De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Architectuur Utiliteit is het grote motto van het Romeinse volk Alle constructies moeten de dagelijkse benodigdheden kunnen beantwoorden De architectuur.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Architectuur Utiliteit is het grote motto van het Romeinse volk Alle constructies moeten de dagelijkse benodigdheden kunnen beantwoorden De architectuur."— Transcript van de presentatie:

1

2

3 Architectuur Utiliteit is het grote motto van het Romeinse volk Alle constructies moeten de dagelijkse benodigdheden kunnen beantwoorden De architectuur is meer op de inlandse tradities dan op invloeden van buiten gebaseerd Hoewel veel constructies op Griekse inspiratie zijn gebouwd, zijn deze aan de Romeinse cultuur aangepast

4 De Forum Centrum van de stad De Forum is multifunctioneel 1.Markt met winkelen 2.Religieus centrum met tempels 3.Openbare gebouwen De Forum Romanum is het oudste, nog van de Republiek periode (3 de eeuw – 1 ste eeuw v.Chr.)

5

6 Forum van Caesar 1ste eeuw v.Chr.

7 Forum van Augustus 1ste eeuw v.Chr. - 1ste eeuw n.Chr.

8 Forum van Trajanus 2de eeuw n.Chr.

9 De Rechthoekige Tempel Komt van de Etruskische traditie Frontaalheid: trappen leidden naar de enige ingang Cella is gesloten door overdekte zuilengangen Gebouwd op een hoog podium

10 Tempel van Juturna (2 de eeuw v.Chr.) in Largo Argentina te Rome

11 Tempel van Fortuna Virilis of Portunus in Rome (ca.100 v.C.)

12

13 Tempel van Jupiter of Maison Carrée(1 ste eeuw v.Chr.) in Frankrijk (Nisse)

14

15 De Cirkelvormig Tempel Dit plan is geleend van de Griekse Peripterus Frontaalheid is gemaakt door de accestrap De cella is gecentraliseerd

16 Tempel van Fortune Huiusce Diei (ca.102 v.Chr.) in Largo Argentina te Rome

17

18 Tempel van Hercules (eind 2 de eeuw v.Chr.)

19 De Pantheon De oorspronkelijke tempel dateert 27 v.Chr. en had een rechthoekig plan. De Pantheon werd tussen 118 en 125 n.Chr gebouwd en volgt de cirkelplan Pantheon betekend “gewijd aan alle goden” en binnen bevinden zich de 7 altaren voor de 7 planeetgoden De koepel symboliseert het heelal

20

21 De Basilica Romeinse eigen architectonische creatie Beantwoordt de functionaliteit eisen van het Romeinse volk Multifunctioneel: administratiegebouw, rechtszaal, plaats voor het hanteren van zaken en vergaderingen

22 Basilica Amelia in de Forum Romanum

23 Basilica Julia in de Forum Romanum (54 v.Chr.)

24

25 Basilica Constantini ( n.Chr.)

26 Gebouwen voor het vermaak De Circus Gebaseerd op het Griekse stadion voor de olympische spelen Werd gebruikt als paardenbaan voor wagenraces

27

28 Het Amfitheater Dit gebouw is een uitvinding van de Romeinen, het resultaat van de samenvoeging van twee theaters Het bestaat uit voornamelijk door de cavea (zitplaatsen) en de arena Het amfitheater diende aan de spelen van gladiatoren die zeer populair waren in Rome en grote massa’s trokken

29 Amfitheater in Pompeii (80 v.Chr.)

30 Amfitheater van Flavius of Collosseum (70 –80 n.Chr.) De façade is in drie architectonische orden verdeeld: Dorisch in de begane grond Ionisch in de middelste etage Corinthisch in de derde etage

31

32

33

34 De Termen Een van de meest belangrijke openbare gebouwen van de Romeinen Diende voor de dagelijks hygiënische verzorging: baden De meest complexe termen bestonden uit: frigidarium, tepidarium, laconicum, caldarium, een buitenplaats voor sporten, kleedkamers en toiletten.

