De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

© Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum: 13.12.11 1.

Verwante presentaties


Presentatie over: "© Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum: 13.12.11 1."— Transcript van de presentatie:

1 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum:

2 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum: Opmerking: enkel US-aandelen 2

3 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum:

4 The little book that beats the market – return on capital gaat op zoek naar bedrijven die hogere rendementen genereren voor de beleggers – earnings yield omgekeerde koers/winstverhouding gaat op zoek naar bedrijven die goedkoop noteren database bedrijven – bedrijven die goed scoren op beide criteria  bovenaan de lijst – opgelet: – met dergelijke vereenvoudigde systemen – goed inzicht in basis fundamentele analyse © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer4

5 Specifieke ratio’s voor beleggers Ratio’s zelf berekenen? – – beleggingsplatform online bank – stockscreeners © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer5

6 Bron: Datum:

7 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum:

8 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum:

9 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum:

10 Specifieke ratio’s voor beleggers Boekwaarde van een aandeel Koers-boekwaarde Intrinsieke waarde Koers-winstverhouding Earnings yield Koers-cashflowverhouding Dividendrendement © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer10

11 Boekwaarde van een aandeel © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer11

12 Boekwaarde van een aandeel meestal zal koers > boekwaarde reden: vaste activa in balans meestal ondergewaardeerd – activa worden afgeschreven (in praktijk meer waard dan in boekhouding) – Knowhow, naambekendheid … hebben belangrijke economische waarde maar zitten niet in activa © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer12

13 Boekwaarde van een aandeel Boekwaarde mag als minimumwaarde voor de onderneming worden beschouwd (bij volwassen bedrijven) Bedrijven die onder boekwaarde of net erboven noteren – soms reden voor – soms ondergewaardeerd beleggers schatten vooruitzichten te pessimistisch in als rendabiliteit kan worden verbeterd en/of turn-around kan gerealiseerd worden is het interessant om aandeel dat nu goedkoop gewaardeerd staat aan te kopen Voorbeeld p © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer13

14 ‘The Intelligent Investor’ Value investing Benjamin Graham ( ) 4 principes – ken de sector waarin je belegt – zoek uit wie het bedrijf leidt – koop op basis van harde cijfers zoals de boekwaarde van het bedrijf – laat je niet afleiden door de algemene visie Typetje ‘Mr. Market’ © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer14

15 ‘The Intelligent Investor’ Tip: Koen De Leus – Bolero – bespreking boek © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer15

16 Koers-boekwaarde van een aandeel © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Voorbeeld p

17 Koers-boekwaarde van een aandeel Hoeveel keer betaal je de boekwaarde van het bedrijf? Verschilt van sector tot sector – interessant om koers-boekwaarde aandeel te vergelijken met die van zijn sectorgenoten – noteert aandeel relatief goedkoop? duur? waarom? © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer17

18 Intrinsieke waarde werkelijke waarde actief – rekening houden met meer- en minderwaarden niet altijd even gemakkelijk om te berekenen – toelichting jaarrekening geeft meer uitleg over waardering activa – soms wordt intrinsieke waarde berekend in jaarverslag – analisten berekenen intrinsieke waarde (online beleggingsplatform) koers ondergewaardeerd aandeel – value investors – voorbeeld: Warren Buffet © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer18

19 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: - d atum:

20 Koers-winstverhouding (k/w) hoeveel keer moet men de winst betalen? – hoe lager => hoe goedkoper het aandeel – hoe hoger => hoe duurder het aandeel Engelse term: price-earnings of p/e Voorbeeld p. 242 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer20

