De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De tong beteugelen Jakobus3.1-12. “Broeders en zusters, u moet niet allemaal leraar willen zijn. U weet dat ons leraren een strenger oordeel te wachten.

Verwante presentaties


Presentatie over: "De tong beteugelen Jakobus3.1-12. “Broeders en zusters, u moet niet allemaal leraar willen zijn. U weet dat ons leraren een strenger oordeel te wachten."— Transcript van de presentatie:

1 De tong beteugelen Jakobus3.1-12

2 “Broeders en zusters, u moet niet allemaal leraar willen zijn. U weet dat ons leraren een strenger oordeel te wachten staat.” (3:1)

3 De schriftgeleerden en de farizeeën hebben plaatsgenomen op de stoel van Mozes. Houd je dus aan alles wat ze jullie zeggen en handel daarnaar; maar handel niet naar hun daden, want ze doen zelf niet wat ze jullie voorhouden.(…) ze verlangen een ereplaats bij feestmaaltijden en in synagogen, en hechten eraan op het marktplein eerbiedig te worden begroet en door de mensen rabbi te worden genoemd. Jullie moeten je niet rabbi laten noemen, want jullie hebben maar één meester, en jullie zijn elkaars broeders en zusters. En noem niemand op aarde vader, want jullie hebben maar één vader, de Vader in de hemel. Laat je ook niet leraar noemen, want jullie hebben maar één leraar, de messias. De belangrijkste onder jullie zal jullie dienaar zijn. Wie zichzelf verhoogt zal worden vernederd, en wie zichzelf vernedert zal worden verhoogd. (Matteüs 23;2,3, 6-12)

4 1.Hoe is het gesteld met het onderricht in je kerk? Welke eigenschappen verwacht je van een ‘leraar’? 2.De positie van ‘meester of leraar’ willen bekleden, er zich op beroemen… Gebeurt dit nog vandaag (in de kerk, in jouw gemeenschap, op andere niveaus)? Zijn Jezus’ waarschuwingen aan het adres van schriftgeleerden en Farizeeën nog actueel? Voorbeelden? 3.Is het makkelijk om zichzelf te zien als een ‘dienaar’? Is het natuurlijk? Komt dit overeen met de tijdsgeest? 4.Wat zijn volgens jou de verantwoordelijkheden die de positie van ‘leraar’ met zich meebrengt? Waarom spreek Jakobus van een ‘strenger oordeel’?

5 5.Jezus vraagt aan zijn leerlingen om van alle volken discipelen te maken, door hen te dopen en hun te leren zich te houden aan wat Jezus hen opgedragen heeft (Mat 28:19-20). Hier waar­schuwt Jakobus om geen leraar te willen zijn. Is dit in tegenspraak met wat Jezus zei? Of gaat het om iets anders? 6.“De lessen van de wijze zijn een bron van leven, ze laten je ontkomen aan de strikken van de dood.” (Spreuken 13:14): wissel hierover met elkaar van gedachten. 7.In het verhaal over de roeping van Jesaja raakt een seraf zijn lippen aan met een gloeiende kool, om ze te zuiveren (Jesaja 6:1-8): Wat betekent dit symbool?

6 “Hoe vaak struikelen we niet allemaal! Wie nooit struikelt in het spreken kan zich een volmaakt mens noemen, die in staat is om zelfs het hele lichaam in toom te houden. (3:1)

7 1.Volgens Jakobus is het beheersen van de tong het moeilijkst. Ben je het daar mee eens? Praat er samen over! ‘Struikelen met de tong’: heb je concrete voorbeelden? 2.Beschouw jij jezelf als ‘volmaakt’ (volgens de definitie hierboven)? Waarom wel / niet? Verklaar. 3.Zelfbeheersing maakt deel uit van de vruchten van de Geest in Galaten 5:22. Is dit een vrucht die jij kweekt (een beetje, veel, helemaal niet)? 4.Wat denk je: zijn onze woorden een barometer van onze geestelijke rijpheid? Waaraan kun je geestelijke volwassenheid afmeten? Wat zijn tekenen van geestelijke rijpheid (of tegenover­gesteld: geestelijke onvolwassenheid)?

