De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De KU Leuven 2025, mogelijke scenario’s Ludo Melis 23-09-2013 Emeritforum.

Verwante presentaties


Presentatie over: "De KU Leuven 2025, mogelijke scenario’s Ludo Melis 23-09-2013 Emeritforum."— Transcript van de presentatie:

1 De KU Leuven 2025, mogelijke scenario’s Ludo Melis Emeritforum

2 Opzet Doel Reflectie opstarten over KU Leuven 2025 Hoe? Mogelijke pistes en scenario’s schetsen vanuit algemene krachten en spanningsvelden die samenleving en hoger onderwijs vorm geven op langere termijn; geen blauwdrukken van wenselijke perspectieven, maar een kader voor verdere reflectie en actie. Beperkingen eerste schets, fragmentarisch, exemplarisch niet altijd precies en steeds onvolledig provocatief

3 Structuur I.Krachten, spanningsvelden en ontwikkelingen: technologie II.Krachten, spanningsvelden en ontwikkelingen: individu en samenleving III.Impact op de universiteit en het hoger onderwijs IV.Naar scenario’s voor de KU Leuven

4 I. Krachten, spanningsvelden en ontwikkelingen: technologie

5 De technologische wereld Verwevenheid van mens(heid) en technologie. “Technologieën geven vorm aan de manier waarop wij mens zijn, net zoals mensen deel uitmaken van een technologische cultuur.” (P-P. Verbeek, Ethische perspectieven, 23 (2013), p Informatietechnologie als referentie –Effecten op plaats en tijd –Effecten op de bepaling van natuur en cultuur –Effecten op de structurering van de informatie

6 Plaats en tijd Snelheid → onmiddellijkheid –Alles gebeurt nu: onderscheid altijd /dan / nu verdwijnt –Spanning tussen verschillende tijdsschalen –Effect op inspanning en reflectie Onmiddellijkheid → irrelevantie van de afstand – Alles gebeurt hier: onderscheid overal / daar / hier verdwijnt –Spanning tussen verschillende ruimteschalen –Effect op de groepsvorming Nieuwe tijd - ruimte –Intensiteit en impact –Grenzeloosheid en globalisering Oasevorming –Terugplooi voor bepaalde dimensies op beperkte plaats –Spanningen tussen lokale en globale dimensies

7 Natuur en cultuur Verwevenheid van mens en techniek –Artificiële intelligentie –Google-bril –Extern of intern (?) elektronisch geheugen Naturalisatie van de cultuur –Stuurbaarheid van gedrag vanuit informatie –Veralgemeende stuurbaarheid –Gedrag als product van de materiële basis Vermaatschappelijking van de natuur –Door technologie ‘aangevulde’ natuur –Vervaging van de grens tussen natuur en techniek

8 Informatiestructuur Open –Verval van informatie –Betrouwbaarheid van informatie Oneindigheid van informatie vs. eindigheid van materiële wereld Associatief; niet a priori gestructureerd Meervoudige invalshoeken Bepaald door menselijk gebruik Bepaald door technologie Gelaagd en polymorf netwerk

9 II. Krachten, spanningsvelden en ontwikkelingen: Individu en samenleving

10 Individu en samenleving Individu –Individualisering –Meervoudige identiteit –Multiculturaliteit –Gelijke kansen en meritocratie –Gelijke uitkomsten Gemeenschap –Som van de individuen –Kader voor de individuen –Integrerende totaliteit

11 Meritocratie Eigen talent als basis voor slagen Eigen verantwoordelijkheid bij mislukken Gelijke kansen bij in-, door- en uitstroom? Gelijke kansen in de samenleving –De universiteit als spiegel –Doelgroepenbeleid –Faciliteiten Spanningen tussen individu, doelgroep en groep Is talent schaars en scherp afgelijnd of breed verspreid en divers? Excellentie door selectie of door inclusie?