21 Koers-winstverhouding (k/w) Welke winst nemen? – die van het voorbije jaar => historische k/w – winst huidige jaar of volgende jaar => prospectieve k/w in dat geval zal men jaar vermelden om aan te duiden let op: winst staat nog niet vast, dus is raming opgelet: met winsten uit verleden zomaar te veronderstellen voor toekomst Vergelijken met aandelen binnen de sector – sectoren die sterkte groei kennen: doorgaans hogere k/w dan traditionele sectoren Aandeel kopen enkel en alleen om lage k/w heeft weinig zin! – zal winst ook komende jaren kunnen worden gerealiseerd? – is er nog groeipotentieel? – voorbeeld: K/W bedrijf A = K/W bedrijf B A heeft stabiele winsten, B verwacht verdubbeling van de winst © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer21

22 Bron: D atum: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer22

23 Bron: - d atum: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer en evolutie van de p/ewww.wsj.com 23

24 Koers-winstverhouding (k/w) Welke winst neemt men? – nettowinst, bedrijfswinst, winst uit gewone bedrijfsuitoefening … – verwarring! Koers-winstverhouding kan berekend worden voor – aandeel – beurs – beursindex PEG-ratio – Price Earnings/Growth – Koers-winstverhouding gedeeld door winstgroei bedrijf – + © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer24

25 Koers-winstverhouding (k/w) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum:

26 Earnings yield Variant op koers-winstverhouding Hoeveel een bedrijf of de markt in zijn geheel verdient op elke 100 EUR die men erin investeert © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Voorbeeld p

27 Earnings yield Opmerkingen bij koers-winstverhouding gelden hier ook – men kan historische en prospectieve earnings yield berekenen – … Earning yield van de aandelenmarkt Bond yield (rente op tienjarige obligaties) verschil = risicopremie voor het beleggen in aandelen als risicopremie boven gemiddelde noteert  overgewaardeerde markten © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer27

28 Koers-cashflowverhouding Variant op koers-winstverhouding – men gebruikt nu cashflow i.p.v. winst Jaarverslag – kan men vaak cashflow, en/of EBITDA … terugvinden Voorbeeld p. 244 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer28

29 Koers-cashflowverhouding Voordelen t.o.v. koers-winstverhouding – bij k/w niet altijd duidelijk welke winst men gebruikt nettowinst, bedrijfswinst … – winst te manipuleren andere manier van afschrijven aanleggen van voorzieningen boeken van waardeverminderingen – bedrijven in volle groei vaak zware investeringen gedaan (waarvan afschrijvingen wegen op de winst) volgende jaren: kunnen ze de vruchten er van plukken – <> bedrijven met hoge winst die niet investeren Cash flow dus betere maatstaf © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer29

30 Dividendrendement Mogelijkheden – brutodividend/nettodividend – dividend laatste boekjaar/verwachte dividenden Voorbeeld p. 245 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer30

31 Pay-out ratio groeibedrijven – traditioneel lage pay-out ratio – willen geld in onderneming houden voor toekomstige investeringen als rendement op eigen vermogen hoog is – beter voor aandeelhouder als winsten in bedrijf worden gehouden sommige bedrijven: keren traditioneel hoog dividend uit – spreken daarmee bepaald publiek aan dat graag jaarlijks dividend heeft – andere aandeelhouders verkiezen meerwaarden © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer31

32 Oefening ratio’s beleggers p. 245 Bijvoorbeeld: – Telenet en Belgacom – Duvel Moortgat © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer32

33 Fundamentele analyse Discounted cash flow methode – p. 246 – p. 250 Dividend discount model – p. 250 – p. 252 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer33

34 NAIC National Association of Investors Corporation – tegenhanger van Vlaamse Federatie voor Beleggingsclubs en Beleggers (VFB) ontwikkelde beleggingsmethode 4 basisprincipes – beleg op regelmatige tijdstippen – herbeleg de dividenden en de meerwaarden – beleg in groeiaandelen – diversifieer je beleggingen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer34

35 NAIC Groeiaandelen – = bedrijven: opbrengsten sneller groeien dan gemiddeld – verwachting: ook in komende 5 jaar zullen doen – ≠ verlieslatende start-ups (winstgevende track record) – cyclische aandelen: worden buiten beschouwing gelaten – deze aandelen zijn in principe in staat vermogen te verdubbelen over periode van 5 – 7 jaar = samengestelde return van 10 % - 15 % © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer35

