De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

NHG-Standaard Depressieve Stoornis Jerina Baekelandt

Verwante presentaties


Presentatie over: "NHG-Standaard Depressieve Stoornis Jerina Baekelandt"— Transcript van de presentatie:

1 NHG-Standaard Depressieve Stoornis Jerina Baekelandt

2 Wat is een NHG- Standaard? NHG = Nederlands Huisartsen Genootschap Is een boek voor huisartsen. Geeft richtlijnen voor diagnostiek, behandeling en begeleiding van personen met een depressie.

3 Depressieve stoornis = depressie Bij een depressieve stoornis = aanhoudende depressieve stemming (niet van voorbijgaande aard) Sombere stemming, hardnekkige en negatieve zelfbeelden (bv : gevoel niets voor te stellen, het idee zelf schuldig te zijn aan de ziekte, afwijkende gedragingen en lichamelijke klachten) Eerste episode: 3-4 maanden, na ongeveer een halfjaar voorbij, maar: -> Bij 30 % - 40% treden recidieven op -> Bij 5% - 10% is er sprake van een min of meer chronische depressieve stemming

4 Contactreden huisarts = NIET omwille van de depressieve stemming. DUS: huisarts moet alert zijn. -> Er bestaat kans dat de depressie niet wordt opgemerkt. Dit geldt bv. bij allochtone patiënten: culturele barrière! 65x243.jpg img/a JPG oad/2007/08/24/BIBU9_G3E1G9PO9.1+FBI _hoofddoek.1.jpg.275.jpg n.jpg

5 Achtergronden Bij de etiologie (de leer van de ziekteoorzaken) en pathogenese (ontstaan en ontwikkeling van een ziekte) van een depressie wordt uitgegaan van een MULTICAUSAAL VERKLARINGSMODEL Daarbij spelen: - biologische, - psychologische, - sociale factoren een rol Voorbeeld van biologische factoren: Ernstige lichamelijke ziekten en bepaalde medicamenten (corticosteroïden) Voorbeeld van psychische factoren: Ingrijpende gebeurtenissen zoals beëindiging van een belangrijke relatie (scheiding, dood) OF, enkel bij vrouwen: postpartumdepressie (beter bekend als een postnatale depressie) Voorbeeld van sociale factoren: Maatschappelijke problemen, gebrek aan sociale steun of lage sociale status

6 Richtlijnen diagnostiek De huisarts overweegt de diagnose ‘depressie’ als de patiënt klaagt over een sombere stemming of als hij een sombere indruk maakt (bv: door weinig oogcontact, monotone spraak, trage motoriek) De patiënt komt vaak met klachten zoals: Aanhoudende moeheid of klachten zonder lichamelijke oorzaken Chronische pijn Nervositeit, slapeloosheid of verzoek naar slaapmiddelen Eerstegraads familieleden met een depressie of zelfmoordpogingen Angst – of paniekstoornissen Alcohol – en drugsproblemen -> Bij deze signalen: gaat de huisarts op verder onderzoek: wat de lijdensdruk is, de mate van disfunctioneren, eventuele uitlokkende factoren. Hij stelt ook 2 KERNVRAGEN

7 -> Deze 2 kernvragen zijn: 1.Beleeft u de laatste weken nog plezier aan, of bent u nog geïnteresseerd in de dingen waaraan u normaal gesproken plezier beleeft in uw leven? (verlies van interesse of plezier) 2. Bent u de laatste tijd somber, voelt u zich depressief of vinden anderen u de laatste tijd zwaar op de hand? (sombere stemming) Bij een ontkennend antwoord = nog geen sprake van een depressie, maar het uitvragen van andere symptomen is dan niet nodig. Bij een bevestigend antwoord van 1 van die vragen gaat de huisarts wel doorvragen.