12 Twee perspectieven Utilitair perspectief: –Vraag als drijvende kracht –Wie vraagt: individuen, groepen, instituties, samenleving? Pragmatisch perspectief: –Effect als drijvende kracht –Wie meet: individuen, groepen, instituties, samenleving? –Hoe meten: kwantitatief, van kwantiteit naar kwaliteit, kwalitatief Complementariteit en spanning tussen de perspectieven Nieuw / instabiel evenwicht tussen individu, groepen en samenleving

13 Samenleving: bestuur en politiek Polycentrisch –Conflicten tussen de niveaus en de kernen –Uitholling van de instituties –‘Terugtreden’ van de staat Nieuwe wegen tot besluitvorming –Media –Informele kanalen –Spanning met de formele structuren Van a priori kader naar a posteriori verantwoording –Deregulering en auditcultuur –Juridisering –Autoregulering en flexibilisering

14 Samenleving en wereld Verantwoordelijkheid en interdependentie –Maatschappelijke uitdagingen: bv. klimaat –Eindigheid van materiële wereld –Duurzaamheid vs. verval Verschuivingen –Vergrijzing –Verschuiving van zwaartepunt: weg van de Atlantische ruimte

15 Kennissamenleving Informatie: onbeperkt; structuurloos; snelgroeiend Dematerialisatie Destructurering –Flexibiliteit, aanpassingsvermogen –Onzekerheid, geen a priori richting Effectiviteit –Werk-onder-nemer –Markt- en innovatiegedreven Polarisatie Spanning tussen kenniseconomie (elitair?) en nabijheidseconomie (bv. zorg)

16 III. Impact op universiteit en hoger onderwijs: - de informatievloed

17 Nieuwe organisatie van informatie Elke fundamentele wijziging in informatietechnologie en informatiestructuur heeft een impact op de universiteit. –Vb. Encyclopédie ; sluiting van ca 50% van de universiteiten in Duitsland; herdenken van de Duitse universiteit; “Grundriss; Handbuch; Seminar; …”. De universiteit geeft de traditie kritisch door in het licht van het heden en met het oog op de toekomst. Onderwijs nu vanuit resultaten van gisteren met het oog op ongekende vraagstukken die aangepakt worden met nog niet ontwikkelde methoden en instrumenten. ↔ Alles is nu en overal

18 Overvloedige informatie Informatie als basis is alomtegenwoordig, snel bereikbaar, goedkoop, ongecontroleerd, vluchtig, … Verdichting en diversificatie van informatie(bronnen). Rol van de universiteit –Informatie valideren –Onzekerheid aangeven –Relaties aangeven en uitbouwen –Van informatie naar feit, inzicht, waarheden of waarheid

19 Drie modellen voor leren Productie-eenheid: –Analyse en planning –Controle, lineaire en hiërarchische structurering –Tragere evolutie; ontkoppeling van productie en innovatie Lab: –Observatie en experiment –Complexe, heterarchische en evolutieve structurering –Snellere evolutie; innovatie als gevolg van nieuwe kennis Studio: –Doelgerichtheid en creativiteit –Structurering vanuit synergie tussen orde en chaos –Snelle en aanpasbare evolutie –Productie van kennis en innovatie als één geheel Niet exclusieve modellen; niet gekoppeld aan werkvormen

20 Rol van het contact Dimensies –Virtueel (afstand) vs. Fysiek –Globaal vs. Lokaal –Netwerk vs. Structuur –Open vs. Gesloten Exclusief of gecombineerd (blended) –Inhoud, doel, –mix van media –Complementariteit –Intensiteit Rol van professor, docent, begeleider, tutor … Rol van student / leerder voor, tijdens, na, … Betekenis van de campus(ervaring).

21 Kennis, innovatie en creativiteit Kennis, kunde, attitudes en ‘skills’: de onduidelijkheid van competenties Rol en waarde van kennis, kunde en inzicht –als waarde op zich –als inzetbare mogelijkheid –als strategische waarde –Waartoe? Publiek of privaat karakter van kennis

22 Het leerproces en de leeromgeving Van een geïntegreerde leeromgeving naar een nomadisch leerproces? –Leeromgeving op maat van het individu In welke dimensies: inhoud, opzet, proces, … ? Is er nog een studentengroep? Is er nog een programma aanbod? –Gedematerialiseerde leerruimte Welke (residuele of essentiële) plaats voor face-to-face onderwijs? Verdwijnt de residentiële campus? –Asynchroon en permanent leren anywhere, anytime? –Vervlechting van formeel, niet formeel en informeel leren