36 NAIC Belangrijke tool hierbij – Stock Selection Guide – Aandelen Selectie Gids (ASG) – 2 bladzijden – grafische voorstelling: o mzet, winst, beurskoers, evaluatie management, geschiedenis van koers/winstverhouding – op basis van deze gegevens tekent men toekomstig trendkanaal van het aandeel met een plafond- en bodemkoers – op basis hiervan bepaalt men koop-, houd- en verkoopzone van het aandeel © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer36

37 NAIC wordt ook wel ‘Better Investing’ genoemd (= ledenmagazine dat ze uitgeven) – VFB volgt deze methode, op site – handleiding – database 150 bedrijven in de ASG – … – © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer37

38 Bron: - d atum: © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer38

39 Elk jaar Naic en Fundamentele Analysedag – editie 2011 te Grobbendonk – PPT beschikbaar voor leden op – voorbeelden Sven Sterckx (Dierckx-Leys Effectenbank) aandelenselectie volgens NAIC-methode © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer39

40 Technische analyse Soorten grafieken Schalen, horizon en frequentie Steun- en weerstandsniveaus Trendlijnen Omkeer- en voortzettingspatronen Gemiddelden Het verhandelde volume Indicatoren Programma’s voor technische analyse Position sizing © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer40

41 Soorten grafieken Lijngrafiek Staafgrafiek of barchart Candlesticks © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer41

42 Lijngrafiek © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: - d atum:

43 Staafgrafiek © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: - d atum:

44 Candlesticks © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: - d atum:

45 Schalen, horizon en frequentie Schalen – horizontale as = tijdsas – verticale as = prijsas – gewone rekenkundige schaal afstand tussen 10 EUR en 20 EUR = afstand tussen 30 EUR en 40 EUR  absolutie prijsverschillen: zelfde afstand – semilogaritmische schaal zelfde afstand voor dezelfde gelijkaardige relatieve prijsveranderingen afstand tussen 10 EUR en 20 EUR (stijging met 100 %) = afstand tussen 20 EUR en 40 EUR (stijging met 100 %) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer45

46 Rekenkundige schaal © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

47 Semilogaritmische schaal © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

48 Schalen, horizon en frequentie Horizon – horizontale as = tijdsas – lange termijn raadpleegt men eerst om algemene trend van aandeel te kennen – middellange termijn – korte termijn om uiteindelijke aankoop- en verkoopmoment te bepalen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer48

49 Schalen, horizon en frequentie Frequentie – Dag, week, maand … – Week: staafje per week openingskoers: openingskoers van maandag hoogte koers: hoogste koers tijdens de week laagste koers: laagste koers tijdens de week slotkoers: slotkoers op vrijdag volume (indien afgebeeld): totaal volume van de week © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer49

50 Weekgrafiek candlestick © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

51 Schalen, horizon en frequentie Frequentie – Dag, week, maand … – Maand: staafje per maand openingskoers: openingskoers 1 ste dag van de maand hoogte koers: hoogste koers tijdens de maand laagste koers: laagste koers tijdens de maand slotkoers: slotkoers op laatste dag van de maand volume (indien afgebeeld): totaal volume van de maand © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer51

52 Maandgrafiek candlestick © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

53 Steun- en weerstandsniveaus Steunlijnen – minstens twee bodempunten met elkaar verbinden – doortrekken naar de toekomst – men verwacht dat koers niet door deze lijn zal zakken Weerstandslijnen – minstens twee toppen met elkaar verbinden – doortrekken naar de toekomst – men veronderstelt dat prijs zal dalen moeilijk is om deze lijn te doorbreken © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer53

54 Grafiek met steun- en weerstandslijnen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

55 Steun- en weerstandsniveaus Betrouwbaarheid hangt af – aantal bodems of toppen die de lijn verbindt hoe meer  hoe betrouwbaarder – de lengte van de lijn hoe langer zonder koersdoorbraak  hoe betrouwbaarder – het volume hoe groter het volume bij bepaalde steun of weerstand  hoe betrouwbaarder © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer55

