De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

HOOFDSTUK 6 ECOSYSTEMEN.  UITWISSELING TUSSEN ABIOTISCHE EN BIOTISCHE ELEMENTEN, GEDREVEN DOOR DE ZON.  ABIOTISCHE ELEMENTEN (WATER, GEBERGTEN, BODEMS)

Verwante presentaties


Presentatie over: "HOOFDSTUK 6 ECOSYSTEMEN.  UITWISSELING TUSSEN ABIOTISCHE EN BIOTISCHE ELEMENTEN, GEDREVEN DOOR DE ZON.  ABIOTISCHE ELEMENTEN (WATER, GEBERGTEN, BODEMS)"— Transcript van de presentatie:

1 HOOFDSTUK 6 ECOSYSTEMEN

2  UITWISSELING TUSSEN ABIOTISCHE EN BIOTISCHE ELEMENTEN, GEDREVEN DOOR DE ZON.  ABIOTISCHE ELEMENTEN (WATER, GEBERGTEN, BODEMS)  BIOTISCHE ELEMENTEN (FLORA, FAUNA, MENSEN)

3

4

5

6

7

8  MILIEUVERVUILING (VERONTREINIGING)  MILIEU-UITPUTTING  MILIEUAANTASTING

9 HET AANBRENGEN VAN VERKEERDE STOFFEN IN EEN KRINGLOOP

10 OPMAKEN VAN NATUURLIJKE HULPBRONNEN

11 VERDWIJNEN VAN LEEFOMGEVING

12

13

14  VERZAMELBEKKEN VAN SNEEUW IN DE BERGEN (FIRNBEKKEN)  SAMENGEPERST TOT IJS  IJSTONG GLIJDT RICHTING DAL  IN HET DAL IS HET WARMER, IJS SMELT  BEGIN VAN GLETSJERRIVIER

15

16  NEERSLAG ZAKT WEG IN DE GROND (INFILTREREN)  ZOEKT ZIJN WEG NAAR ZEE  GRONDWATERPEIL VERSCHILT PER GEBIED

17

18

19

20

21

22

23

24

25

26

27  GLETSJERRIVIER  REGENRIVIER  GEMENGDE RIVIER

28 RIVIEREN IN DE WOESTIJN, DIE EEN DEEL VAN HET JAAR DROOGVAL LEN

29

30  IS GEBIED DAT WATER VIA ÉÉN RIVIERSTELSEL AFVOERT  HOOFDRIVIER EN ZIJRIVIER ZIJN SAMEN HET RIVIERSTELSEL  HOOFDRIVIER = GROOTSTE EN BREEDSTE  ZIJRIVIER = KOMT UIT OP HOOFDRIVIER  AFTAKKING = KLEINERE STROOM VANUIT HOOFDRIVIER

31

32 DE WATER- SCHEIDING IS DE GRENS TUSSEN TWEE STROOMGE- BIEDEN

33  BOVENLOOP = BEGIN, STIJL MEESTAL STERKSTE STROMING  MIDDENLOOP = TUSSENIN  BENEDENLOOP = LAATSTE STUK, VLAK MEESTAL MINST STERKE STROMING

34 BENEDENLOOP MIDDENLOOP BOVENLOOP

35

36

37

38  DEBIET: HOEVEELHEID WATER DAT EEN BEPAALD PUNT LANGS DE RIVIER PASSEERT  REGIEM : SCHOMMELINGEN IN DE WATERAFVOER

39

40  VERVAL: HOOGTE VERSCHIL TUSSEN TWEE PLAATSEN LANGS DE RIVIER  VERHANG: VERVAL PER KILOMETER

41

42

43

44

45  GROOTSTE PROBLEEM IS BODEMEROSIE  BODEMEROSIE: VERDWIJNEN VAN DE BOVENSTE VRUCHTBARE BODEMLAAG  DOOR DE WIND  DOOR WEGSPOELEN VAN GROND (WATER)

46  DE WORTELS VAN PLANTEN HOUDEN DE GROND VAST.  IN DROGE GEBIEDEN WEINIG PLANTENGROEI.  BIJ OVERBEGRAZING OF BRAAKLIGGEND LAND KRIJGT DE WIND VRIJ SPEL.

47

48

49  PLANTEN VAN WORTELS HOUDEN GROND VAST OP BERGHELLINGEN  HET KAPPEN VAN BOSSEN (VOOR DE HOUTINDUSTRIE OF AKKERBOUW) BRENGT HET GEVAAR VAN OVERSTROMINGEN MET ZICH MEE.  ALS HET REGENT, SPOELT DE BODEM GEMAKKELIJK WEG.

50

51

52  ONTBOSSING  MINDER VERDAMPING  GEEN ´PARAPLU`WERKING  GEEN WORTELS DIE BODEM VASTHOUDEN  AKKERBOUW OP HELLINGEN (AKKER LIGT DEEL VAN HET JAAR BRAAK)  PLOEGEN TEGEN DE HELLING IN

53

54  BODEMVERDICHTING DOOR ZWARE MACHINES  MONOCULTUUR (NA DE OOGST BODEM ONBESCHERMD)  OVERBEWEIDING  WEGHALEN VAN HOUTWALLEN EN HAGEN

55

56  BEBOSSING (HERBEBOSSING)  PLOEGEN LANGS HOOGTELIJNEN  STRIP-CROPPING (STROOKSGEWIJS VERBOUWEN VAN VERSCHILLENDE GEWASSEN)  GRAS EN ONKRUID LATEN STAAN IN DE WINTER

57

58

59

60  KLEINERE KUDDES  BEHOUD VAN HAGEN EN HOUTWALLEN  KLEINERE AKKERS  GEEN MONOCULTUUR  TERRASSEN

61


Download ppt "HOOFDSTUK 6 ECOSYSTEMEN.  UITWISSELING TUSSEN ABIOTISCHE EN BIOTISCHE ELEMENTEN, GEDREVEN DOOR DE ZON.  ABIOTISCHE ELEMENTEN (WATER, GEBERGTEN, BODEMS)"

Verwante presentaties


Ads door Google