23 III. Impact op universiteit en hoger onderwijs: - de rol van het hoger onderwijs

24 Rol van het hoger onderwijs Tussen individu en maatschappij 3 modellen met telkens 2 varianten Drijvende actorVanuit de actorNaar de actor Individu Groep Staat

25 Individu als drijvende actor A1. In de context van groep of staat –Personalisering van een aanbod uit de groep of de staat –Tutoring die structuur aanbiedt; –Uiteenlopende bronnen en aanbieders mogelijk –Validering vanuit een ‘portfolio’ door tutor-instelling A2. Autonomie van het individu –Structurering door persoonlijke keuzes uit een gestandardiseerd aanbod –Uiteenlopende bronnen en aanbieders –Validering door een bevoegde instantie

26 Groep als drijvende actor B. 1. Van het individu naar de groep(en) –Maximalisering van de bijdrage van het individu aan de groep(en) waartoe het individu behoort –Evenwicht tussen personalisering en tutoring vanuit de groep –Uiteenlopende bronnen gevalideerd door de groep –Evenwicht tussen autonomie en inzetbaarheid B2 Van de groep naar het individu –Optimalisatie van het functioneren van het individu in de groep –Sturing vanuit de groep; beperkte autonomie –Beperking van bronnen –Lokaal belang centraal Variatie in functie van de (sub-)groepen De markt als mediërende en sturende instantie

27 De staat als drijvende actor C.1 De staat als samenleving / gemeenschap –Focus op burgerschap en verantwoordelijkheid voor het geheel –In het algemeen en in een specifiek expertisedomein –Onderwijs gaat vooraf aan inzet in de samenleving –Onderwijs als voorwaarde tot inzet C.2. De staat als (economische) maatschappij: –Sterke verwevenheid van werk, leren en leven –Realisme van leren gericht op de noden van de economie centraal –Formele leerperiodes en –structuren op de achtergrond t.o.v. werkplekleren en LLL. –Validering door actie in het werk en in de groep.

28 Nieuw hoger onderwijs? Van wie en voor wie is het hoger onderwijs? –Publiek of privaat –Individuen, groepen, samenleving, staat –Lokaal of globaal Valt het hoger onderwijs samen met de universiteit? Is er een horizontale reorganisatie op til? –Bachelor vs. master + doctoraat? –Is de bachelor het basis-uitstroom-diploma? Komen er twee parallelle systemen? –Professioneel vs.academisch –Waar wordt de grens getrokken? Welke plaats voor vorming? Is vorming verzoenbaar met LLL?

29 Waarvoor is er een universiteit? Eigen waarden van de universiteit: gedreven door ongebonden kritisch onderzoek centrale positie van rationaliteit, waarheid academische vrijheid en verantwoordelijkheid Vorming als kritische bevraging van het verleden in het licht van het heden met het oog op de toekomst of onmiddellijke inzetbaarheid? Nexus onderzoek-onderwijs als basis of afsplitsing van functies?

30 De universitaire opdracht … ? Kan de complexe opdracht bewaard worden? Welk evenwicht binnen de academische opdracht? Uitdagingen: –Splitsing van onderwijs en onderzoek Zuivere onderwijsinstellingen? –Splitsing van onderwijs en validering (diplomering) cf. International University of Graduate Studies, MOOCs –Splitsing van formatief onderwijs en summatieve evaluatie Externe examinatoren, nationale examens, … ? –Splitsing van algemene en professionele vorming Bedrijfsuniversiteiten? –Splitsing van basisvorming (Bachelor?) en voortgezet onderwijs (Graduate school?) –Splitsing van instrumentele en algemene component Professioneel vs. academisch in een nieuwe verdeling? Is een nieuwe bundeling mogelijk en hoe?

