De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Executive MBA 2008-2C 17 april 2009 Informatiemanagement.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Executive MBA 2008-2C 17 april 2009 Informatiemanagement."— Transcript van de presentatie:

1 Executive MBA C 17 april 2009 Informatiemanagement

2 2 Voorstel voor een agenda  Performance management  Open Source  Architectuur  Bepalen ICT-strategie  Maken informatieplan  Voortgang Alp

3 Performance Management

4 4 Welke aspecten spelen een rol bij performance management?  Wat is het doel, wat wil je ermee bereiken  Als je het echt wil, wat zijn dan de indicatoren (zicht- en inspanningsindicatoren)  Wat zijn de consequenties (beloning, strategisch gedrag, regelvrijheid etc.)  Waar op te letten bij implementatie  Hoe regel ik goede ondersteunende IT?

5 5 Besturingsinformatie StrategieStructuur 1. KSF’s 2. Bedrijfs- processen 3. Relevante informatie elementen 4. Control variabelen 5. Management- rapportage Van Snellenberg en Nijhuis

6 6 Informatieanalyse 1.Bepalen ongestructureerde verzameling, bijvoorbeeld: –formulierenanalyse –interviews –precedentie-analyse –CRUD-matrices 2.Bepalen uitbreidende informatie: –besturing –tracking/tracing –business intelligence –managementinformatie (bijvoorbeeld BSC of MA) 3.Bepalen semantische aspecten: –de regels of procedures, hoe geïnterpreteerd moet worden, bijvoorbeeld: bepaalde waarden, bepaalde constraints, consistentie, etc. 4.Normaliseren

7 7 Informatieanalyse: normaliseren  Eerste normaalvorm: splits alle herhalende groepen in aparte bestanden  Tweede normaalvorm: splits alle velden af die niet functioneel afhankelijk zijn van de volledige sleutel  Derde normaalvorm: splits alle niet-sleutelvelden af die niet functioneel afhankelijk van elkaar zijn  N.B.: Voorbeeld functioneel afhankelijk: lengte is functioneel afhankelijk van persoon, omdat bij een persoon maar één lengte hoort. Omgekeerd is er geen functionele afhankelijkheid omdat bij één lengte meerdere personen kunnen horen.

8 Open source

9 9 1. wat is het ? 2. hoe ontstaat het? 3. wat kun je ermee? 4. Wie gebruiken het en waarom? Open Source

10 10 Wat is open source? Broncode Executable door gebruiker te gebruiken software door programmeur gemaakte en aan te passen code compileren Microsoft Linux

11 11 Samenhangende begrippen -Open standaards -Open source -Open data -Vrije software -Alternatieve licentievormen (meer dan 25) -Open source community

12 12 Hoe ontstaat open source?  Open source communities, vrijwillige professionals, ontbreken van beloning, andersoortige hierarchie, tot zeer hoge productiviteit in staat  Splits and Forks  Gesponsorde communities  Partiële licentie- of aankoopstructuren

13 13 Wat kun je ermee?  Het is gewone standaard software  Voor KA-omgevingen is het qua functionaliteit volledig vergelijkbaar  Verschil is meer een kwestie van emotie en aansturing dan rationele vergelijken  Robuustheid en toekomstvastheid is logisch gezien groter, maar voor het gevoel van managers toch vaak kleiner

14 14 Wie gebruiken het en waarom?  Groeiend aantal gebruikers  In professionele omgevingen circa 7 procent (gemeten in functiepunten)  In thuisomgeving meer

15 15 Motieven tégen open source  Niet alle applicaties zijn als open source verkrijgbaar  Gebrek aan kennis, onbekendheid met  TCO versus aanschafkosten  Andere GUI, look and feel  (tijdelijk) geen plug and plays met pda’s, smartphones etc.  Niet verkrijgbaar op elke PC (jurisprudentie verwacht over GOUD)  Modulair dus erg aanpasbaar

16 16 Motieven vóór open source  Voorkomen van “locking in” door bijvoorbeeld marktleider Microsoft  Geen of lage aanschafkosten.cq licentiekosten  Transparanter dus theoretisch beter te beveiligen  Overheden dwingen het af  Maatschappelijk verantwoord  Aanpasbaar door eigen mensen of kunnen meevaren op vernieuwingen van derden

17 Architectuur en infrastructuur

18 18 Infrastructuur  De infrastructuur is een “onderbouw”, een basisvoorziening voor algemeen gebruik, iets waarvan men automatisch aanneemt dat het er is, wat tot ergernis leidt als het niet voldoende functioneert  De infrastructuur is dat gedeelte van een architectuur dat gemeenschappelijk is en dat een algemene dienst levert op gezamenlijk of lokaal niveau