56 Steun- en weerstandsniveaus Steun/weerstand kan niet eeuwig stand houden – zal ooit doorbroken worden! bv. onverwacht nieuwsbericht – wanneer nu betrouwbaar? bv. als koers meer dan 3 dagen of 3 % boven steun/weerstand beweegt – volume bij trendbreuk: belangrijk dat het oplopend is = groter gedeelte van de markt steunt de doorbraak © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer56

57 Steun- en weerstandsniveaus Valse doorbraken – koers breekt door weerstand en daalt daarna terug onder weerstandsniveau – koers daalt door steunniveau om daarna terug te stijgen boven steunniveau Steun wordt weerstand of omgekeerd – aandeel breekt door weerstand blijft boven die weerstand kan weerstand een steunlijn worden – aandeel daalt door steunlijn stijgt daarna terug kan steunlijn een weerstandslijn worden © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer57

58 Weerstand wordt steun © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

59 Trendlijnen Stijgende trend – bodems alsmaar hoger – steunlijn die bodems met elkaar verbindt Dalende trend – toppen alsmaar lager – weerstandslijn die toppen met elkaar verbindt Zijwaartse trend – toppen en bodems liggen ongeveer horizontaal © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer59

60 Grafiek met steun- en weerstandslijn © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum: AankoopsignaalDe weerstandslijn wordt bij een dalende trend doorbroken VerkoopsignaalDe steunlijn wordt bij een stijgende trend doorbroken 60

61 Omkeer- en voortzettingspatronen Belegger wil start van een nieuwe trend zo snel mogelijk herkennen – om tijdig in te stappen bij start stijgende trend – om tijdig uit te stappen bij start dalende trend Voortzettingspatroon – geeft aan dat koersen na een pauze meestal de ingezette trend zullen voortzetten Omkeerpatroon – wijst op mogelijke trendkering © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer61

62 Omkeer- en voortzettingspatronen Handboek Beleggingsleer – bespreekt als voorbeeld ‘hoofd- en schouderfiguur’ – voor verdere informatie zie voor websites, boeken … © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer VoortzettingspatronenOmkeerpatronen DriehoekenHoofd- en schouderfiguur RechthoekenOmgekeerde hoofd- en schouderfiguur DiamantRonde toppen en ronde bodems De vlag en de wimpelDubbele toppen en dubbele bodems Reversal days 62

63 Hoofd- en schouderfiguur © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer63

64 Gemiddelden koerslijn – grillig en storende kortetermijnschommelingen voortschrijdend gemiddelde – Engelse term: moving average (MA) – vloeiender – kruising koerslijn en gemiddelde  levert signalen op © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer64

65 Gemiddelden © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer DagKoersVoortschrijdend gemiddelde op drie dagen ,3 667, , Voorbeeld p

66 Gemiddelden gebruikelijke waarden – voortschrijdend gemiddelde op 30 dagen (korte termijn) – voortschrijdend gemiddelde op 90 dagen (middellange termijn) – voortschrijdend gemiddelde op 200 dagen (lange termijn) hoe langer de periode – hoe belangrijker de signalen – maar hoe langer signaalvorming tot stand komt voortschrijdend gemiddelde over korte periode – voortschrijdend gemiddelde zal koerslijn vaak snijden zonder dat er van echt signaal sprake is © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer66

67 Gemiddelden Analyse van gemiddelden – vooral belangrijk bij koersen in beweging – bij vlak koersverloop: veel irrelevante snijpunten Vaak wordt ook hier op 3 % bevestiging gewacht Gemiddelde: geeft ook algemene tendens weer – stijgend bij een stijgend gemiddelde – dalend bij een dalend gemiddelde © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer67

