De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Algemene Kennis- & Wetenschapsleer II College 1: 25-01-2005 14:45-17:30 PZ905 Inleiding: Rationalisme & Empirisme.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Algemene Kennis- & Wetenschapsleer II College 1: 25-01-2005 14:45-17:30 PZ905 Inleiding: Rationalisme & Empirisme."— Transcript van de presentatie:

1 Algemene Kennis- & Wetenschapsleer II College 1: :45-17:30 PZ905 Inleiding: Rationalisme & Empirisme

2 AKWII COLLEGE 12 Huishoudelijke mededelingen  Hans Dooremalen;  UvT (wetenschapsfilosofie), RUG (filosofie van de psychologie), Luzac (HAVO & VWO);  Onregelmatig aanwezig: Kamer P ;  Telefoon:   Verdere informatie: blackboard.

3 AKWII COLLEGE 13 Er staat veel op de sheets  Reden: minder schrijfwerk, meer tijd om mee te doen – het is een hoor- & werkcollege;  Je kan de sheets / PPT-presentatie voor het college al van het blackboard halen;  Om de printkosten niet uit de hand te laten lopen: [1] bestand, [2] afdrukken, [3] linksonder afdrukken “handouts” selecteren, dan rechts daarvan het aantal dia's per bladzijde (6 werkt goed).

4 AKWII COLLEGE 14 Afkortingen  Op PPT dia’s kan niet zoveel op  ik gebruik afkortingen:  Vaak de initialen van de relevante filosoof;  Opmerkingen van mezelf gaan vooraf door “HD:”  V: of Q: staat voor vraag / question, A: voor antwoord / answer;  Verder: alle afkortingen staan de eerste keer dat ik ze gebruik ook voluit.

5 AKWII COLLEGE 15 Tentamen AKWII  Schriftelijk;  (tentamen);  (hertentamen);  Locatie & tijdstip: onbekend & ergens in de middag;  Proeftentamen staat al op blackboard;  Vijf open vragen (minstens 1x kennis- & eigen meningvraag).

6 AKWII COLLEGE 16 Tentamenstof 1.De besproken literatuur (reader Decock of Dooremalen – is qua teksten dezelfde); 2.Collegestof.

7 AKWII COLLEGE 17 Programma hele collegereeks (handout) Blok I: Algemene kennisleer & wetenschapsfilosofie - Wat is wetenschap? C1:Inleiding tot aan logisch positivisme; C2:(Wittgenstein I &) logisch positivisme; C3:Karl Popper; C4:Thomas Kuhn; C5:Imre Lakatos; C6:Paul Feyerabend.

8 AKWII COLLEGE 18 Deel II: Empirisme, Realisme & Pragmatisme – Is empirisme nog te verdedigen? C7: Quine (Two Dogma’s); C8: Quine’s genaturaliseerde epistemologie; C9: Putnams kritiek op Quine; C10: Wetenschappelijk Realisme; C11: Bas van Fraassens empirisme; C12: Peirce’s pragmatisme; C13: Rorty’s pragmatisme.

9 AKWII COLLEGE 19 programma voor college 1 1.Filosofie en de aansluiting bij de wetenschap; 2.Een intuïtief inzicht in wat kennis & wetenschap is; 3.Kennisleer tot aan het logisch positivisme.

10 AKWII COLLEGE filosofie en de aansluiting bij de wetenschap  Afhankelijk van wat je opvattingen zijn over wat filosofie is, zal je anders aankijken tegen de relatie filosofie-wetenschap.

11 AKWII COLLEGE 111 [i] filosofie als conceptueel onderzoek  Empirisch (wetenschappelijk) onderzoek levert een wetenschappelijk wereldbeeld;  Normale wereldbeeld: manifest wereldbeeld;  Filosofie: wat bedoel je met term / concept X? (X = “quark”, “God”, “leven”….)  Wat is de link tussen deze wereldbeelden?  Filosofie is een discipline los van de wetenschap (?).

