De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Juridische aspecten van multidisciplinaire samenwerking 18 september 2012 Vergadering LAS - Poperinge Sylvie Tack Doctoraal medewerker UGent Advocaat Gezondheidsrecht.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Juridische aspecten van multidisciplinaire samenwerking 18 september 2012 Vergadering LAS - Poperinge Sylvie Tack Doctoraal medewerker UGent Advocaat Gezondheidsrecht."— Transcript van de presentatie:

1 Juridische aspecten van multidisciplinaire samenwerking 18 september 2012 Vergadering LAS - Poperinge Sylvie Tack Doctoraal medewerker UGent Advocaat Gezondheidsrecht

2 2 Inleiding rol en functie van interprofessionele samenwerking en multidisciplinair overleg (MDO) steeds belangrijker in zorgsector: – binnen zorginstellingen – in de thuiszorg Thuiszorg meer dan werk van één thuisverpleegkundige Samenwerking en overleg tussen verschillende diensten, zorg- en hulpverleners is noodzakelijk (vb. sociale dienst, thuisverpleegkundige, huisarts, gezinshulp, poetshulp) – tussen instellingen en ambulante zorgverleners (vb. ontslag pt ZH – overleg met thuiszorgdiensten)

3 3 Meeste vormen van MDO/MDS: vrijwillig initiatief van zorgverleners Sommige samenwerkingsverbanden wettelijk geregeld: – Samenwerkingsinitiatief Thuiszorg (SIT) (1990) Creatie op regionaal niveau (Vlaamse Gemeenschap) Overlegplatform tussen verschillende werkgroepen Ondersteunen- en coördineren hulpverlening rond bep. patiënt – Geïntegreerde Dienst Thuiszorgverzorging (GDT) (2003) Creatie op federaal niveau Bijzondere erkenning mogelijk, met financiering voor zorgverleners multidisciplinaire aanpak en teamwork steeds centraal – Doorgaans tss. zorgverleners (huisarts, thuisverpleegkundige, kinesist..) – Soms ook niet-zorgverleners (vb. familie, mantelzorger, logistiek personeel, gezinshelpster, maatschappelijk werker, enz.)

4 4 Juridische knelpunten Er wordt veel vergaderd en gevoelige informatie uitgewisseld, maar hoe zit het met de wetgeving inzake privacy en beroepsgeheim? → theorie van het gedeeld beroepsgeheim Er wordt vaak samengewerkt en overlegd met de familie, maar wat zijn eigenlijk de rechten van de familie? → de wettelijke vertegenwoordigingsregeling → de wettelijke conflictenregeling

5 5 I. MDO/MDS & GEDEELD BEROEPSGEHEIM

6 6 Principe: beroepsgeheim Principe: zorgverleners hebben beroepsgeheim tegenover iedereen, dus ook collega’s / mensen met wie ze beroepshalve samenwerken én familieleden (!) – Art. 458 Sw.: BG geldt voor iedereen die uit hoofde van de wet, gewoonte of noodgedwongen kennis krijgt van vertrouwelijke mededelingen en deze te weten komt naar aanleiding van de uitoefening van zijn functie – De facto alle zorgverleners – Door wetgeving SIT en GDT: ook hulpverleners betrokken in overleg – Niet: boekhouding, administratief personeel,… Soms wel contractuele discretieplicht

7 7 – BG geldt voor alle “toevertrouwde geheimen uit hoofde van beroep of staat” ook gezondheidsinfo waar zorgverlener kennis van krijgt, maar niet rechtstreeks door pt. werd meegedeeld – Vb.: medische verslagen, zorgplan, evaluatie zelfredzaamheid, laboresultaten, anamnese, prognose, vertrouwelijke mededelingen door patiënt, enz. – Niet: vb. achterstallige ereloonstaat Ook alle vertrouwelijke gegevens over patiënt in medisch dossier en communicatieschrift (vb. behandelschema, medicatiegebruik, enz.) geen onderscheid belangrijke vs. minder belangrijke gegevens

8 8 Hoelang geldt beroepsgeheim? Altijd – Ook na ontslag van de patiënt uit instelling – Ook na transfer naar (andere) instelling – Ook nadat je niet meer instaat voor zijn zorg – Ook nadat zorgverlener van werk is veranderd – Ook na overlijden van de patiënt