68 Grafiek met VG-38 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

69 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer69

70 Grafiek met VG-150 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

71 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer71

72 Gemiddelden Gebruik maken van gemiddelden? – signalen vaak iets te laat – maar goed in combinatie met andere technische signalen doorbreken van trend of weerstand indicatoren (zie verder) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer AankoopsignaalBij het opwaarts doorkruisen van een stijgende gemiddelde lijn VerkoopsignaalBij het neerwaarts doorkruisen van een dalende gemiddelde lijn 72

73 Gemiddelden Gewogen voortschrijdend gemiddelde (GVG) – Weighted Average (WA) – de laatste dagen wegen zwaarder door dan de oudere dagen Exponentieel voortschrijdend gemiddelde – Exponential Average (EA) – de gegevens (dagen) worden gewogen met een exponent © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer73

74 Twee gemiddelden Op 1 grafiek staan 2 gemiddelden – kortlopend gemiddelde – langlopend gemiddelde Golden cross – bij een hausse snijdt het kortlopend gemiddelde het langlopend gemiddelde – = aankoopsignaal Death cross – Bij een baisse snijdt het kortlopend gemiddelde het langlopend gemiddelde – = verkoopsignaal © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer74

75 Golden cross © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

76 Death cross © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

77 Twee gemiddelden Nadelen – Trend vaak al bezig voor men aan- of verkoopsignaal krijgt – Weinig bruikbaar bij zijdelingse bewegingen Voordelen – belangrijke bevestiging bij ingezette trend – voorbeeld koersen breken door belangrijke weerstand daarna golden cross  krijgt men bevestiging van het eerdere aankoopsignaal MACD – = indicator die gebruik maakt van gemiddelden (zie verder) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer77

78 Verhandelde volume Volume – aantal aandelen dat verhandeld wordt – meestal voorgesteld door staafgrafiek – goede indicatie over druk op bepaald aandeel – vooral bij stijgende trend belangrijk – ook indicatoren die gebruik maken van volume © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer78

79 Verhandelde volume Stijgende trend – moeten stijgende koersen gepaard gaan met stijgende volumes – bij tijdelijke tegengestelde correctie moet gebeuren bij lage volumes (= volumes onder het gemiddelde) Dalende trend – moeten dalende koersen gepaard gaan met stijgende volumes – tegengestelde koerscorrecties gebeuren ook bij lage volumes © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer79

80 Verhoogd volume © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

81 Verhandelde volume Divergentie – koersstijging gaat gepaard met dalende omzet – = waarschuwing dat er trendommekeer zit aan te komen men heeft stijgende trend MAAR koopdruk neemt af – koersdaling gaat gepaard met dalende omzet – = waarschuwing dat trendommekeer zit aan te komen men heeft dalende trend MAAR verkoopdruk neemt af © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer81

82 Divergentie koers – verhandelde volume © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

83 Verhandelde volume In nabijheid van weerstandsniveaus – vaak hogere volumes – grote partijen nemen op dat moment winst – bij uitbraak boven weerstand is volume dan ook van zeer groot belang alleen bij groot volume: kan men er van uitgaat dat verdere koersstijging zal plaats vinden © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer83

84 Verhandelde volume © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer AankoopsignaalBij het opwaarts doorkruisen van een stijgende gemiddelde lijn VerkoopsignaalBij het neerwaarts doorkruisen van een dalende gemiddelde lijn Samenvatting aankoop- en verkoopsignalen gemiddelden 84

85 Indicatoren Kengetal op basis van koers, volume … Al besproken: gemiddelden Handboek Beleggingsleer – bespreekt als voorbeeld OBV, RSI en MACD – voor verdere informatie zie voor websites, boeken … © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Voorbeelden van indicatoren Volume indicatoren (voorbeeld: On Balance Volume (O.B.V.)) Momentum indicatoren (voorbeeld: Rate of Change (ROC)) Relatief Sterkte Index (RSI) Stochastics Moving Average Convergence Diverence (MACD) … 85

