De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

SCHEIDING DER MACHTEN BELGISCHE POLITIEKE CONTEXT.

Verwante presentaties


Presentatie over: "SCHEIDING DER MACHTEN BELGISCHE POLITIEKE CONTEXT."— Transcript van de presentatie:

1 SCHEIDING DER MACHTEN BELGISCHE POLITIEKE CONTEXT

2 DE WETGEVENDE MACHT: HET PARLEMENT Democratie  wetgevende macht in handen van parlement Samenstelling, werking en macht van parlement varieert van staat tot staat en politieke entiteit tot politieke entiteit (federaal parlement deelgebieden) ALGEMEEN: Alle leden van parlement zijn gelijkwaardig (1 stem) Parlementsleden moeten proberen meerderheid achter hun voorstel te krijgen

3 DE WETGEVENDE MACHT: HET PARLEMENT 2 manieren van vergaderen: Plenair Commissies Alle parlementsleden Specifieke thema’s besproken stemmen samen over onder specialisten van thema wetten en bespreken (verkeer, buitenlandse zaken, samen belangrijke zaken. onderwijs, …) Meeste vergaderingen gebeuren in commissies  praktisch

4 DE WETGEVENDE MACHT: HET PARLEMENT Belangrijkste functies van het parlement: 1.Wetten maken: parlementsleden kunnen initiatief nemen om nieuwe wet te maken.  discussiëren over inhoud in commissies en stemmen er dan over in plenaire vergadering. TOCH : Meeste wetten worden gemaakt op aangeven van de regering. Het parlement moet meestal gewoon goedkeuren, meerderheid tegen oppositie. (  Scheiding der machten?!)

5 DE WETGEVENDE MACHT: HET PARLEMENT 2.Controle: van regering en administratie  Interpellaties en vragen: merkwaardige beslissingen van ministers in vraag stellen (interpelleren)  Onderzoekscommissie : bij ernstig vermoeden van fouten in poltiiek wordt er een commissie opgericht die zich met een specifiek probleem bezighoudt. vb. Commissie over Fortis, commissie Dutroux Artikel onderzoekscommissie fortis: /2009/02/04/Onduidelijkheid-over-onderzoekscommissie-Fortis.dhtml

6 DE WETGEVENDE MACHT: HET PARLEMENT 3.Volksvertegenwoordiging: parlementairen vertegenwoordigen hun kiezers.  spreken in naam van de kiezer en zijn aanspreekbaar voor hun bekommernissen. (niet individueel  cliëntillisme verboden) 4.Rekrutering, selectie en training: Geen officiële functie van het parlement maar in praktijk worden politici hier getest op hun kwaliteiten.  aangezien we in België spreken van een particratie waar partijen proberen stemmen te winnen, zijn sommige parlementsleden enkel trouwe stemmentrekkers.

7 DE WETGEVENDE MACHT: HET PARLEMENT 5.Legitimatie: Goedkeuring van wetten. Als het parlement met een wet instemt, wordt aangenomen dat het voor de meerderheid van de bevolking een goede wet is. 6.Agendasetting: Parlement bepaalt de politieke agenda: bepalen welke problemen worden opgelost in welke volgorde. (Regering doet dit ook)

8 DE WETGEVENDE MACHT: HET PARLEMENT Organisatie van het parlement 1. Unicameraal (1 kamer): De meeste parlementen in de wereld tellen maar één kamer, wat de procedure versnelt omdat de tweede kamer er niet aan te pas komt en meer representatief is voor de kiezers. Bicameraal (2 kamers): Eén van de kamers wordt door de kiezer verkozen en is de eigenlijke politieke kamer. (die belangrijkste werk doet) De tweede kamer is een reflectiekamer die voorstellen bekijkt en eventuele voorstellen tot aanpassen doet voor de eerste kamer. Deze structuur zou tot beter doordachte wetgeving moeten leiden.

9 DE WETGEVENDE MACHT: HET PARLEMENT Het bicameraal systeem is bedacht in overgang van aristocratie naar democratie  2 de kamer huisde initieel ‘adel’. vb. House of Lords: mensen met adellijke titel. In België bestaat het tweekamerstelsel enkel op federaal niveau.  Kamer van Volksvertegenwoordigers (150 zetels)  Senaat (politieke zwaargewichten en routiniers)  Waarde van Senaat?

