De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

GON vanuit een wetenschappelijke bril Prof. dr. K. Petry Studiedag 10 jaar GON Sint Elisabeth - Wijchmaal 6/02/2015.

Verwante presentaties


Presentatie over: "GON vanuit een wetenschappelijke bril Prof. dr. K. Petry Studiedag 10 jaar GON Sint Elisabeth - Wijchmaal 6/02/2015."— Transcript van de presentatie:

1 GON vanuit een wetenschappelijke bril Prof. dr. K. Petry Studiedag 10 jaar GON Sint Elisabeth - Wijchmaal 6/02/2015

2 Inhoud Visie Wetgeving Organisatie Succesfactoren

3 GON anno 1983

4 Visie op onderwijs aan kinderen met specifieke noden defectparadigma tot 1950: negatieve houding, liefdadigheid na WOII: heropleving economie focus op arbeid 1970: Wet op buitengewoon onderwijs segregatie normalisatie ineffectiviteit BuO focus op assimilatie 1983: GON-reglementering integratie

5 Wetgeving 11 maart 1986: Wet op het Buitengewoon en Geïntegreerd onderwijs (Gon) “Met het doel de sociale aanpassing en de opleiding te bevorderen of om de mogelijkheden te bieden een studie- of kwalificatiegetuigschrift van het gewoon onderwijs te behalen, kan de tijdelijke of permanente integratie van een gehandicapte,..., in het gewoon onderwijs worden georganiseerd onder de benaming geïntegreerd onderwijs.”

6 Wetgeving “Het geïntegreerd basisonderwijs is een samenwerking tussen het gewoon basisonderwijs en het buitengewoon basisonderwijs. Het is bedoeld om leerlingen met een handicap en/of leer- en opvoedingsmoeilijkheden tijdelijk of permanent, gedeeltelijk of volledig de lessen of activiteiten te laten volgen in een school voor gewoon basisonderwijs met hulp vanuit een school voor buitengewoon basisonderwijs die daartoe aanvullende lestijden en/of aanvullende uren krijgt en via het werkingsbudget een integratietoelage of -krediet krijgt.”

7 Schoolbevolking Evolutie van het aantal lln in het GON begeleid vanuit BuBaO

8 Schoolbevolking Evolutie van het aantal lln in het GON begeleid vanuit BuSO

9 GON anno 2012

10 Visie op onderwijs aan kinderen met specifieke noden integratie ontwikkelingsparadigma / normalisatie ineffectiviteit BuO focus op assimilatie 1983: GON-reglementering inclusie burgerschapsparadigma focus op diversiteit “Inclusie gaat over reageren op diversiteit, over luisteren naar onbekende stemmen, over openstaan voor andere meningen, over emancipatie van alle leden” (Barton, 1997, p.233)

11 GON Profiel van de kernactoren Functioneren van de leerling Inhoud van de ondersteuning Succes- factoren Ervaringen en verwachtingen

12 1. Profiel GON-leerling Leeftijd: gemiddeld 11 jaar Geslacht: 75% jongens Gezinssituatie: Voornamelijk twee-oudergezinnen (88,1%) SES: Betere socio-economische klasse Opleidingsniveau: voornamelijk hoger opgeleide ouders Beroepssituatie: slechts 8% heeft geen betaald werk Nationaliteit: 98% Belg

13 1. Profiel GON-leerling Functiebeperking: o grote heterogeniteit o 28,5% meer dan 1 functiebeperking o Eveneens ernstige beperkingen o Grootste groep: Leerlingen met ASS (tot 66%) o Bovengemiddeld IQ o Weinig overlap met type-attest

14 1. Profiel GON-leerling Onderwijsniveau: o 13,4% kleuteronderwijs o 44,1% lager onderwijs o 44,5% secundair onderwijs Aard van de integratie: voltijds permanent geïntegreerd 12% verleden in buitengewoon onderwijs 25% schoolse vertraging

15 1. Profiel GON-begeleider Leeftijd: gemiddeld 38 jaar Geslacht: 97% vrouwen Basisopleiding: leerkracht (49%) of paramedicus Aanvullende opleiding: Banaba BuO (43%) Ambt: leerkracht (68%) / paramedicus Jaren ervaring bij aanvang functie: o 31% geen onderwijservaring, o 53% geen ervaring buitengewoon onderwijs o 43% geen ervaring gewoon onderwijs Tewerkstellingspercentage: Voltijds 50% - deeltijds 50% (waarvan 58% aanvult)

16 1. Profiel GON-begeleider Gemiddeld 9 leerlingen/GON-begeleider (max 24) Gemiddeld 5 scholen/GON-begeleider (max 20) Samenhang met: o Onderwijsniveau o Onderwijstype o Voltijds-deeltijds Gemiddeld 5u verplaatsingstijd (max 30 uur) Gemiddeld 25 km/school (max 200 km)