86 On Balance Volume (OBV) koppelt volume aan koersverandering als slotkoers dag x > slotkoers dag x-1 – waarde OBV wordt verhoogd met volume v/d dag als slotkoers dag x < slotkoers dag x-1 – waarde OBV wordt verminderd met volume v/d dag als slotkoers dag x = slotkoers dag x-1 – OBV blijft ongewijzigd © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer86

87 On Balance Volume (OBV) Geeft beeld van accumulatie of distributie van het aandeel Stijging van de OBV – er worden meer aandelen verhandeld bij stijgende dan bij dalende koersen – kopers zijn dus in meerderheid – = accumulatiefase – men gelooft in verdere stijging Stijging van de OBV – er worden meer aandelen verhandeld bij dalende dan bij stijgende koersen – verkopers zijn dus in meerderheid – = distributiefase – men verwacht verdere koersdaling © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer87

88 On Balance Volume (OBV) trend van de OBV is belangrijk divergentie wanneer – trend van het aandeel ≠ trend van de OBV – geeft dan mogelijks aan- en verkoopsignalen Samenvatting aankoop- en verkoopsignalen bij gebruik van OBV-indicator © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer AankoopsignaalDalende koerstrend en een stijgende OBV trend Positieve uitbraak van de OBV uit een dalend trendkanaal VerkoopsignaalStijgende koerstrend en een dalende OBV trend Negatieve uitbraak van de OBV uit een stijgend trendkanaal 88

89 Divergentie koers – OBV © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

90 Relatieve-sterkte-index (RSI) één van de meest bekende indicatoren geeft aan wanneer aandeel – overkocht – oververkocht is vergelijkt – de relatieve sterkte van de koersstijgingen met die van de koersdalingen – binnen bepaalde periode (meestal 14 dagen) niet te verwarren met – Relatieve-sterkte-indicator – = vergelijkt twee grafieken met elkaar © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer90

91 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Waarbij: AU= average of n days up AD= averige of n days down Zie p

92 Relatieve-sterkte-index (RSI) RSI tussen 75 en 100 – aandeel overkocht – verkoopzone RSI tussen 0 en 25 – aandeel oververkocht – aankoopzone RSI tussen 25 en 75 – neutrale zone – belegger neemt afwachtende houding aan – tussen 25 en 40 kan men nog kopen bij krachtige aankoopsignalen van andere indicatoren – tussen 50 en 75 kan men nog verkopen bij duidelijke verkoopsignalen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer92

93 Relatieve-sterkte-index (RSI) Negatieve divergentie – koers stijgt maar RSI daalt – mogelijke trendommekeer waarbij koers zal dalen Positieve divergentie – koers daalt maar RSI stijgt – mogelijke trendommekeer waarbij koers zal stijgen RSI beweegt in zelfde richting als koersverloop – = ondersteuning van het koersverloop © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer93

94 Relatieve-sterkte-index (RSI) © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

95 Relatieve-sterkte-index (RSI) Opgelet – er zullen situaties zijn waarbij RSI bv. op 90 noteert – maar koers toch nog zal stijgen – daarom altijd bevestiging zoeken bij andere signalen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer AankoopsignaalAls de RSI van onder 25 komt en boven 25 stijgt Dalende koers en stijgende RSI VerkoopsignaalAls de RSI van boven 75 komt en onder 75 daalt Stijgende koers en dalende RSI 95

96 Moving Average Convergence Divergence (MACD) wordt berekend door – verschil te nemen van twee exponentiële gemiddelden korte termijn (bv. 12 dagen) lange termijn (bv. 26 dagen) daarnaast berekent me op de MACD-lijn – een 9-daags exponentieel gemiddelde – dit noemt men de signaallijn/seingever/trigger © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer96

97 MACD Kortetermijngemiddelde/langetermijngemiddelde – kortetermijngemiddelde stijgt en daalt sneller dan langetermijngemiddelde soms lopen ze naar elkaar toe (convergeren) soms lopen ze uit elkaar (divergeren) – daardoor varieert verschil tussen beiden en krijgt men een wijzigende MACD-grafiek © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer97