8 Kleine tong, grote gevolgen… (3-8)

9 1.Lees aandachtig de verzen 3 tot 8. In welke mate spreken de beelden die Jakobus gebruikt je aan? 2.Als jij zou moeten spreken over de tong en de gevolgen van haar gebruik, wat zou je dan vertellen?

10 “Er is geen mens die de tong kan temmen, dat onbereken- bare kwaad, vol dodelijk venijn.” (3:8)

11 1.Jakobus spreekt over de tong in harde woorden: een onberekenbaar kwaad vol dodelijk venijn (zie ook in vers 6!). Waarom zo’n harde woorden? Heeft hij gelijk, of overdrijft hij? Kun je ook positieve dingen zeggen over de tong? 2.De tong: een kwaal, venijn: zie je daar concrete actuele voorbeelden van? 3.Volgens Jakobus kan geen enkel mens de tong temmen. Is dit absoluut, of kunnen we toch leren om onze tong te beheersen? Zo ja, hoe?

12 « Woorden hebben macht over leven en dood » (Spreuken 18.21) Een fabel van Aesopus… “Uit dezelfde mond klinkt zegen en vervloeking.” (3: 10)

13 “Het hart van de dwazen is in hun mond, maar de mond der wijzen is in hun hart.” (J. Sirach 21:29) “Waar het hart vol van is, daar loopt de mond van over. Een goed mens haalt uit zijn schatkamer met goede dingen het goede tevoorschijn, terwijl een slecht mens uit zijn schatkamer met slechte dingen het slechte tevoorschijn haalt. Ik zeg u: van elk nutteloos woord dat mensen spreken, zullen ze op de dag van het oordeel rekenschap moeten afleggen. Want op grond van je woorden zul je worden vrijgesproken, en op grond van je woorden zul je worden veroordeeld.’ (Mat 12:34-37) “Niet wat de mond in gaat maakt een mens onrein, maar wat de mond uit komt, dat maakt een mens onrein.” (Mat 15:11)

14 1.God zegenen en de mens vervloeken: hoe is dit mogelijk? 2.Een tong die zegent en vervloekt, die macht heeft over leven en dood, die schept en kapot maakt: heb je daar concrete voorbeelden van? 3.Lees nog eens wat Jezus zegt (zie hierboven) en praat er over met elkaar. 4.Vergelijk je eigen woorden (menselijke woorden) met de woorden van God (Jezus): Gods woord is woord van leven, scheppend, herstellend. Door zijn Woord (her)schept en redt Hij. De proloog van het Johannesevangelie stelt dat het vleesgeworden Woord licht en leven is. Jesaja 55:10,11 verklaart dat Gods woord niet zonder uitwerking blijft. De zaaier zaait het woord dat overvloedig vrucht draagt wanneer het wordt aanvaard. Jakobus schrijft: “Aanvaard de boodschap (het woord) die in u is geplant en die u kan redden.” (1:21,22). Wat bewerkt het Woord in jou? Welke uitwerking hebben woorden van anderen op jou? En jouw woorden, wat brengen die teweeg bij anderen?

15 Zes dingen haat de HEER, zeven dingen zijn hem een gruwel: ogen die hooghartig kijken en een tong die liegt, handen die onschuldig bloed vergieten en een hart dat op het kwade zint, voeten die zich naar de misdaad reppen en getuigen die bedriegen, altijd liegen, en zij die stoken tussen broers. (Spr 6:16-19) ) “Zet een wacht voor mijn mond, Heer, een post voor de deur van mijn lippen.” (Ps 141:3)


Download ppt "De tong beteugelen Jakobus3.1-12. “Broeders en zusters, u moet niet allemaal leraar willen zijn. U weet dat ons leraren een strenger oordeel te wachten."

Verwante presentaties


Ads door Google