10 DE WETGEVENDE MACHT: HET PARLEMENT Vlinderakkoord 2011: Senaat niet rechtstreeks verkozen maar wordt ontmoetingsplaats voor deelstaatparlementen.  50 gemeenschapssenatoren: 29 Nederlandstaligen, 20 Franstaligen, 1 Duitstalige,  Komen 1 keer per maand samen  Bevoegd voor staatshervorming en het koningshuis  Geen onderzoekscommissies meer organiseren en geen vragen meer stellen.

11 DE WETGEVENDE MACHT: HET PARLEMENT 2.Leden en samenstelling:  Parlement meestal samengesteld door verkiezingen  Manier waarop verschilt van kiessysteem tot kiessysteem  Enkel partijen die de kiesdrempel halen (5% van de stemmen)  Zetels worden verdeeld naar percentage van de stemmen  Elke partij met 3 of meer zetels vormt een fractie in het parlement. In België worden niet ALLE parlementsleden verkozen.  Kinderen van koning zijn senator van rechtswege (cf. House of Lords: adel) Soms speciale regels: ELKE staat in VSA krijgt 2 Senaatszetels, ongeacht grootte van staat of bevolkingsaantal.

12 DE UITVOERENDE MACHT: REGERING Uitvoerende macht: verantwoordelijk voor uitvoering en implementatie van het beleid.  Regering moet zorgen dat wetten (kunnen) worden nageleefd. (controle door bvb. Politie) Regering moet zorgen dat de middelen en organisatie er is om controle door te voeren. Dit doen ze via Koninklijke Besluiten (federaal) en ministriële besluiten (deelstaat).

13 DE UITVOERENDE MACHT: REGERING Bevoegdheid regering ruimer:  Stippelt beleid van een land uit. Regering is ‘motor‘ van het land.  meeste wetten worden gemaakt op vraag van de regering. Zij speelt in op de noden van het land. (dagelijks bestuur) Regering (en schepencollege in gemeenten) niet rechtstreeks verkozen maar wel door het (nieuwe) parlement (gemeenteraad) verkozen. VERKIEZINGENPARLEMENTREGERING

14 DE UITVOERENDE MACHT: REGERING Regeringsvorming in België: 1.Koning stelt informateur aan. 2.Koning kiest formateur 3.Koning benoemt nieuwe regering Regeringen in België zijn altijd coalitieregeringen:  Meer dan 1 partij in de regering omdat regering anders geen absolute meerderheid in het parlement heeft. Zonder die absolute meerderheid zou het goedkeuren van wetten bijna niet mogelijk zijn.  Regeerprogramma wel altijd een compromis  Meestal 4 of meer partijen in regering (2 taalgroepen samen)

15 DE UITVOERENDE MACHT: REGERING Koning behoort tot de uitvoerende macht als staatshoofd.  In feite niet veel macht maar welk ondertekenen van ‘koninklijke besluiten’(formaliteit) (Normaal geen probleem, uitzondering: Koning Boudewijn bij abortuswet) Regering bestaat uit maximum 15 ministers, meestal 14, 7 van elke taalgroep. Daarnaast zijn er ook een aantal staatssecretarissen. (  specifieke bevoegdheden die vallen onder verantwoordelijkheid van minister)

16 DE UITVOERENDE MACHT: REGERING Ministerraad: vergadering van de regering  Minimaal 1 keer per week (met of zonder staatssecretarissen)  Elke partij in regering heeft een vice-premier.  Kernkabinet: premier met alle vice-premiers, soms andere minister op uitnodiging. Ministers van staat: Zitten niet in regering.  Eretitel die foor koning wordt verleend aan verdienstelijke politici  Worden door de koning in kroonraad samengeroepen (uitzonderlijk)

17 DE UITVOERENDE MACHT: REGERING Samenstelling regering: erale_overheid/federale_regering/samenstelling_reg ering/ Verslagen van ministerraad:


Download ppt "SCHEIDING DER MACHTEN BELGISCHE POLITIEKE CONTEXT."

Verwante presentaties


Ads door Google