98 MACD MACD-lijn beweegt rond nullijn – als kortetermijngemiddelde > langetermijngemiddelde bevindt de lijn zich boven nul – als kortetermijngemiddelde < langetermijngemiddelde bevindt de lijn zich onder nul via snijpunten MACD-lijn met trigger – aan- en verkoopsignalen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer98

99 MACD © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

100 MACD © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum: AankoopsignaalAls de trigger een stijgende MACD-lijn snijdt Bij de positieve divergentie wanneer de MACD-lijn stijgt en de koers daalt VerkoopsignaalAls de trigger een dalende MACD-lijn snijdt Bij negatieve divergentie wanneer de MACD-lijn daalt en de koers stijgt of gelijk blijft 100

101 MACD Voorzichtige beleggers – kopen de eerste 50 % als de seingever een stijgende MACD snijdt – kopen bij als de MACD de nullijn positief overschrijdt – verkopen de eerste 50 % als de seingever een dalende MACD snijdt – verkopen de rest als de MACD de nullijn negatief overschrijdt © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer101

102 Extra info over technische analyse Boeken – ‘Verhoog uw rendement met technische analyse’ auteur: Paul Gins beschikbaar bij – ‘Verbeter uw beleggingsinzicht met technische analyse’ auteur: Vandamme Edwin – ‘De dubbele sleutel’ auteur: Wilfried Voorspoels beschikbaar bij © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer102

103 Extra info over technische analyse Software – Prorealtime – – Transstock – – Monest – – Educatieve filmpjes! © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer103

104 Position sizing Position sizing = money management – hoeveel geld moet ik beleggen in bepaalde positie? – rekening houdend met totaal gewenste risico risico per aandeel © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer104

105 Position sizing totaal gewenste risico – risico dat men op hele positie wil nemen – ten opzichte van de portefeuille – meestal % van de waarde van de portefeuille 0,25 % - 3 % Voorbeeld p. 279 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer105

106 Position sizing risico per aandeel – als we werken met stop order  wat we investeren ≠ riskeren – in vorig voorbeeld een verkoop stop order  risico per aandeel = afstand tussen aankoopprijs en stop niveau Voorbeeld p. 279 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer106

107 Position sizing position sizing calculator beschikbaar op basis van aankoopprijs en stop niveau wordt optimale hoeveelheid berekend rekening houdend met totaal gewenste risico en kosten © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer107

108 Position sizing position sizing calculator bepaalt hoeveelheid – aandeel: te bepalen – aankoopniveau: te bepalen – stop: te bepalen – kapitaal: EUR – % Risk: 3 % – kosten beursorder: 7,5 EUR – beurstaks: 0,17 % © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer108

109 Position sizing video’s – hoe bepaal ik het aantal aandelen? – grafieken en position sizing ?t=Grafiek en Position Sizing – Zie voor andere video’s © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer109

110 Behavioral finance Ontstaan: midden jaren ‘80 – psychologie en sociologie om werking markten beter te begrijpen – financiële markten niet louter gestuurd door rationele overwegingen ook door psychologische factoren Pionier Daniel Kahneman – mensen nemen niet altijd rationele beslissingen – laten zich meeslepen door emoties zoals angst, hebzucht, drang naar controle … – heeft ons geholpen bij het overleven – bemoeilijkt functioneren in financiële omgevingen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer110

111 Behavioral finance Valkuilen waarin een belegger kan lopen – belegger kan zichzelf overschatten – grote angst hebben om te verliezen en daardoor nog meer verliezen – gevoel van onterechte controle ervaren – … © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer111

112 Behavioral finance overschatting – meeste mensen hebben neiging om zich te overschatten – doorgaans vindt meerderheid zich beter dan gemiddelde – te veel vertrouwen in zichzelf vaak (te veel) aan- en verkooptransacties leidt tot hoge transactiekosten – overmoed zorgt ervoor dat beleggers informatie die niet overeenstemt met hun mening te vaak naast zich neerleggen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer 112