17 1. Profiel GON-begeleider In 63% van de gevallen wordt de verplaatsing gerekend vanuit school buitengewoon onderwijs Slechts in 8% van de gevallen zit verplaatsingstijd vervat in arbeidstijd 65% van de scholen voorziet in omniumverzekering 41% van de GON-begeleiders krijgt vergoeding voor andere kosten

18 1. Profiel school gewoon onderwijs Aantal GON-leerlingen: o Schoolniveau: M = 6 (spreiding: 1-30) o Klasniveau: M = 1 (spreiding: 1-5) Aantal GON-begeleiders/school: o M = 3 (spreiding: 1-13) Aantal begeleidende scholen BuO: o M = 2 (spreiding: 1-8) Secundair onderwijs > basisonderwijs

19 1. Profiel school buitengewoon onderwijs Aantal GON-eenheden/school: o M = 235 (spreiding: ) Aantal GON-leerlingen/school: o M = 110 (spreiding: 1-509) 10% koopt begeleiding in bij andere school BuO 6% ingezet voor administratie/coördinatie (spreiding: 0- 30%)

20 2. Functioneren van de GON-leerling Academisch functioneren: o 25% zwak academisch functioneren o Samenhang met sticordi-maatregelen o Geen samenhang met ernst beperking, jaren/uren GON-ondersteuning Sociale participatie: o 25% minder aanvaard, 39% minder vrienden, 16% vaker gepest en 23% vaker eenzaam o Samenhang met onderwijsniveau en geslacht

21 3. Aard GON-ondersteuning Van aanmelding tot toekenning: o Aanvraag: ouders (78%), gewoon onderwijs (73%), CLB gewoon onderwijs (71%) o Handelingsgerichte diagnostiek door CLB maar toch ook SES, taal,... o CLB: coördinerende rol o Opmaak integratieplan: weinig betrokkenheid leerling zelf o Frequent formeel en informeel overleg

22 3. Aard GON-ondersteuning Eigenlijke ondersteuning: o M = 2 uur (spreiding: 0 – 10u) o Samenhang met onderwijstype: type 6,7 meeste uren o Samenhang categorisatie ernstig – matig o Geen samenhang met onderwijsniveau Inhoud van de ondersteuning: (spreiding: 0-90%) o Leerlinggericht 66% o Leerkrachtgericht 14,5% o Oudergericht 10,1% o Klasgroepgericht 5,4% o Schoolteamgericht 5,4%

23 Inhoud van de ondersteuning Volgens de scholen voor gewoon onderwijs

24 Inhoud van de ondersteuning Volgens de scholen voor buitengewoon onderwijs

25 Inhoud van de ondersteuning Volgens de GON-begeleiders

26 3. Aard GON-ondersteuning Leerlinggerichte ondersteuning: oa. o Onderwijskundige hulp (30,1%-41,4%) o Sociaal-emotionele ondersteuning (22,9%-32,2%) o Leren werken met hulpmiddelen (12,5%-20,5%)  vnl individueel (79,3%-89,5%)  vnl klasextern (73,1%-82,7%)

27 3. Aard GON-ondersteuning Leerkrachtgerichte ondersteuning: oa. o informeren van de leerkracht (27,53%-42,48%) o ondersteuning in het aanpassen van het didactische proces (18,11%-21,47%) o ondersteuning op pedagogisch vlak (9,16%-17,06%) o hulpmiddelen (14,14%-19,75%) o sociaal-emotionele ondersteuning (6,84%-16,20%) o klasmanagement (3,68%-6,54%) o klasgroepsamenstelling (0,86%-3,34%)

28 3. Aard GON-ondersteuning Klasgroepgerichte ondersteuning: oa. o informeren (22,25%-42,46%) o sociaal-emotionele ondersteuning (34,40%-47,82%) o hulpmiddelen (15,94%-21,08%) Schoolteamgerichte ondersteuning: oa. o informeren (50,38%-60,85%) o ondersteuning in de uitbouw van een zorgbeleid (15,70%-25,57%) o materiële aspecten (20,62%-21,52%)

29 3. Aard GON-ondersteuning Oudergerichte ondersteuning: oa. o informeren (29,55%-33,19%) o pedagogisch advies (23,13%-28,14%) o sociaal-emotionele ondersteuning (21,59%-24,78%) o hulpmiddelen (17,39%-20,61%)

30 3. Aard GON-ondersteuning Extra ondersteuning: o 18% extra ondersteuning tijdens schooluren M = 1-2 x / week (max 5/week) Vnl door professionelen (75,7%), Gericht op het verwerken van de leerstof uit de klas (46,8%), paramedische ondersteuning (36,0%) en hulp bij het gebruiken en installeren van hulpmiddelen (20,7%).