8 Doorvragen: De huisarts informeert naar de duur, het beloop (dagelijks optreden) en andere symptomen. Vb: Kunt u moeilijker beslissingen nemen? (besluiteloosheid) Heeft u meer moeite om u te concentreren? (concentratieproblemen) Voelt u zich schuldig? (schuldgevoelens) Bent u snel geïrriteerd, opgejaagd of rusteloos? (agitatie) Bent u aangekomen of afgevallen? (verandering van eetlust/gewicht) Denkt u wel eens, ik maak er een eind aan? (suïcidegedachten) Bent u soms ten einde raad en wou u dat u ging slapen en op een ochtend niet meer wakker werd? (denken aan de dood) Enz… -> Bij een bevestigend antwoord op de laatste 2 vragen, probeert de huisarts het suïciderisico te bepalen en gaat de ernst en de oplosbaarheid na. content/uploads/2007/12/depressie.jpg

9 Depressie Huisarts vraagt naar: ingrijpende gebeurtenissen in het verleden (‘life events’); de levens – en werkomstandigheden; eventuele veranderingen (relatie of werkproblemen, verminderde zelf – of mantelzorg, stoppen van activiteiten, vermindering van sociale contacten, …) + Hij gaat na of er sprake is van: hallucinaties of wanen (depressieve stoornis met psychotische kenmerken); hypomane of manische periodes waarin de patiënt veel drukker is (was) dan anders (bipolaire depressie); angst of paniek; alcohol- of drugsproblemen.

10 Maar wat doet de huisarts concreet tegenover de patiënt? voorlichting, begeleiding en eventueel medicamenteuze behandeling door de huisarts. [Zie volgende dia’s] Psychologische interventie door een geïnteresseerde huisarts, maatschappelijk werkende, psycholoog of sociaal- psychiatrisch verpleegkundige. Psychotherapie door een klinisch psycholoog, psychotherapeut of psychiater verbonden aan een instelling in de geestelijke gezondheidszorg (GGZ-instelling) of een PAAZ. Multidisciplinaire behandeling in een GGZinstelling of PAAZ

11 Voorlichting De huisarts legt uit dat een depressie vaak voorkomend is. -De patiënt moet zich niet schuldig voelen -Een depressie wordt niet veroorzaakt door persoonlijke zwakte of karakterafwijking -Patiënt mag niet teveel van zichzelf eisen -Blik moet op het heden worden gericht -Gestructureerde dagindeling, lichaamsbeweging -Werk en hobby’s worden liefst voortgezet jpg

12 Begeleiding Ter begeleiding biedt de huisarts ondersteunende contacten aan. Doel = Zo krijgt de patiënt meer zicht en controle op zijn huidige toestand. Frequentie van die ‘contacten’ hangt af van de lijdensdruk en het disfunctioneren. Indien men dat wenst betrekt men de gezinsleden bij de begeleiding

13 Medicamenteuze behandeling De beslissing om al dan niet antidepressiva voor te schrijven is afhankelijk van: de mate en de duur van de lijdensdruk de voorkeur van de patiënt. Er wordt een keuze gemaakt tussen: Een tricyclisch antidepressivum (TCA) Serotonineheropnameremmer (SSRI) Keuze tussen die 2 hangt af van: Aanwezigheid van (relatieve) contra-indicaties en comorbiditeit. Potentiële bijwerkingen en eerdere ervaringen.

14 Begrippen en definities Contra-indicaties volgens Elke factor of aanwijzing waardoor een (be) handeling ongewenst wordt, bv. het toedienen van algehele verdoving aan iemand met longontsteking Aandoeningen, ziekte of klacht (= indicatie) waarbij een bepaalde therapeutische behandeling (= therapie), waaronder medicijnen, niet (= contra-) mag worden toegepast. Bij een absolute contra-indicatie mag de therapie beslist niet worden toegepast Bij een relatieve contra-indicatie moet vooraf zorgvuldig worden afgewogen of de therapie wel of niet mag toegepast worden. Comorbiditeit volgens het tegelijkertijd aanwezig zijn van verschillende aandoeningen bij een patiëntwww.encyclo.nl Recidieven volgens : “terugkerende”http://www.encyclo.nl Etiologie: Onder etiologie verstaat men de leer der ziekte-oorzaken. Op grond van de ziekte-oorzaken kan men de ziekten indelen in: Ziekten door exogene (uitwendige) factoren Ziekten door endogene (inwendige) factoren Ziekten door exogene en endogene factoren. Volgens gezondheid.infonu.nl/http://mens-en- gezondheid.infonu.nl/