31 Mogelijke verbrokkeling Structurerende modus: Zelfsturing (organisch) Administratie Management Ondernemerschap Aanpassing Verbrokkeling … Vier mogelijke modellen –Structuur met sterke kern –Structuur met beperkte kern en perifere diensten –Collaboratief netwerk –Competitief netwerk

32 En de KU Leuven?

33 Tendensen en KU Leuven Hoe kristalliseren deze pistes zich tot scenario’s? Hoe dagen deze tendensen de KU Leuven uit? In haar missie en waarden In haar wijze van werken In haar organisatie en structuren

34 De KU Leuven optie (a) Onderzoek-Onderwijs in dienstverlening: integrerend perspectief Het universitair onderwijs is niet uni-dimensioneel; maar zet in op vier dimensies: de confrontatie met de fenomenen aan de grens met het oog op samenleving, individu, maatschappij, vanuit en naar onderzoek met oog op vorming tot verantwoordelijkheid Focus van het aanbod op waarden van onderzoek, kritische vorming, algemeen kader De traditie bevragend en vernieuwd doorgeven

35 Onderwijs, onderzoek, dienstverlening Dienstverlening Onderzoek Onderwijs Organisatie Een spannende Onderzoek geeft diepte en scherpte. Dienstverlening geeft breedte en verankering. relatie Onderwijs geeft toekomst en toetsing.

36 De KU Leuven optie (b) Talent is niet schaars, maar divers.  Eerbied voor de verschillen in talent  Proportionaliteit van de maatregelen Leren is sociaal.  Evenwicht tussen noden van individu en groep  Gemeenschap i.p.v. contract  Excellentie door inclusie Onderwijsvormen en –technologie als dragers: van missie en waarden naar vorm en drager. –Opties kritisch bevragen –Inzet van middelen oordeelkundig beslissen

37 Elementen van de context Financiering en structuur leiden naar een eenvormige aanpak die resultaatsgedreven en concurrentieel is. Functioneren hangt in belangrijke mate af van financiering buiten de basissubsidie. Sterke positie in onderzoek en valorisatie. Overgereguleerde onderwijsruimte, vooral wat programmatie betreft. Vrije toegang en hoge verwachtingen m.b.t. slagen

38 Stijgende participatie 1963 – 2013 –Van beperkte participatie naar massale instroom –Gender –1e en 2e democratisering –Verschuivingen in de studieachtergrond –Verschuivingen in de motivering Spanningen bij de stijging van de participatie –Is het plafond bereikt? –Welke rol voor de uitstroom uit het SO? Knelpuntenberoepen, eigenheid BSO – TSO, …

39 Massificatie en diploma’s Diploma’s HO zijn niet meer zeldzaam en vervullen (deels) een andere functie –Andere rol in de maatschappij –Professionele dimensie en inzetbaarheid belangrijker –De zog. niveauverlaging Welke plaats voor de onderzoeksbasis? –Spanning tussen nieuwe rol en klassieke basis –Welk aanbod neemt deze rol op? Studieduur –Verlenging: ‘master na master’ ; plaats van het doctoraat –Verkorting: uitstroom na de bachelor? Inertie-effecten in de maatschappij en de universiteit

40 Bronnen Barnett R. (2011) Being a University, Routledge (foundations and futures of education). Buchen I.H. (2005) The future of higher education and professional training. Foresight 7:4 (13- 21) de Sousa Santos B. (2010) The European university at crossroads. Lezing Bologna (XXIIe Anniversary of the Magna Charta Universitatum. Enders J. et al. (2005) The European higher education and research landscape 2020: scenarios and strategic debates. Cheps. Facer K. (2009) Educational, social and technological futures: a report from the Beyond Current Horizons Programme. Harkins A.M. & J. W. Moravec (2011), “Systemic approaches to knowledge development and application” On the Horizon, 19:2 ( ). Lammertyn Fr. (2011²) Sociologische tijdsdiagnosen. Leuven, Acco. 2 vols. Miller R. (2003) The future of the Tertiary Education Sector: Scenarios for a Learning Society. Moravec J.W. (2008) “A new paradigm of knowledge production in higher education” On the Horizon, 16:3 ( ). OECD_Ceri / France International Conference Higher education to 2030 (2008) Four future scenarios fo Higher Education”. Van Damme D. (2011) Bouwen aan het onderwijs van de 21ste eeuw; de rol van de OESO. Ppt. Vicent-Lancrin S. (2004) Building Futures Scenarios for Universities and Higher Education: an international approach. Policy Futures in Education 2:2,


Download ppt "De KU Leuven 2025, mogelijke scenario’s Ludo Melis 23-09-2013 Emeritforum."

Verwante presentaties


Ads door Google