19 19. ICT-beleid ICT-governance ICT-architectuur ICT-organisatie Business- strategie Business- processen Richting Inrichting De ICT-sStrategie maakt de verbinding tussen de ambities en de inrichting van de informatievoorziening. Uit de strategische agenda zijn de business-thema’s afgeleid die een grote invloed gaan hebben op de organisatie van de informatievoorziening. De consequenties zijn in hoofdlijnen geschetst. ICT-strategie

20 20 Voorbeeld architectuur Standaard gegevensuitwisseling Optimaliseren beschikbaarheid infrastructuur Realiseren en beschikbaar stellen infrastructuur Realiseren treinpad en reisinformatie Optimaliseren samenhang spoorsysteem Beleid ontwikkelen Besturen organisatie Beheersen Financiële middelen Beheersen Personele middelen Gegevens Beheer etcetera Plannen business Portal Business intelligence functionaliteit Innovatie management functionaliteit Bedrijfsvoerings functionaliteit Capciteitsmanagement Infrastructuur management Optimaliseren benutting infrastructuur Externe partijen (opdrachtgevers, opdrachtnemers, partners, maatschappelijke stakeholders Gegevens definities

21 21 Het doel van een informatie-architectuur (Truijens e.a.)  In een wereld van toenemende decentralisatie ruimte geven aan “vrijheid in gebondenheid”  Het management in staat stellen te sturen door de richting te bepalen en de condities te scheppen, zodat een randvoorwaardenbeleid kan worden gevoerd  Lering te trekken uit de overeenkomsten met infrastructurele voorzieningen in de samenleving

22 22 Ontwikkelstadia in gemeenschappelijkheid

23 23 Voorbeeld (Van Rees) (1) Organisatorisch uitgangspunt: Werkmaatschappijen hebben eigen winstverantwoordelijkheid Technologisch uitgangspunt: Werkmaatschappijen mogen zelf apparatuur aanschaffen zolang die past binnen de standaards Informatie-architectuurprincipe: Er komt een financieel systeem op het niveau van de holding voor de consolidatie; de werkmaatschappijen mogen zelf hun financiële systemen inrichten, maar moeten wel maandelijks consolidatiegegevens geautomatiseerd aanleveren DecentraalCentraal De plattegrond Decentraa l

24 24 Voorbeeld (Van Rees) (2) Inflexibiliteit: Bij verandering van de structuur van de organisatie zullen grote inspanningen nodig zijn voor de herinrichting van de financiële systemen van de nieuwe eenheden Beheersaspect: Het beheer wordt per organisatie-eenheid geregeld, de organisatie-eenheden communiceren onderling via externe netwerkdiensten DecentraalCentraal De plattegrond Decentraa l

25 ICT-strategie

26 26 Strategisch vierkant beleiduitvoering extern intern Wat moet er ? Wa t kan er? Wat kunnen wij? Wat wille n wij? Wat doen we? Wat moet er? Wat kunnen wij? Wat kan er?

27 27 Positionering ICT-strategie

28 28 Ambitie: operationeel, tactisch en strategisch inzetten van ICT De basis ICT is effectief en efficiënt geregeld De bedrijfsprocessen volgens de laatste stand van de techniek Met ICT maken wij nieuwe business Hoe groter de toegevoegde waarde van ICT Bron : Venkatraman Hoe meer ICT de organisatie op zijn kop zet

29 29 Drie uitwerkingen van ICT-strategie vraaggericht organisatiegericht IS-strategie gebaseerd op doelen beheersing en verandering relatiegericht IM-strategie gebaseerd op activiteiten aanbodgericht technologie- gedreven IT-strategie Management Toepassingen Technologie Wat? Waartoe? Hoe?

30 30 ICT-alignment Operationalexcellence Product leadership Auteur: Treacey & Wiersema Sense (individual) & respond Unlocking knowledge Rock solid client relationship Dazzle the market with brilliance Sense & respond (product) Total continuity Optimal security Minimum cost Customer intimacy

31 31 E X TE R N I NTERN Inrichtingv.d.informatievoorziening architecturen tools en methoden kennisen vaardigheden Inrichtingv.d.organisatie technologie- bereik systeem- competenties ICT-aansturing bedrijfscope kern- competenties ‘governance’ ICT-strategie Bedrijfsstrategie organisatie- structuur werk- processen kennisen vaardigheden HENDERSON, VENKATRAMAN, IBM SYSTEMS, JOURNAL 1993 Functionele integratie Strategische ansluiting EE XX TT EE RR NN II NN TT EE RR NN Inrichtingv.d.informatievoorzieningv.d.informatievoorziening architecturen tools en methoden tools en methoden kennis en vaardigheden Inrichtingv.d.organisatiev.d.organisatie technologie- bereik technologie- bereik systeem competenties - ICT- aansturing bedrijfscope kern- competenties kern- competenties ‘governance’ ICT--strategie Bedrijfsstrategie organisatie- structuur organisatie- structuur werk- processen werk- processen kennisen vaardigheden HENDERSON, VENKATRAMAN, IBM SYSTEMS, JOURNAL 1993 Functionele integratie Strategische ansluiting Strategische aansluiting