12 AKWII COLLEGE 112 [ii] filosofie als aansluitend bij de wetenschap  Andere opvatting: Filosofie zoekt aansluiting bij de wetenschap (als een fundamentele wetenschap, of als bijeenbrengen van data uit gespecialiseerde disciplines);  Historisch is dit de meest voorkomende opvatting:  Oude Grieken: cultus van het weten – kennis om de kennis;  Ontstaat bij Socrates (469 – 399 v.o.j.).

13 AKWII COLLEGE 113 Socrates  Reageert op sofisten;  Wilde ware kennis (i.t.t. praktische kennis);  Maakte hierdoor vijanden;  Werd ter dood veroordeeld.

14 AKWII COLLEGE 114 Waar hielden de filosofen na Socrates zich mee bezig?  Biologie;  Politiek;  Letteren;  Astronomie;  Ethiek;  Rechtvaardigheid;  Opvoeding;  Logica;  Natuurkunde / fysica;  Metafysica / ontologie (wat er is);  Epistemologie / kennisleer;  M.a.w. het waren all-round wetenschappers.

15 AKWII COLLEGE 115 Filosofie in de Middeleeuwen  Exegese van Plato & Aristoteles;  Voorbeeld: Thomas van Aquino’s filosofie is het in overeenstemming brengen van rede (d.w.z. Aristoteles) met de openbaring.

16 AKWII COLLEGE 116 Filosofie in de 16 e eeuw  Nog sterk gericht op Grieks-Middeleeuwse traditie;  O.a. René Descartes (1596 – 1650);  Studeerde filosofie in La Flèche: logica, fysica, moraal, metafysica, wiskunde, muziek, sterrenkunde;  Ook hier: allround wetenschapper.

17 AKWII COLLEGE intuïtief inzicht in wetenschap (?)  Kennisleer: wat is de bron van ware kennis?  Wetenschapsfilosofie: De bron van kennis is de wetenschap, maar wat is nu wetenschap?  Bijvoorbeeld: Waarom vallen Stephen Hawkings beweringen over zwarte gaten binnen het domein van de wetenschap en Joke Dammans beweringen over witte geesten niet? [Je kan beide immers niet zien, toch???]

18 AKWII COLLEGE 118 Wat is wetenschap?  Op deze vraag komen we dus uitgebreid terug;  Intuïtief hebben we daar wel een goed idee van, maar wat onderscheidt wetenschap van niet- wetenschap?  Quiz…

19 AKWII COLLEGE kennisleer tot aan het logisch positivisme  Wetenschapsfilosofie is begonnen met kennisleer;  Kennisleer stelt drie vragen: (1) Wat is (zekere) kennis? (2) Hoe kunnen we die kennis rechtvaardigen? (3) Wat is de bron van kennis?  M.b.t. deze kwesties zijn traditioneel twee posities ingenomen: (1) het rationalisme: echte kennis is afkomstig van de ratio, de rede; (2) het empirisme: echte kennis is afkomstig van de empirie = de ervaring opgedaan via zintuiglijke waarneming.

20 AKWII COLLEGE 120 Rationalist # 1: Plato (427–247)  De bron van kennis is de ratio;  Plato: Leren is herinneren;  Vraag: waarom zegt hij dat?  Plato geloofde in reïncarnatie: voor je geboorte had je alle kennis al, die ben je echter vergeten bij je geboorte;  Vraag: Hoe zit dat?

21 AKWII COLLEGE 121 Plato’s allegorie van de grot  Ideeën bestaan los van ons in een Ideeënwereld;  De ziel is verwant aan die Ideeën;  Kennis verwerven is daarmee je de Ideeën herinneren;  Vraag: Hoe gaat dat in zijn werk?

22 AKWII COLLEGE 122 Meno  Dit is natuurlijk onacceptabel: Socrates legt de slaaf van Meno woorden in de mond;  Dit soort rationalisme is dus wel erg extreem;  Descartes had een minder sterke versie.

23 AKWII COLLEGE 123 Rationalist # 2: René Descartes (1596 – 1650)  Leeft in de tijd dat Gallilei door de kerk veroordeeld wordt;  Gaat naar Nederland;  Wilde zekere kennis (i.t.t. dogmatische houding van zijn leraren);  Hij zoekt een fundament.