35 Termen van Trajanus n.Chr.

36 Termen van Caracalla n.Chr

37 Termen van Dioclecianus n.Chr.

38 Beeldhouwwerk Utilitaire functie: versiering Nieuw genre geïntroduceerd: het portret Verbonden tot de vooroudercultus en het idee van onsterfelijkheid Realistische reproductie van de gelaatstekens van het model

39 Portret van Julius Caesar

40 Scipio Africanus, de Oude ( v.Chr.)

41 Verisme Nieuwe stijl binnen het realistische portret ontwikkeld Niet alleen worden de natuurlijk “gebreken” afgebeeld, maar deze worden benadrukt en soms zelfs overdreven. Rimpels, moederplekken, pukkels, onsymmetrische gezichten, grote neuzen, kale hoofden, alles werd genadeloos afgebeeld

42

43

44

45 Keizer Augustus (30 v.Chr.- 14 n.Chr.) Introduceert innovaties in beeldhouwwerk Beelden krijgen een idealistisch en klassiek karakter De reproductie van de gelaatstrekken zijn gecombineerd met ideologische vormen uitgeleend van de Griekse traditie

46 Augustus als Pontifex Maximus (12 v.Chr.) Volgt de Griekse tradities Draagt een toga van witte wol volgens de priestermode Doel was de Romeinen stimuleren om deze kleding tijdens politieke optredens te dragen Bescheiden en medelijdend attitude tot de goden Doel was de moraal te herstellen door de oude en strenge tradities van de voorouders terug te brengen

47

48 Prima Porta (20 v.Chr.) Augustus als een triomfant generaal afgebeeld Volgt het Griekse model van de Doriforos van Polycleto, maar met de rechterhand omhoog Blote voeten volgen de traditie van de Griekse goden en helden Eros duidt zijn afstammeling aan van Venus die hij en Caesar opeisten

49

50

51 Flavian periode ( n.Chr.) Realistisch portret blijft het grootste kenmerk van de keizerlijke kunst Fotografische behandeling van portretten Van interesse zijn de kapsels van de vrouwen, die de mogelijkheid om de mode te volgen geeft

52

53

54

55 Vanaf regering van Trajanus, rond n.Chr, een omslag vindt plaats. Het realistische portret wordt gecombineerd met een geïdealiseerd imago van de keizer Nadruk blijft op de hoofdsbehandeling, vooral in de gezicht en ooguitdrukking Keizer wordt als een transcendente en half goddelijk persoon afgebeeld

56 TrajanusCommodus als Hercules

57 Hadrianus

58 Ruiterstandbeeld van Marcus Aurelius

59 Tijdens de 3de een 4de eeuwen n.Chr. zijn de concepten van symbolisme en ideologie sterker geworden Het gezicht en lichaam wordt steeds onnatuurlijker Deze veranderingen kondigen de kunststijl aan die de Middeleeuwen zal overheersen

60 Constantijn Tetrarchie

61 Bas-reliëfs Hadden een narratieve en documentaire functie Werkten als versiering voor herdenkingsmonumenten

62 Ara Pacis (9 v.Chr.) - gewijd aan Augustus. Beeldt uit een religieuze processie (geïnspireerd in de processie van Phidias in het Parthenon)

63

64

65 Triomfboog van Titus (81 n.Chr.)

66

67

68 Zuil van Trajanus (113 n.Chr.)

69

70

71 Schilderkunst Veel overgebleven in Pompei Sterke invloed van hellenistische kunst Realisme blijft een voortdurend kenmerk van de Romeinse schilderingkunst Ontwikkeling is in 4 categorieën verdeeld

72 Style 1 – “incrustatie” Beperkt tot de reproductie van architectonische elementen Figuren zijn zeldzaam, in monochrome kleuren afgebeeld Begin 2 de eeuw v.Chr. tot begin 1 ste eeuw v.Chr Zeer eenvoudige stijl

73

74 Stijl II – “architectonisch” Begin 1 ste eeuw v.Chr. tot ca.30 v.Chr Introductie van perspectief en van ruimtelijke diepte Maskers, beelden, mensen, vogels, fruit, bloemen zijn sommige onderwerpen van deze stijl

75 Odyssee narratieve schilderingen in Pompei

76 Villa des Mysteries in Pompei

77

78 Villa in Boscoreale uit Rome

79 Huis van Livia in Rome

80

81 ca.30 v.Chr. tot eind van 1 ste eeuw n.Chr. Stijl III – “ornamenteel” Realistische perspectieven zijn vergaan Strenge en symmetrische versiering Schilderingen bestaan uit een grote centrale en twee kleine secundaire scènes

82 Huis van Lucretius Pronto in Pompei

83 Huis van Vetti in Pompei

84

85 Stijl IV – “fantastisch” ca. 62 n.Chr, - 2 de eeuw n.Chr Subtiele maar fantastische architectonische perspectieven Elementen van de vorige stijl zijn in deze samen gecombineerd Trompe-l'oeil effect wordt bereikt: illusie van een driedimensionale ruimte op een plat vlak

86 Huis van Vetti in Pompei

87

88

89

90 Domus Aurea van Nero


Download ppt "Architectuur Utiliteit is het grote motto van het Romeinse volk Alle constructies moeten de dagelijkse benodigdheden kunnen beantwoorden De architectuur."

Verwante presentaties


Ads door Google