113 Behavioral finance kuddegedrag – beleggers gaan gedrag van andere (blindelings) imiteren – volgen van groep is goed excuus voor als beleggingskeuze achteraf verkeerd uitdraait – leidt tot hypes – analisten vertonen ook kuddegedrag voorspellingen liggen vaak dicht bij elkaar © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer113

114 Behavioral finance verliesaversie – gemakkelijker om winst te innen dan verlies te aanvaarden – teleurstelling bij verlies veel groter – dan vreugde bij winst voor hetzelfde bedrag © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer114

115 Behavioral finance © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Zekere winst van 500 EUR Loterij met 50 % kans op winst van EUR 50 % kans op winst van 0 EUR 115

116 Behavioral finance verliesaversie – verklaring waarom beleggers aandelen waarop ze winst maken te snel verkopen te lang vasthouden aan verliesgevende posities in de hoop dat ze alsnog ten goede zullen keren © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer116

117 Behavioral finance ‘Behavioral finance. De motivatiepsychologie van de belegger’ – Debels Thierry ‘Beter beleggen. De psychologie van investeren’ – Mauboussin Michael The little book of behavioral investing – James Montier © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer117

118 Behavioral finance Ter info: – lecture Yale University – video ets/  7. Behavioral Finance: The Role of Psychology – tekst  © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer118

119 Holdings Mogelijkheden – investeren in andere bedrijven en winst boeken via meerwaarden of dividenden – strategische participatie om controle te krijgen over bedrijf of groep van bedrijven – beheren van patrimonium familie © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer119

120 Holdings © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer p

121 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum:

122 Holdings België – GBL – Brederode – GIMV – Ackermans & Van Haaren – Sofina © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer122

123 Holdings Voordelen holdings – diversificatie en spreiding van de portefeuille en het risico – geen roerende voorheffing – korting – kennis en ervaring © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer123

124 Holdings diversificatie en spreiding – interessant voor beleggers met kleine portefeuille – voorbeeld: Berkshire Hathaway Coca-cola, Amercian Express, Kraft, Wal-Mart … – verschil met beleggingsfondsen (hoofdstuk 12) holdings beleggen vaak ook in private equity kleine beleggers hebben hier geen toegang toe p. 282 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer124

125 Holdings roerende voorheffing – holdings moeten geen roerende voorheffing betalen op dividenden die ze ontvangen © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer125

126 Holdings mogelijke korting – als koers < intrinsieke waarde van de holding – intrinsieke waarde houdt rekening met beurskoersen van bedrijven waarin holding belegt – als koers > intrinsieke waarde  betaalt men premie – als koers < intrinsieke waarde  krijgt men korting  korting groter dan historisch gemiddelde? © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer126

127 Holdings kennis en ervaring – aanwezig bij het bestuur – jaarlijkse kosten runnen holding meestal niet hoger dan jaarlijkse beheerskosten van een fonds – men stapt mee in langetermijnstrategie van holding voorbeeld: GIMV en biotechnologie – holdings blijven vaak achter bij sterk presterende beurzen presteren vaak beter bij zwakke beurzen – redenen: spreiding, aanhouden van cash, korting t.o.v. intrinsieke waarde © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer127

128 Holdings Mogelijke nadelen – gebrek aan transparantie bij sommige holdings – niet altijd duidelijkheid over gevolgde strategie – korting t.o.v. intrinsieke waarde kan toenemen nadeel als men holding in bezit heeft voordeel als men holding wil kopen – holding noteert sterkt onder historisch gemiddelde  mogelijke meerwaarde als koers terugkeert naar historisch gemiddelde © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer128

129 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:

130 © Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: d atum:


Download ppt "© Uitgeverij De Boeck Beleggingsleer Bron: Datum: 13.12.11 1."

Verwante presentaties


Ads door Google