De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

“Jezus zei tegen haar: ‘Geef mij wat te drinken’.” Johannes 4,7 Woord van Leven Januari 2015.

Verwante presentaties


Presentatie over: "“Jezus zei tegen haar: ‘Geef mij wat te drinken’.” Johannes 4,7 Woord van Leven Januari 2015."— Transcript van de presentatie:

1

2 “Jezus zei tegen haar: ‘Geef mij wat te drinken’.” Johannes 4,7 Woord van Leven Januari 2015

3 Geef mij wat te drinken.

4 Jezus is op weg en komt door Samaria.

5 Rond het middaguur is Hij moe van de reis en gaat bij een bron zitten.Hij heeft dorst, maar heeft niets om water te putten.

6 Zijn leerlingen zijn naar de stad om eten te kopen.

7 Er komt een vrouw met een kruik en Hij vraagt haar wat te drinken. Zijn vraag gaat in tegen de gewoonten van die tijd, want een man richt zich niet rechtstreeks tot een vrouw, zeker niet wanneer hij haar niet kent.

8 Bovendien heersen er grote religieuze vooroordelen tussen Joden en Samaritanen. De vrouw is een Samaritaanse. Daar komt bij dat zij meerdere mannen heeft gehad en nu een verhouding heeft met weer een ander.

9 Misschien komt ze daarom heel alleen naar de bron. Zo ontloopt ze het commentaar van andere vrouwen.

10 Maar Jezus laat zich niet leiden door dit soort overwegingen en begint een gesprek met haar. Hij wil haar iets geven, het geschenk van levend water.

11 Water is voor al het leven belangrijk en des te kostbaarder in droge gebieden als Palestina.

12 Alles wat Jezus geeft is levend. Alles wat het geeft is er voor het leven.

13 Hijzelf is ‘levend’ brood. Hij is het Woord dat leven geeft. Hij is het Leven (vgl. Joh. 11,25-26).

14 Maar Jezus legt de vrouw niets op en verwijt haar niets. Hij die alles kan geven, vraagt alleen maar. Hij heeft haar geschenk nodig.

15 Hij, de Heer van het leven, verbergt zijn concrete mens-zijn niet. Hij is moe en heeft dorst. Hij verzoekt. Hij vraagt, want Hij weet dat de vrouw zich eerder zal openstellen wanneer zij van haar kant geeft. Dan kan zij op haar beurt ontvangen.

16 Er ontspint zich een gesprek. Aan het eind daarvan kan Jezus haar zijn identiteit openbaren. Alle weerstand in haar is verdwenen en zij kan nu de waarheid ontdekken van het ‘water’ dat Jezus is komen brengen.

17 De vrouw laat haar kruik, haar kostbaar bezit, bij de bron staan omdat ze een veel grotere rijkdom heeft gevonden. Ze gaat vlug naar de stad om daar met haar buren te praten. Ook zij legt niemand iets op, maar vertelt wat er is gebeurd.

18 Deze bladzijde van het evangelie kan ons iets leren over de dialoog tussen christenen van verschillende denominaties.

19 Ieder jaar is er in de maand januari de ‘Week van gebed voor de eenheid van de christenen’. Net zoals Jezus de tegenstellingen tussen Joden en Samaritanen heeft overwonnen, worden wij nu uitgenodigd om van onze kant alles te doen om barrières op te heffen.

20 De verdeeldheid tussen de christenen is maar één van de problemen waarmee we worstelen.

21 Overal komt onenigheid voor: in het gezin, in de buurt waar we wonen, op het werk, tegenover immigranten of mensen van andere etnische groepen.

22 Moeten we ons niet net als Jezus openstellen voor de ander en alle vooroordelen opzijzetten? Ook in degenen die anders zijn dan wij is Jezus aanwezig. En Hij vraagt ons: “Geef mij wat te drinken.”

23 In iedere persoon die behoeftig is, zonder werk, eenzaam, vreemdeling, andersdenkend of andersgelovig, al dan niet vijandig, kunnen we Jezus herkennen die ons zegt: “Ik heb dorst” (Joh 19,28) en die ons vraagt: “Geef mij wat te drinken”.

24 Het evangelie zegt dat een beker water genoeg is om al een beloning te ontvangen (vgl. Mt 10,42). Zo is het vaak al genoeg om een dialoog te beginnen om de broederschap te herstellen.

25 Ook wij mogen, zonder ons ervoor te schamen, uitspreken dat we ‘dorst hebben’. Ook wij kunnen vragen: “Geef mij wat te drinken.”

26 Op die manier kan er een oprechte dialoog ontstaan, zonder angst voor verschillen, waarbij we onze gedachten uiten en we openstaan voor die van de ander.

27 In zo’n relatie kunnen verborgen schatten aan de oppervlakte komen. Ook Jezus heeft in die vrouw iets erkend wat Hij zelf niet kon doen: water putten.

28 “Jezus zei tegen haar: ‘Geef mij wat te drinken’.” Johannes 4,7 “Woord van Leven”, “Woord van Leven”, uitgegeven door de Focolarebeweging. Met ingang van het nieuwe jaar wordt niet meer gebruik gemaakt van eerder gepubliceerde commentaren van Chiara Lubich (overleden in 2008). Voor de komende maanden is het commentaar van de Italiaanse priester Fabio Ciardi, pater van de congregatie van de Oblaten van Maria (OMI). Hij is lid van internationale studiecentrum van de Focolarebeweging, auteur van tal van boeken op het gebied van spiritualiteit en was jarenlang een naaste medewerker van Chiara Lubich. ***** Grafica Anna Lollo in collaborazione con don Placido D’Omina (Sicilia, Italia) Voor informatie LolloPlacido D’Ominawww.focolare.nl“Woord van Leven”, uitgegeven door de Focolarebeweging. Met ingang van het nieuwe jaar wordt niet meer gebruik gemaakt van eerder gepubliceerde commentaren van Chiara Lubich (overleden in 2008). Voor de komende maanden is het commentaar van de Italiaanse priester Fabio Ciardi, pater van de congregatie van de Oblaten van Maria (OMI). Hij is lid van internationale studiecentrum van de Focolarebeweging, auteur van tal van boeken op het gebied van spiritualiteit en was jarenlang een naaste medewerker van Chiara Lubich. ***** Grafica Anna Lollo in collaborazione con don Placido D’Omina (Sicilia, Italia) Voor informatie


Download ppt "“Jezus zei tegen haar: ‘Geef mij wat te drinken’.” Johannes 4,7 Woord van Leven Januari 2015."

Verwante presentaties


Ads door Google