24 AKWII COLLEGE 124 Wat weet je zeker? [1]Leraren zijn onbetrouwbaar; [2]Zintuigen zijn onbetrouwbaar;

25 AKWII COLLEGE 125

26 AKWII COLLEGE 126 [3] Een malin genie houdt je wellicht voor de gek;  Maar: “ik denk, dus ik ben” is zelfs in het geval van [3] waar;  Dus: rationeel fundament voor kennissysteem.

27 AKWII COLLEGE 127 Ingeboren ideeën  Descartes geloofde ook dat ideeën ingeboren kunnen zijn;  Hij maakt een verschil tussen:  (1) Ingeboren ideeën (driehoek, god);  (2) Verworven ideeën (zon);  (3) Verzonnen ideeën (Pegasus);  Het verschil met Plato is duidelijk: Niet alle ideeën zijn ingeboren.

28 AKWII COLLEGE 128 Inzet Descartes: wereldbeeld veranderen  Studenten zien vaak in Descartes een religieus fanatiekeling;  Dat is een verkeerd beeld;  Wat Descartes eigenlijk doet is een totaal nieuw wereldbeeld introduceren.

29 AKWII COLLEGE 129 Discussie met Voetius  Descartes verzette zich tegen de Aristotelische traditie;  Op 23 & 24 december 1641 houdt Voetius aan de Universiteit van Utrecht lezingen waarin hij de Aristotelische fysica verdedigde en degenen die eraan tornden beschuldigde van het bederven van de academische jeugd en meende dat ze zouden eindigen als atheïsten of beesten.

30 AKWII COLLEGE 130 Empirisme  Empiristen menen dat kennis enkel door de ervaring via de zintuiglijke waarneming verworven kan worden;  Soms wordt introspectie gezien als het resultaat van interne waarneming (Locke).

31 AKWII COLLEGE 131 Empirist # 1: Aristoteles ( v.o.j.)  Empirist avant la lettre.  Verwerping Plato’s twee- werelden theorie: er is slechts één wereld en die is met de zintuigen waar te nemen;  Dit impliceert tevens een afwijzing van ingeboren ideeën: de mens is een tabula rasa.

32 AKWII COLLEGE 132 De Britse Empiristen Locke – Berkeley - Hume John Locke ( ): [A] Verwerping ingeboren ideeën; [B] Formulering empiristisch principe; [C] Categorisering der ideeën; [D] Ideeën zijn onderscheiden van kwaliteiten.

33 AKWII COLLEGE 133 [A] Locke’s verwerping van de ingeboren ideeën  Empirisme kan geen ingeboren ideeën accepteren;  Hoe weerlegt Locke die theorie?  Door te laten zien dat de vermeende ingeboren ideeën helemaal niet voorkomen bij veel mensen;  Het gaat om: (1) dat wat is, is; (2) het is onmogelijk tegelijk te zijn en niet te zijn; (3) morele principes.

34 AKWII COLLEGE 134  Locke: Ten eerste zouden universele principes ook anders verklaard kunnen worden;  Locke: ten tweede zijn ze niet universeel – (1) & (2) vinden we niet bij kinderen en dwazen, en vergelijking van culturen laat zien dat er helemaal geen (3) universele morele principes zijn;  HD: Dat is een gevoelige klap voor het rationalisme.

35 AKWII COLLEGE 135 [B] Locke’s formulering van het empiristisch principe  Hoe verwerven we dan kennis, als het niet via de rede is?  Locke: “Whence has it all the materials of reason and knowledge? To this I answer, in one word, from experience. In that all our knowledge is founded, and from that it ultimately derives itself.”  Bij Locke is ervaring: waarneming & reflectie (interne waarneming);  Dit is het empiristische principe.

36 AKWII COLLEGE 136 [C] Locke’s indeling van de ideeën Enkelvoudige ideeën 1.Van één zintuig (bijv. zoetheid); 2.Van twee of meerdere zintuigen (bijv. beweging); 3.Van de reflectie (bijv. het idee ‘denken’); 4.Van zintuigen & reflectie (bijv. het idee ‘pijn’)

37 AKWII COLLEGE 137 Complexe / samengestelde ideeën 1.Ideeën van modus, m.a.w. eigenschappen (bijv. schoonheid, er is iets mooi, bijv. een schilderij); 2.Ideeën van substantie; 3.Ideeën van relatie (bijvoorbeeld: broer zijn van ).  Probleem (voor empirist): idee van substantie;  V: Waarom is dit een probleem?