32 Business strategy IT strategy IT infrastructure Organizational infrastructure Intern domein Extern domein BusinessICT Business strategy IT strategy IT infrastructure Organizational infrastructure Business en ICT alignment Business strategie bepaalt richting ICT Top mgt definieert strategie ICT mgt vertaalt naar ICT Monitoring op kosten Kennis en informatie intensief Strategic execution

33 Business strategie bepaalt richting ICT Top mgt zijn technologie visionairs ICT mgt vertaalt naar ICT ontwerp Monitoring op 'state of the art' technologie ICT is 'business' (zo'n beetje...) Business strategy IT strategy IT infrastructure Organizational infrastructure Interne domein Externe domein BusinessICT Business strategy IT strategy IT infrastructure Organizational infrastructure Technology transformation Business en ICT alignment

34 Technologystrategie bepaalt richting ICT Top mgt zijn business visionairs IT mgt technology watchers Monitoring op product leadership ICT is onderscheidend in de markt Business strategy IT strategy IT infrastructure Organizational infrastructure Interne domein Externe domein BusinessICT Business strategy IT strategy Organizational infrastructure Business en ICT alignment Competative potential

35 Stäter Technologie strategie bepaalt richting ICT Top managers bepalen prioriteiten ICT Managers geven richting operatie Monitoring op marktconformiteit ICT is ondersteunend en standaard Business strategy IT strategy IT infrastructure Organizational infrastructure Interne domein Externe domein BusinessICT Business strategy IT strategy IT infrastructure Organizational infrastructure Service level Business en ICT alignment

36 36 Het opstellen van een informatieplan kent zes fasen 12A.3

37 37 De wereld gereduceerd tot een vierkant 12A.4

38 38 De “standaard” doorlooptijd voor het opstellen van een informatieplan bedraagt vier maanden 12A.6

39 39 De gewenste I&A wordt weergegeven op vier onderdelen 12A.7

40 40 Een informatieplan geeft het juiste inzicht aan management en IT-professionals 12A.8

41 41 De ondernemingsdoelstellingen en – strategieën bepalen de eisen aan de I&A 12A.9

42 42 Duidelijkheid over verdeling van taken, verantwoordelijk-heden en bevoegdheden 12A.10

43 43 Prioriteitsstelling en fasering 12A.11

44 44 Succesfactoren bij informatieplanning  Concrete doelstelling  Bewuste keuze van inhoud en werkwijze  Betrokkenheid management  Projectmatige aanpak  Multidisciplinaire aanpak  Werkbare methodiek  Doorlooptijd (niet langer dan vier maanden)  Aandacht voor communicatie  Regelmatige toetsing van resultaten 12A.13

45 45 Het hinkelperk van informatieplanning 12A.14

46 46 Tien concrete toetsvragen voor een informatieplan (1) 1.Levert het informatieplan een daadwerkelijke bijdrage aan de missie en de doelen van de organisatie? 2.Zijn de verwachte in- en externe ontwikkelingen voldoende in beeld gebracht? 3.Zijn er bewuste keuzen gemaakt bij de afbakening van het informatieplan (planningshorizon, relevante processen en betrokken afdelingen/organisatie-onderdelen)? 4.Is de inventarisatie van bestaande knelpunten, eisen en wensen volledig en duidelijk en voorzien van waarde-oordelen en relatief belang (ICT-assessment)? 5.Zijn de sleutelfiguren in de organisatie voldoende betrokken bij het informatieplan en de totstandkoming ervan? 6.Zijn de huidige en verwachte processen volledig en duidelijk in kaart gebracht? 12A.15

47 47 Tien concrete toetsvragen voor een informatieplan (2) 7.Is er voldoende rekening gehouden met nieuwe technologische mogelijkheden van ICT? 8.Is de hoofdlijn van de gewenste informatievoorziening herkenbaar voor het management in termen van: -bedrijfs- of organisatiemodel -besturingswijze (kritische succesfactoren én performance-indicatoren) -architectuur en infrastructuur van: gegevens toepassingen opslag- en verwerkingsfaciliteiten communicatie (data, spraak, multimediaberichten, etc.) IT-organisatie ((de)centralisatie, contractmanagement) 12A.16

48 48 Tien concrete toetsvragen voor een informatieplan (3) 9.Zijn de projectvoorstellen van dien aard dat het management gefundeerde prioriteiten kan stellen en wordt er rekening gehouden met onvoorziene zaken (inbouwen van slack)? 10.Is een consistent migratieplan van de huidige naar de toekomstige situatie realiseerbaar? ( Deze lijst is gebaseerd op ideeën van professor Oosterhaven, Truijens, Beyen, Broos en Bedell) 12A.17


Download ppt "Executive MBA 2008-2C 17 april 2009 Informatiemanagement."

Verwante presentaties


Ads door Google