31 3. Aard GON-ondersteuning Extra ondersteuning: o 42% extra ondersteuning na de schooluren M = 2x / week (max 10/week) Vnl door professionelen (93,7%) gericht op paramedische ondersteuning (52,8%), ondersteuning bij sociaal-emotionele aspecten (46,5%) en hulp bij de verwerking van de leerstof (39,4%).

32 4. Succesfactoren Cultuur van inclusief onderwijs: o Schoolcultuur Uitwisseling van positieve ervaringen over GON Ondersteunend leiderschap Professionele relaties tussen leerkrachten Intern netwerk van professionele steun

33 4. Succesfactoren Cultuur van inclusief onderwijs: Knelpunten: Aanpassen aan verschillende schoolculturen Weinig ervaringsuitwisseling volgens leerkrachten Negatieve attitude: rol van externen, taakbelasting Nood aan meer leerkrachtgerichte ondersteuning Nood aan meer ondersteuning op vlak van sociale participatie

34 4. Succesfactoren Beleid van inclusief onderwijs: o Inschrijvingsbeleid Tot 25% weigeringen in het verleden o Klassamenstelling Nood aan kleinere klassen Max 25-30% lln met SEN / klas o Onderwijsoriëntatie Veelal leerlinggerichte onderwijsoriëntatie Toch grote spreiding

35 4. Succesfactoren Praktijk van inclusief onderwijs: o Professionalisering Veel inspanningen Vorming Collegiale consultatie o Samenwerkende teams GON-begeleider als buitenstaander?

36 5. Ervaringen/verwachtingen Inhoud en kwaliteit GON-begeleiding: o Algemeen: +/++ o Knelpunten: Te leerlinggericht Te weinig gericht op sociaal-emotionele ondersteuning GON-begeleider-afhankelijk Moeilijke organisatie

37 5. Ervaringen/verwachtingen GON-reglementering: o Algemeen: - o Knelpunten: Frequentie en flexibiliteit Doelgroep Administratie en coördinatie Statuut GON-begeleider

38 5. Ervaringen/verwachtingen GON-begeleider: +/++ o Ervaring/expertise o Discontinuïteit o Reistijden Buitengewoon onderwijs: + o Ervaringsuitwisseling binnen de school o Samenwerking Gewoon onderwijs: +/++ o Schoolcultuur/attitude o Draagkracht CLB: +

39 Conclusie Profiel van de kernactoren Functioneren van de GON-leerling Inhoud van de GON-begeleiding Succesfactoren Ervaringen en verwachtingen

40 GON in de toekomst

41 Wetgeving M-decreet o Meer leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften in het gewoon onderwijs o Verankering zorgcontinuüm o Noodzaak redelijke aanpassingen o Van integratie naar inclusie  Onzekerheid en weerstand zowel in gewoon als buitengewoon onderwijs

42 Uitdagingen 1. Vraag naar zorg vs aanbod: o Stijgende vraag naar zorg in gewoon onderwijs o Belasting buitengewoon onderwijs Mogelijk antwoord: 1. een sterke schoolinterne zorgwerking van scholen voor gewoon onderwijs, 2. algemene expertise vanuit het buitengewoon onderwijs 3. specialistische kennis vanuit het buitengewoon onderwijs

43 Uitdagingen 2. Doelgroep: o Attestering: Handelingsgerichte diagnostiek Formele diagnose / attest buitengewoon onderwijs noodzakelijk? o Afschaffing opdeling matig-ernstig o Extra aandacht voor “GOK-leerlingen” o Extra aandacht voor re-integratie  Deels aan onze beleidsaanbevelingen tegemoet gekomen

44 Uitdagingen 3. Inhoud GON/ION-begeleiding: o Flexibele inzet o Meer leerkracht- & schoolteamondersteunend  collegiale leerlingoverstijgende ondersteuning o Meer sociaal-emotionele ondersteuning  expertise-ontwikkeling o Meer klasinterne en groepsgerichte werking  collegiale leerlingoverstijgende ondersteuning  Team teaching

45 Uitdagingen 4. Arbeidsvoorwaarden GON-begeleiders: o Uniformiteit in verrekening verplaatsingstijden o Uniformiteit in vergoedingen/omniumverzekering o Wegwerken ongelijkheid in statuut 5. Middelen voor GON o Administratieve en procedurele vereenvoudiging o Meer middelen voor vergoeding van onkosten

46 Uitdagingen 6. Succesfactoren: o Schoolklimaat, attitudes o Professionalisering o Sterke wetenschappelijke onderbouwing van lokale experimenten

47 GON: samen op weg naar inclusie


Download ppt "GON vanuit een wetenschappelijke bril Prof. dr. K. Petry Studiedag 10 jaar GON Sint Elisabeth - Wijchmaal 6/02/2015."

Verwante presentaties


Ads door Google