38 AKWII COLLEGE 138 [D] Locke onderscheidt ideeën van kwaliteiten Sneeuwbal  Rondheid is verantwoordelijk voor het idee ‘rond’ in ons;  Rondheid is een primaire kwaliteit van de sneeuwbal: het is een eigenschap waarmee ons idee overeenkomt;  De sneeuwbal is ook rond als niemand hem ziet.

39 AKWII COLLEGE 139  Ons idee ‘wit’ komt niet van de primaire kwaliteit van de sneeuwbal: de sneeuwbal is zelf niet wit;  De sneeuwbal heeft bepaalde primaire kwaliteiten en die zorgen voor een bepaalde sensatie in mensen;  ‘Wit’ is een secundaire kwaliteit, die niet langer bestaat als er geen wezens meer zijn die het object waar kunnen nemen;  (tertiaire kwaliteit: kwaliteit om primaire kwaliteiten te veranderen, bijvoorbeeld de warmte van de zon kan was doen smelten).

40 AKWII COLLEGE 140  Vraag: zijn de primaire kwaliteiten wellicht net zo illusoir als de secundaire kwaliteiten?  Deze vraag brengt ons bij de tweede belangrijke Britse empirist: Bisschop George Berkeley.

41 AKWII COLLEGE 141 George Berkeley ( )  Berkeley laat alle eigenschappen van de fysische wereld afhangen van de geest: esse est percipi;  Is dit wel empirisme?  Ja de waarneming staat centraal (kennis volgt nog steeds uit ervaring).

42 AKWII COLLEGE 142  Dit is geen ontkenning van de fysische werkelijkheid;  Wat als ik even niet kijk?

43 AKWII COLLEGE 143 David Hume ( )  Hume heeft een theorie die vaak erg op die van Locke lijkt;  Hij deelt de percepties (= impressies en ideeën) in;  In het algemeen komen de impressies en de ideeën overeen.

44 AKWII COLLEGE 144 Hume’s indeling van percepties EnkelvoudigComplex ImpressieDe ervaring vanErvaring roodstadsgezicht Idee‘rood’terug- denkend aan de stad. Probleem: Complexe idee ‘New Jeruzalem’; Hume: Terug te brengen tot combinatie van enkelvoudige ideeën.

45 AKWII COLLEGE 145 Hume stelt dat de wetenschap irrationeel is  Hume: Er zijn [1] relations of ideas & [2] matters of fact;  [1] is onproblematisch, immers ideeën zijn immers vanuit je luie stoel toegankelijk;  Voor [2] moet je naar de werkelijkheid kijken (de oordelen hierover zijn dus duidelijk empiristisch);  Deze oordelen kan je zonder in contradicties te raken ontkennen: morgen komt de zon niet op.

46 AKWII COLLEGE 146  “The contrary of every matter of fact is still possible; because it can never imply a contradiction[.] […] That the sun will not rise to-morrow is no less intelligible a proposition and, implies no more contradiction, than the affirmation that it will rise.”  Twee soorten oordelen over zulke matters of fact:  [1] Directe ervaringsoordelen; gebaseerd op ervaring of herinnering (no problem);  [2] Indirecte ervaringsoordelen; gebaseerd op matters of fact die niet in de ervaring gegeven zijn…..probleem voor empirist.

47 AKWII COLLEGE 147  Vraag: Hoe redeneren we over die matters of fact?  Hume: “All reasoning concerning matter of fact seem to be founded on the relation of Cause and Effect. By means of that relation alone we can go beyond the evidence of our memory and senses.”  Voorbeeld: De vonk veroorzaakte de ontploffing.

48 AKWII COLLEGE 148  Probleem: Een vonk kan een oorzaak zijn, een geluid kan een oorzaak zijn, een rollende biljartbal kan een oorzaak zijn….  Er is echter geen enkele eigenschap die oorzaken met elkaar delen;  Hume concludeert dat het een oorzaak zijn geen eigenschap van een object is, maar een relatie tussen objecten, maar welke?