9 9 Uitzondering: gedeeld beroepsgeheim MDO/MDS zou onmogelijk zijn zonder uitzondering…Theorie van het gedeeld beroepsgeheim om gegevens tussen collega’s / binnen multidisciplinair team uit te wisselen – Definitie: Gezondheidsgegevens mogen uitzonderlijk tussen zorgverleners worden uitgewisseld indien dit noodzakelijk is voor en in het belang is van de hulpverlening bij een bepaalde patiënt en deze hierover voorafgaandelijk werd geïnformeerd – Creatie in de rechtspraak – Strenge voorwaarden! BG blijft de regel! – Bij schending: sancties mogelijk Strafrechtelijke veroordeling Schadevergoeding voor patiënt / nabestaanden Tuchtsanctie (indien van toepassing)

10 10 (1) Tussen wie geldt het gedeeld beroepsgeheim? Enkel tussen personen met een strafrechtelijk beroepsgeheim – Alle zorgverleners – Niet: familieleden, rusthuis- of ziekenhuisdirectie, woonbegeleider, logistiek medewerker, poetsvrouw tenzij akkoord pt/vertegenwoordiger – Ook deelnemers GDT/SIT-overleg want wettelijke basis – Verplichte aanwezigheid huisarts + thuisverpleegkundige – Pt of mantelzorger moeten aanwezig zijn, tenzij pt zegt dat het niet nodig is (dus indirect akkoord van pt) Die effectief betrokken zijn bij de zorgverlening rond bep. Pt. – Dus niet de zorgverleners die andere patiënten behandelen – Let op met vergaderingen waarop ‘alle’ patiënten besproken : en alle zorgverleners aanwezig zijn

11 11 (2) Voor welk doel kan gedeeld beroepsgeheim worden ingeroepen?  Wanneer zorgverleners allen zelfde hulpverlenende doel hebben en info-uitwisseling noodzakelijk is  Vb. zorgverleners die instaan voor psych. problematiek hebben ander zorgdoel dan zij die diabetesproblematiek behandelen  In principe BG tov elkaar  Tenzij info-uitwisseling noodzakelijk is (vb. medicatiegebruik)  GDT-overleg: zorgverleners allen betrokken bij zelfde overleg in het kader van de praktische thuiszorgorganisatie/beoordeling zelfredzaamheid  need to know” ≠ “wish to know”

12 12  Best schriftelijke motivatie van noodzaak van gegevensdoorgifte  Afzonderlijke motivatie in dossier  Blijkt soms de facto uit de aard van de gegevensdoorgifte (vb. mededeling negatieve wilsverklaring van patiënt door huisarts aan leden van het thuiszorgteam)  Kan bv. ook blijken uit schriftelijk protocol inzake samenwerking tussen verschillende diensten en/of zorgverleners

13 13 Advies Orde inz. gegevensuitwisseling tss artsen en OCMW – Soms is een informatievraag door het OCMW “gerechtvaardigd” Vb. bij patiënten zonder wettelijke verblijfplaats neemt OCMW medische kosten op zich en speelt zij rol van ziekenfonds – OCMW mag dan enkel die inlichtingen krijgen die nodig zijn voor de verzorging en het welzijn van de patiënt vb. duur en plaats van ziekenhuisopname – Deze gegevens worden best meegedeeld aan raadgevend arts van het OCMW, zo niet aan de patiënt zelf of zijn vertegenwoordiger (die de gegevens dan zelf meedeelt aan het OCMW) Tussenoplossing: geef brief met gevraagde informatie mee aan patiënt

14 14 (3) Gegevensdoorgifte moet steeds in het belang van de zorgverlening van de patiënt zijn  Moo verbetering zorgkwaliteit en –continuïteit van patiënt  Niet voor andere doeleinden  Vb. wetenschappelijk doel (vb. evaluatie zorgpraktijk behandelende arts) of audit van de dienst  Tenzij schriftelijke toestemming patiënt (cfr. Privacywet / Experimentenwet)

15 15 (4) Na informatie aan de patiënt  patiënt moet uitdrukkelijk over MDO en gegevensdoorgifte aan derden geïnformeerd worden  Principe: geen uitdrukkelijke toestemming vereist  Kan impliciet (vb. patiënt verzet zich niet tegen bespreking euthanasievraag in palliatief zorgteam)  Uitzonderlijk wél uitdrukkelijke toestemming vereist vb. Decreet Eerstelijnszorg: samenwerking artsen en niet- artsen GDT: pt stemt in met overleg (of bevestigt dat zijn aanwezigheid noch die van mantelzorger nodig is)

16 16 II. ROL VAN DE FAMILIE

17 17 Principe: zolang de patiënt wilsbekwaam is, kan ENKEL hij/zij zelfstandig patiëntenrechten uitoefenen – Welke rechten? Recht op vrije keuze beroepsbeoefenaar Recht op informatie over gezondheid – BG geldt tov familie!! Enkel met akkoord pt. familie inlichten Recht op informatie over behandeling Recht op weigering van zorgen Recht op inzage en kopie dossier Recht op klachtenbehandeling – Ziekenhuizen: ombudsdienst ziekenhuis – Buiten ziekenhuizen (thuiszorg, rusthuis, ambulant,…): federale ombudsdienst