15 Pathogenese volgens de wijze van ontstaan en ontwikkeling van een ziekte.www.woorden-boek.nl Corticosteroïden: geneesmiddel dat ondermeer wordt gebruikt om de genezing van een gewricht te versnellen. Na de inspuiting van stollingsfactor-concentraat, wordt een fijne naald gebruikt om het corticosteroïde rechtstreeks in het gewricht in te spuiten en zo de ontsteking te verzachten, volgens Corticosteroïden zijn hormonen die van nature door de bijnierschors worden aangemaakt, volgens Postpartumdepressie: een depressie na de bevalling, soms ook postnatale depressie genoemd (letterlijk: depressie na de geboorte). Soms beginnen de klachten pas na enkele weken, als de moeder stopt met borstvoeding geven of weer gaat werken, volgens: Anamnese: de voorgeschiedenis van een zieke, verkregen door spontane mededeling van de patiënt (of diens omgeving) en door beantwoording van gerichte vragen van de onderzoeker; omvat gegevens omtrent de onderhavige aandoening, vroeger doorgemaakte ziekten, levensloop, familie en milieu (sociale omstandigheden), volgens Agitatie: rusteloze activiteit gepaard gaande met angst en opwinding, volgens

16 Hypomaan volgens : “Een lichte vorm van manie met een duidelijk verhoogde stemming en drift tot handelen. De persoon heeft minder behoefte aan slaap, is spraakzamer en vrijpostiger da normaal, en heeft het gevoel heel veel aan te kunnen. Het concentratievermogen kan verminderd zijn, maar de persoon is niet zo sterk ontregeld dat hij niet meer normaal kan functioneren”www.encyclo.nl Manisch volgens : Een manisch-depressieve stoornis, in de medische wereld ook bekend als 'bipolaire stoornis', is een ernstige stemmingsstoornis die bij 1-2% van de bevolking aanwezig is. De aandoening heet 'bipolaire' stoornis omdat de stemming kan wisselen tussen twee (bi) extreme stemmingen ('polen'): van manie (piek) naar depressie (dal). Tijdens de manische episode is iemand overdreven gelukzalig of uitermate prikkelbaar, terwijl hij of zij tijdens de depressieve episode enorm bedroefd is en geen uitweg ziet. In de periodes daartussenin kan de stemming normaal zijn. De pieken of dalen kunnen uren, dagen, weken of maanden aanhouden. In tegenstelling tot de normale 'ups' en 'downs' bij gezonde personen kunnen deze stemmingswisselingen of 'stemmingsschommelingen' ernstig en zelfs levensbedreigend zijn en een normaal en gezond functioneren in de weg staan.http://nl.janssen-cilag.be

17 Bipolaire depressie: = Bipolaire stemmingsstoornis, volgens Bij een bipolaire stemmingsstoornis beweegt de stemming zich tussen twee extreme polen: perioden van euforie worden afgewisseld door depressieve perioden. Soms kan die schommeling meerdere malen per jaar optreden. De ernst van de stoornis kan zeer sterk variëren. De oorzaak of oorzaken van de afwijking zijn nog steeds duister. Naar schatting lijden tienduizenden mensen in België aan deze aandoening, die hun normale functioneren ernstig belemmert, maar die met geneesmiddelen vrij goed onder controle kan worden gehouden.


Download ppt "NHG-Standaard Depressieve Stoornis Jerina Baekelandt"

Verwante presentaties


Ads door Google