49 AKWII COLLEGE 149  Hume: dat is onbekend. We hebben de gewoonte om telkens als we A zagen en daarna B, dat we daar dan de relatie oorzaak-gevolg in zien;  HD: Dit is eigenlijk niets anders dan inductie;  Inductie is irrationeel (het is niet logisch te rechtvaardigen);  Wetenschap gebruikt inductie;  ERGO: Wetenschap is irrationeel: “De rationaliteit van de wetenschap (van algemene kennis) is evenzeer een illusie als inductie zelf. Ons instinctief geloof in algemene regelmatigheden is volstrekt irrationeel.” (Derksen 1980: 88)

50 AKWII COLLEGE 150 Uitleg inductie  Inductie is op basis van een aantal (maar niet alle) gevallen waarin A samenging met of gevolgd werd door B, concluderen dat altijd als A, dan B;  In de praktijk levert dit geen probleem;  In theorie is dit een groot probleem: Waarom is er nergens een A die niet B is? (Dat weet je niet);  Voorbeeld: Alle zwanen zijn wit.  HD: Hier komen we nog uitgebreid op terug.

51 AKWII COLLEGE 151 Premissen 1.Metaal x 1 zette uit bij verhitting op tijdstip t 1. 2.Metaal x 2 zette uit bij verhitting op tijdstip t 2. 3.Metaal x n zette uit bij verhitting op tijdstip t n. Conclusie Alle metalen zetten uit bij verhitting.  HD: Inductie is dus een groot probleem voor de wetschap.

52 AKWII COLLEGE 152 Rationalisme & Empirisme: Immanuel Kant ( ) “Without the sensuous faculty no object would be given to us, and without the understanding no object would be thought. […] Neither of these faculties can exchange its proper function. Understanding cannot intuite, and the sensuous faculty cannot think. In no other way than from the united operation of both, can knowledge arise.”

53 AKWII COLLEGE 153 Hoe brengt Kant empirisme en rationalisme samen?  Door de combinatie van twee begrippenparen:  A priori & a posteriori;  Analytisch & synthetisch;  A priori oordeel = toegankelijk zonder naar de werkelijkheid te kijken (een broer is een man);  A posteriori oordeel = hiervoor moet je wel naar de werkelijkheid kijken (hoeveel mensen zitten er hier?)

54 AKWII COLLEGE 154  Synthetisch oordeel: vermeerdert je kennis (Kant: sommige lichamen zijn zwaar);  Analytisch oordeel: vermeerdert je kennis niet, maar analyseert wat je al weet (Kant: elk lichaam is uitgebreid);  Analytische oordelen berusten op het principe van non-contradictie.

55 AKWII COLLEGE 155 combinaties OordelenAnalytischSynthetisch A prioriElk lichaamWiskunde is uitgebreid5 + 7 = 12 A posterioriErvarings- oordelen: dit is een rood boek.  rationalisme   empirisme  Bestaan niet

56 AKWII COLLEGE 156 Probleem voor Kant  Levert wiskunde wel echte kennis op?  Is het niet veeleer een methode die je moet begrijpen en die je dan toe kan passen?

57 AKWII COLLEGE 157 samenvattend 1.Puur rationalisme pleit voor [A] kennis door de rede & [B] ingeboren ideeën (Plato, Descartes); 2.Empirisme pleit voor [A] kennis door zintuiglijke ervaring en tegen [B] ingeboren ideeën (Aristoteles, Locke, Berkeley, Hume); 3.Kant poogt een combinatie van beide te maken.

58 AKWII COLLEGE 158 Problemen met deze theorieën  Rationalisme: theorie over ingeboren ideeën is onwaar;  Empirisme: probleem van substantie, oorzakelijkheid en inductie;  Kants combinatie: bestaan synthetisch a priori oordelen wel?  In het volgend college kijken we naar empiristen uit de twintigste eeuw.


Download ppt "Algemene Kennis- & Wetenschapsleer II College 1: 25-01-2005 14:45-17:30 PZ905 Inleiding: Rationalisme & Empirisme."

Verwante presentaties


Ads door Google