18 18 Indien patiënt niet meer in staat is zijn rechten uit te oefenen: vertegenwoordiger oefent patiëntenrechten uit Vanaf wanneer is men ‘niet meer in staat om zelf zijn rechten uit te oefenen’? – Feitelijke wilsonbekwaamheid: Vb. comateus, onder narcose, ernstig hersenletsel na verkeersongeval, enz. Tijdelijk of blijvend – Geestelijke wilsonbekwaamheid: het denk- en begripsvermogen van de betrokkene is door een mentale stoornis aangetast Vb. psychiatrische stoornis, dementie, CVA,..

19 19 – Vaststellen van wilsonbekwaamheid = medische bevoegdheid Het is de arts / behandelteam die – desgevallend na MDO – beslist of patiënt al dan niet wilsbekwaam is om een bepaalde beslissing zelf te nemen Rekening met graduele wilsonbekwaamheid (vb. dementerende patiënt kan eventueel zelf nog wil uiten mbt voorkeur voeding, of een tandartscontrole gewenst is, of een niet levensnoodzakelijke kine-behandeling gewild is, enz.) Rekening met ernst/belang van de beslissing: hoe belangrijker de beslissing, hoe meer wilsbekwaamheid vereist (vb. operatieve ingreep, vraag naar euthanasie, stopzetten van behandelingen, palliatieve sedatie, enz.) Onder voorlopig bewind ≠ wilsonbekwaam

20 20 – Cfr. Cascadesysteem Wet Patiëntenrechten – Indien ≥ 18 jaar (vb. coma, zwaar dement, enz.): Vertegenwoordiging via de door patiënt benoemde vertegenwoordiger – Schriftelijk mandaat – Ondertekend door patiënt en vertegenwoordiger – gedagtekend Zoniet: wettelijk cascadesysteem – Samenwonende echtgenoot of partner (feit. criterium) – Zoniet: een meerderjarig kind – Zoniet: een ouder – Zoniet: een meerderjarige broer of zus Opmerking: één vertegenwoordiger is genoeg (vb. niet alle kinderen moeten aanwezig zijn Andere familieleden komen niet in aanmerking! Indien geen vertegenwoordiger: BB’aar beslist

21 21  Indien minderjarige patiënt:  Ouders (met ouderlijk gezag) of bij gebreke, de voogd  Één ouder is genoeg (art. 374 B.W.: vermoeden van gezamenlijke uitoefening ouderlijk gezag)  Minderjarige zoveel mogelijk betrekken bij beslissing, rekening houdend met zijn leeftijd en maturiteit  Uitzondering: indien minderjarige tot “redelijke beoordeling van zijn belangen in staat” is: oefent zelfstandig patiëntenrechten uit  Geen absolute leeftijdsgrens  Beoordeling door beroepsbeoefenaar, in functie van leeftijd, maturiteit, ernst van de beslissing,…  Desnoods tegen de visie van de ouders in!

22 22 Intra-familiale conflicten – tussen vertegenwoordigers van zelfde rang (vb. kinderen onderling): indien aanhoudend, onverzoenbaar conflict: beroepsbeoefenaar (doorgaans arts) beslist Schriftelijke motivering in dossier aangewezen – Conflict tussen vertegenwoordigers van verschillende rang (vb. partner vs. kinderen): hoogste in rang beslist (= alg. regel)

23 23 – Conflict tussen de vertegenwoordiger(s) en het behandelteam Principe: vertegenwoordiger beslist Uitz.: indien deze beslissing een ernstig gevaar inhoudt voor de gezondheid van de patiënt: BB’aar kan ‘overrulen’. – zijn verschillende BB’aars betrokken bij behandeling: na multidisciplinair overleg – Schriftelijke motivering in dossier verplicht Uitz. op uitz.: indien vertegenwoordiger uitdrukkelijke wil van de patiënt kan aantonen (vb. wilsverklaring waaruit weigering opname op IZ blijkt): dan moet deze beslissing van de patiënt gerespecteerd worden

24 24 Contact Universiteit Gent – VVV-advocatenkantoor – Dumortierlaan 8, 8300 Knokke –


Download ppt "Juridische aspecten van multidisciplinaire samenwerking 18 september 2012 Vergadering LAS - Poperinge Sylvie Tack Doctoraal medewerker UGent Advocaat Gezondheidsrecht."

Verwante presentaties


Ads door Google