De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

De presentatie wordt gedownload. Even geduld aub

Druk en de gaswetten 1.Druk 2.De druk van een gas. 3.Ideaal gas. 4.Algemene gaswet. 5.p-V grafiek. 6.p-T grafiek. 7.p-n grafiek OR 2006 pk.

Verwante presentaties


Presentatie over: "Druk en de gaswetten 1.Druk 2.De druk van een gas. 3.Ideaal gas. 4.Algemene gaswet. 5.p-V grafiek. 6.p-T grafiek. 7.p-n grafiek OR 2006 pk."— Transcript van de presentatie:

1 Druk en de gaswetten 1.Druk 2.De druk van een gas. 3.Ideaal gas. 4.Algemene gaswet. 5.p-V grafiek. 6.p-T grafiek. 7.p-n grafiek OR 2006 pk

2 in N/m 2 druk p (pressure) p = F/A 1 bar = 1 bar = gemiddelde luchtdruk = Pa (pascal) 10 5 Pa = 10 3 mbar 10 2 Pa = 1 mbar 1 bar = 10 5 Pa = 10 5 N/m 2 = 10 N/cm 2

3 1. het aantal deeltjes (aantal mol) n De druk van een gas De druk hangt af van: 2. het volume V van het ‘vat’ 3. de absolute temperatuur T

4 1. geen Vanderwaalskracht. Een ideaal gas 2. moleculen hebben geen eigen volume. reële gassen :V = volume ‘vat’ – volume van alle moleculen... reële gassen : : : : moleculen ‘klitten’ samen en n wordt kleiner uiteindelijk zelfs condensatie. reële gassen ideaal gas als het gas... ijl is =V groot en n klein =klein

5 Wet van Boyle pV = c of p1V1 = p2V2 Hoe ziet de p-V grafiek er uit?Hoe ziet de p-V grafiek er uit? mits...pV

6 mits... Wet van Gay-Lussac p/T = c of p1 /T 1 = p2 /T 2 Hoe ziet de p-T grafiek er uit?Hoe ziet de p-T grafiek er uit? p = c.T pT

7 Wet van Gay-Lussac p/T = c of p1 /T 1 = p2 /T 2 Een andere p-T grafiek...Een andere p-T grafiek... mits..pT

8 Wet van Boyle en Gay-Lussac pV = cpV = c p/T = cp/T = c pV/T = c indien: ideaal gas T constant n constant.. indien: ideaal gas V constant n constant indien: ideaal gas n constant Boyle en Gay-Lussac

9 p(T,V) x = T

10 Algemene gaswet pV = nRT R  Jmol -1 K -1 p inp inPa V inV in m3m3m3m3 n inn inmol R inR in Jmol -1 K -1 T inT inK

11 Het molair volume pV = nRT V m = nRT/p p 0 = 1, Pap 0 = 1, Pa = 22,414 L n = 1 moln = 1 mol R  Jmol -1 K -1R  Jmol -1 K -1 T = 0 °C = 273,15 KT = 0 °C = 273,15 K = 1. 8, ,15/(1, ) = 2, m 3

12 pV = nRT n en T constant: pVnT = R p1V1p1V1p1V1p1V1 n1T1n1T1n1T1n1T1 p2V2p2V2p2V2p2V2 n2T2n2T2n2T2n2T2 = Boyle! n en V constant: p1V1p1V1p1V1p1V1 n1T1n1T1n1T1n1T1 p2V2p2V2p2V2p2V2 n2T2n2T2n2T2n2T2 = Gay-Lussac! n constant: p1V1p1V1p1V1p1V1 n1T1n1T1n1T1n1T1 p2V2p2V2p2V2p2V2 n2T2n2T2n2T2n2T2 = Boyle Gay-Lussac! = constant

13 Vb.: Een fietsband van 2,1 L en 4,0 bar verliest de helft van zijn lucht en krimpt tot 2,0 L. Bereken de druk. p1V1p1V1p1V1p1V1 n1T1n1T1n1T1n1T1 p2V2p2V2p2V2p2V2 n2T2n2T2n2T2n2T2 = 8,4 = p 2. 4,0 4.2,1 1 p 2.2,0 0,5 = p 2 = 2,1 bar

14 Vb.: Hoeveel gram lucht van 20°C bevat een fietsband van 2,1 L en 4,0 bar? (1 mol lucht = 29 g) pV = nRT n = pV/(RT) p = 4, Pap = 4, Pa = 0, = 9,9 g V = 2, m 3V = 2, m 3 R = 8,3145 Jmol -1 K -1R = 8,3145 Jmol -1 K -1 T = = 293 KT = = 293 K = 4, , /(8, ) = 0,345 mol

15 Vb.: Een fietsband met een druk van 4,0 bar heeft een gaatje van 1,0 mm 2. Met hoeveel kracht moet je het gat met je vinger afdichten? De luchtdruk is 1,0 bar. p = F/A F =  p.  A = p = 3,0 bar! = 3, Pap = 3,0 bar! = 3, Pa = 0,30 N A = 1, m 2A = 1, m 2 = 3, ,

16 Einde


Download ppt "Druk en de gaswetten 1.Druk 2.De druk van een gas. 3.Ideaal gas. 4.Algemene gaswet. 5.p-V grafiek. 6.p-T grafiek. 7.p-n grafiek OR 2006 pk."

Verwante presentaties


Ads door Google