De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Julisch-Claudische huis: 27 v.C. – 68 n.C. Augustus – Tiberius – Caligula – Claudius - Nero Vierkeizerjaar: 68-69 Galba – Otho – Vitellius – Flavius Vespasianus.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Julisch-Claudische huis: 27 v.C. – 68 n.C. Augustus – Tiberius – Caligula – Claudius - Nero Vierkeizerjaar: 68-69 Galba – Otho – Vitellius – Flavius Vespasianus."— Transcript van de presentatie:

1

2 Julisch-Claudische huis: 27 v.C. – 68 n.C. Augustus – Tiberius – Caligula – Claudius - Nero Vierkeizerjaar: Galba – Otho – Vitellius – Flavius Vespasianus Flavische huis: Flavius Vespasianus – Titus - Domitianus Adoptiefkeizers: /192 Nerva – Trajanus – Hadrianus – Antoninius Pius – Marcus Aurelius + Commodus: Severische dynastie, n. Chr. Soldatenkeizers, n. Chr. Tetrarchie, n. Chr.

3

4 Machtspositie van Augustus: Hoe de macht behouden, zonder de elite tegen zich te krijgen? ‘Ik heb de Republiek hersteld’ Twee stappen: 1. Ambtsbevoegdheden zonder ambt 2. Indeling provincies

5

6 Bevoegdheden keizer 27 v.C. - Octavianus wordt ‘Augustus’ - imperium proconsulare - Princeps - Tweedeling provinciebestuur 23 v.C. - Tribunicia potestas: volkstribuun, onaantastbaar - Macht over alle provincies (en leger) 12 v. Chr. : - Censor - Pontifex maximus

7

8 9 na Chr. Germanië, vlakbij Osnabruck. Drie legioenen liepen in een hinderlaag van Arminius vs Massale slacht Leidde tot: zevenjarige oorlog, terugtrekking uit Germanië.

9 Wat blijft over van republikeinse staatsinstellingen? Senaat: - Verleent keizerlijke bevoegdheden tot Senaatsbesluiten krijgen kracht van wet (geen goedkeuring volksvergaderingen nodig) - Adviserende functie erodeert door nieuwe adviesraad concilium principis Volksvergaderingen: aanvankelijk kiest men nog de drie hoogste magistraten. Macht verdwijnt steeds meer. Magistraten: verkiezing sterk beïnvloed door voorkeur keizer, macht gereduceerd door bevoegdheden keizer.

10 Oorlogvoeren – Leiding buitenlandse politiek, Controle over de legioenen Rechtspreken Uitoefening bevoegdheden en taken proconsul, volkstribuun, quaestor en censor Superpatroon (brood en spelen) Selecteren en aanstellen medewerkers – Grote invloed op carrières senatoren en ridders Reageren op voorgelegde problemen – Toezicht op en correspondentie met stadhouders en steden Oorzaken groei bureaucratie?

11 Augustus: voornamelijk slaven Claudius: uitbereiding en veel macht vrijgelatenen Hervormingen Hadrianus ( ): - Ridders ipv vrijgelatenen ah hoofd keizerlijke kantoren - Retorisch of juridisch geschoolde intellectuelen krijgen officiële positie - Caesariani: slaven, vrijgelatenen en vrijen die werken op snel groeiende keizerlijke domeinen. Samen met personeel keizerlijke provincies vormen zij de familia Caesaris

12 OctavianusXLiviaXTib. Claudius Nero TiberiusDrusus X Antonia Messalina XClaudius x Agrippina Nero

13

14 Geboren 10 v.Chr. in Lyon, Gallië Comata, als zoon van Drusus X Antonia Keizer van 41 – 54 n. Chr. Volgt Caligula op. Praetoriaanse garde roepen Claudius uit als nieuwe keizer. Verrassend, want: “He limped, he drooled, he stuttered and was constantly ill. His family members mistook these physical debilities as reflective of mental infirmity and generally kept him out of the public eye as an embarrassment. A sign of this familial disdain is that he remained under guardianship, like a woman, even after he had reached the age of majority” Tacitus Vele antieke auteurs (uit elite!!) minachtten hem omdat hij veel niet-senatoren/ridders in de bureaucratie opnam  beknotting van hun macht.

15

16 Suetonius  n.Chr. Romeinse ridder ttv Hadrianus. Schreef keizersbiografieën van Julius Caesar tot Domitianus De vitae Caesarum op basis van, oa, bronnen uit de keizerlijke archieven. Tacitus  55 – 118 n.Chr. Senator uit Gallia Narbonensis. Romeins geschiedschrijver van Annales en Historiae. Wildeherstel van de Republiek! Seneca  4 v.Chr – 65 n.Chr Stoïcijns filosoof. Door Claudius verbannen! Door Agrippina teruggehaald als leraar voor Nero. Apocolocyntosis satire over de dood van Claudius.

17

18 Sociaal-economische gevolgenCulturele gevolgen - Bloei landbouw - Bloei stad (bouwwerkzaamheden) - Bloei handel -Constitutio Antoniniana (212) -Nieuwe mannen in senaat, uitbr. ridderstand -Ontstaan dienstadel (standen: senatoren, ridders, decuriones) -Begin professionalisering Romeinse recht -Veteranenkolonies - Vrijere omgang traditionele normen: huwelijk en positie vrouw - Religieuze ontwikkelingen  Verspreiding keizercultus  Verspreiding oosterse religies: Isis en Osiris, Mithrascultus, Cybelecultus  Identificatie Griekse goden met die van Romeinen - Bloei Romeinse literatuur (Vergilius, Horatius, Livius, Tacitus, Plutarchus e.a.)

19 Westelijk deel rijkOostelijk deel rijk - Keltische versterkte steden oppida worden vervangen door steden naar Romeins (en Grieks) model. - In Africa, Numidia en Mauritania kleine steden waar m.n. boeren wonen. - Was al sterk verstedelijkt: veel grotere steden met sterke eigen traditie en bestuursstructuren. - Griekse en oosterse steden behouden zelfbestuur en eigen instellingen. Stedelijke of agrarische samenleving? - De belangrijkste politieke en culturele ontwikkelingen vinden plaats in de steden procent van de inwoners is betrokken bij en afhankelijk van de landbouw. - Stad en platteland sterk met elkaar verbonden.

20

21

22

23 Groep 1: Caligula Groep 2: Nero Groep 3: Vespasianus Groep 4: Domitianus Groep 5: Commodus


Download ppt "Julisch-Claudische huis: 27 v.C. – 68 n.C. Augustus – Tiberius – Caligula – Claudius - Nero Vierkeizerjaar: 68-69 Galba – Otho – Vitellius – Flavius Vespasianus."

Verwante presentaties


Ads door Google