01-2015 door Nicole Kamps Participatie Wet."

Verwante presentaties


Ads door Google